Archief van
Tag: wachtlijst

Stand van zaken anno juni 2018

Stand van zaken anno juni 2018

Wat is er allemaal gebeurd?

Oeps! Is het al zo lang geleden sinds mijn laatste blog? Dat is me nog niet eerder overkomen! Writers block? Nee hoor, maar gewoon heel veel aan de gang. Ik heb het idee dat ik met 20 dingen tegelijk bezig ben, waardoor het allemaal ook meteen 20x trager gaat dan ik zou willen. Maarja, ik ben nu eenmaal nooit een ster geweest in keuzes maken. Ik vind gewoon teveel leuk.

De laatste post ging over mijn trainerschap bij NatuurlijkSportief, en stamt alweer van een maand geleden. Wat is er in de tussentijd allemaal gebeurd? Voor degenen die nieuwsgierig zijn, ik licht jullie even bij.

Vertrek en komst van collega

Mijn lieve collega Vera heeft een andere baan gevonden, en heeft onze praktijk met weemoed verlaten. Ze kon haar ene dag bij ons niet combineren met haar nieuwe baan. Balen! Maar alsof het zo had moeten zijn, kwam Sanne bij ons in dienst. Na een goed stagejaar ging zij direct aan de slag. Met veel plezier werken we nu samen, en dat is soms net een snelkookpan. In veel opzichten lijken we op elkaar, we bruisen allebei van de ideeën en zijn altijd op zoek naar verbetering. In sneltreinvaart brengen we dan ook onze to-do lijstjes en actiepunten in de praktijk. Hoe gaaf is het, om al je eigen ideeën ook echt waar te kunnen maken!

Groepsbehandelingen

Zo zijn we bezig om groepsbehandelingen te starten, voor kinderen en jongeren met angstklachten, somberheid, piekerklachten en denkproblemen. Ook voor negatief zelfbeeld komt een groep. Naast deze groepen gaan we na de zomer ook starten met groepen gericht op bewegen, naar buiten gaan volgens het NatuurlijkSportief principe, en aanvullend komt er een groepsbehandeling voor kinderen en jongeren met overgewicht of obesitas. Deze groepen krijgen een vaste plek in de week.

Huisbezoeken

Ook kijken we of we huisbezoeken kunnen toevoegen aan ons aanbod. We hebben gemerkt dat hier veel behoefte aan is, en dat het nog weinig wordt aangeboden door andere aanbieders. Het is soms een meerwaarde om een kind en zijn/haar ouders in de thuissituatie te kunnen zien en direct daarbij te kunnen aansluiten in de behandeling.

Beweging en voeding

Achter de schermen ben ik daarnaast druk bezig met het op poten zetten van een particulier aanbod, meer gericht op het bewegen en de voeding, gericht op psychisch welzijn. Het uitdenken en invullen van de website kost tijd. Veel tijd. Maar ik wil het eerst goed hebben, voor ik ergens mee begin, dus geduld is een schone zaak.

Regelzaken

Brengt wel met zich mee dat er soms tijd tekort is voor die randzaken die nu eenmaal moeten. Werkpunten voor de nieuwe AVG wet in de praktijk brengen, cliënten tellen voor het CBS of het herschrijven van algemene voorwaarden, een toestemmingsverklaring of de tarieven. Saai, maar noodzakelijk. Ik zou liever blogjes schrijven, maar de woensdagochtenden worden vaker ingepikt door dit soort moetjes. De keerzijde van het ondernemerschap zullen we maar zeggen.

Naar Dordrecht

Intussen wordt door steeds meer cliënten de vraag gesteld of we nu ook in Dordrecht zitten of wanneer we naar Dordrecht komen. Van meer mensen begrijp ik dat de behoefte er is om die kant op te komen, omdat de wachtlijsten bij de huidige aanbieders steeds verder toenemen. Nou beste mensen, de deadline staat natuurlijk op 31-12-2018, maar ik hoop toch echt eerder over te gaan.

De nieuwe praktijk

Half juni (ja, dat is nu) komen de aannemers om de nieuwe aanbouw te maken aan het huis. Op dit moment is Steef bezig met het slopen van de huidige aanbouw. Daarover in een andere blog meer. Maar kortgezegd kijk ik naar een getroffen oorlogsgebied als ik uit het raam van de ´keuken´ (straks wachtkamer) kijk. Daar, in dat slagveld, moet over een paar maanden de praktijk herrijzen. Ik kan het me nog niet voorstellen, maar de wonderen zijn de wereld nog niet uit.

