Archief van
Tag: ouderschap

Kinderen halen het beste naar boven…

Kinderen halen het beste naar boven…

…En het slechtste

Kinderen halen het beste in je naar boven. En het slechtste. Je kan het ontkennen, maar elke ouder weet dat het waar is. Als je zwanger bent, of misschien al eerder, heb je de beste voornemens: ´ik zal nóóit tegen mijn kind schreeuwen´, ´dat sommige ouders zo boos worden, dat gaat mij dus niet gebeuren´, ´het is gewoon een kwestie van goed opvoeden, dan heb je ook geen conflicten´. Tot zover de voornemens. Want toen werd je een ouder.

´Heb je zelf kinderen?´

Toen ik nog geen kinderen had, maar wel werkte als behandelaar, kreeg ik wel eens de vraag: ´ben je zelf moeder?´. Ik voelde dan altijd een mengeling van gevoelens. Ik vond het irrelevant: waarom zou je een betere behandelaar zijn als je een moeder bent (dat is trouwens ook niet zo hoor)? Ik voelde ergens belediging: bedoelt ze nou dat ik het niet zou weten omdat ik geen moeder ben? En ergens ook een ontzag en respect: als moeder voel je tenslotte het beste wat je als ouder voelt, als buitenstaander kun je alleen een poging doen je daarin te verplaatsen.

Wat er veranderd als ouder

Uiteindelijk wérd ik moeder. En zat ik sindsdien ook regelmatig aan de andere kant van de tafel. Mijn onzekerheid uitend bij de huisarts, enigszins met schroom mijn vragen stellend bij een consultatiebureau of met hoop en vrees bezoekjes brengend aan een osteopaat in de hoop op een betere nachtrust. Ik snapte direct wat ze bedoelde. Sommige sensaties of gevoelens komen pas als je zelf moeder (of vader) bent.

Nieuwe kanten van jezelf

Het lijkt alsof er een heel nieuw arsenaal aan gewaarwordingen wordt toegevoegd aan je leven. Het geeft diepte en verrijking, maar tegelijkertijd wordt er soms een beerput aan rottigheid opengetrokken waarvan je het bestaan niet afwist. Je leert hele nieuwe kanten van jezelf kennen. Het is een cliché, maar echt: als je ouder bent geworden en een kindje hebt gekregen begrijp je het. Je kunt het proberen uit te leggen, maar voelen en ervaren is iets totaal anders.

Compensatie

Soms voelt het of mijn hart overstroomt van trots en liefde. Als ik mijn kinderen dan zo lief samen zie, dan knal ik soms bijna letterlijk uit elkaar en kan ik tranen in mijn ogen krijgen omdat ik zo ontzettend veel van ze hou. Dat gevoel is zoiets ´oers´, dat het ook de boel staande houdt, heb ik het idee. Die ontzettend sterke, fijne gevoelens zijn een bron van bescherming en compensatie voor de dagelijkse strijden die gestreden worden. Want dat het lang niet altijd rozengeur en maneschijn is met kinderen, dat mag inmiddels wel duidelijk zijn.

Schrikken van jezelf

Het kan als een schok komen, dat eerste moment dat je merkt dat je kind gevoelens in je los maakt, die zó intens negatief zijn, dat je er erg van schrikt. Als je baby maar aan één stuk door blijft huilen en je niet meer weet hoe je aan dat gekrijs moet ontkomen. Getergd door gebroken nachten en opgestapeld slaaptekort, aangevuld met de sociale isolatie die de eerste maanden soms met zich meebrengt. Je zal niet de eerste zijn die naar zijn baby schreeuwt, zelf keihard meebrult in misère of de baby in de handen van de partner achterlaat en de situatie even ontvlucht.

Uitgelachen worden

Of wanneer je peuter streken uithaalt en je uit je slof schiet, omdat je het nu eens zat bent dat je wéér alles moet opruimen. Waarna je peuter begint te lachen, wat jou het gevoel geeft uitgelachen te worden en werkelijk het bloed onder je nagels vandaan haalt. Of je kleuter, die expres zijn voet uitsteekt en zijn kleine zusje laat vallen, waardoor zij een tand door de lip heeft. Of je tiener die ongeïnteresseerd en onbewogen reageert op jouw argumenten met opmerkingen als: ´dan denk je dat toch lekker. Ik luister toch niet naar je´. Je zal niet de eerste zijn die aangeeft dat zulke momenten je bloed laat koken en een rode waas voor je ogen brengt.

´Wat zullen anderen denken´

Je zal ook zeker niet de eerste zijn die daardoor, ondanks alle voornemens en goede bedoelingen, de grenzen van zijn kind en die van zichzelf is overgegaan en zijn kind hardhandig heeft vastgepakt, op bed gesmeten of heeft geschreeuwd en gevloekt in wanhoop naar zijn kind. En weet je, je zal ook zeker niet de laatste zijn. Je kind brengt het beste in je naar boven, maar ook het slechtste. We weten allemaal dat het niet mag, dat het anders kan, dat we rustig hadden moeten blijven. We vrezen allemaal ´de Ander´, die ons met opgetrokken wenkbrauwen aanhoort, die veroordelende blikken werpt en vol ongeloof en afschuw de situatie beoordeelt. Maar ´de Ander´, dat zijn wij net zo goed.

Wat raakt ons zo?

Het is interessant om te bedenken wat die situaties met ons doen. Het heeft natuurlijk vooral met onszelf te maken. Kinderen zijn nu eenmaal gewoon zichzelf, en volgen hun ontwikkeling volgens de regels van de biologie, in de door ons geschepte voorwaarden en mogelijkheden. Dat wij zo geraakt worden, is dus iets van onszelf. Vaak iets dat we allang weer vergeten waren, iets van vroeger, waar we niet bij stilstaan of wat we liever willen verdringen. Je kind is een stuk van jezelf. Het is je vlees en bloed, het zijn jouw genen, het is het stukje voortbestaan van jou in de volgende generatie.

´Dit ga ik later anders doen´

Je wilt voor je kind het allerbeste. Je wilt meegeven wat je zelf als fijn en waardevol hebt ervaren, en je wilt vooral anders doen wat je zelf als onprettig hebt ervaren. Dat hoeven geen grote dingen te zijn. Misschien at je vroeger wel elke vrijdag bloemkool, en wil je dat veranderen: geen vaste maaltijden, maar gewoon eten waar je zin in hebt. Het gaat daarnaast echter wel om veel essentiële zaken. Misschien was je vader vroeger nooit thuis, en altijd maar aan het werk. Misschien neem je jezelf nu voor het als vader anders te doen. Er te zijn, meer betrokken te zijn. Maar dan komt de lastigheid in de uitvoering.

