Archief van
Tag: reptielenbrein

Terugval in behoeften

Terugval in behoeften

Maslow in Coronatijden

Ik ging net even brood halen bij de Albert Heijn. En terwijl ik mijn neus in een schap stak, begon er een bandje over de speakers, die minutenlang waarschuwingen en maatregelen opsomde. Variërend van afstand houden, tot handen wassen, lief zijn voor elkaar en contactloos betalen. Ineens voelde ik een lichte spanning opkomen. Het wordt steeds serieuzer. Slalommend om de mensen heen, soms paniekerig een ander pad kiezend, vond ik mijn weg naar de, uiteraard, zelfscankassa’s. Eenmaal buiten in de zon ontsnapte een zucht van opluchting.

Andere prioriteiten

Mensen kennen mij als rustig, en niet zo snel van slag of gestrest. Maar ik kan niet ontkennen dat de hele situatie natuurlijk óók invloed heeft op hoe ik mij voel. Ik pieker soms over de komende weken en maanden, en de gevolgen die dit geeft op grotere schaal. Voor ons gezin, onze kinderen, mijn werk en praktijk, de financiën. Ineens vallen we massaal terug op andere, meer basale prioriteiten.

Onzekerheid en angst

Iedereen voelt zich nu onzeker, sommigen zelfs angstig, en voor niemand is er duidelijkheid. Niet iets om nu grootschalige plannen te maken, want wie kan garanderen of dat nu een goed idee is? Zoals ik in mijn vorige blog ook schreef, staan er ineens veel meer primaire behoeftes voorop. Dat deed me denken aan de piramide van Maslow. En de situatie van de coronacrisis tekent deze behoeftenhiërarchie heel mooi uit.

Billen afvegen

Zo zie je direct dat het hamstergedrag goed verklaarbaar is: mensen hebben angst dat ze tekort komen, en willen garanderen dat ze voldoende te eten en te drinken hebben. Ook andere primaire fysieke levensbehoeften gaan spelen: je billen kunnen afvegen en medicijnen scoren staan momenteel hoog op de behoefteladder.

Veiligheid

De situatie rondom corona tast ons gevoel van veiligheid aan. We zijn niet meer gegarandeerd veilig, en wantrouwen misschien zelfs anderen: buitenstaanders worden vermeden en als potentiële besmettingsbron gezien. De maatregelen die steeds ingrijpender worden, het feit dat dit een wereldwijd gebeuren is én dat er geen medicijn of vaccin is die hiertegen opgewassen is, voedt de onzekerheid en de angst bij mensen. Iedere dag checken we de nieuwsupdates, en massaal bekijken we de persconferenties. We vallen terug in ons gedrag: ineens is die opleiding die je aan het doen bent niet meer zo belangrijk. Er moet eerst genoeg rijst in huis zijn.

“Ik heb wel wat anders aan mijn hoofd”

Die afspraken met vrienden kunnen wel even wachten, want eerst moet er paracetamol op voorraad zijn. Kampte je een paar weken terug nog flink met een laag zelfbeeld, mogelijk lijkt dat nu ineens minder relevant, omdat je ‘wel even andere dingen aan je hoofd hebt’. Want Maslow gaat ervan uit dat deze behoeftenpiramide hiërarchisch is opgebouwd. Dat betekent dat je pas voldoende aan een niveautje hoger kunt werken, als de niveaus eronder voldoende stevig zijn.

Reptielenbrein

Zoals een jenga-toren: de fundering moet stevig zijn om de toren hoger te laten komen, anders dondert de boel in elkaar. We schakelen daarmee ook terug op meer primaire breinfuncties: we handelen in stress situaties (wat de coronacrisis is) niet meer weloverwogen en evenwichtig, maar zijn korter voor de kar, meer gericht op eigen behoeftes en eigen belangen. In andere situaties gebruiken we vooral onze prefrontale cortex, die ons gedrag aanstuurt. Nu vallen we terug op ons oudere reptielenbrein en hebben we de basale reacties van vechten, vluchten en bevriezen (zie ook mijn eerdere blog over het reptielenbrein).

