Archief van
Tag: leerkracht

Review: “Hoogbegaafd. Als je kind (g)een Einstein is”

Review: “Hoogbegaafd. Als je kind (g)een Einstein is”

Handboek over hoogbegaafde kinderen

“Hoogbegaafdheid bij kinderen staat de laatste jaren steeds meer in de aandacht. Ik heb daar een beetje gemengde gevoelens over, omdat niet alle informatie hierover even betrouwbaar is. Gelukkig komen er zo nu en dan boeken op de markt waarmee het kaf een beetje van het koren wordt gescheiden. Dit boek van Tessa Kieboom is er zo één. Vooral bekend in België, maar haar kennis van jaren is zeker ook heel bruikbaar voor Nederland. Ik las het boek voor jullie om er mijn oordeel over te vellen.”

De basis voor ouders en leerkrachten

Het boek vormt een goede basis voor ouders en leerkrachten die te maken hebben met hoogbegaafde kinderen. Er wordt uitgelegd wat het is, en vooral wat deze kinderen nodig hebben aan begeleiding. Er wordt gelukkig ook afgerekend met het gedachtegoed dat hoogbegaafdheid een ‘luxe’ probleem zou zijn. Want dat hoogbegaafdheid net als laagbegaafdheid tot problemen kan leiden in het functioneren, wordt in dit boek goed duidelijk.

De feiten

  • Titel: Hoogbegaafd. Als je kind (g)een Einstein is.
  • Auters: Tessa Kieboom
  • Uitgever: Lannoo, Opvoeding
  • Publicatiedatum: 2015
  • Aantal pagina’s: 280
  • Prijs: €19,90

 

Algemeen

Het boek is een vrij dik boek, zonder veel plaatjes, met af en toe een casusbeschrijving tussendoor. Toch leest het vrij gemakkelijk weg, en is het goed te volgen. Het is geschreven vanuit het kenniscentrum dat in België is gevestigd en de Belgische schoolervaringen (zowel positief als negatief), waardoor niet alles even relevant voelt als lezer. Ik kreeg af en toe het gevoel dat ‘verlossing’ bij deze problemen enkel bij het Expertisecentrum van Tessa Kieboom is te halen. Toch weet ik uit ervaring dat er gelukkig veel meer mogelijk is, maar dat is voor lezers wel fijn om te weten.

 

De pluspunten

  • Het boek geeft een goede basis. Als je nog niks over hoogbegaafdheid weet, legt dit boek prima uit wat eronder wordt verstaan en hoe breed het gezien kan worden. Hoe je het kan herkennen, vaststellen en hoe het tot uiting kan komen.
  • Het boek richt zich gelukkig ook op de andere aspecten in de ontwikkeling naast de intelligentie. Hoogbegaafdheid is namelijk niet alleen een hoog IQ, maar speelt ook in alle andere gebieden van ontwikkeling. Die nuancering wordt goed duidelijk gemaakt.
  • Er worden veel praktijkvoorbeelden aangehaald om zaken inzichtelijk te maken. Er zijn casussen beschreven die je laten snappen wat er wordt uitgelegd.
  • Voor leerkrachten staan er ook heel veel waardevolle tips en adviezen in om rekening mee te houden in de begeleiding van begaafde leerlingen in de klas.

review recensie boek hoogbegaafd hoogbegaafdheid bij kinderen tessa kieboom

De minpunten

  • Wat ik mis, is nog meer uitleg over het hebben van een hoogbegaafd kind en wat dat vooral betekent in de thuissituatie (dus niet alleen op school). Het is voor veel ouders namelijk zoeken en puzzelen hoe zij tegemoet kunnen komen aan hun begaafde kind en hoe zij moeten omgaan met de problemen die dat soms met zich meebrengt.
  • Er wordt soms een wat zware, of negatieve toon aangeslagen. Ik kan me voorstellen dat mensen heel erg schrikken als ze lezen over de heftigheid van problemen die soms bestaan bij hoogbegaafdheid. Het is goed dat dit onderwerp bespreekbaar wordt gemaakt, maar het is ook fijn om tegelijkertijd hoop en perspectief te kunnen bieden in de vorm van oplossingen, handvatten of begeleiding.
  • De ervaringen die zijn opgedaan in het Expertisecentrum liggen in België. Ik mis soms de Nederlandse uitwerking van wat wordt besproken in dit boek. En suggesties voor hulpverlening binnen Nederland.
  • Er zit behoorlijk wat herhaling en overlap in het boek. Op zich kan dat geen kwaad om de boodschap goed over te brengen, maar hiermee worden andere facetten van hoogbegaafdheid niet aan bod gebracht. Het zou fijn zijn als alle informatie aan de orde kwam in één boek.