Halfjaar ondernemer

Ik ben nu een halfjaar ondernemer en het bevalt me goed! Ik werk veel uren, maar ik doe alles voor mezelf, en dat geeft een heerlijk gevoel. Soms ineens een uurtje eerder thuis zijn, een spontaan ochtendje vrij plannen om te hardlopen of de kinderen zelf naar school brengen. De vrijheid is een luxe. Steef denkt tussen het slopen en klussen door, na over zijn toekomstplannen, maar is voorlopig nog volle bak bezig met het huis.

Ik ga gauw aan een volgend blogje schrijven, over de verbouwing, want er is veel om jullie te laten zien!

 

 

 

Noodkreet vanuit de jeugdzorg

Noodkreet vanuit de jeugdzorg

Wachten tot het misgaat

Er is iets heel ergs gaande in de jeugdzorg. Al sinds de invoering van de nieuwe jeugdwet in 2015 maak ik mij zorgen over de gevolgen voor de kinderen en gezinnen in de praktijk. Misschien denk je: ‘dat zegt me allemaal niks, het is een ver van mijn bedshow’. Think again. Want de werkelijkheid is dat we er in toenemende mate problemen in ervaren. En heel eerlijk: ik houd mijn hart vast hoe dit zich verder gaat ontwikkelen.

 

Tikkende tijdbom

Vorige week was er een nieuwsbericht op de NOS. Er ze komen de laatste maanden steeds meer: noodkreten van ouders, hulpverleners die aan de bel trekken, de media die hun afgrijzen over de huidige praktijken binnen jeugdhulpland laten klinken. In het bericht van gisteren sturen ouders van een suïcidale dochter een wanhoopskreet de wereld in via Facebook: ze kan, ondanks meerdere suïcidepogingen, nergens terecht. Het voelt als een tikkende tijdbom.

 

Kinderen kunnen nergens terecht

Hoewel dit een extreem voorbeeld is van een zeer complexe casus, is er in de rest van Nederland dezelfde beweging aan de gang. Wij, in regio Zuid Holland Zuid, beslaan één van de grootste regio’s in Nederland en zijn verantwoordelijk voor jeugdhulp aan miljoenen mensen. Dit zegt helaas niks over goed geregelde hulp. In alle 17 gemeentes die binnen deze regio vallen, is er sprake van oplopende wachtlijsten, geen plek voor cliënten, budgetten die op zijn, cliëntenstops en overwerkte mensen.

 

Problemen sinds de nieuwe jeugdwet

Hoe kan dat? In 2015 is er een wetswijziging gekomen. Waar vroeger jeugdhulp werd vergoed door je eigen zorgverzekeraar, zijn nu gemeentes verantwoordelijk gemaakt voor het inkopen van de jeugdhulp. Het is een complexe zaak, en als leek lastig te begrijpen. Het is daarom ook onvoorstelbaar dat zoiets belangrijks en grootschaligs in 2 jaar tijd totaal op zijn kop is gezet om het bij de gemeentes te plaatsen. Voor veel mensen in het werkveld klonken alle plannen te mooi om waar te zijn. En helaas blijkt dat ook zo te zijn.

 

Politiek probleem

Doordat werkelijk álles is veranderd in het regelen en vergoeden van zorg voor de jeugd, werd aan alle kanten opnieuw het wiel uitgevonden. En zoals past bij iets nieuws proberen, gaat dit gepaard met veel probeersels en nog meer mislukkingen. Helaas lijkt de Nederlandse politiek zo ingericht, dat de plannen koste wat kost moeten worden doorgeduwd. Het is hun eer te na om halverwege te constateren dat het toch niet zo goed uitpakt als ze hadden voorzien, dus steken ze hun kop in het zand en roepen nog wat harder: ‘wij staan voor één gezin, één plan!’ en meer van die lege uitspraken.

 

Geen geld meer

Het is tenenkrommend en om gek van te worden. Toen ik na de kerstvakantie weer ging werken was het 9 januari. We hadden niet lang daarvoor te horen gekregen wat ons budget voor 2017 zou zijn. Wéér 11,5% eraf. In totaal is er in 3 jaar tijd maar liefst ruim 30% bezuinigd. Dat dat natuurlijk krankzinnig is, is nog een andere discussie. Maar toen ik mijn administratie deed en bekeek hoeveel cliënten er mee verhuisden van 2016 naar 2017, kwam ik tot de schokkende ontdekking dat we al aan het budgetplafond zaten. Als ik alle nieuwe aanmeldingen uit de kerstvakantie meetelde bij de lopende cliënten, zou ik ons volledige budget van 2017 al hebben verbruikt!