Wat je niet kent, kun je niet geven

Want wat je zelf niet hebt gekregen, kun je ook niet geven. Hoe kun je lesgeven in Portugees, als je zelf de taal niet beheerst? Hoe kun je een betrokken vader zijn, als je zelf nooit hebt ervaren wat een betrokken vader is? Je hebt immers hele andere waardes meegekregen. Die van hard werken, het belang van meedraaien in de maatschappij, iets bijdragen, niet lanterfanten. Geld in het laatje brengen en zorgen voor financiële zekerheid. Waarschijnlijk gaat dat je goed af. En merk je in de praktijk dat het toch veel lastiger is dan je dacht, die betrokken vader zijn. Je merkt dat je meer werkt dan je zou willen en dat oude patronen zich opnieuw herhalen. Je vóelt het en het doet pijn, want je wilde het zo graag anders. Je schrikt, want je herkent je vader in jezelf, precies het stuk dat je anders wilde, en nu lukt het je toch niet.

Wat je kind bij je oproept

Hetzelfde geldt voor alle andere elementen in de opvoeding en ouderschap. Je kind roept bepaalde herinneringen bij je op, van toen je zelf kind was, die heel confronterend en pijnlijk kunnen zijn. Bijvoorbeeld uitgelachen worden. Wat roept dat bij je op? Het kunnen gedachtes zijn als ´ik word niet serieus genomen, ik heb geen grip op de situatie, mijn kind neemt een loopje met me, ik voel me machteloos en niks waard´. Dit raakt vaak aan oude gevoelens en ervaringen, van toen jij je zo voelde. Dat is zo naar geweest, dat je dit waarschijnlijk ergens ver weg hebt opgeruimd in je brein. Maar nu je zelf ouder bent, worden deze kastjes ongevraagd en in rap tempo opengetrokken, en worden alle oude gevoelens ineens weer actueel.

Begrijpen van de oorsprong

Dat je zó intens boos, gefrustreerd, radeloos en wanhopig wordt, is daarmee dus heel goed te begrijpen, als je er even de tijd voor neemt. Het heeft altijd een oorzaak, en het gevoel waarop jij handelt, moet ook serieus genomen worden. Wanneer je deze beter begrijpt en kan accepteren als iets van jezelf, in plaats van van je kind, krijg je meer grip op de situatie. Dat is niet zo simpel als het klinkt. Er wordt immers maar verwacht dat elke ouder alles even goed kan in de opvoeding, terwijl elke ouder een andere ´opleiding´ heeft meegekregen. Het ´rustig blijven en weglopen´ is dan ook simpelweg niet direct haalbaar voor elke ouder. Gelukkig is het wél haalbaar met hulp. Net zo goed als je bijles zou volgen voor wiskunde op de middelbare school als je daar een voldoende in wil halen op je examen. Maak er dan ook gebruik van.

Schaamte en schuld

Voorkomen van escalaties in de opvoeding kun je niet. Dat is een utopie. Laat je niet misleiden door de zoete Amerikaanse Hollywood settings, waarin er geen vuiltje aan de lucht lijkt en alles op rolletjes lijkt te lopen. In elk gezin zijn wel eens botsingen. Dat brengt schaamte en schuldgevoelens mee, gevoelens waar moeilijk mee om is te gaan. Het knaagt en schaadt de relatie. De reden waarom we ons zo voelen, heeft natuurlijk wel een functie: het maakt ons bewust van het feit dat deze manier van omgaan met elkaar niet wenselijk is, en dat verandering noodzakelijk is.

Herstel van de relatie

Een goede relatie is niet een relatie zonder conflicten. Het is een relatie waarin er sprake is van een aaneenschakeling van match en mismatch. Wanneer het misloopt met je kind, is er een mismatch. Blijkbaar sluiten jij en je kind op dat moment niet goed aan. Kan gebeuren. Je koelt af, loopt weg, probeert op je tong te bijten en geeft het stokje tijdelijk door aan een ander. Als de rust voldoende terug is, is het tijd voor herstel. En dit is het sleutelwoord: herstel. Je komt terug bij je kind, en als je een beetje ballen hebt als ouder, maak je je excuses. Je benoemt jouw gedrag, wat jou zo boos maakte en dat het onnodig was. Dat het niet aan je kind als persoon lag. Maar dat het gedrag van je kind een bepaalde reactie bij je opriep. Dit is een essentieel verschil.

Op zoek naar verbinding

Vervolgens geef je aan: laten we opnieuw beginnen. Kunnen we samen een oplossing bedenken, wil je er nog iets over kwijt, of zullen we kijken hoe we het anders kunnen doen volgende keer? Afhankelijk van de leeftijd van je kind maak je het langer of korter. De essentie zit hem in het duidelijk afsluiten van een voorval en het opnieuw beginnen. Dat is de match. Het punt waarop het weer klikt met je kind en elkaar een knuffel kan geven en de positieve gevoelens langzaam beginnen terug te stromen. Natuurlijk is het fijn als dit zo snel mogelijk na het voorval kan, maar het is nog veel belangrijker dát het gebeurt. Nogmaals: herstel is het sleutelwoord. Daarmee leg je verbinding en kun je verder bouwen op de relatie.

Hand in eigen boezem

Natuurlijk is voorkomen beter dan genezen. Het is altijd fijn als je strategieën kent waarmee je zoveel mogelijk mijnen uit de weg ruimt. Maar het is ook wel eens fijn om te horen dat het niet altijd een ramp of een falen is, als het tóch misloopt. We zijn tegenwoordig zo streng voor elkaar. Er ligt zo´n hoge verwachting en anderen bekritiseren is zo makkelijk. Maar laten we ook eens eerlijk zijn, hand in eigen boezem steken, en toegeven dat het niet altijd goed loopt, dat je fout zat, en dat je ook maar mens bent. Dat je durft toe te geven, en toont dat je het belangrijk vindt om te werken aan verandering, dat is voor een kind 1000x waardevoller dan de schijn ophouden voor de buitenwereld. Daar leert het niks van.

 

 

Loedermoeder!? Of gewoon een ouder?

Loedermoeder!? Of gewoon een ouder?

Omdat je als opvoeder altijd wel ergens tekort schiet

Ik moet iets bekennen. Al sinds ik moeder ben, en vooral sinds de kinderen naar school gaan gaat er iets mis. Ik heb me er inmiddels maar bij neergelegd, want ik krijg het gewoon niet voor elkaar om alles te bolwerken. Met één kind was het nog redelijk overzichtelijk. Als er dan een vraag van de peuterspeelzaal kwam, dan kon ik het nog betrekkelijk rustig in mijn agenda noteren, en had ik die activiteit als enige focuspunt. Inmiddels zijn er twee kinderen en tig activiteiten bijgekomen, en is het eind zoek.

Mosterd na de maaltijd

Ja, ik ben zo’n moeder die altijd veel te laat de gymschoenen heeft gekocht voor het nieuwe schooljaar. Die als mosterd na de maaltijd inschrijfformulieren voor voorleesfeestjes na de betreffende datum uit de schooltas vist en die slechts op het nippertje de cadeautjes voor kinderfeestjes heeft gekocht. Ik krijg het gewoon niet voor elkaar.