De eerste indruk

Het boek is van A5 formaat, met een dunne slappe kaft en ongebleekt papier. Omdat het ook vrij dik is, met flinke lappen tekst en vrijwel zonder afbeeldingen, komt het wat ‘droog’ over. Het nodigde mij niet direct uit om erin te duiken. Wel zit er voldoende witruimte om de tekst heen, waardoor het wat rustiger oogt. Het boek blijft niet uit zichzelf open liggen, maar heeft een sterke neiging weer dicht te vallen.

Opbouw van het boek

Het boek bestaat uit vier delen, waarvan ik het eerste deel het meest de moeite waard vond. Deel 1 geeft een beschrijving van hoogbegaafdheid en zoomt in op het zogenaamde ‘zijnsluik’ naast het stuk van de intelligentie. Ik raad dit stuk soms aan aan ouders die gedrag omschrijven dat doet denken aan hoogbegaafdheid, zonder dat zij zelf denken aan hoogbegaafdheid. Vaak geeft dit na het lezen bij ouders veel herkenning over hun kind, en vallen er puzzelstukjes op hun plek.

Het tweede gedeelte is het meest uitgebreide gedeelte, en gaat over hoogbegaafdheid op school. Voor leraren is dit een heel waardevol stuk om van op de hoogte te zijn, en zeker aan te raden wanneer je wilt weten wat een begaafde leerling nodig heeft op school en hoe je dat kunt aanbieden.

Het derde deel heet ‘hoogbegaafd, gewoon een beetje anders’ en bevat wat herhaling uit voorgaande delen en richt zich op een stukje opvoeding. Ik vond dit echter nog te vrijblijvend en had hier graag nog meer tips over gelezen.

Het vierde en laatste deel heet ‘hoogbegaafdheid in de praktijk’ maar dit zette mij op het verkeerde been qua inhoud. Ik had hier gehoopt nog meer handvatten te lezen voor ouders, maar dit deel bevat enkel casusbeschrijvingen en ervaringen van scholen die zich hebben laten begeleiden door Tessa Kieboom. Een stukje promotie van haar eigen werk, zo voelt het. Leuk om te lezen, maar niet direct relevant voor mij.

review recensie boek hoogbegaafd als je kind geen einstein is hoogbegaafdheid kinderen begaafde slimme intelligentie zijnsluik cognitieve ontwikkeling

Vertaalslag naar de praktijk

Zoals ik hierboven al even noemde, raad ik soms het eerste hoofdstuk uit dit boek aan, aan ouders, omdat het een beschrijving geeft op basis van gedragskenmerken die voor ouders vaak als ‘lastig’ of veeleisend worden ervaren. Wanneer ouders over hun kinderen vertellen, kan ik soms zaken herkennen uit de beschrijvingen van Tessa Kieboom over hoogbegaafde kinderen. De meeste ouders denken dan trouwens helemaal niet in de richting van hoogbegaafdheid. Na het lezen van dit hoofdstuk herkennen zij meer hiervan in hun kinderen en kunnen zij beter snappen waar het gedrag mee te maken heeft. Dit zorgt voor meer begrip en geeft handvatten voor de verdere begeleiding. Voor leerkrachten kan het tweede deel van het boek heel bruikbaar zijn, en de adviezen hieruit neem ik dan ook vaak mee in schoolgesprekken of psychodiagnostische onderzoeksverslagen.

Conclusie

Vermoed je hoogbegaafdheid bij je kind, werk je met (hoog)begaafde kinderen of vind je het gewoon interessant om erover te lezen? Dit boek bevat goede en betrouwbare informatie vanaf de basis, waarna je direct aan de slag kunt met de begeleiding van deze kinderen op school.