 

Noodsituatie

Ik trok aan de bel: dit is een noodsituatie! Dit kan niet! Hoe kan het in vredesnaam zo zijn dat ik in januari al tegen mensen moet zeggen dat ze niet meer bij ons terecht kunnen? Hoe moet dat als de behandelingen van de lopende cliënten straks afgerond zijn? Ga ik dan duimen zitten draaien? Terwijl we merken dat de aanmeldingen maar binnen blijven stromen, terwijl de hulpvragen steeds meer toenemen en de behoefte aan goede zorg alleen maar groter wordt?

 

Bureaucratie en administratieve last

Het is nu juni 2017. We hebben met héél veel passen en meten, eindeloos onderbouwen en in feite op onze blote knietjes smeken bij de gemeente (die het geld uitdeelt) of wij asjeblieft in aanmerking mochten komen voor ophoging van het budget. Nou dat mocht hoor, zo verkondigde de gemeente. Wanneer wij in aanmerking wilden komen voor een extra 10% (ha! 10%! Een schijntje dus. En dan te bedenken dat we die in eerste instantie moesten inleveren, dus niks extra, maar gewoon ons eigen geld), moesten we een dubbel A4’tje met voorwaarden aanleveren aan papierwerk en klinkklare bureaucratische onzin.

 

Wat gebeurt er straks?

Puntje bij paaltje kregen wij bij Gods gratie die 10%, dus konden we de executie oprekken. Tot nu. Want nu zijn wij bij het punt beland dat er geen beweging meer mogelijk is. Wat betekent dat, vraag je je af? Ik zal het je vertellen:

  • we kunnen geen cliënten meer aannemen
  • onze cliënten die voor ons kiezen, hebben geen keuzevrijheid meer, wat zo mooi wordt gepromoot door de gemeente (weer zo’n lege huls)
  • cliënten die hun behandeling bij ons willen afmaken, maar dat niet kunnen doen omdat het geld op is, zijn verplicht om de behandeling af te breken en ergens anders verder te gaan: weer opnieuw een relatie aangaan, vertrouwen winnen, alles vertellen… Een aanslag op de motivatie, het vertrouwen en de effectiviteit van de zorg
  • we kunnen geen cliënten meer verwijzen naar collega’s, want hun geld is ook op
  • de problemen van cliënten nemen toe
  • ik moet tegen cliënten zeggen dat zij pas weer in het nieuwe jaar terecht kunnen, wat ik al zeg sinds februari!
  • als cliënten zelf willen betalen kunnen zij wel terecht. Ik vind dit moreel onaanvaardbaar. Zorg moet voor iedereen beschikbaar zijn die het nodig heeft, geen luxeproduct voor de rijkeren!
  • de wachtlijsten worden langer bij de hulpverleners die nog wél budget hebben
  • problemen worden ernstiger, complexer en hardnekkiger
  • problemen die bij ons hadden kunnen worden behandeld, veranderen door lang wachten in problematiek waar veel duurdere en langdurige zorg nodig is
  • mensen kunnen nergens meer terecht met hun problemen. Jawel zegt de gemeente: want 25km verderop zit nog een praktijk die nog budget heeft. Of jawel, zegt de gemeente: bij deze hulpaanbieder kun je nog terecht. Hoe komt het dat die mensen nog budget hebben? Ze staan blijkbaar niet goed bekend?
  • de hulpaanbieders die nog wél budget hebben, maar waar mensen liever niet naartoe willen, omdat ze daar bijvoorbeeld geen goede verhalen over horen of omdat ze er een andere reden voor hebben om de kwaliteit in twijfel te trekken, krijgen alsnog de cliënten in hun schoot geworpen. Een soort beloning voor hun matige werk?De problemen nemen toe Ik kan er nog eindeloos over doorgaan, maar zal ander relaas voor een andere keer bewaren. Voor nu wil ik alleen maar de iedereen wakker schudden: jongens let op! Ik houd mijn hart vast voor mijn cliënten en alle hulpbehoevende kinderen en gezinnen in Nederland. Het mag toch niet zo zijn dat cliënten nergens terecht kunnen?

 

Wordt wakker!

Het is afwachten wanneer het misgaat. De nieuwsberichten die nu steeds meer verschijnen, bevestigen onze zorgen. Wat des te schrijnender is, is dat de gemeente aangeeft dat er sinds de invoering van de nieuwe jeugdwet alleen maar een toename is in de problemen. Zowel in de basis GGZ (de lichtere zorg) als de specialistische GGZ (de zwaardere zorg). Ohja, en uiteindelijk moesten gemeentes aan het eind van het jaar alsnog een paar miljoen ophoesten, want er bleek iedere keer toch meer geld nodig dan voorzien. Nouja, dan zíj hadden voorzien, want voor ons was het geen verrassing. Er gaat dus duidelijk wat mis, maar het is de vraag wanneer er wat aan gedaan wordt.