De ‘naschoolse activiteiten’

Het is niet alleen school, het is alles wat daarbij komt kijken: koffieochtenden, knutselactiviteiten, kijkochtenden, helpen met de versiering, lege potjes inleveren, maaltijden bereiden voor de eindejaarsmaaltijd, gesprekjes over de voortgang, speelafspraakjes met kinderen, geleende sokken teruggeven, zoekgeraakte bekers weer boven water krijgen, na een half jaar te horen krijgen dat je dochter al die tijd in d’r ondergoed gymt omdat ze haar gymspullen (alweer) zo lang kwijt is, schrijven van Sinterklaasgedichten en maken van surprises, het regelen van een kerstmuts voor een kooroptreden, het aantrekken van een foute kersttrui voor de middelste op foute kersttruiendag…

Hoe doen jullie dat!?

Ik kijk altijd met grote ogen naar andere ouders die voor mijn gevoel altijd zo georganiseerd zijn. Die netjes met volle tassen – uitgespoelde! – lege potjes naar school komen voor een of andere kerstactiviteit, hun kinderen met twee dezelfde sokken (waar blijven alle sokken in vredesnaam!) aan en nette vlechten in hun haar. Ik sta al om 6u op, maar helaas kan ik toch lang niet alles afvinken van deze lijst.

De clubjes, sport, afspraakjes…

Maar het is niet alleen school. Het gaat nog veel verder. Na school zijn er de sportclubs: turnen, zwemles, korfbal… Er gaan ik weet niet hoeveel nieuwsbrieven en andere meldingen de deur uit per week. Of er geholpen kan worden met…, wie er beschikbaar is op…, welke tijd gaat de voorkeur naar uit, het is de laatste week om het wedstrijd pakje te betalen, welke maat heeft uw zoon, deze week krijgt uw kind een boekje mee voor de grote clubactie, en de week erop krijgt mijn andere kind een formulier om zoveel mogelijk speculaaspoppen te verkopen.

De dooddoener: het is druk

Komt erop neer dat dat spaarboekje bij het oud papier is beland, het geld voor het pakje pas een week later kwam, we dit jaar geen speculaaspoppen hadden en mijn dochter stelselmatig vergat om haar koorboekje mee te nemen als ze moest oefenen. We hadden het immers nogal druk met het begeleiden van het maken van de surprise, en in navolging daarvan, met het weghalen van alle bruine verf op zo mogelijk alle objecten in diezelfde ruimte. Alsof ze de verf in een centrifuge hadden gestopt.

Kiezen

Misschien is het een gebrek aan organisatorisch vermogen. Vast wel, het kan vast beter. Maar het lukt me niet. Het is gewoon niet mijn talent, en met zoveel andere zaken die ook de aandacht vragen heb ik het gevoel dat je keuzes moet maken. Je kunt immers niet overál aan denken, als er zoveel van je verwacht en gevraagd wordt. Wil niet zeggen dat ik het onbelangrijk of stom vindt, wat er allemaal wordt gedaan voor en met de kinderen. Maar het betekent voor mij simpelweg dat ik niet overal aan mee kan doen. Kiezen betekent dat je de dingen waar je niet voor kiest, tekort doet.

Niet perfect

Dat is een lastig gevoel in onze prestatiegerichte maatschappij, waarin alles maar beter, sneller en meer moet. Toch is precies dát het gevoel dat steeds in het ouderschap ook naar voren komt, en waar veel ouders moeite mee hebben. Probeer alle ‘verwachtingen’ die aan ons als ouders of als gezin worden gesteld daarom te zien als mogelijkheden, in plaats van verplichtingen. Wat vind jij belangrijk als ouder en waar denk je dat je kind zich het fijnst bij voelt? Zet dáár op in, en dan kristalliseren de andere zaken zich vanzelf meer uit.

Ouderschap is soms geen feestje!

Ouderschap is soms geen feestje!

Moeder zijn is keihard werken

“Jij bent de enige, echt de enige, die durft toe te geven dat het ouderschap niet alleen maar rozengeur en maneschijn is. De enige! In mijn hele omgeving is er niemand die dat ook maar een beetje laat blijken. Al die tijd heb ik in de veronderstelling geleefd dat ik het fout deed, dat het aan mij lag. Dat het alleen maar bij mij mis ging. Dat ik dat echt niet kon, moeder zijn.”

Dit zei een moeder een tijdje terug tegen me. Ze had mijn blogs gelezen en het was volgens haar een verademing. Ik, aan de andere kant, wist niet wat ik hóórde! Wat zeg je nou, hebben jullie het er dan niet onderling over? Is er geen openheid tussen ouders onderling of tussen vrienden? Nee, deze moeder gaf aan dat er een taboe heerst over ouderschap. Blijkbaar mag er niet over moeilijkheden of onzekerheden gepraat worden. Ik was geschokt!

 

Taboe over opvoeden

Maar het motiveerde me enorm om met mijn schrijven door te gaan. Al heel lang merk ik dat er online een schroom bestaat om te reageren, maar offline krijg ik des te meer reacties. Via via hoor ik dat er over wordt gesproken en soms spreken vreemden mij er ineens op aan. Dat is fijn, want mijn doel is júist om het taboe te doorbreken. Ik doe vrijwel niet anders: op mijn werk praat ik dagelijks over het ouderschap, hoe pittig dit is, en hoe moeilijk het soms lijkt om het goed te doen. En tegelijkertijd hoe belangrijk het ook is om vooral dicht bij jezelf te blijven en je eigen intuïtie te volgen.

 

Wanneer doe je het goed?

Blijkbaar is er in onze maatschappij zóveel aan informatie beschikbaar, dat er door de bomen het bos niet meer wordt gezien. Tegenstrijdige berichten van Jan en Alleman die er een mening over hebben, mensen die zich ‘expert’ noemen of ‘ervaringsdeskundige’ met twijfelachtige achtergronden, maar wel zeer invloedrijk zijn op bijvoorbeeld social media. Ik snap de onzekerheid van ouders, want wanneer weet je nou wat je moet geloven?

 

Vertrouwen op je intuïtie

Dezelfde moeder gaf aan dat zij zo in de war was gebracht, dat zij zelfs een tijd heeft gehad dat zij niet meer naar haar intuïtie luisterde. In dit geval hechtte zij teveel waarde aan haar omgeving, die had geroepen dat ouders te snel aan de bel trokken, te snel bij de huisarts zaten en wilde zij vooral niet als ‘aansteller’ gezien worden. Hierdoor wachtte zij langer dan gebruikelijk met naar de huisarts gaan, waar later bleek dat haar kindje wel degelijk erg ziek was.

 

Natuurlijk ouderschap

Meer dan eens voer ik met ouders het gesprek hierover, want gelukkig is ouderschap in de basis iets heel natuurlijks. Het is niet zo dat je vanzelfsprekend alles goed doet als ouder, maar dat is gelukkig ook niet nodig. Sterker nog, wanneer wij over ‘goed’ ouderschap praten (voor zover je zoïets complex in een hokje kunt duwen), is maar zo’n 30% van ons handelen afgestemd op onze kinderen. En dat is voldoende. In de praktijk betekent het, dat je als ouder vaak intuïtief aanvoelt dat er iets met je kindje is, of wat er met je kind is.

