Archief van
Tag: organiseren

Loedermoeder!? Of gewoon een ouder?

Loedermoeder!? Of gewoon een ouder?

Omdat je als opvoeder altijd wel ergens tekort schiet

Ik moet iets bekennen. Al sinds ik moeder ben, en vooral sinds de kinderen naar school gaan gaat er iets mis. Ik heb me er inmiddels maar bij neergelegd, want ik krijg het gewoon niet voor elkaar om alles te bolwerken. Met één kind was het nog redelijk overzichtelijk. Als er dan een vraag van de peuterspeelzaal kwam, dan kon ik het nog betrekkelijk rustig in mijn agenda noteren, en had ik die activiteit als enige focuspunt. Inmiddels zijn er twee kinderen en tig activiteiten bijgekomen, en is het eind zoek.

Mosterd na de maaltijd

Ja, ik ben zo’n moeder die altijd veel te laat de gymschoenen heeft gekocht voor het nieuwe schooljaar. Die als mosterd na de maaltijd inschrijfformulieren voor voorleesfeestjes na de betreffende datum uit de schooltas vist en die slechts op het nippertje de cadeautjes voor kinderfeestjes heeft gekocht. Ik krijg het gewoon niet voor elkaar.

De ‘naschoolse activiteiten’

Het is niet alleen school, het is alles wat daarbij komt kijken: koffieochtenden, knutselactiviteiten, kijkochtenden, helpen met de versiering, lege potjes inleveren, maaltijden bereiden voor de eindejaarsmaaltijd, gesprekjes over de voortgang, speelafspraakjes met kinderen, geleende sokken teruggeven, zoekgeraakte bekers weer boven water krijgen, na een half jaar te horen krijgen dat je dochter al die tijd in d’r ondergoed gymt omdat ze haar gymspullen (alweer) zo lang kwijt is, schrijven van Sinterklaasgedichten en maken van surprises, het regelen van een kerstmuts voor een kooroptreden, het aantrekken van een foute kersttrui voor de middelste op foute kersttruiendag…

Hoe doen jullie dat!?

Ik kijk altijd met grote ogen naar andere ouders die voor mijn gevoel altijd zo georganiseerd zijn. Die netjes met volle tassen – uitgespoelde! – lege potjes naar school komen voor een of andere kerstactiviteit, hun kinderen met twee dezelfde sokken (waar blijven alle sokken in vredesnaam!) aan en nette vlechten in hun haar. Ik sta al om 6u op, maar helaas kan ik toch lang niet alles afvinken van deze lijst.

De clubjes, sport, afspraakjes…

Maar het is niet alleen school. Het gaat nog veel verder. Na school zijn er de sportclubs: turnen, zwemles, korfbal… Er gaan ik weet niet hoeveel nieuwsbrieven en andere meldingen de deur uit per week. Of er geholpen kan worden met…, wie er beschikbaar is op…, welke tijd gaat de voorkeur naar uit, het is de laatste week om het wedstrijd pakje te betalen, welke maat heeft uw zoon, deze week krijgt uw kind een boekje mee voor de grote clubactie, en de week erop krijgt mijn andere kind een formulier om zoveel mogelijk speculaaspoppen te verkopen.

De dooddoener: het is druk

Komt erop neer dat dat spaarboekje bij het oud papier is beland, het geld voor het pakje pas een week later kwam, we dit jaar geen speculaaspoppen hadden en mijn dochter stelselmatig vergat om haar koorboekje mee te nemen als ze moest oefenen. We hadden het immers nogal druk met het begeleiden van het maken van de surprise, en in navolging daarvan, met het weghalen van alle bruine verf op zo mogelijk alle objecten in diezelfde ruimte. Alsof ze de verf in een centrifuge hadden gestopt.