Toename in psychische problemen

Toename in psychische problemen

Zorgen over de toekomst

Niet om melodramatisch te gaan doen, maar ik wil toch iets van mijn hart. Ik maak me zorgen over de ontwikkelingen binnen onze maatschappij en de effecten ervan op de psychische gezondheid van kinderen en jongeren. Er is sinds 2015 een nieuwe jeugdwet, waardoor de psychische zorg voor kinderen en jeugd niet meer via zorgverzekeraars loopt, maar wordt geregeld via de gemeente. Sindsdien worden eigenlijk overal noodklokken geluid. Dat is niet zo gek: er bestond een systeem dat door de jaren heen steeds verder is ontwikkeld, en redelijk liep. En ineens wordt dan binnen no-time alles op zijn kop gegooid, en wordt er zogezegd een nieuw wiel uitgevonden. Maar helaas eentje die niet goed rolt, zo blijkt.

Meer jongeren met problemen

Naast alle administratieve rompslomp, onzekerheden en onduidelijkheden die de nieuwe jeugdwet met zich meebrengt, is er bovendien nog een andere ontwikkeling gaande. Die tweede ontwikkeling loopt eigenlijk parallel aan de eerste, maar dan wereldwijd. Er is namelijk een toename in psychische problemen bij kinderen en jongeren. Zelfs zo erg, dat de Wereldgezondheidsorganisatie spreekt van een epidemie. Deze trend zet zich voort, wat betekent dat er steeds meer kinderen en jongeren psychische zorg nodig hebben, ook in Nederland. Daarom is het des te frustrerender voor ons als hulpverleners, dat er op deze hulp wordt bezuinigd. En niet zo’n beetje ook.

Gevolgen van de nieuwe jeugdwet

Zo wordt ons budget van 2017 maar liefst 11,5% minder dan die van 2016. En dat, terwijl er steeds meer mensen hulp nodig hebben. Bovendien gaat heel veel tijd op aan het eindelijk aanleveren van cijfers, je werkzaamheden verantwoorden en controleren of deze processen goed lopen (helaas gaat nog het te vaak mis), waardoor er minder tijd over blijft om cliënten te zien. Het voelt daarom ontzettend dubbel, dat je als praktijk groeit en populair bent, dat er steeds meer aanmeldingen blijven komen, maar dat je aan de andere kant weet: we kunnen niet iedereen helpen, want straks is het geld op, en dan?

Geen geld door bezuinigingen

Het gaat rechtstreeks tegen onze visie als hulpverleners in: je hebt dit vak geleerd om anderen te helpen. Ik ben van mening dat iedereen recht heeft op psychische hulp, dat hierin geen drempel mag zijn. Want uiteindelijk heeft de hele maatschappij baat bij psychisch gezonde mensen. Maar die drempel wordt wel opgegooid nu. We worden min of meer gedwongen een wachtlijst te maken, omdat er teveel werk is voor te weinig mensen. Er is werk zat, maar geen geld om het te vergoeden. Dat wringt.

Epidemie van psychische problemen

En als je dan de cijfers van de World Health Organisation (WHO) leest, dan kan ik me daar nog bozer om maken. Waarom wordt door de maatschappij deze negatieve trend bevorderd? Ik snap dat er bezuinigd moet worden, maar waarom wordt er geen rekening gehouden met effecten op de lange termijn? Ongeveer 30% van de jongeren (15-30 jaar) wereldwijd heeft namelijk psychische problemen. Hiervan komen verslavingen het meeste voor (15 tot 20%), maar ook depressies (10 tot 15%) en allerlei angststoornissen (5 tot 15%). Ook heeft 2-5% een eetstoornis en 2-3% een borderline persoonlijkheidsstoornis.

Niet kunnen voldoen aan verwachtingen

Van de jongeren tussen de 14 en 25 jaar geeft zo’n 60% aan dat ze zich slecht voelen, omdat ze denken niet aan andermans verwachtingen te kunnen voldoen. En 1 op de 3 van de jongeren heeft het gevoel dat ze hun problemen niet aan kunnen. Daar schrik ik van! Dit geeft de noodzaak aan voor tijdige hulp, voordat de problemen steeds ernstiger en hardnekkiger worden. En duurder dus, bovendien.