Zorg goed voor jezelf

Wat het nu voor jou betekent? Misschien heb jij nu, net als de meeste mensen, ook wel extra behoefte aan veiligheid. Dan kan het helpen als je inventariseert wat jouw gevoel van veiligheid vergroot: misschien minder vaak die nieuwsupdates checken, wat vaker met je familie bellen, en vooral afleiding zoeken met leuke activiteiten. Probeer dat gevoel te versterken. Zo help je jezelf, en ook je omgeving.

 

 

 

De focus op gedrag

De focus op gedrag

Richt je op het gevoel!

De laatste jaren dringt het steeds meer tot mij door: er gebeurt iets geks als wij als ouders gestrest zijn. Ik schreef al eerder over het reptielenbrein, wat ouders ook hebben bij stressvolle situaties. En laten we wel wezen, die zijn er nogal eens met kinderen. Steeds vaker merk ik dat ik in gesprek met ouders dezelfde onderwerpen probeer duidelijk te maken. Want als wij als ouders gestrest zijn, richten wij ons op het gedrag van ons kind.

“Je doet ook nooit wat ik zeg!”

“Hou daar mee op!”, “kun je nou niet beter opletten?”, “waarom doe je dat nou!”. Of, naderhand tegen mij of anderen: “het is altijd hetzelfde, ik kan het 100x zeggen maar dan doet hij het wéér!”, “het lijkt wel of ze het erom doet!”, “het is het ene oor in, het andere oor uit”. En als ‘oplossing’: “ja, ga maar weer op de trap”, “je krijgt een time-out”.

Interne processen

We vergeten hier iets essentieels. Gedrag is slechts de productie van ons zijn. Huh? Ja. Denk er even over na. Wie zijn wij als mens? Wij bestaan uit behoeftes, gevoelens, intenties, gedachtes, ideeën, neigingen… allemaal abstracte interne processen waarvan gedrag het resultaat is. Een kind is daarin nog heel puur. Het heeft heel weinig rem of controle over al deze processen. Laat staan dat het zich voldoende bewust is hiervan. Nee, je kind pákt gewoon dat koekje van de schaal, want dat is lekker en hij heeft er zin in. Je dreumes giet gewoon die beker langzaam ondersteboven op het tapijt, want ze is nieuwsgierig naar de steeds groter wordende donkere vlek die dan ontstaat.

Zwaktebod

Ik ga het nog sterker uitspreken. Je alleen maar richten op het gedrag van je kind is een zwaktebod. Maar wel volkomen menselijk. Wees niet bang, ik maak me er net zo schuldig aan. Ik zal het proberen uit te leggen, want het is best wel ingewikkeld, maar wel zo belangrijk om te begrijpen. Want pas als je iets goed begrijpt, heeft het ook zin om het aan te pakken, toch?

Zelfverdedigingsmechanisme

Je richten op het negatieve gedrag van je kind gebeurt uit een soort zelfverdedigingsmechanisme. Er gebeurt iets onder jouw toezicht, dat je liever niet zo had gezien. Denk aan pubers die toch wel hun eigen zin doen, of je dochter die weigert haar schoenen aan te trekken. Je kan op je kop gaan staan, maar in die situaties voel je je gewoon machteloos. En dat machteloze gevoel is funest voor ons. Het maakt ons kwetsbaar, want op zulke momenten voelen we ons falen. Het lukt ons niet ons kind naar ons te laten luisteren. Het lukt je niet om de situatie te veranderen.

Machtsstrijd

Vaak voelen we ons weer klein op zulke momenten. Misschien is het een oud gevoel dat ineens wordt getriggerd, waardoor je zo fel reageert. Hoe dan ook, door deze woede wordt het onmogelijk om te kijken naar de oorzaak van het gedrag van je kind. Want in de meeste gevallen is onze reactie veel milder, wanneer we begrijpen wat ons kind ertoe dreef zo te doen. Het veranderen van zo’n impasse, in dit geval een machtsstrijd met je kind, vraagt dus iets heel moeilijks van ons als ouders: jezelf verplaatsen in je kind op het moment dat je zélf boos of gefrustreerd bent. Wat voelt je kind, wat dacht het, wat wilde het doen, ontdekken, leren, of wat was zijn behoefte? Wat wilde het misschien duidelijk maken aan je, welke boodschap heeft hij? Wat zou maken dat zij keer op keer zo doet?