Kiezen

Misschien is het een gebrek aan organisatorisch vermogen. Vast wel, het kan vast beter. Maar het lukt me niet. Het is gewoon niet mijn talent, en met zoveel andere zaken die ook de aandacht vragen heb ik het gevoel dat je keuzes moet maken. Je kunt immers niet overál aan denken, als er zoveel van je verwacht en gevraagd wordt. Wil niet zeggen dat ik het onbelangrijk of stom vindt, wat er allemaal wordt gedaan voor en met de kinderen. Maar het betekent voor mij simpelweg dat ik niet overal aan mee kan doen. Kiezen betekent dat je de dingen waar je niet voor kiest, tekort doet.

Niet perfect

Dat is een lastig gevoel in onze prestatiegerichte maatschappij, waarin alles maar beter, sneller en meer moet. Toch is precies dát het gevoel dat steeds in het ouderschap ook naar voren komt, en waar veel ouders moeite mee hebben. Probeer alle ‘verwachtingen’ die aan ons als ouders of als gezin worden gesteld daarom te zien als mogelijkheden, in plaats van verplichtingen. Wat vind jij belangrijk als ouder en waar denk je dat je kind zich het fijnst bij voelt? Zet dáár op in, en dan kristalliseren de andere zaken zich vanzelf meer uit.

7 redenen om je kind te laten sporten

7 redenen om je kind te laten sporten

Een pleidooi voor meer beweging voor je kind

“Plan het maar op maandagmiddag, dan heeft ie toch gym”. Het is een zin die ik regelmatig hoor en die me steeds meer tegen gaat staan. Cliënten willen, begrijpelijk, hun afspraken zoveel mogelijk buiten school. Maar de praktijk dwingt ons er toe af en toe onder schooltijd een afspraak te plannen. En de reflex van veel ouders is dan om deze momenten te plannen op momenten van gymnastiek op school. In de veronderstelling dat dit het minst belangrijke vak is. In de veronderstelling dat er in de lessen zoals rekenen en taal pas écht geleerd wordt. For your information: dit klopt niet. Sterker nog, wanneer je kind moeite heeft om goed mee te komen op school, kun je hem of haar maar beter regelmatig laten sporten! Want sporten is niet alleen goed voor je gezondheid, sporten maakt je slim!

Sporten maakt slim!

Wanneer je nog niet overtuigd bent om de afspraken voortaan om de gymlessen heen te plannen, volgen hier de voordelen en effecten van sporten op een rijtje:

  1. Sporten is goed voor je humeur, doordat de aandacht wordt verschoven van zorgen naar lichamelijk bezig zijn.
  2. Door sporten produceer je dopamine, wat o.a. parkinsonklachten tegen gaat en je controle over bewegingen verbeterd. Daarnaast komt er trypofaan vrij, die helpen emoties te verwerken en grofweg dezelfde effecten hebben als antidepressiva (maar dan zonder schadelijke bijwerkingen!).
  3. Door te sporten neemt stress af, doordat de cortisolhuishouding weer op peil komt. Dit is gunstig voor doelgericht gedrag en oproepen van informatie uit je geheugen.
  4. Op de lange termijn maakt sporten het brein jonger: er komt meer grijze stof in de hersenen waardoor bijvoorbeeld de voorste gebieden (frontale cortex) beter werken. Deze gebieden heb je nodig voor doelgericht gedrag, plannen, organiseren, en andere complexe vaardigheden.
  5. Op de lange termijn maak je nieuwe hersencellen aan, waardoor je brein vitaal blijft en je geheugen goed of zelfs beter gaat werken.
  6. Door aan je conditie te werken wordt de verbinding tussen de zenuwcellen beter, waardoor informatie gemakkelijker tussen gebieden kan worden overdragen.
  7. Regelmatig sporten verbetert de executieve functies van je kinderen. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat er een grote verbetering te zien is in de aandacht (concentratie), het lange termijngeheugen en het werkgeheugen. Dus zéker voor kinderen die hier moeite mee hebben, is sporten aanbevolen!