Langer wachten met aanmelden

En dat ze steeds ernstiger worden, merk ik ook in de aanmeldingen. Sinds de crisis wachten mensen sowieso al langer met aanmelden van hun kinderen, uit angst dat het hen geld kost. Maar ook sinds de nieuwe jeugdwet was er wat huivering, omdat het vaak nog onduidelijk was. Als ouders hun kroost dan uiteindelijk hadden aangemeld, waren de problemen in veel gevallen al vergevorderd. Daardoor is naar mijn idee het werk ook zwaarder geworden. Dat wordt nu extra puzzelen, omdat je gebonden bent aan een beperkte tijd dat je mag behandelen.

Meer zelfmoord onder jongeren

Als je bijvoorbeeld kijkt naar zelfmoord, dan zie je ook in de suïcidecijfers een toenemende trend. In België is het zelfs de belangrijkste doodsoorzaak onder jongeren tussen de 15 en 24 jaar. Jongeren doen meer dan anderen pogingen om zich van het leven te beroven: 10% van de 18-jarigen zegt dit al vaker te hebben overwogen. Bij meisjes is dit zelfs 20%.

Rollen om te vervullen

Het heeft ook te maken met de maatschappij van nu, de omgevingsfactoren waar jongeren mee te dealen hebben, zogezegd. Ik merk het zelf ook: er worden veel verwachtingen aan je gesteld en het is soms koorddansen en tegelijk jongleren om alle ballen hoog te houden.  Je moet tegenwoordig, meer dan ooit, zoveel rollen vervullen: binnen de familie, vriendenkring, je werk, studie, spiritueel, cultureel… Voor een jongere die nog zo kwetsbaar is, en midden in zijn ontwikkeling zit, is dit moeilijker dan voor wie dan ook.

Hogere verwachtingen

Die rollen die we als mens moeten vervullen, komen door de verwachtingen van anderen. En die verwachtingen zijn steeds hoger geworden, bijvoorbeeld voor het succesvol zijn op school en in je opleiding. De verwachtingen doen bovendien nog iets schrijnenders: we streven met z’n allen steeds meer naar individualiteit, naar eigen succes, naar status, een hoger salaris en meer spullen. Hiermee wordt direct narcisme in de hand gewerkt, en aan de andere kant de intrinsieke motivatie afgekalfd. Hoe mooi zou het zijn, als je als jongere gewoon een opleiding kiest omdat je echt passie hebt voor het werk? Hoe fijn zou het zijn als de omgeving daarin kon aanmoedigen, zonder hierin te oordelen? Helaas blijkt dat dus steeds minder voor te komen.

Hersenontwikkeling in puberteit

In de puberteit, vanaf een jaar of 11, tot een jaar of 25-30, zijn de hersenen in volle vaart aan het ontwikkelen. Niet voor niks is dit voor jongeren en hun omgeving een pittige tijd. De snelle hersenontwikkeling wordt bovendien sterk beïnvloedt door de ervaringen die jongeren opdoen in hun omgeving, zoals met vrienden of hun ouders. En de verschillende hersenfuncties ontwikkelen zich grillig en niet tegelijkertijd. Dat tieners lekker uit de pan schieten is dan ook niet meer dan normaal.

Executieve functies

Zo is het emotionele gebied in de hersenen, het limbisch systeem, eerder ‘klaar’ dan de pre-frontale cortex (weet je nog? Die van de executieve functies). Voor je nu aan je hoofd krabbend en met lege blik afhaakt: de vaardigheden zoals op de lange termijn kijken, bedachtzaamheid, plannen, organiseren, timemanagement, reflecteren op jezelf en jezelf onder controle houden zijn voorbeelden van die executieve functies. Maar die beginnen zich dus pas rond je 15e te ontwikkelen, wat betekent dat jongeren emotioneel gezien als het ware ‘op scherp’ staan: er hoeft maar iets te gebeuren, of er is een kwetsbaarheid ontstaan…

Gezonde emotieregulatie

Niet gek dus, dat ik het gros van de tijd in behandelingen bezig ben met het bevorderen van een gezonde emotieregulatie bij deze leeftijd. Jongeren hebben nog de afhankelijkheid van hun omgeving, omdat zij zelf de vermogens missen om met hun ingewikkelde emoties om te gaan. En omdat het wel een essentiële vaardigheid is om tot een stabiel en evenwichtig persoon op te groeien, besteedt ik hier veel tijd aan.