Gevoelige periodes bij kinderen

Gevoelige periodes bij kinderen

Leren in de gevoelige periodes

Iedereen heeft er wel eens van gehoord: de kritische of gevoelige periode waarin een kind het beste iets leert. Eigenlijk is dat ook de grootste reden waarom kinderen al vanaf jonge leeftijd naar school gaan (moeten): omdat er in de kindertijd de meeste gevoelige periodes zijn om iets te leren. De ervaringen uit je kindertijd zijn bovendien heel vormend voor je persoonlijkheid en hebben grote invloed op alles wat je de jaren erna doet.

Gevolgen voor later

De eerste en meeste gevoelige periodes vinden al plaats in de babytijd. Als er in zo’n periode iets misgaat, kan dat soms blijvende gevolgen hebben omdat de juiste verbindingen in de hersenen dan niet worden aangelegd. De gevoelige periode voor de ontwikkeling van het zicht is bijvoorbeeld tussen de 3 en de 8 maanden: als er dan iets is waardoor de baby minder goed kan zien, kan het blijvend schade houden aan het zicht op latere leeftijd.

Hoe kinderen leren

Met verschillende onderzoeken en experimenten wordt gekeken of een gevoelige periode opnieuw kan worden uitgelokt, op een ander moment. Wanneer dat zou lukken, zou eventuele schade bijvoorbeeld kunnen worden ingehaald. Als er duidelijk wordt hoe kinderen precies leren en ontwikkelen, zou men het onderwijs daar naadloos op aan kunnen laten sluiten.

Gevoelige periodes op school

Dat laatste gebeurt natuurlijk al zoveel mogelijk, hoewel dat per school veel kan verschillen. Naar mijn idee onderstreept de theorie van de gevoelige periodes alleen maar meer het belang om daar op flexibele wijze rekening mee te houden op school. Globaal gezien zijn de gevoelige periodes ongeveer op hetzelfde moment, maar dit kan per persoon wel veel verschillen. Zeker omdat iedereen een andere geboortedatum heeft. Het aanbieden van lesstof zou daarom eigenlijk pas moeten, wanneer het kind in de gevoelige periode voor die stof zit.

Inspelen op interesses van je kind

De gevoelige periodes zijn er de reden van dat er in groep 3 wordt begonnen met lezen, want de meeste kinderen ‘zijn er aan toe’. Het is de reden waarom er in de kleuterklassen nog veel buiten wordt gespeeld (motorische ontwikkeling) en in de middenbouw wordt gestart met de zaakvakken. Omdat dán de interesse in de wereld om hen heen toeneemt. Maar deze ‘mal’ in wat er aan je kind wordt aangeboden, is een grove schatting, terwijl de gevoelige periodes juist zeer precies zijn. En dáárom is het zo belangrijk om in te spelen op de interesses van het kind. Want pas als een kind iets leuk vindt, leert het. Het heeft geen zin om domweg stof ‘erin te stampen’ als er geen interesse of motivatie is.

Aanvoelen waar het kind zit

En dat is in het onderwijs nog best lastig, merk ik vaak. Ik kom geregeld voor schoolobservaties en schoolgesprekken op scholen. En ik ken natuurlijk de montessori-onderwijsmethode van onze eigen kinderen. Tussen de scholen zit veel verschil. Zowel in de visie als in de dagelijkse praktijk van de leerkracht. Want uiteindelijk komt het er op neer of de leerkracht aanvoelt ‘waar een kind zit’ en hier op kan in spelen door de juiste stof aan te bieden. Dan hebben we het nog niet eens over onderlinge niveauverschillen tussen kinderen. Dat maakt de differentiatie extra moeilijk.

Eigen inbreng

In het traditionele onderwijs is er naar mijn idee vaak net iets minder mogelijk aan flexibele aanpassingen aan het leerproces van kinderen, omdat er nog steeds vaak klassikaal les wordt gegeven. Kinderen volgen de structuur van de lessen en hebben weinig eigen inbreng in wat ze wanneer doen. In het montessori-onderwijs is dat anders. Kinderen beslissen per dag bijvoorbeeld de volgorde van hun taakjes. Daarbij hebben ze een zekere vrijheid voor hoelang ze aan een taak willen werken: is een kind momenteel meer geïnteresseerd in rekenen, dan mag het, tot op zekere hoogte, langere tijd hier aan werken.