Zoektocht naar de juiste sport

Dit is even een lijstje om te prikkelen, want er volgen komende tijd nog meer artikelen over dit onderwerp. Waarom ik me hier hard voor maak? Ik ben nooit zo opgegroeid met sporten. In tegenstelling tot veel van mijn toenmalige klasgenootjes op de basisschool en middelbare school, had ik geen vaste vereniging, geen tweede ‘basis’ om op terug te vallen. En dat heb ik toch wel eens gemist. Mijn sportervaringen op jonge leeftijd vielen in de categorie ‘blauwe maandagen’ en ‘proeflessen’ en bloedden vaak dood door ‘omstandigheden’. Zat ik op jazz ballet, werd ik ziek toen de uitvoering was. Zat ik op wedstrijdschaatsen, wilde mijn moeder niet naar andere ijshallen rijden toen ik verder kwam. Zat ik op street dance, stopte mijn vriendin er mee. Met andere woorden: sporten kwam niet van de grond.

Uit eigen ervaring: de voordelen

Ook in mijn volwassen leven heb ik altijd gezocht en geprobeerd. Jarenlang heb ik met wisselend succes gefitnessd, maar merendeel van de tijd moest ik mijzelf hier naartoe slepen. Anderzijds genoot ik ervan als ik resultaten boekte, vooruitgang bemerkte. Ik probeerde van alles: bodypump, zwemmen, bootcamp, zumba, fitness, spinning, hardlopen… Tot ik begon bij NatuurlijkSportief en mijn passie vond. Sindsdien ben ik om. Van 0,0 conditie na de geboorte van mijn 3e, naar hardloopwedstrijden en 4 uur sporten per week. En de voordelen die ik merk?

  • ik ben sterk, fit, heb weer conditie
  • ik ben gelukkig, heb mijn passie gevonden, kijk uit naar de trainingen, lach veel en maak lol met anderen
  • ik heb energie, slaap goed, concentreer me beter en heb geen wegtrekkers meer op mijn werk
  • ik ben alert, ondernemend, zit vol ideeën en het lukt me beter om deze ook uit te voeren

Gelukkig door bewegen

Kortom, een bewijs dat het lijstje met voordelen van sporten inderdaad klopt. En dáárom maak ik me er hard voor dat kinderen voldoende sporten en bewegen. Natuurlijk geldt dat voor mijn eigen kinderen, maar ik probeer ook anderen hier bewust van te maken. Want zoals ik ook heb ervaren: je beseft pas wat het sporten oplevert, als je het doet. Sporten maakt slim én gelukkig. Plan daarom liever afspraken om de gym-uurtjes heen, ze zijn al zo schaars.

 

 

Speelgoed, wat doe je ermee?

Speelgoed, wat doe je ermee?

Hoe voorkom je overspoelen door speelgoed? Vier tips.

 

“Toen ik nog zwanger was van Meia had ik, net als alle ouders, bepaalde voornemens voor het ouderschap. Zo vond ik speelgoed met ‘licht en geluid’ en van plastic maar schreeuwerige rommel die ik niet in mijn huis hoefde te hebben. Nu, zes jaar later, kijk ik om mij heen en zie een kakofonie aan kleuren en geluiden. Wat is er in die jaren mis gegaan? Is er eigenlijk wel iets misgegaan?”

 

Groot aanbod

Met speelgoed heb ik een beetje een haat-liefde verhouding opgebouwd door de jaren heen. Er is zoveel! En binnen dat ruime aanbod is het soms zoeken waar je goed aan doet. Waarop baseer je de keuzes van je speelgoed? En daarnaast: hoe werkt dat in de praktijk? Want je kunt zulke goede ideeën hebben, als het niet wordt uitgevoerd, loopt je hele ‘plan’ mis. Sowieso een dingetje hoor, ‘plannen’ met kinderen. Kun je beter niet doen geloof ik.