Stress leidt tot schade

Jongeren willen voldoen aan al die eerder genoemde verwachtingen, net als volwassenen trouwens. Maar kinderen zijn nog een stuk loyaler hierin, en kunnen door te hoge verwachtingen veel stress ervaren. En laat stress nou precies hetgeen zijn wat je niet kunt gebruiken in deze tijd, als de hersenen zich zo drastisch ontwikkelen. Want teveel stress leidt simpelweg tot hersenschade. Ook de kans op gevoelens van faalangst en perfectionisme nemen dan toe, wat ervoor kan zorgen dat jongeren in een isolement raken of falen in hun werk. Niet voor niets zijn de werkloosheidscijfers onder jongeren zo hoog.

Risicofactoren in de leefstijl

Ik ben nog niet klaar hoor, helaas. Want het zijn niet alleen kwetsbaarheden door de hersenontwikkeling en de verwachtingen vanuit de omgeving, het is ook de totale leefstijl die zo erg is veranderd de afgelopen jaren, dat de gevolgen daarvan nu pas steeds duidelijker worden. Even een paar voor de hand liggende, maar daarom niet minder belangrijk:

  • Er wordt steeds slechter gegeten, dus ook door jongeren. Het is sowieso bekend dat zij in de puberteit een natuurlijke behoefte hebben aan meer vet (voor de ontwikkeling van de hersenen). Helaas speelt de voedselindustrie niet in op wat gezond is voor mensen, maar op wat er geld oplevert. In plaats van de broodnodige omega 3 en omega 6 vetzuren, eten de meeste jongeren dus de schadelijke vetten in o.a. fastfood en de meeste etenswaren uit pakjes of zakjes.
  • Hetzelfde geldt voor suikers: in steeds meer voedselproducten zit suiker. Deze geven insulinepieken en dips in de bloedsuikerspiegel, waardoor jongeren opnieuw gaan eten. Uiteindelijk leidt dit tot o.a. obesitas, maar de suikerpieken geven ook ontstekingen in de hersenen, waardoor klachten ontstaan zoals slechte concentratie, geheugenproblemen, prikkelbaarheid, meer angst en impulsiviteit.
  • Niemand kijkt nog gek op als een ouder vertelt dat zijn 16-jarige zoon tot diep in de nacht aan het gamen is. Het is intussen bijna normaal geworden dat jongeren laat naar bed gaan. In zekere zin is dat ook zo: ze hebben pas later afgifte van het inslaaphormoon melatonine, en daardoor biologisch gezien een heel ander slaapritme. Helaas dwingt het schoolsysteem ze om op tijd op te staan, wat dus leidt tot een slaaptekort in zo’n 50-70% van de jongeren. Ook slaaptekort leidt tot klachten zoals meer angst, prikkelbaarheid, concentratieproblemen, slechtere cijfers en meer impulsief gedrag. Op de lange termijn raak je door het slaapgebrek gedemotiveerd en heb je een veel hogere kans op depressie.
  • Nog een inkoppertje: jongeren sporten steeds minder. Zo’n 40% (dus bijna de helft!) van de mensen sport niet of nauwelijks. Ernstig, want niet sporten vergroot de kans op depressie met maar liefst 25%!
  • Een probleem van deze tijd: cyberpesten, problemen via social media, waar veel jongeren worden geïntimideerd. Dit blijken belangrijke triggers voor ontwikkeling van psychische problemen.

Veerkracht als bescherming

Zo lezend lijkt het toch bijna een wonder dat er nog jongeren zijn die ‘goed gelukt’ zijn. Door mijn werk heb ik wellicht ook een wat vertekend beeld van de realiteit (dat hoop ik althans). Hoewel ik ook regelmatig jongeren tegenkom, die zo krachtig zijn en waarbij het een wonder is dat zij zich staande kunnen houden, ondanks alles wat zij meemaken. Dat is de veerkracht, die sommigen van ons hebben. En natuurlijk betekenen alle ontwikkelingen binnen de zorg en de bovengenoemde zaken niet dat een jongere automatisch psychische problemen krijgt. Het zijn risicofactoren. Hoe meer hiervan aanwezig zijn, hoe meer kans op problemen.

Triggers en risico’s

Zoals bij volwassenen ook vaak het geval is, is er vaak een trigger, waardoor er ineens problemen ontstaan. Denk aan een ingrijpende gebeurtenis, scheidende ouders, verraden worden door vrienden, een overlijden van een dierbaar iemand… Tot die tijd leek alles goed te gaan, maar na zo’n gebeurtenis komen ineens klachten naar voren. Maar nog steeds komen de meeste jongeren zonder al te veel kleerscheuren door deze periode. Maar, en dat is dus mijn zorg, dat worden er naar verhouding dus wel steeds minder.