Motivatie

De leerkracht bewaakt dit proces door te benadrukken dat elke beslissing gevolgen heeft: nu meer rekenen betekent een andere keer meer taalwerk. Toch is dit voor mijn gevoel een methode die van nature beter aansluit bij het grillige ontwikkelingsproces van kinderen. Bovendien is de motivatie om aan de taken te werken per definitie hoger, omdat een kind zélf de keuze maakt voor een taak.

Leerbehoeften

Er zijn tegenwoordig (gelukkig) steeds meer vormen van onderwijs, die rekening houden met de verschillen in voorkeuren, ontwikkeling en leerbehoeften van kinderen. Goed onderwijs is namelijk een onderwijsvorm (en leerkracht) die goed aansluit bij de specifieke behoeftes van je kind. En dat verschilt per persoon.

Snoeien in synapsen

Het is echter niet zo dat een kind alleen maar leert in de de gevoelige fases. De hersenen hebben een zekere plasticiteit. Dat betekent dat mensen hun hele leven lang kunnen leren en zich aan kunnen passen aan veranderende omstandigheden. Maar in gevoelige periodes is er veel meer mogelijk. In de babytijd is dit het meest duidelijk: een baby wordt geboren met een oerwoud aan synapsen (mogelijke verbindingen voor informatieoverdracht), waar die eerste maanden behoorlijk in gesnoeid wordt: alles wat niet nodig is, gaat weg. Zo blijven alleen de belangrijkste verbindingen over. Dat gebeurt in de gevoelige periodes: zo wordt er orde in de chaos geschept en gaat het brein steeds beter functioneren.

Vorming van persoonlijkheid

Het is interessant om te bedenken waarom de gevoelige periodes alleen maar tijdens de kindertijd zijn. Ze zijn immers super nuttig voor de ontwikkeling en voor de overleving, zou je denken. Onderzoekers denken daarom dat er ook een keerzijde aan de kritische periodes zit: in die momenten draaien de hersenen namelijk op volle toeren, waardoor er ook eerder kans is op beschadiging aan de hersenen. En omdat de gevoelige fases ook vormend zijn voor de persoonlijkheid, kun je je afvragen of het wenselijk is wanneer deze gevoelige periodes ook in de volwassenheid optreden: wat zou het doen met je identiteit en je persoonlijkheid? Misschien is het daarom maar goed dat ze beperkt blijven tot de kindertijd.

 

Een kijkje in mijn werkweek

Een kijkje in mijn werkweek

Hoe zien de dagen van de therapeut eruit?

Toen ik nog studeerde, was ik heel benieuwd naar de praktijk. Ik kon me er nog maar weinig bij voorstellen. En elke dag weer besef ik dat het voor ouders vaak nog veel abstracter is wat we nu precies doen. Hoe zien de behandelingen eruit? Wat doe ik dan tijdens een onderzoek? Wat werk ik precies uit tijdens mijn uitwerktijd? Geregeld vragen ouders mij of ik iets kan vertellen wat hun kind dat doet. Ik snap die nieuwsgierigheid. Daarom een kijkje in een weekje werken als orthopedagoog generalist.

Maandag

Als het weer het toelaat, kom ik maandag en dinsdags op de fiets. Ben ik meteen goed wakker bij binnenkomst. ’s Ochtends staat de eerste afspraak vaak om 8.45u gepland. Vóór die tijd beantwoord ik mailtjes, beluister ik het antwoordapparaat en bekijk de post. Of ik bereid bijvoorbeeld een afspraak voor. Dit keer viel toevallig mijn eerste afspraak die ochtend uit. De moeder moest onverwachts naar het ziekenhuis. Dit gaf me tijd om aan een onderzoeksverslag van een andere cliënt verder te werken. En reden om later na te vragen hoe het met de moeder gaat.