Erkenning en begrip

Het is een fabeltje dat kinderen ons expres dwarszitten. Dat ze ons uitspelen, manipuleren of wat dan ook. Dit negatieve gedrag, net als liegen, is een uitvloeisel van het gebrek aan iets anders, iets essentieels. Begrip. Erkenning. Het besef dat je als kind wordt gezien en begrepen door je vader of moeder. Dat jouw gevoelens en behoeften er mogen zijn en ertoe doen. Dit is niet hetzelfde als het goedkeuren van het gedrag. Ik keur het heus niet goed dat jouw dochter je zoontje slaat, of dat je zoontje zijn boek verscheurd. Maar het gedrag staat los van het gevoel. Het gedrag is de reactie op de oorzaak. Het is de laatste keten in het geheel. Volg je het nog?

Terug naar de basis

Maar al te vaak voer ik het gesprek met ouders om terug te keren naar deze basis. Wat denk je, wat zou maken dat je zoontje toen zo deed? Het is grappig om te merken dat ouders ná een voorval ineens veel beter over de situatie kunnen praten: “ja hij was natuurlijk boos! Hij vond ons maar stom dat wij de tablet afpakten, want hij wilde nog verder kijken”. Dat komt omdat je, op een later moment, weer een kalm brein hebt en in rust de situatie kunt overdenken. Dan is het gemakkelijker om perspectief te nemen en je af te vragen hoe je kind zich toen voelde.

Reflecteren

Vaak moeten we daarmee beginnen: nadenken over voorvallen en bedenken hoe het voor iedereen was. Wat waren de drijfveren van jou en je kind? Wat zou je kind op zo’n moment liever hebben gehoord of nodig hebben gehad? Wat zou hem hebben geholpen weer tot rust te komen en de situatie beter te verdragen? Of makkelijker jouw nee te accepteren? Vaak zit hierin de sleutel: wanneer je hiervan een idee hebt, en dit noemt aan je kind, zul je zien wat er gebeurt.

Afstemmen

Het is complexe materie, hoewel het voor sommigen misschien simpel klinkt. Maar ga er maar aan staan. Opvoeden is echt geen kattenpis. Wist je dat in onze interactie met onze kinderen maar ongeveer 30% van wat we doen is afgestemd op onze kinderen? Dat betekent dat dus 70% van wat wij doen (of juist niet doen) niet helpend is of niet goed aansluit op wat ons kind van ons nodig heeft. Maar dat is niet erg hoor, want die 30% is voldoende om een goede relatie op te bouwen! Zo zie je maar, goed genoeg is ook gewoon goed.

 

Het reptielenbrein van je kind

Het reptielenbrein van je kind

Over hersenen en driftbuien

Wel eens gehoord van het reptielenbrein? Dat is het deel van ons brein dat ervoor zorgt dat je kind zo nu en dan op een exploderend stukje vuurwerk lijkt, zich gillend en stampend op de vloer laat vallen of je voor van alles en nog wat uitmaakt als het allemaal tegenzit. Natuurlijk is dit (gelukkig) niet dagelijkse kost voor de meeste mensen, maar iedereen kan zich er wel een beeld bij vormen.

Hersenfuncties

Hersenfuncties zijn behoorlijk ingewikkeld, maar soms helpt het je als ouder te begrijpen waarom je kind zo doet, als je iets meer snapt over hoe de hersenen werken. Dit geldt trouwens niet alleen voor kinderen: ook wij volwassenen kunnen soms last hebben van een dominerend reptielenbrein. Ik zal uitleggen hoe het werkt.