Gebrek aan bergruimte

We wonen in een huis met erg weinig bergruimte, dus was onze insteek: liever geen grote dingen, want die kunnen we toch niet kwijt. En drie keer raden wat er dan voor de verjaardag gegeven wordt: jawel, een kinderwagen en een mini-bakfiets. Tot zover het voornemen voor klein speelgoed. Het volgende streven was überhaupt niet te veel kopen. Hoofdreden was nog steeds de bergruimte, maar daarnaast waren we al snel lid geworden van de speel-o-theek (hierover een andere keer meer), waardoor we steeds (groot) speelgoed konden lenen én weer terugbrengen. Scheelde zeeën aan ruimte (en geld)!

Cadeaus

Maarja, opa’s, oma’s en Sinterklaas hebben hele andere voornemens kwamen we al snel achter. ‘Niet te veel’ werd krap geïnterpreteerd merkten we. Trots als zij zijn op hun kleinkroost, worden kosten noch moeite gespaard om hen in de watten te leggen. Met als gevolg dat we al na 1,5 jaar semi-noodgedwongen zes gigantische speelgoedkisten in elkaar timmerden om al het aangeschafte spul weg te werken. Om maar niet te spreken van de uitbouw die weer een paar jaar later volgde (oké oké die was heus niet voor al het speelgoed, maar toch).

Overspoeld

Die gigantische aanvoer van speelgoed had trouwens als gevolg dat er minder gespeeld werd. Ja echt. Door de overvloed aan speelgoed wordt er minder gespeeld. Niet zo gek ook trouwens, het werkt voor ons volwassenen net zo: als je in een overvolle kamer komt weet je ook niet meer waar je moet kijken en waar je moet beginnen. Zo werkte het bij onze kinderen ook.

Minder speelgoed = meer spelen

Dat merkte ik maar al te goed in de afgelopen vakantie, toen een ander kwartje viel. Ik zocht wat klein speelgoed uit voor tijdens de reis en tijdens de vakantie. Vanwege beperkte ruimte in de auto, moest ik selectief zijn. Dus een klein beetje playmobil, een paar auto’s en dat soort dingen. En wat bleek? Het beschikbare speelgoed, wat slechts een fractie was van alles thuis, werd intensief gebruikt. Er werd gespeeld! Dat was een eye-opener: teveel is een dood-doener.

Tips om je kind te laten spelen

En hoewel wij zelf weinig tot niets aanschaften, groeide onze spullenvoorraad en verbleekte de voornemens van eenvoudig, degelijk en kwalitatief speelgoed zonder al te veel poespas steeds meer naar de achtergrond. Om toch de kinderen tot spelen te laten komen, bedachten we wat trucs.

  1. Zeker bij de eerste jaren van onze kinderen, verstopten we na de verjaardagen en sinterklaas wat van het nieuwe speelgoed. Klinkt gemeen he? Maar gelukkig kunnen ze als ze zo klein zijn nog niet goed bijhouden wat ze precies hebben gekregen. We borgen daarom een deel op voor later. Zo bleef er op een later moment ook nog een moment van verrassing en ruimte voor nieuwe ervaringen, als we de cadeaus dan nogmaals gaven.
  2. In lijn op het voorgaande, borgen we sommig speelgoed uit het zicht op. We stopten ze hoog in hun kledingkast of in kastjes in hun kamer waar ze (expres) niet bij konden, zodat ze er om moesten vragen als ze het wilden hebben.
  3. Toen ik merkte dat onze kinderen écht niet meer speelden, maar alleen maar wat in de bakken rommelden en er van alles uithaalden zonder er naar te kijken, besloot ik dat er wat veranderd moest worden. We gingen naar ikea en kochten daar stapels opbergdozen in soorten en maten. Daarna volgde een weekend lang sorteren van al het speelgoed en deze op het neurotische af in elk hun eigen bakje stoppen. Op deze manier konden ze een bakje pakken met daarin één soort speelgoed, en hier vervolgens mee spelen. Dat klonk als een ideale situatie, maar ik merk dat hier nog wel haken en ogen aan zitten in de uitvoering (zie verderop).
  4. We wisselen speelgoed regelmatig: wat beneden staat verhuizen we naar boven, spullen uit de kast worden tijdelijk beneden gezet. Wat al een tijd niet wordt gebruikt, gaat de kast in. Zo prikkel je steeds opnieuw je kind. Voorwaarde is dan wel dat je je spullen netjes bij elkaar moet houden.