EMDR bij trauma vanuit de jeugd

Om 10.00u had ik mijn eerste cliënt, een adolescent met forse trauma’s uit haar jeugd. Met haar heb ik EMDR gedaan. De therapie valt haar zwaar, omdat het zo confronterend is. Daarom is stabiliseren belangrijk: zorgen dat de cliënt zich veilig genoeg voelt om de pijn onder ogen te zien. Het is heel heftig om te horen wat voor vreselijke dingen sommige (jonge) mensen meemaken. Voor de EMDR had ik bewust langere tijd ingeroosterd, zodat we het goed konden afronden. We hebben één gebeurtenis uitgekozen om mee te beginnen en aan het eind van de (intense) sessie was de spanning duidelijk afgenomen bij dit beeld.

Stoeien met een onderzoeksverslag

Na zo’n sessie heb ik zelf af en toe ook even tijd nodig om te schakelen. Gelukkig had ik niet direct hierna weer een cliënt, maar kon ik verder aan het afmaken van een onderzoeksverslag van een kind dat gedragsproblemen op school vertoont, maar ook last heeft van de echtscheiding van zijn ouders. Hij bleek benedengemiddeld te scoren op het intelligentieonderzoek, wat al veel verklaarde, maar het was een puzzel omdat er ook op sociaal-emotioneel gebied zorgen waren.

Evaluatiegesprek met ouders

Om 13.00u had ik een evaluatiegesprek met de ouders van een meisje van 16. Zij wilden graag nog even horen welke ontwikkelingen ik als behandelaar had gemerkt tijdens de behandeling. Ze waren erg tevreden hoe het nu met hun dochter ging en het was een fijne uitwisseling van ervaringen en we konden de behandeling naar tevredenheid afronden. Met het meisje zelf had ik al eerder een afrondend gesprek gevoerd. Als ik een behandeling afsluit, schrijf ik altijd een evaluatieverslag voor de huisarts. Hierin staat het behandelplan en een samenvatting van de behandeling en de bereikte resultaten.

Afstemmingsgesprek met ouders

Direct daarna, om 14.00u had ik weer een gesprek met ouders. Dit keer van een jongen van 9 jaar, die meer kampt met emotionele problemen en moeite om zijn gevoelens of behoeften te verwoorden. Dit gesprek hebben we gebruikt om te bespreken hoe het nu gaat en om de behandeling verder aan te scherpen. Ik had tijdens de behandeling ook wat vragenlijsten afgenomen en besprak deze nu met de ouders. Samen brainstormden we over de volgende stappen en wat dit jongetje nodig heeft.

Boze buien

Om 15.00u had ik mijn volgende cliëntje, een jongen uit groep 7. Hij had in een eerdere groep vervelende ervaringen met een leerkracht, waardoor hij nu nog wel eens boze buien heeft. Met hem heb ik een EMDR sessie voor de volgende keer voorbereid. Dit doe ik o.a. door te zoeken naar nare plaatjes bij herinneringen en het laten tekenen van deze plaatjes. Ook heb ik een dagdroom (symbooldrama) gedaan, om de verwerking van gebeurtenissen en emotieregulatie te stimuleren.

Eigen grenzen bewaken

De laatste cliënt van deze dag, om 16.00u, was een jongen van 9 jaar. Met hem ben ik aan de slag gegaan met het belang van het bewaken van je eigen grenzen. Dit deden we aan de hand van het bespreken en analyseren van voorvallen waarin deze jongen zijn grenzen niet goed bewaakte. Ik werk met hem ook aan het versterken van een positief zelfbeeld, bijvoorbeeld met werkbladen en therapeutische materialen. Als laatste deden we het Gardner-spel. Dit is een therapeutisch spel, waarin ik vragen en opdrachtenkaartjes uitzoek die passen bij de behandeldoelen van dit kind. Ondertussen noteer ik bijvoorbeeld belangrijke uitspraken van hem en daag ik ongezonde gedachtes uit. Ook laat ik deze jongen steeds stil staan bij zijn gevoel, bijvoorbeeld door te vragen: ‘wat doet dat met jou?’.

Om 17.00u heb ik geen cliënten meer. Ik bel dan, indien nodig, nog wat mensen terug, plan nieuwe afspraken in, verwerk nieuwe aanmeldingen en schrijf mijn ‘to-do’ lijstje in de agenda voor de volgende dag. Dit doe ik ook voor mijn stagiaire, zodat zij direct zelfstandig hiermee aan de gang kan als ik in gesprek ben.