Bezorgdheid

En hoe is het dan in vredesnaam mogelijk dat hier op wordt bezuinigd? Een gezond opgroeiende jongere is een investering in de toekomst, die, als het goed functioneert, de maatschappij juist veel oplevert. Het is vanuit die optiek voor mij onbegrijpelijk dat ik nu tegen mensen zou moeten zeggen: nog even geduld, ik heb geen plek, geen tijd voor u, geen geld om je probleem te behandelen. Om mensen naar huis te sturen, op het moment dat zij die belangrijke stap hebben genomen om te bellen. Vaak na zo lang overwegen, even aankijken, doormodderen, nog eens proberen. Tot het genoeg was, tot het niet langer ging, tot de nood te hoog werd. Ik ben bang dat wij mensen uit beeld verliezen, dat ze tussen de mazen van het net glippen, omdat er niet direct op de hulpvraag van mensen kan worden ingespeeld. En als ik dan de bezorgde berichten lees van de WHO wordt deze bezorgdheid alleen maar bevestigd.

Visie vasthouden

Hoe klein we ook zijn, als kleine vrijgevestigde, we houden onze visie hoog en blijven handelen naar ons geweten, proberen waar we kunnen de invloed uit te oefenen. Het is een spanningsveld, eentje waarin ik soms overwerkt raak en mezelf streng moet toespreken me niet gek te laten maken. Mijn supervisor van de opleiding symbooldrama zei al jaren tegen ons: laat je niet gek maken, blijf gewoon je werk doen. En mijn werk, dat is mensen helpen bij hun psychische problemen. Dus dat doe ik.

Naar zwemles: positieve ervaringen

Naar zwemles: positieve ervaringen

Zwemles, een lijdensweg?

Ik herinner het me nog zo goed: met je dikke wintertrui in een overvolle gang achter het glas staan kijken, waar het 35 graden is. De zwemlessen van mijn oudste broertje. Het zweet brak me uit, ik verveelde me kapot en die lessen leken eindeloos te duren. En dan heb ik het nog niet eens over het omkleden. Tussen de natte lijven of dik ingepakte mensen, op een vochtige vloer met moddersporen, wachtend tot mijn moeder de zwembroek bij mijn broertje had afgestroopt, tot hij gedoucht, gedroogd en ein-de-lijk aangekleed was… Wat een martelgang!

Wachtlijst van een jaar

Niet zo gek dat ik er als een berg tegenop zag toen mijn oudste de leeftijd naderde dat zwemles onderwerp van gesprek werd. En dat was trouwens véél eerder dan ik had gedacht! Meia zat toen op peuter/kleutergym, waar andere ouders elkaar vroegen of hun kind al op de wachtlijst stond. Wachtlijst!? Het was maar goed dat ik dat opving, want na enig speuren op internet werd mijn vrees bevestigd: een jaar wachttijd is gemiddeld! Meia was toen bijna 4 jaar en daarom besloot ik meteen werk van mijn zaak te maken, veel liever had ik gehad dat ze nog vóór haar 5e jaar was begonnen, maar die kans leek nu verkeken.

Leeftijd om te beginnen met zwemles

Wat is de beste leeftijd om met zwemlessen te beginnen? Dat is voor ieder kind weer een beetje verschillend. Over het algemeen geldt dat er een minimale leeftijdsgrens van 4 jaar wordt gehanteerd, de meeste verenigingen houden echter 5 jaar aan. Wanneer kies je ervoor om jonger te beginnen? Dat kan aantrekkelijk zijn als je kind over de volgende vaardigheden beschikt:

  • voldoende kracht
  • goede motorische vaardigheden
  • voldoende concentratie en taakgerichtheid
  • voldoende uithoudingsvermogen

Dat kinderen vaak sneller hun diploma behalen naarmate ze ouder zijn bij het starten met zwemles, heeft veelal te maken met het feit dat ze dan al bovenstaande vaardigheden beter beheersen. Het is daarom soms verstandiger even te wachten met starten tot ze net wat ouder zijn, ook omdat het automatiseren van vaardigheden dan beter gaat (gevoelige fase).

Let op: zwemles is duur!