Verlanglijstjes

Het werken met lijstje.nl voor het aanmaken van de verlanglijstjes van je kinderen werkt praktisch en zorgt ervoor dat je dubbele cadeaus vermijdt en zelf een beetje kunt sturen in wat er wordt gegeven. Toch blijft dat lastig, omdat mensen soms hun eigen interpretatie op de spullen geven of van het lijstje afwijken.

Uit het speelgoed groeien

Dan heb je nog het probleem dat kinderen uit speelgoed groeien. Zo zit je na een jaar met een berg babyspeelgoed waar niet naar wordt omgekeken. En zo’n zes jaar lang had ik ideeën voor een soort speelgoedruilbeurs, maar dit komt tot op heden niet van de grond (meteen een stille oproep aan mensen die zich geroepen voelen dit even te organiseren!).

Wegdoen van speelgoed

Zo hakte ik afgelopen weekend, na drie keer mijn nek bijna te breken over rondslingerende poppetjes, balletjes en andere prullaria, een knoop door: weg ermee! Er wordt niet (meer) mee gespeeld, ligt alleen maar in de weg en zorgt voor irritaties en onnodige opruimtijd. Dus pakte ik een rol vuilniszakken en sorteerde al het babyspeelgoed dat we door de jaren heen hebben verzameld. In totaal drie vuilniszakken vol en wat losse dingen daarnaast stonden vervolgens klaar om weg te doen naar de kringloop.

Sorteren, uitzoeken, opruimen…

De volgende uitdaging ligt in het sorteren van al het overige speelgoed. Ligt het aan mijn kinderen? Er is een onverhuld talent voor in no-time alle sorteren bestaand speelgoed als een soort grote blender door elkaar te husselen en in tig verschillende opbergplekken te stoppen. Hoe vaak ik niet ochtenden lang potloden en stiften heb gesorteerd, stapels papier heb gemaakt en puzzels in de goede doos heb teruggestopt… om gek van te worden! En met iedere keer spraken we (uiteraard) af dat er nu wél goed op werd gelet, etc. etc. (je kent het wel). Maar tot op heden lijkt het niet te lukken.

Zorg dragen

Ik vind het belangrijk dat ze leren zorg te dragen voor hun spullen, maar het lijkt wel lastiger te worden naarmate er meer beschikbaar is. Het lijkt ze iets te geven in de trant van ‘iets kwijt? dan pak ik toch wat anders’ of ‘kapot? ik heb toch nog genoeg’. Een soort nonchalance, en dat irriteert me. Een les die ik van belang vind is namelijk dat je zuinig bent, dat je dankbaar bent voor wat je hebt. Gretigheid en inhaligheid en daarmee dus verwend gedrag zijn eigenschappen waarmee ik (en dus ook mijn kinderen) liever niet mee in verband word gebracht.

Overzicht houden

Met het vieren van Meia’s verjaardag voor de deur, was ‘plaatsmaken voor het nieuwe’ (jemig wat klinkt dat decadent!) een vereiste. Tijdens het uitzoeken en opruimen mijmerde ik over hoe ik het ooit voor me zag: kleine beetjes speelgoed, van goede kwaliteit, overzichtelijk, zodat het gepakt kan worden en weer opgeruimd zoals bedoeld. Ik besloot dat het nog niet te laat was. Wegdoen wat overbodig was, was stap 1. Ondertussen dacht ik aan de volgende stappen. Eén daarvan is grondig uitzoeken van het huidige speelgoed en deze weer sorteren. Want, zoals ik uit ervaring leerde: less is more! En wat er dan overblijft ga ik goed opbergen, zodat het overzicht blijft.