Lastige gevoelens

Eigenlijk gaat het nog verder dan er niet zoveel van weten. Ik sprak al eerder over emotionele inflatie. Ik denk nog steeds dat dát vooral aan de oorzaak ligt van het meeste klachtgedrag. Nederlanders, ikzelf inclusief, zijn nog altijd die nuchtere mensen. De mensen met het motto ‘doe maar normaal, dan doe je al gek genoeg’. Stilstaan bij je gevoelens of er zelfs over praten, dat is vaak ‘eng’, ‘gek’ of ‘lastig’.

Prefrontale cortex

Dat laatste klopt trouwens. Want gevoelens zijn behoorlijk ingewikkeld. Zonder zweverig te zijn: gevoelens zijn ook gewoon een product van onze hersenen en hebben belangrijke functies in de omgang met anderen. Door de jaren heen zijn onze hersenen steeds beter gaan werken en hebben verschillende vaardigheden zich beter ontwikkeld. We hebben als mensen, in tegenstelling tot de meeste dieren, bijvoorbeeld als enige een gedeelte in het brein dat ingewikkelde functies heeft zoals plannen, prioriteiten stellen, overzicht houden, beslissingen nemen, etc. Dit zijn de executieve functies waar ik al eerder over schreef. Deze zitten in de prefrontale cortex, aan de voorkant van je hersenen, zo’n beetje achter je voorhoofd. Deze functies zorgen ervoor dat wel weloverwogen en bedachtzaam dingen kunnen doen, dat we rekening houden met anderen en met de omgeving. Met andere woorden, dat we menselijk reageren op verschillende situaties.

Stress en gevaar

Wanneer je kind zich echter gillend en krijsend uit je armen werkt, de beker uit je handen slaat, keihard “stomme mama!” gilt of hysterisch huilend over de grond dweilt, lijken deze vaardigheden toch ver te zoeken. En dat is ook precies wat er aan de hand is. Want op het moment van stress, is de prefrontale cortex (die van de handige vaardigheden) als het ware even niet beschikbaar.

Overlevingsreacties

Je zou het zo kunnen uitleggen: als je kind stress of spanning ervaart (even los van het feit of dit nou ‘terecht’ is of niet), klapt het voorste gedeelte van het brein even weg, waardoor het brein regelrecht gebruik maakt van het stuk daarachter: het reptielenbrein. Dit is het stuk brein wat als eerste is ontwikkeld bij zoogdieren, en direct ook het belangrijkste stuk brein om te overleven. Het wordt geactiveerd bij stress. Want stress wordt nog altijd gelabeld als ‘gevaar’ door je brein. En je reptielenbrein kan dan drie dingen doen om daarop te reageren:

  • vechten (‘fight’)
  • verlammen (‘feeze’)
  • vluchten (‘flight’)

Woedeaanvallen

En dat is wat je ziet bij je kind: vechten. Maarja, tegenwoordig zijn er nou niet bepaald loerende sabeltandtijgers om je tegen te verweren. In ons land is er gelukkig maar weinig concreet gevaar om op te reageren. Je lijf maakt daar echter geen onderscheid tussen en reageert hetzelfde op alle vormen van stress: het schakelt over naar je reptielenbrein en je prefrontale cortex is dan niet meer beschikbaar. Dus vertoont je kind eigenlijk heel normaal gedrag: het verdedigt zich, wat zich bijvoorbeeld uit in driftbuien, woedeaanvallen of ander licht ontvlambaar gedrag.

Kalm brein

Dat is leuk en aardig, maar vervolgens zit je natuurlijk wel met een hysterisch kind waar je niks mee kunt. Wat is de oplossing? Eigenlijk is er maar één oplossing. Het klinkt simpel, maar dat is het helemaal niet. Als je kind in stress zit, kan het niet meer goed nadenken. Hetzelfde geldt voor ons als volwassenen: als je opgefokt en boos bent, trap je het liefst tegen de prullenbak of flap je er ineens wat uit. Dan kun je niet rationeel bedenken ‘misschien moet ik zus of zo doen’. Dat lukt pas wanneer je gekalmeerd bent. En dat is precies wat je kind nodig heeft: kalm worden.