Toen ik ging uitzoeken welke zwemverenigingen en mogelijkheden er waren, kwam de tweede klap: wat een geld!! Misschien naïef, maar ik had er niet bij stilgestaan dat zwemles zó duur was. Dan te bedenken dat 1,5 jaar zwemmen gemiddeld is, is €37,75 per maand een flink bedrag. Daar komen dan extra kosten zoals inschrijving en afzwemmen nog bij. Zit je al snel aan een krappe €700 voor alleen maar het A-diploma. Naast de reguliere (dure) zwemlessen, waren er ook aanbieders vanuit bijvoorbeeld de reddingsbrigade, een kleiner zwembad, of de sportbond, die iets lager zaten in prijs. Dus besloot ik Meia op de wachtlijst te zetten bij één van deze clubs.

Diplomagarantie

Maar toen ze ruim 4 jaar was, hadden we nog steeds geen bericht gehad. Daarom heb ik haar op nog twee andere aanbieders op de wachtlijst geplaatst, in de hoop dat ze in ieder geval ergens snel aan de beurt zou zijn. En toen benaderde een andere moeder me, een moeder van vriendjes van mijn kinderen. Ze had gelezen over een zwembad die verder weg zat (lees: 20 minuten met de auto, terwijl wij zo’n beetje naast het zwembad wonen), die een heel ander systeem hanteerde. Hierbij betaalde je niet per maand maar per diploma: je hebt dus diplomagarantie, ongeacht hoe lang je kind erover doet.

Voordelen en positieve ervaringen

Inmiddels zwemt Meia al bijna een jaar bij dit zwembad, samen met haar vriendje. Vandaag ging ik weer eens mee met een les (meestal brengt mijn vriend, of de moeder van het vriendje), en ik was positief verrast door de grote vorderingen die ze hadden gemaakt. Inmiddels doet ook het zusje van het vriendje mee met de zwemles. Hoewel het even rijden is, ben ik echt heel blij met de keuze voor dit zwembad en deze zwemmethode, want:

  • Ze zwemmen in vaste groepjes, van maximaal 6 kindjes. Daarmee is het heel rustig en overzichtelijk, met veel begeleiding van de zwemjuf. In ons geval zijn 3 ervan dus onze kinderen (binnenkort 4, als Fosse kan beginnen).
  • Er is één bad, de kinderen blijven dus in hetzelfde groepje en hoeven niet door te schuiven in verschillende baden. In plaats daarvan werken ze met zwembandjes: iedere keer dat er vorderingen worden gemaakt, mag een kind een zwembandje minder.
  • Doordat we onze kinderen samen laten zwemmen, kunnen we het rijden en de logistieke rompslomp verdelen: grote aanrader! Het scheelt zoveel tijd en energie wanneer je om de week gewoon je kind mee kunt geven en zelf thuis bijvoorbeeld het eten kan klaarmaken!
  • Omdat dit zwembad op een vakantiepark staat, is het voor Fosse en Signe geen straf om verplicht mee naar zwemles te moeten. Er is namelijk een peuterbadje waar ze tijdens de zwemles zelf in mogen spelen en ook mag je gebruik maken van de binnenspeeltuin op het park (gratis!). Zo heb je direct een wekelijks uitje voor de andere kinderen.

zwemles leren zwemmen a diploma wachten op het terras

  • Ook voor de ouders is het geen straf om te wachten, zeker niet als het lekker weer is: buiten op het terras in de ligstoelen een boekje lezen? Daar kan het!
  • De zwemmethode beschikt over een app waarin je de vorderingen bij kunt houden van je kind. Zo zie je precies welke vaardigheden al worden beheerst en hoe lang het nog duurt voor ze (bijna) mogen afzwemmen. Zo kwam Meia een tijdje terug ineens met het ‘walvisdiploma‘ thuis: dit bleek het halve A-diploma te zijn.
  • Ook kun je in deze app gemakkelijk lessen afmelden: voor elke afgemelde les, heb je recht op een reserveles, die je op een ander moment mag inhalen. Ook in de zomervakantie worden de lessen gecompenseerd, zodat je kind extra kan zwemmen.
  • Door het kleinschalige en persoonlijke karakter kennen de zwemjuffen- en meesters de kinderen goed. Ze werken met een beloningssysteem, waarbij elk kind een boekje krijgt en na elke les een sticker mag uitzoeken als het goed heeft meegedaan.

Op deze manier heb ik (gelukkig!) een heel andere ervaring met de zwemles, dan toen ik nog kleiner was. Als straks Fosse mee kan doen, zodra er een plekje vrij is in het groepje, kunnen we met 4 kinderen tegelijk naar zwemles, super efficiënt! Ik houd jullie op de hoogte van de ontwikkelingen.

Wil je meer lezen over deze zwemmethode? Klik dan even hier.