Spelkamer

Het speelgoed dat incompleet, stuk of ongebruikt is gaat weg. Of naar de kringloop of verkopen of weggeven, we zien wel. Ook kan ik een deel van het ongebruikte of ontgroeide speelgoed gebruiken voor de praktijk. Er komen immers dagelijks kinderen bij ons, soms in gezelschap van (jongere) broertjes en zusjes die soms zoet gehouden willen worden. En een van mijn dromen is ook een spelkamer in de praktijk, dus wie weet krijgt het speelgoed een nieuwe bestemming in die richting.

Activiteitenboek

En een laatste, ambitieuze stap die ik wil nemen is het maken van een soort activiteitenboek. Met foto’s van alle beschikbare spullen, spellen en speelgoed of andere activiteiten die gedaan kunnen worden. Op school werken ze met een planbord, en dat gaat naar mijn idee heel goed. Ik hoop met een activiteitenboek hetzelfde te kunnen bereiken: bewust kiezen voor een activiteit, deze afmaken en weer opruimen. Dat wordt nog een uitdaging, ik ben nog in de brainstormfase over de uitvoering hiervan, maar ik hou je op de hoogte.

 

Review: “zeg nee!” over executieve functies

Review: “zeg nee!” over executieve functies

Het versterken van executieve functies van baby tot volwassene

Zo, dat is een mond vol. Het gaat over vaardigheden zoals:

  • aandacht en concentratie
  • werkgeheugen
  • plannen en organiseren
  • ordenen
  • zelfbeheersing en gedragsregulatie
  • emotieregulatie
  • flexibiliteit
  • timemanagement
  • evalueren en reflecteren

De feiten

Nu eerst maar de feiten op een rijtje over dit boek:

  • Titel:  ‘Zeg nee! Gedrag in goede banen leiden door het versterken van executieve functies’
  • Auteur: Ellen Luteijn
  • Uitgever: Pica
  • Publicatiedatum: 2013
  • Aantal pagina’s: 160
  • Prijs: nu €5,99 bij Pica, voorheen €19,95

De pluspunten:

  • leest gemakkelijk weg
  • overzichtelijk en helder geschreven, per leeftijdsfase
  • voor elke leeftijd specifieke tips
  • theorie is begrijpelijk gemaakt
  • handig overzicht achterin met de executieve functies en tips verzameld
  • er zitten nieuwe en originele invalshoeken in de tips, zoals het benoemen en verwoorden bij peuters (hier ben ik groot voorstander van!) en het bij je dragen van je baby in de draagdoek of draagzak (ook hier zitten veel voordelen voor de ontwikkeling van je kindje aan!)

De minpunten:

  • veel tips missen nog een voorbeeld om het verder te verduidelijken en blijven daardoor wat vaag of algemeen
  • sommige theorie is zo sterk vereenvoudigd neergezet, dat het soms een wat vertekend beeld geeft van de werkelijkheid
  • de voorbeeld schema’s of lijstjes missen vaak ook hier meer concrete stappen om ze goed te kunnen gebruiken in de praktijk

Waar ik niet helemaal achter sta:

  • het boek adviseert gebruik te maken van time-outs, om je kind zelf rustig te laten worden. Uit onderzoek en uit eigen ervaringen blijkt echter steeds meer dat dit geen wenselijke interventie is (hierover later meer!)
  • het boek gaat er van uit dat training helpt. Ik geloof dat training inderdaad kan helpen bepaalde vaardigheden te versterken, zoláng er wordt getraind: wanneer een kind hiermee stopt, valt deze weer terug naar het oude niveau. Ik geloof dan ook niet dat een kind die zwak scoort op één of meer executieve functies door training, goed zal gaan scoren.