 

Jij bent de expert!

Niet ik ben de expert als het om opvoeden gaat, maar jij. Jij, want jij bent de ouder. Jij kent je kind al vanaf de geboorte, of misschien zelfs al eerder, tijdens de zwangerschap. Jij staat het dichtst bij de ontwikkeling, hebt het meeste meegemaakt, gezien en ervaren met je kind. Je groeit met je kind mee, en je kind is een deel van jou, en om die reden zou ik het nooit beter kunnen doen dan jij. Wanneer ouders bij me komen, soms ten einde raad, en iets zeggen in de trant van “ja, zeg jij het maar, jij hebt ervoor geleerd”, is het daarom altijd nodig dit idee bij te stellen.

 

Samen kijken wat nodig is

Wat ik doe, is enkel van een afstand (die je als ouder logischerwijs niet hebt) helpen met het teruggeven van wat ik zie, het helpen reflecteren, het stellen van vragen waarop de ouder zélf een antwoord mag geven, die leidt tot meer inzicht. Jij als ouder mag de betekenis geven aan dit alles. Natuurlijk geef ik wel adviezen, of leg ik dingen uit, maar is niet de essentie. Mijn doel van deze gesprekken is leren om ouders te laten vertrouwen op hun intuïtie. Op hun oerinstinct. En samen, als team, kunnen we vervolgens kijken wat jij of kind nodig hebben om goed verder te ontwikkelen.

 

Open over opvoeden

Blijkbaar mag ik mij gelukkig prijzen dat ik vrienden om me heen heb, waarin er veel openheid is. We plakken onze kinderen wekelijks onder denkbeeldig behang of zetten ze op marktplaats in de categorie gratis af te halen. Wekelijks praten we over hoe pittig het is, dat moeder zijn. En we snakken meerdere keren per jaar naar een escape, even een weekendje vrij van al dat ‘gemoeder’. Helaas is de praktijk dat dat weekendje vrij hooguit 1x per jaar is. Want ook dat is het leven: het zorgen gaat maar door en door.

 

Schone schijn ophouden

Laatst sprak ik weer af met vrienden, en één van hen vertelde dat mijn artikel was gelezen door een vriendin van een vriendin (etc.) die het zo fijn vond om te lezen dat er eens ‘gewoon’ werd geschreven over kinderen. Dat ze soms het bloed onder je nagels vandaan halen en je tot wanhoop drijven. Het was in haar omgeving, tussen vrienden, op het schoolplein, langs het sportveld, totaal geen gespreksonderwerp. Sterker nog, het werd keihard ontkent! Alle ouders die zij sprak, deden voorkomen alsof hun kinderen nooit onderling ruzie maakten of op een andere manier niet voorbeeldig waren.

 

Opvoeden is keihard werken!

Waarom maken wij het elkaar als ouders zo moeilijk? Waarom zijn we zo hard voor elkaar en houden we die schone schijn op? Want natuurlijk is dat complete lariekoek. Opvoeden kan ontzettend leuk zijn en ja, ‘je krijgt er zoveel voor terug’, maar bovenal is het gewoon keihard werken. Je leven draait zeker de eerste jaren compleet om de kleintjes en al je eigen dingen moet je daar maar omheen passen. Niet zo gek dat veel ouders heel blij zijn als hun kroost op bed ligt en zij uitgeblust op de bank neer kunnen ploffen.

 

Je bent niet de enige

Bij deze wil ik daarom een oproep doen aan alle ouders: wees eens gewoon eerlijk naar jezelf en anderen. Het scheelt zoveel onzekerheid, zoveel verdriet en faalgevoelens, wat in stand wordt gehouden door voor mij onbekende redenen. Laten we voortaan gewoon zeggen hoe het is en een beetje lief voor elkaar zijn. Want uit ervaring weet ik hoe fijn dat is. De herkenning bij anderen: ‘gelukkig, ik ben niet de enige’. Want je bent echt niet de enige.

 

Review: “opvoeden doe je met je brein”

Review: “opvoeden doe je met je brein”

Een schat aan informatie over opvoeden

“Het is alweer veel te lang geleden dat ik een review schreef over een boek. Het was zelfs een goed voornemen van me om meer reviews te schrijven (en dus meer boeken te lezen), maar in een gezin met 3 kinderen is lezen een absolute luxe die als één van de eerste zaken van de lijst verdwijnt. Er is simpelweg teveel te doen.

Maar toch is het me gelukt het boek “opvoeden doe je met je brein” uit te lezen. En dat heeft me behoorlijk wat uurtjes gekost. Het is een flinke kluif om je hier doorheen te lezen, hoewel de voorkant dat absoluut niet doet vermoeden.”

Inzicht in ouderschap

Ondanks dat is het een absolute aanwinst voor mijn boekenkast en haal ik héél veel theorie uit dit boek die ik gebruik in mijn praktijk met cliënten. Ik raad hem niet zo snel aan, omdat het hele technische en moeilijke materie is, maar áls je hem hebt door weten te ploeteren, heb je een schat aan hele belangrijke informatie en begrijp je eigenlijk alles wat ik probeer uit te dragen als hulpverlener ineens een stuk beter.

 

De feiten

  • Titel: Opvoeden doe je met je brein. Wat de neurowetenschap je leert over een hechte band met je kind.
  • Auters: Daniel Hughes en Jonathan Baylin
  • Uitgever: Hogrefe
  • Publicatiedatum: 2014
  • Aantal pagina’s: 222
  • Prijs: €24,95

 

Algemeen

Het boek zegt geschreven te zijn voor alle ouders en in tweede instantie voor hulpverleners. Ik deel deze mening niet: het is voor ouders geen makkelijke materie en ik denk juist dat het literatuur is die veel meer hulpverleners die met kinderen werken zich eigen zou moeten maken, omdat het zal leiden tot veel meer inzicht en begrip van problemen in de opvoeding van kinderen.

boek review opvoeden doe je met je brein stress geblokkeerde zorg ouderschap ouder-kindrelatie interactie met je kind opvoedproblemen

De pluspunten

  • De inhoud van dit boek vind ik van héle grote waarde. Ik ben ontzettend blij dat ik dit boek heb en gebruik hem intensief, om de stof zoveel mogelijk eigen te maken. Het geeft heel veel inzicht in het werken aan een goede ouder-kindrelatie, het begrijpen van je kind, het bijdragen aan gezonde hersenontwikkeling van je kind en het beter begrijpen van jezelf als ouder.
  • Wanneer je dit boek hebt gelezen, heb je veel meer begrip voor en acceptatie van hoe opvoedingssituaties lopen en ook veel meer tools en mogelijkheden in handen om hier vervolgens op te reageren.
  • Het is naar mijn idee echt basisliteratuur voor elke therapeut (in opleiding) die met kinderen en/of ouders werkt. Dit vormt de basis van (het voorkomen en begrijpen van) heel veel andere problematiek en pakt de situatie bij de kern aan.
  • Alles wat wordt uitgelegd over de ouder-kindrelatie, wat hierin mis kan gaan en wat je er aan kunt doen, wordt onderbouwd met hersenonderzoek. Zo wordt inzichtelijk dat je echt verschil kunt maken in de ontwikkeling van de hersenen van je kind.