Executieve functies

Je prefrontale cortex, en daarmee je executieve functies van je kind zijn pas weer beschikbaar bij een kalm brein. De eerste taak van de omgeving is dan ook: zorg dat je kind kalmeert! Maar dat is lastig, als je kind jou met zijn boosheid kwetst, irriteert of tot wanhoop drijft! Dan wordt namelijk je eigen reptielenbrein geactiveerd, waardoor rustig reageren ook geen optie lijkt te zijn.

Reguleren

Soms is daarom de eerste stap om eerst zelf te kalmeren. Als volwassenen heb je namelijk al meer vaardigheden geleerd door de jaren heen om jezelf te helpen weer kalm en rustig te worden. Je hebt geleerd je gevoel te reguleren. Dat is nou juist de vaardigheid die bij je kind nog ontbreekt, en waar je als ouder zo hard voor nodig bent. Zodra je zelf weer rustig bent, is het daarom voor je kind hard nodig om nabij te blijven: want als het voelt en merkt dat het gezien en gehoord wordt, weet het: ik ben niet alleen, mijn moeder/vader ziet me, ze weten ervan. Dat helpt om sneller rustig te worden.

Waardevol

In het reguleren kun je als ouders een heleboel doen om je kind te leren hoe het met deze heftige gevoelens om kan gaan. Hier komen termen bij kijken zoals emotieregulatie, mentaliseren, spiegelen… Vaardigheden die jammer genoeg geen gemeengoed zijn voor veel mensen vandaag de dag. In therapie merk ik dan ook dat op dit terrein in de behandeling van kinderen en gezinnen veel winst te behalen is. Als ik ouders of gezinnen in therapie heb, gaat er soms een wereld voor hen open wanneer  we ingaan op dit stuk van gevoelens. Ik ben benieuwd of dit bij anderen ook herkend wordt?

 

Van negatieve aandacht naar meer begrip

Van negatieve aandacht naar meer begrip

ODD en de aandacht opeisen

Laatst gaf ik psycho-educatie en mediatietherapie aan een moeder van een zoontje met flink wat brutaal en opstandig gedrag, geclassificeerd met ODD (een gedragsstoornis). Mediatietherapie is therapie via een medium, in dit geval de moeder. Je legt dan dingen uit die de ouders kunnen doen voor hun kind. Psycho-educatie is een stukje informatieverschaffing over het functioneren van het kind en wat het kind nodig heeft in de opvoeding en benadering.

Hij doet het expres?

Deze moeder leidde, net als vele anderen, een druk bestaan. Vier kinderen, man veel van huis, oudste kind vraagt vanwege handicaps veel verzorging, en dan dit aangemelde jongetje met wie ze het flink te stellen had thuis. Het leek wel of hij voelde wanneer zij eindelijk tijd voor zichzelf had, want precies op DIE momenten ging hij lopen etteren en zuigen. En niet gek dat je dan als moeder na een tijdje het idee krijgt dat je kind expres ruzie met je zoekt en je dwars wil zitten. En waarom in vredesnaam?

Ten eerste is het (gelukkig!) een fabeltje dat kinderen hun kinderen expres dwars zitten. Dus “hij doet het er om!” gaat niet op, al voelt het soms nog zo. Maar dat heeft uiteindelijk vaak meer met jezelf te maken dan met je kind. Maargoed, dat is een hele andere discussie.

Doordrammen en zeuren

In ieder geval leek dit jongetje op de meest vervelende momenten aandacht te vragen. Stond de moeder druk te koken, bleef hij net zo lang om iets lekkers zeuren tot ze toegaf. Had ze net alle kinderen op bed gelegd, kwam hij weer om de hoek kijken en klagen dat het te heet was, hij dorst had, moest plassen, etc. Gék werd ze er van! En heel eerlijk? Die momenten herken ik natuurlijk ook dondersgoed uit mijn eigen leven: zit je net lekker op de bank, begint er eentje te huilen!