Eerste indruk

‘Zeg nee!’ leest gemakkelijk weg. Het is een dun en overzichtelijk boekje. Als je het openslaat zie je de accentkleur groen, waarin bijvoorbeeld de tabellen, overzichtjes en illustraties zijn getekend, wat fris oogt. De schrijfstijl is gemakkelijk te volgen, zonder onnodige vaktermen. Via de inhoud vind je snel de informatie die je nodig hebt.

Opbouw van het boek

Het boek is opgebouwd in twee delen: het eerste (korte) deel geeft een hele bondige en eenvoudige uitleg over executieve functies. Hierin wordt duidelijk gemaakt wat dat precies zijn. Eenvoudig gezegd zijn dit vaardigheden die iedereen in meer of mindere mate heeft en gebruikt bij het aansturen van zijn gedrag. Dit geldt zowel voor schoolse taken of je werk, als voor goed functioneren in sociaal opzicht.

De uitleg en theorie in het boekje is denk ik expres heel simpel gehouden. Uiteindelijk gaat het namelijk over complexe hersenfuncties, die niet zo 1 2 3 uit te leggen zijn. Het boek doet een goede poging het toch begrijpelijk te maken, onder andere aan de hand van fictieve casussen. Dit roept soms echter ook meer vragen op naar verdere uitleg.

versterken van executief functioneren bij kinderen

Het tweede deel van het boek betreft het praktische gedeelte: hierin wordt per hoofdstuk een leeftijdsfase behandeld waarin wordt genoemd hoe je als ouder je kind kunt helpen de executieve functies te verbeteren. De fases die aan bod komen zijn: baby, peuter, schoolkind, puber en jongvolwassene. Het hoofdstuk van de jongvolwassene is aan de jongvolwassene zelf geschreven, de rest van de hoofdstukken aan de ouders. De tips van de jongvolwassene bleven voor mijn gevoel erg algemeen, waar die in de basisschoolleeftijd meer aandacht kregen.

Zelftests en checklists

Elk hoofdstuk eindigt met een kleine zelftest, die vooral checkt in hoeverre je al op de goede weg bent in het stimuleren van de executieve functies bij je kind. Dit is een leuke afwisseling van de teksten en geeft ook suggesties om mee aan de slag te gaan.

Wat ik niet helemaal kan plaatsen, is de titel van het boek. De auteur legt uit dat het nee zeggen belangrijk is om als kind niet onbegrensd op te groeien en daardoor een gebrek aan zelfsturend gedrag te ontwikkelen. Maar de tips die zij vervolgens aandraagt, zijn breder dan het leren ‘nee zeggen tegen jezelf’. Ik vind de titel daarom enigszins misleidend en beperkend voor de inhoud van het boek.

Vertaalslag naar de praktijk

Toen ik het boek las, dacht ik regelmatig: dat is iets om zelf ook eens op te letten. Het is afgestemd op de wereld van nu, dus besteedt ook aandacht aan bijvoorbeeld telefoon- en tabletgebruik van ons als ouders. De tips die aan het eind van elk hoofdstuk worden opgesomd, kan ik met mijn kennis wel vertalen naar de praktijk. Maar ik denk dat het voor veel ouders nog zoeken is hóé ze dan precies kunnen worden toegepast. In het boek ‘Slim maar…‘ wordt dit naar mijn idee met meer concrete uitleg gedaan. Als ik het boek in onze praktijk zou gebruiken, zou ik de tips dus toelichten met voorbeelden.

Conclusie

Kortom, een handig en overzichtelijk boekje, waar je snel per leeftijdscategorie beknopte informatie vindt over de verschillende executieve vaardigheden van je kind en hoe je deze kunt stimuleren. Het vraagt wel om een vertaalslag om de tips ook echt toe te kunnen passen in de praktijk. Wanneer je al verder bent ingelezen in de theorie van executieve functies, lukt dit misschien beter. Voor de huidige prijs is het echter een prettig boekje om erbij te hebben. Op de website kun je bovendien handige planners en lijstjes downloaden voor eigen gebruik.