 

De minpunten

  • Met stip op nummer 1: het is erg moeilijk. Ik ben behoorlijk ingelezen in de stof, maar moest echt al mijn aandacht erbij houden om goed te begrijpen wat er wordt bedoeld. Het is echt geen huis, tuin en keukenboek dat je even wegleest.
  • Voor mijn gevoel wilden de auteurs teveel in te weinig tijd zeggen. En dat is best begrijpelijk: er zijn ontzettend mooie hersenonderzoeken waarin zo duidelijk wordt hoe essentieel het is om op een bepaalde manier om te gaan met kinderen, dat ze dat graag allemaal aan de orde laten komen. Maar de psychologie is zó breed, en er komen zóveel aspecten bij kijken, dat er nu af en toe doorheen wordt geracet. Ik kan me voorstellen dat dit soms meer vraagtekens oproept bij ouders.
  • Het is een droog boek. Het leest niet makkelijk weg, heeft veel vaktermen, lange teksten en weinig illustraties. Ook de opbouw draagt niet bij aan het beter weg lezen. Het is soms een beetje onduidelijk waar je je nu precies bevindt in het boek.

 

Eerste indruk

Het boek heeft een A5 formaat, een slappe kaft en oogt niet zo dik. Door de vrij simplistische, vrolijk gele voorkant, wordt de indruk gewekt dat het een makkelijk weg te lezen boekje is. De praktijk is echter anders. Het verbergt een schat aan informatie achter de voorkant. Door mijn veelvuldig en intensief gebruik, wordt het boek snel afgeleefd: ezelsoortjes, wat vouwen in de kaft, etc. Het papier is gebleekt papier, zonder opsmuk in de lay out. Er is veel witruimte om de tekst heen, wat ik prettig vindt, want dan kan ik zelf aantekeningen maken in de kantlijn. Er zitten weinig afbeeldingen in het boek en soms forse lappen tekst.

review opvoeden doe je met je brein hersenontwikkeling neuropsychologie brein kinderen ontwikkeling opvoeding ouderschap ouders kinderen problemen

Opbouw van het boek

Dit is één van de minpunten van dit boek: ik mis een duidelijk opbouw, waardoor het terugzoeken van bepaalde informatie lastiger wordt. Het boek begint met een theoretische uitleg over de ontwikkeling van de hersenen van jonge kinderen. Dit is als het ware de noodzakelijke opstap naar de rest van het boek. Het tweede hoofdstuk richt zich op de domeinen van het ouderschap die nodig zijn om je kind op te voeden. Het derde hoofdstuk legt uit wat er mis kan gaan in elk van deze vijf domeinen van ouderschap. De auteurs spreken dan van geblokkeerde zorg. De schrijvers promoten een bepaalde handelswijze in de opvoeding van kinderen. Kortweg SANE, wat een afkorting is van de begrippen Speelsheid, Acceptatie, Nieuwsgierigheid en Empathie. Deze wordt in de hoofdstukken hierna verder uitgelegd. Deze hoofdstukken zijn ook wat makkelijker om te lezen: ze bevatten af en toe uitgeschreven dialogen tussen een therapeut en een ouder.

 

Vertaalslag naar de praktijk

Dit boek nodigt uit tot een vervolg. Ik word er persoonlijk heel enthousiast van, omdat ik voel hoe belangrijk deze informatie is, en hoeveel verschil het kan maken voor ouders in de opvoeding, wanneer ze dit goed begrijpen. Ik voel dan ook de behoefte om deze vertaalslag te maken. Allereerst doe ik dat al in gesprekken met ouders, waarin ik aan de hand van door hen aangedragen voorbeelden, een koppeling maak naar de theorie uit dit boek. Later, wanneer ik mijn eigen praktijk draai op eigen locatie, wil ik lezingen gaan geven over deze onderwerpen. In de tussentijd wil ik vooral schrijven, uitleg geven en begrippen uit dit boek toelichten.  Om een vertaalslag te maken naar de praktijk, zodat de gemiddelde ouder ook snapt waar het over gaat en het behapbaar is. Zodat het praktisch en concreet wordt en je ermee aan de slag kan. Dus volg vooral mijn blog als je meer wilt lezen.

 

Conclusie

Werk je zelf met kinderen of houd je wel van een uitdagend boek wat je wereld zal verrijken? Neem dan de proef op de som en duik in dit boek. Ik raad je aan vooral aantekeningen voor jezelf te maken en de tijd te nemen om te snappen wat er wordt beschreven. Ik ben heel benieuwd hoe jullie ervaringen zijn na het lezen van dit boek en hoor het graag van je terug!

Goed genoeg ouder

Goed genoeg ouder

Deze is voor alle mama’s (en papa’s) bij wie het af en toe boven hun hoofd groeit. Voor iedereen die deze frustraties, irritaties en aaneenschakeling van stressmomentjes en brandjes blussen herkent. I feel you. Je bent niet alleen. Het is een fase. Hou vol, het wordt weer leuk. Echt. 

De dagelijkse praktijk

Je hoopt, als je ze de avond ervoor om 22.00u nog uit bed hebt gehaald om naar het vuurwerk te kijken van Koningsdag, dat ze misschien net even wat langer doorslapen. Helaas blijkt hun hardware toch echt anders geprogrammeerd. Hoewel Steef op muizenvoeten door het huis liep, hoorde ik al snel het bekende ‘mamaaa!’ uit de kamer van de jongste komen.

7.00u

Een vluchtige blik op mijn klok laat me weten dat ze het maar liefst tot 7u hebben gerekt. En zodra de guppen hier wakker zijn, is het het full focus en in de hoogste versnelling de dag in racen. “Mam, ik ben doorgelekt”, is één van de eerste boodschappen die ochtend. Nog voor we aan de ontbijttafel zitten, draait de eerste was dus al. Vervolgens zie ik mijn jongste het eten uit het bakje van Steef kijken. Ik besluit pap te maken voor ze.

Maar dat voornemen betekent wel dat ik in de keuken verschillende bananen moet prakken, appels moet schillen, melk moet warmen, etc. En dus even geen zicht heb op wat er in de woonkamer gebeurt. Terwijl ik mijn aandacht verdeel over 4 grote kommen, hoor ik ongeduldige kreten uit de andere kamer opstijgen. Het kan ze niet snel genoeg gaan.