Dinsdag

Psycho-educatie over ODD

Vandaag begon ik de dag met om 8.45u een gesprek met ouders voor psycho-educatie voor hun zoon. We hadden in de weken ervoor onderzoek gedaan bij dit jongetje, die ODD bleek te hebben. Dit is een opstandige gedragsstoornis, dat een grote belasting voor ouders vormt. Sowieso zijn ouders heel belangrijk om een kind zo gelukkig en gezond te laten opgroeien. Maar in dit soort situaties is er als het ware een extra gebruiksaanwijzing nodig. Met psycho-educatie geven we informatie over de stoornis zelf. Dit gedeelte had mijn stagiaire voorbereid. Daarnaast gaf ik de ruimte om specifieke situaties te bespreken, waar ouders thuis tegenaan lopen. Samen analyseren we dan wat er precies gebeurd, wat mogelijkheden zijn en wat het bijvoorbeeld doet met de ouders. Als huiswerk vroeg ik de ouders om een tijdje verschillende situaties te noteren die ze als lastig ervaren.

slaapproblemen kinderen baby dreumes peuter

Intake over slaapproblemen bij dreumes

Daarna had ik om 10.00u een intakegesprek met een moeder van een jongen van net één jaar. Zij maakte zich tot voor kort zorgen over de nachten, omdat haar zoontje niet goed doorsliep en veel behoefte aan nabijheid had van moeder. Na de aanmelding heeft deze moeder al zoveel zelf gedaan, zoals een duidelijk slaapritme ingesteld, overdag meer structuur aangebracht, wat voor meer rust en voorspelbaarheid heeft gezorgd. Hierdoor waren de slaapproblemen al grotendeels opgelost. Het bevestigen van deze moeder in wat ze deed, was in dit geval voorlopig voldoende om weer verder te kunnen.

Kennismaking

Om 11.00u had ik een half uurtje ingepland voor een kennismaking met een kind van 9 jaar. Ik had zijn ouders al op intakegesprek gehad en een onderzoek afgesproken, maar ingeschat dat het voor dit kind prettiger zou zijn om eerst kennis te maken. Dan zag hij alvast waar hij terecht zou komen en bij wie, zodat de spanning niet zo groot zou zijn. Het kennismaken doe ik door met het kind in gesprek te gaan over zichzelf: wat vind je leuk om te doen, waar ben je goed in, wat doe je graag thuis, doe je aan sport, wat hoort echt bij jou, wat maakt jou een goede vriend, etc.

Aanmeldingen verwerken

Hierna had ik tijd om wat telefoontjes te plegen. Er wordt vrijwel dagelijks gebeld voor nieuwe aanmeldingen. Deze mensen willen graag even hun verhaal kwijt en ik leg in het kort de procedure uit. We ontvangen de aanmeldformulieren zowel digitaal als op papier. Deze moeten in een dossier worden gedaan, de formulieren worden geprint en de gegevens worden bijgehouden in onze eigen bestanden om overzicht te houden over de lopende cliënten. Ook moeten de nieuwe cliënten worden aangemeld in het software systeem zodat vergoedingen kunnen worden gedeclareerd, indien hier recht op is. Al met al vraagt dit veel administratieve handelingen die veel tijd vragen.

Bellen met scholen

Tussen 12.00u en 13.00u gebruik ik de tijd om naar leerkrachten en intern begeleiders te bellen. Zij zijn de rest van de dag vaak niet bereikbaar omdat ze voor de klas staan, dus bel ik deze altijd in ons ‘pauze’ uur. Ik belde nu met een leerkracht om de zorgen met betrekking tot een leerling te bespreken: zij wilden graag dat er ook zorg gegarandeerd kon worden als deze leerling de overstap naar het voortgezet onderwijs zou maken. Deze informatie moet ik vervolgens weer terugkoppelen naar de ouders, om transparant te blijven. Ouders vraag ik vooraf altijd toestemming om contact met bijvoorbeeld de leerkracht op te nemen.