Eén op één tijd

Maar hoe ga je er mee om? Soms is het voor mij makkelijk praten, aan de andere kant van de tafel. Maar ik besef, zeker nu ik zelf 3 kinderen heb, dat het echt niet eenvoudig is om de dingen die we bespreken in de praktijk uit te voeren. En daarom is mijn bewondering voor de bereidheid, de motivatie en inzet van deze moeder (en vele anderen) des te groter. Want ze besefte, door onze gesprekken, dat haar zoontje eigenlijk alleen maar graag bij haar wilde zijn. Dat hij haar aandacht opeiste, omdat haar aandacht het grootste goed was voor hem. En door haar drukke leven, met de verzorging van de kinderen, het huishouden en alles wat erbij komt kijken, schoot het geven van deze kostbare één op één tijd erbij in.

Kwetsbaar

Wanneer je kind, net als de hare, steeds maar streken uithaalt, niet luistert, de grenzen opzoekt en overgaat, dan krijgt het heel vaak negatieve aandacht: niet doen, hou op, stop daar mee, doe eens normaal, gedraag je eens, wees stil! Deze moeder was het merendeel van de tijd brandjes aan het blussen en crisisinterventie aan het plegen. Maar ineens begreep ze, dat onder al die ondeugende acties, het stoere, brutale en soms ronduit slechte gedrag van haar zoontje, ook een kwetsbaar, klein jongetje zat. Die ook zocht naar bevestiging, trots, waardering en erkenning. Die graag samen een boek leest, spelletjes speelt, grapjes maakt of samen op pad gaat.

Geen scheidsrechter meer

En zodoende paste ze haar gedrag aan. Ze begreep dat zijn ongewenste gedrag een noodgreep was, dat het zijn manier was van aandacht vragen, dat hij niet de tools had om het anders te doen. Wanneer hij en zijn brusjes ruzie maakten, reageerde ze kalm. Ze stopte met scheidsrechter spelen en negeerde zijn gedrag waar ze kon. En waar ze het zag, hoe klein ook, prees ze hem. Wat ze als vanzelfsprekend zag, benoemde ze nu: bedankt dat je meteen naar beneden komt, wat fijn dat je direct hebt geluisterd.

Stress en rustig reageren?

Het klinkt simpel, maar dat is het niet. Sterker nog, als je op de meest drukke en cruciale momenten wordt getergd en getriggerd, is het heel logisch en menselijk dat je geïrriteerd of boos reageert. ‘Blijf kalm’ lijkt dan mijlenver weg. Als iemand tegen mij zegt “rustig!” op het moment dat ik gestresst ben, is dat olie op het vuur. Op het moment dat je onder druk staat of stress ervaart kún je immers niet rustig reageren. Of niet vanzelf in ieder geval. Je brein gaat dan namelijk in een andere stand staan (het reptielenbrein, waarover later meer), waardoor het nodig is zo snel mogelijk weer kalm te worden om zinnig te kunnen reageren.

Van wie is het probleem?

Het helpt dan om te beseffen dat het gedrag van je kind, zoals bij dit jongetje, geen onwil is. Als je meer begrip en acceptatie hebt, kun je rustiger reageren. Je voelt je immers minder persoonlijk aangevallen: je snapt dat dit een probleem van je kind is, en niet van jezelf. Dit perspectief nemen of inleven in de ander, is daarom heel handig om de zogenaamde negatieve spiraal te doorbreken.

Positieve spiraal

Dat merkte deze moeder ook. Toen ze de aandacht verlegde van zijn negatieve gedrag naar de uitzonderingen van goed gedrag, zag ze dat hij rustiger werd. Hij voelde dat hij meer gezien werd door zijn moeder, en dat maakte hem trots. Andersom had de moeder meer begrip voor hem, kon ze zien dat hij zijn best deed en werd ze blijer van het geven van de complimenten, hoe zeldzaam ook. Het begin van een positieve spiraal was een feit.