7.20u

Als ik tenslotte als laatste aan tafel schuif, wordt er om drinken gevraagd. Nu Meia en Fosse al klaar zijn met hun pap, vraag ik of ze dat zelf even willen pakken. Als ze terugkomen, is er ruzie ontstaan over welke beker voor wie is, en gaat er in het doorgeven van de bekers pal voor mijn neus een volle beker melk omver. Zuchtend help ik de kinderen mee met opruimen en gooi ik de natte placemats in de was, om mijn ontbijt daarna te vervolgen.

Intussen is de rest al van tafel en wordt er uit allerhande kasten materiaal gehaald voor hun speelplannen. Fosse komt terug en vraagt om fruit. Na een grote kom pap met een banaan erin vind ik dat eigenlijk overbodig, maar de peren moeten op, dus ik geef aan dat hij een peer mag pakken. Blijkbaar had hij zijn zinnen op iets anders gezet, want hij begint boos te huilen dat hij geen peer wil.

7.45u

Ik haal de ontbijtspullen van tafel, waarbij ik zo goed mogelijk nadenk welke spullen in als eerste naar de keuken breng. Waarom? Omdat Signe de vervelende gewoonte heeft om bovenop de eettafel te klimmen en zich een weg te banen tussen de zoete beleg en half leeggedronken melkbekers. Daarom ruim ik in volgorde van prioriteit de volgende zaken op:

  • halfvolle bekers, pakken drinken
  • pakken hagelslag/vlokken/ander los materiaal
  • andere zaken die open zijn waar eetbare spullen uit gehaald kunnen worden zoals vleeswaren

8.00u

Terwijl ik nog steeds in mijn pyjama rondloop, probeer ik de kinderen te laten aankleden, tanden poetsen, haren kammen, wassen, etc. Net als in elk ander gezin (tenminste, dat hoop ik althans een beetje), gaat dit gepaard met de nodige aansporingen. Vooral Meia ergert zich behoorlijk aan mijn gezeur waarmee haar spel wordt onderbroken. Ze is nogal van het multitasken. Zo besloot ze vanmorgen dat ze met haar tandenborstel in haar mond prima de kaplablokjes kon aangeven aan Fosse.

8.20u

Toen de grootste klappers waren gemaakt in de start van de ochtend, en de meest voor de hand liggende risico’s waren ingedekt wat betreft Signes mogelijke streken, besloot ik dat ik het erop kon wagen: douchen. Het is altijd een moment van ‘fingers crossed’ en zo snel mogelijk zijn. Terwijl ik me in sneltreinvaart had uitgekleed, kwam Fosse naar me toe om zich te beklagen dat hij geen onderbroek en hemd had. Deze had ik hem een kwartier geleden al aangegeven, maar blijkbaar was hij kwijt dat hij deze in een soort Chinese dans door de kamer had geslingerd tijdens het ‘aankleden’. Snel dook ik in mijn badjas en ging op jacht naar zijn ondergoed, waarna ik mijn poging tot douchen weer oppakte.

Het duurde welgeteld 2 volle minuten voor ik alweer een boze schreeuw hoorde. “Gaat alles goed!?” riep ik met een mengeling van hoop en vrees met de deur op een kier. Er klonk inmiddels alweer gepraat op rustige toon. Vals alarm gelukkig. Na een hele minuut in volledige ontspanning te hebben gedoucht, werd de deur geopend door de nieuwsgierige jongste telg. Een koude luchtstroom walmt direct naar binnen, en ik besluit dat langer douchen vrijwel kansloos is. Signe verdwijnt, de deur wagenwijd open latend, om na 2 tellen weer terug te komen met een handdoek. Superschattig! Maar direct slaat ook de twijfel toe: hoe komt ze aan een handdoek?

8.35u

Gedoucht en aangekleed, neem ik direct poolshoogte bij de kinderen. Ik tref een stapel door elkaar gegooide handdoeken aan op de tafel. Tot zover onze inspanningen om alles netjes opgevouwen in de kast te houden. Als ik de hal in loop, breek ik bijna mijn nek over mini-boodschappen. Eenmaal in de kamer van Meia en Fosse blijken ze gezellig winkeltje aan het spelen, waarbij ze het nodig vonden schoon servies uit de kast te halen. Prima, zolang jullie het straks maar terugzetten, druk ik ze op het hart.

8.45u

De vaat heeft zich inmiddels opgestapeld, en ik moet echt even gaan afwassen. De wasmachine is klaar en moet leeggehaald worden en ik moet nog mijn haren een beetje fatsoeneren. Oh, en nu schakelt het koffiezetapparaat uit: dit doet hij na een uur automatisch. Ik heb nog niet eens koffie op. Terwijl ik hem weer aanzet en alvast melk opwarm in de magnetron, begin ik met de afwas. Ineens zie ik na een tijdje dat Signe de bingomolen uit een kast heeft gehaald en de kleine balletjes en fishes door de kamer laat rollen. Met het sop tot aan mijn ellebogen ren ik de kamer binnen en roep bezorgd dat de bingomolen direct moet worden opgeruimd: die balletjes zijn super gevaarlijk voor Signe!

9.15u

De afwas is klaar, de melk overgekookt en vervolgens afgekoeld. Ik stop een nieuwe was in de machine en zie dat Meia nog steeds haar haren nog niet heeft gekamd. Ze reageert mokkig, draait haar rug naar me toe en zegt boos dat ze niet wil. Terwijl ik zo goed en zo kwaad als het gaat probeer deze bui te pareren, besluit Fosse buiten te gaan spelen en heeft Signe een poepbroek.

9.30u

Ik ben nog net op tijd voor het koffiezetapparaat voor de tweede keer uitschakelt. Meia heeft intussen eieren voor haar geld gekozen en haar haren gekamd, Signe is gewassen en aangekleed en ik ga, eindelijk, met mijn koffie aan tafel zitten. Ik heb de stille hoop dat de kinderen, die intussen lief samen spelen op hun kamer, even blijven spelen zodat ik in stilte kan genieten van mijn koffie. Het duurt niet lang. Het is alsof ze voelen dat je overweegt een moment voor jezelf te hebben. Binnen no-time staan Fosse en Signe naast me, met grote blauwe ogen, en vragen om ‘koffie’ (opgeschuimde melk met cacao).

Conclusie?

Gister nog las ik dat ouderschap een groot beroep doet op jezelf als mens. Het betekent een constante mindset van je eigen behoeften opzij schuiven en constante focus op de kinderen. Het is pittig en vermoeiend, en soms wil je er even aan ontsnappen. Ik verschil daarin niet van andere ouders. Het is een kunst om hierin de balans te vinden tussen het leuk hebben met elkaar en doen wat er moet gebeuren. En die balans is soms zoek. Dat is niet erg, dat is het leven. Als ouder hoef je het niet altijd goed te doen. Als het maar goed genoeg is.