Evaluatieverslagen schrijven

Tussen 13.00u en 15.00 had ik tijd ingepland voor het schrijven van evaluatieverslagen. Dit was hard nodig: ik ben vaak geneigd om mijn tijd zoveel mogelijk vol te plannen met afspraken, dat er weinig tijd over blijft voor de verslaglegging. Nu kon ik even de brieven aan de huisartsen schrijven, de dossiers opruimen en de cliënten afmelden in het software systeem. Ook hier zitten steeds meer administratieve handelingen.

COMET programma

Om 15.00 had ik een sessie met een pubermeisje, die erg perfectionistisch is, een negatief zelfbeeld heeft en daardoor ook ongezonde denkpatronen heeft. Met haar werk ik met COMET, een programma gericht op het verbeteren van het zelfbeeld. Maar omdat ik de balans tussen cognitie en emotie heel belangrijk vindt, wissel ik dit af met symbooldrama, die werkt aan de emotieregulatie. Dit meisje krijgt via de mail steeds huiswerkopdrachten mee, die ze thuis maakt en samen bespreken in de sessies. Zo werkt ze vrijwel dagelijks aan de stof die we behandelen, bijvoorbeeld door complimenten bij te houden.

Heftige gesprekken

De laatste afspraak was een intake met een meisje van de middelbare school, die slachtoffer is geworden van een zedendelict. Dit soort gesprekken zijn vaak heftig, zowel voor de cliënt die het verhaal moet doen, als voor ons: ik merk dat je sommige verhalen nooit helemaal naast je neer kunt leggen. Dat geeft ook niet, want het motiveert ook om er wat mee te doen, maar het vraagt ook wel wat van je.

Donderdag

Vervolg EMDR van maandag

Vandaag begon ik met een vervolg op de EMDR sessie van afgelopen maandag. Omdat ik maandag al merkte dat dit een vervolg nodig had, heb ik snel een nieuwe afspraak ingepland. Ik laat cliënten liever niet te lang wachten als de stress en spanning te hoog oploopt.

Motiveren voor behandeling

Om 10.00u zou ik een adolescent/student hebben die momenteel door omstandigheden niet meer naar college gaat. Hij vindt het echter moeilijk om te erkennen dat hij hulp nodig heeft en wil daarom niet komen. Mijn stagiaire probeert telefonisch te bespreken wat hem kan helpen om die stap tóch te maken. Dit blijkt echter te lastig voor hem. In overleg met de moeder wordt daarom afgesproken dat zij contact hebben met het jeugdteam. In zulke gevallen hebben wij een nauwe samenwerking met de jeugdteams, zodat cliënten wel direct worden opgevangen als er andere hulp nodig is.

Scoren en verwerken van testmateriaal

Vervolgens heb ik een uur om zaken uit te werken. Ik heb een aantal lopende onderzoeken, waarvan ik de vragenlijsten en testen scoor. Dit kost veel handmatig werk. Vervolgens moet ik de uitkomsten in een verslag typen en deze interpreteren. Ik stel vooraf onderzoeksvragen op en geef hier nu zo goed mogelijk antwoord op.

Overleg en telefoontjes

Tussen 12.00 en 14.00u houden we normaal gesproken overleg, maar vandaag zijn mijn collega’s er niet. Ik besluit daarom de tijd te besteden aan het terug bellen van mensen die hebben ingesproken en het overleggen met leerkrachten en ib-ers.

creatieve verwerkingsvormen schilderen verven tekenen symbooldrama dagdroomtherapie kinderen pubers jongeren

Depressieve klachten

Om 14.00u heb ik een pubermeisje met depressieve klachten en een zeer laag zelfbeeld. Zij heeft een creatieve kant, waar ik graag bij aansluit, omdat zij het creatief verwerken erg prettig vindt: praten is voor haar lastiger, en door bijvoorbeeld schilderen of tekenen kan zij zich op een andere manier uitdrukken. Ook werk ik met haar met onderdelen uit COMET, het programma voor het verbeteren van je zelfbeeld. In gespreksvorm gebruik ik vrijwel altijd een oplossingsgerichte techniek, zodat er weer hoop en mogelijkheden worden gecreëerd.

Relativerende gesprekken

Daarna heb ik om 15.00u een eerste behandelcontact met een puberjongen, van wie ik de ouders al eerder op intakegesprek heb gehad. Over deze sessie schreef ik al eerder een blog. Het lachen en op een luchtige manier kennis maken, gaven mij ook nieuwe energie en is een welkome afwisseling na soms pittige behandelcontacten.