Top 10 opvoedingsvaardigheden

Top 10 opvoedingsvaardigheden

Ouders onder de loep

Een tijdje terug stond er in een tijdschrift een top 10 van opvoedingsvaardigheden. Deze waren in volgorde van belangrijkheid gerangschikt naar aanleiding van een online vragenlijst die is ingevuld door ouders. Hoewel de vaardigheden vrij algemeen zijn, geven ze wel een indruk van waar ouders op kunnen letten in de omgang met hun kinderen. Er is bovendien ook gekeken naar de beste toekomstvoorspellers: hoe meer van onderstaande vaardigheden, hoe beter het over het algemeen gaat met een kind. Bijvoorbeeld qua gezondheid, qua opleiding of welzijn.

Emotioneel betrokken

Een kanttekening bij dit soort onderzoeken vind ik dat het wordt ingevuld door ouders zelf. Er wordt vanuit gegaan dat ouders hun eigen opvoedingsvaardigheden goed kunnen inschatten, terwijl dit naar mijn idee per definitie niet kan, omdat je als ouder te emotioneel betrokken bent bij je kind. Reflecteren op jezelf is dan lastig, want je wilt als ouder niet falen. De ouders van tegenwoordig hebben de lat erg hoog liggen, en zich kwetsbaar opstellen in de opvoeding is zeker geen vanzelfsprekendheid.

Daarom is onderstaand lijstje zeker geen vastliggend regime. Het lijstje is bovendien zó algemeen, dat nog niet duidelijk is wát je dan precies beter wel of niet kunt doen als ouder om een betere band met je kind te krijgen. Om die reden probeer ik hier en daar een toelichting te geven. Soms vragen onderwerpen om een vervolgartikeltje. Ik hoor graag welke informatie jij nog mist.

1. Liefde

Een inkoppertje natuurlijk. Maar daarom niet minder waar. Maar wat is liefde en genegenheid nou precies? Hoe weet je wat goed is voor je kind? Het gaat hier bijvoorbeeld om (veel) lichamelijk contact, knuffelen, samen tijd doorbrengen, genegenheid… Maar er zijn nog veel meer genuanceerde en meer ingewikkelde aspecten van ‘liefde’ waar het hier om gaat. Interessant om een ander keertje op door te borduren.

2. Minder stress

Ja, één van mijn goede voornemens voor 2017. Want ik heb aan den lijven ondervonden hoe vervelend het is om stress in je lijf te hebben en deze mee naar huis te nemen. Mijn gezin is dan ongevraagd de dupe van mijn drukte in mijn hoofd. Het beter leren omgaan met stress is daarom voor mij, en voor alle ouders in het algemeen, een belangrijke vaardigheid als ouder. Dit kan bijvoorbeeld door jezelf ontspanningsoefeningen aan te leren, anders te leren denken of te oefenen met mindfulness, zo zegt het onderzoek. Kalm blijven, is het credo. Maar voordat dát lukt, is het naar mijn idee vooral heel erg belangrijk om de bron van de stress aan te pakken: wat ligt er binnen je mogelijkheden, dat je kunt veranderen? Wat zou er anders gaan op het moment dat je minder stress had? Door een stukje zelfonderzoek, kom je ook bij de oplossing om beter met de stress om te gaan. Het gevoel dat je zélf iets kunt doen aan je situatie, geeft een gevoel van controle, macht, invloed. Dit is het tegengif voor stress, als je het mij vraagt.

3. Goede relatie

Eentje die je misschien niet direct in het lijstje van sterke opvoedingsvaardigheden zou verwachten: een goede relatie hebben met je man/vrouw/partner. Het komt echter uit heel veel onderzoeken naar voren: kinderen zijn loyaal aan beide ouders en houden van hun ouders het allermeest van iedereen ter wereld. Ze willen daarom dat deze belangrijke mensen ook lief voor elkaar zijn. Ruzie tussen ouders, is voor kinderen daarom zeer ingrijpend en beangstigend. Niet voor niets is het stijgende aantal (echt)scheidingen tussen ouders en de echtelijke ruzies in het bijzijn van kinderen zo’n grote zorg. Niet voor niets spreken wij van echtscheidingstrauma’s en vechtscheidingen, waarin kinderen voor hun leven getekend worden door de slechte relatie tussen de ouders. Kinderen willen een sterk ouderpaar, het geeft veiligheid, een veilige haven om naar terug te keren in momenten dat ze steun nodig hebben. Deze mag, in de ogen van kinderen, niet wankelen. Wanneer er woorden zijn, is het daarom goed dit zoveel mogelijk buiten de kinderen te houden. Wanneer dit niet lukt, is het belangrijk de voorbeeldfunctie in acht te nemen die ouders hebben. Wij leren onze kinderen te delen, rekening te houden met elkaar, compromissen te sluiten, op vriendelijke manier te overleggen, het goed te maken als het even mis ging, woorden te gebruiken in plaats van agressie. Houd je daar dan als ouders vooral ook aan.

4. Zelfstandigheid stimuleren

Een waarde die in de opvoeding van onze kinderen ook hoog in het vaandel staat. En wat leuk om terug te lezen dat dit ook een veel gedeelde waarde is bij de meeste ouders, die bovendien ook goed blijkt te zijn voor je kind. Als je aan ouders vraagt “wat is opvoeden”, antwoorden veel mensen ook met iets in de trant van “het tot zelfstandigheid brengen van je kind”. Bijvoorbeeld op school wordt dit ook gestimuleerd, in sommige ‘stromingen’ is het zelfs één van de pijlers van het onderwijs (Dalton, Montessori). Als ouder is er dus niks mis mee om je kind aan te moedigen dingen zelf te proberen en met respect te benaderen in zijn pogingen. Ook al duurt dit vaak (veel) langer of is het één grote troep in je keuken na zo’n poging. In het opgroeien van kinderen kom je in bepaalde fases waarin ook des te meer duidelijk wordt dat je kind een natuurlijke neiging heeft om zelfstandig en autonoom te worden. De peuterpuberteit bijvoorbeeld, waarin ‘zelluf doen’ en ‘ik ben 2 en ik zeg nee’ hoogtij vieren. Ook in de tienertijd oefent je kind steeds meer en vaker met het nemen van verantwoordelijkheid. Aansluiten op deze natuurlijke ontwikkelingsbehoeften, daar doe je dus goed aan als ouder.

5. Opleiding

Dit is een punt, die misschien een wat wrange bijsmaak kan geven. De tigermoms, pushende moeders of ouders die hun eigen wensen op hun kinderen projecteren ten koste van hun kroost… dat zijn bepaald geen charmante voorbeelden van het aanmoedigen in het leren en studeren. Uit dit onderzoek blijkt echter dat het scheppen van alle mogelijkheden om te leren en te studeren en je kind hierin stimuleren, wél een positief effect heeft op zijn welzijn. Waar dit nu precies mee te maken heeft, is mij nog niet geheel duidelijk. Het is wel bekend dat hoger opgeleide ouders over het algemeen minder problemen ervaren binnen de opvoeding. Misschien doordat zij zich meer verdiepen in de opvoedingsvaardigheden. Het is in ieder geval een beschermende factor binnen de opvoeding. Waar ik zelf wél voorstander van ben, is dat je kind, waar mogelijk, de ruimte krijgt voor zelfontplooiing. Om te blijven leren en ontwikkelen, niet om tot prestaties te komen, maar om zélf een gelukkiger mens te worden. Voor mijn gevoel is het dan vooral heel belangrijk dat je als ouder de interesses van je kind serieus neemt en je kind in zijn ontwikkeling volgt. Dat betekent dus ook dat je je kind de kans en gelegenheid geeft om op zijn bek te gaan, om het oneerbiedig uit te drukken. Want alleen op die manier leert het wat het werkelijk wil, leuk vindt, kan, of juist niet. Het betekent ook, dat je als ouder op je handen moet zitten, op je tong moet bijten en jezelf moet inhouden in je impulsen om je kind te beschermen voor tegenslagen, mislukkingen of andere teleurstellingen.

6. Vooruit plannen

Ook eentje die je niet direct in de top 10 zou verwachten. Maar het werken naar je toekomstplaatje, je ideaal, je dromen en de lange termijn blijkt een belangrijke vaardigheid te zijn binnen de opvoeding. Als ouder draag je je steentje bij door in het onderhoud van je kind te voorzien, te sparen voor bijvoorbeeld studie, te zorgen voor stabiliteit in bijvoorbeeld huisvesting en een vast inkomen. En het samen met je kind nadenken over keuzes die je maakt. Dat begint al vroeg, met bijvoorbeeld zakgeld; iedere week opgeven aan snoepjes, of sparen voor een nieuwe radio? Een interessant thema waar soms te weinig bij wordt stil gestaan in onze snelle maatschappij, waarin iedereen gericht is op snel en direct geluk. Uitstel van behoeftebevrediging is voor veel kinderen daarom lastig.

7. Gedrag sturen

Nog een thema die bij mij een wat dubbel gevoel oproept. In de ‘standaard’ opvoedprogramma’s of cursussen staat gedragsverandering bij kinderen altijd op de onderwerpenlijst. Het is gebaseerd op de gedragstherapie, waarin wordt gewerkt met belonen van goed gedrag en negeren of bestraffen van slecht gedrag. Hiermee zou je gedrag kunnen sturen. Bij honden werkt dit inderdaad zo. Maar mensen zijn, sociaal en intelligent als ze zijn, véél complexer dan een simpel ABC schema, waarin er veel meer komt kijken dan alleen maar gedrag sturen. Steeds meer pedagogen komen dan ook terug van deze klassieke conditionering. Ook neuropsychologen, die zich verdiepen in de werking van de hersenen, zien dat er voor gedragsverandering veel meer nodig is. Wat er nodig is, gaat niet zozeer om het gedrag, maar speelt zich bijna altijd af in de relatie tussen ouder en kind, en gaat dus vooral om de communicatie. Ook een onderwerp die vraagt om een extra artikeltje.

8. Gezonde levensstijl

Een leuke, die past binnen de huidige maatschappij met veel aandacht voor gezondheid, voeding en beweging. Dat je zelf als ouder ook een voorbeeldfunctie hebt voor je kinderen, geldt bij dit punt ook weer extra. Als het voor je kind gewoon is dat er groente wordt gegeten, dat er samen aan tafel wordt gegeten, dat er op school aan gruiten wordt gedaan of dat ouders net als zij wekelijks sporten, is de kans dat je kind dit gedrag overneemt heel groot. De omgeving heeft een belangrijke invloed. Ouders die roken, hebben veel grotere kans dat hun kinderen ook gaan roken. Monkey see, monkey do. Tegenwoordig is het goed opletten op wat goed is voor de gezondheid van je kind een hele zoektocht geworden. Als je alleen al naar eten kijkt, zie je als consument soms door de bomen het bos niet meer. Het ‘ik kies bewust’ logo blijkt een wassen neus, rijstwafels blijken schadelijk te zijn voor kinderen en diksap heeft net zoveel suikers als gewone limonade. De vraag waar je goed aan doet, is niet zo eenvoudig te beantwoorden, zo blijkt. Een thema waar ik zeker nog op terug ga komen.

9. Religie

Ja, religie. Ik heb het wel vaker gezien in onderzoeken. Een religieuze of spirituele opvoeding kan zeker bijdragen aan het welzijn van je kind. Waar dat mee heeft te maken? Religie geeft vaak een stukje houvast, het biedt een terugkerende structuur en regelmaat in het leven, en kan zorgen voor zingeving en acceptatie van situaties waarover je bijvoorbeeld geen controle hebt. Ook als je niet religieus bent, kan spiritualiteit dezelfde effecten op het welzijn van je kind geven. Hoe je dat kunt toepassen in de opvoeding? Dat antwoord moet ik je schuldig blijven, maar misschien een leuk idee voor een gastblog van iemand die hier wél ervaring mee heeft?

10. Veiligheid

Safety first. Vooral in Amerika een (doorgeslagen) waarde, met een grote keerzijde. Teveel bezorgdheid kan benauwend en verstikkend werken. Het ontneemt je kind de kans fouten te maken en zelfstandigheid te ontwikkelen (zie punt 4). De overbezorgdheid zorgt doorgaans juist voor een slechtere relatie tussen ouder en kind, waarbij kinderen hun ouders zelfs als hypocriet ervaren en zich niet houden aan de aangeleerde veiligheidsmaatregelen. Maar niet voor niks staat veiligheid toch in de top 10 van opvoedingsvaardigheden. Want het nastreven van voldoende veiligheid voor je kind leidt namelijk tot goede gezondheid en het veilige gevoel bij je kind dat het de moeite waard is om naar om te kijken. Je kind merkt dat je als ouder een oogje in het zeil houdt, dat het je raakt als er iets aan de hand is met je kind. En door op te letten in de ontwikkeling van je kind, kun je (grote) problemen voorkomen, wanneer je kind bijvoorbeeld gevaren over het hoofd ziet of onvoldoende zelf in kan schatten.

Opvoeden kun je leren

Nu noemde ik al dat er wordt veronderstelt dat hoger opgeleide ouders zich meer verdiepen in opvoedingsvaardigheden. Het goede nieuws is echter dat eigenlijk elke ouder beter kan worden in verschillende opvoedingsvaardigheden. Sommige ouders zijn een natuurtalent, die hebben al zo’n goede basis van huis uit meegekregen, dat zij deze met gemak kunnen doorgeven aan hun eigen kinderen. En dan gaat het niet over opleidingsniveau, maar vooral over de emotionele ontwikkeling, over elementaire zaken als hechting en een goede ouder-kind relatie. Niet voor alle ouders is dat een gegeven. Dan is het fijn om te weten dat je wél kunt werken aan liefde, een goede communicatie of vergroten van zelfstandigheid. Want zo blijkt dat ouders die bijvoorbeeld een cursus hebben gevolgd of zich via therapie in de opvoeding hebben verdiept, betere resultaten hebben in de opvoeding van hun kleintjes.