Geen contact meer met vader

Als laatste zag ik deze dag een meisje uit groep 8, die momenteel haar vader niet meer ziet, maar wel toewerkt naar herstel van dit contact. Met haar sta ik stil bij haar kwetsingen en de verdrietige gevoelens die verschillende gebeurtenissen haar gaven. Deze erkenning en het spiegelen en benoemen van gevoelens is onderdeel van het mentaliseren bevorderende therapie (MBT). Mentaliseren is een ingewikkelde vaardigheid die bijvoorbeeld nodig is om goed te begrijpen wat er in je omgaat en heb je nodig voor het verwerken van gebeurtenissen. Daarnaast werk ik met haar aan concrete stappen naar dit herstel. Ik vraag haar toestemming om haar toegezegde afspraken te delen met haar vader, als stok achter de rug om zich er aan te houden. Tegelijkertijd blijven ouders zo op de hoogte van de vorderingen.

Terugblik

Deze week vielen er wat afspraken uit, waardoor ik wat meer tijd voor het uitwerken van o.a. onderzoeken had. Meestal heb ik ongeveer één keer per week wel een onderzoek, maar toevallig deze week niet. Het was een relaxte werkweek, waarin ik ook toe kwam aan ‘losse eindjes’, wat me weer overzicht gaf.

Ik kan me voorstellen dat je veel termen leest die je niks zeggen. Ik geef daar graag meer duidelijkheid in! Zijn er bepaalde onderwerpen waar je graag meer over zou willen lezen? Dan besteed ik daar graag een artikel aan. Laat het me maar weten in de reacties 🙂

10 tips voor een bedankje voor de juf

10 tips voor een bedankje voor de juf

10 Tips voor een cadeautje voor de leerkracht

Hoewel het weer anders doet vermoeden is het voor veel gezinnen alweer zover: het einde van het schooljaar nadert en de zomervakantie breekt aan. De meeste ouders (en kinderen) vinden het fijn of zijn gewend om een cadeautje te geven aan de leerkracht. Tijd dus om na te denken over een kleinigheidje voor de juf. Want dat is vaak nog een zoektocht, merk ik ook bij mijzelf. Daarom vandaag 10 tips voor een bedankje.

  1. Een gezamenlijk cadeau: sommige scholen en klassen nemen het initiatief om per ouder geld bij elkaar te leggen, om één groot cadeau te geven. Meestal is dit een bedrag tussen de €3 en €5 per ouder. Zo heb je algauw een mooi bedrag bij elkaar om de juf of meester eens goed in het zonnetje te zetten.
  2. Bloemen of planten: de klassieker. Nog steeds vinden veel leerkrachten het fijn om bloemen te krijgen. Let hierbij wel goed op dat je zeker weet dat de juf of meester niet vlak daarna op vakantie gaat, dat zou zonde zijn van de investeringen. Een plantje gaat langer mee.
  3. Een persoonlijk cadeautje namens je kind: een tekening, knutselwerkje, bedankbrief… om de juf te bedanken voor het fijne jaar, om haar te laten weten wat je als kind hebt geleerd of zo fijn vond… Leerkrachten waarderen het persoonlijke tintje van je kind enorm.
  4. Een DIY, zoals bijvoorbeeld deze leuke plant in een pot beschilderd met schoolbordverf en de tekst ‘thank you for helping me grow‘. Aan de bovenrand kun je, om het af te maken, een meetlint schilderen (of gewoon plakken, scheelt een hoop frustratie en tijd), of een liniaal in het potje naast de plant steken. Iets meer werk dan het gemiddelde bedankje, maar daar komt een tripje aan de Action weer van pas 🙂 Mijn pedicure kwam met dit leuke idee, bedankt!bedankje cadeautje juf meester leerkracht school kinderen
  5. Een kraslot. Tip van een vriendin uit de kinderopvang. Om de juf of meester ‘veel geluk’ te wensen, kun je een kraslot cadeau geven. Een origineel cadeau, leuk om te doen en een kleine investering om te geven. En wie weet brengt het je favoriete juf of meester wel écht veel geluk!
  6. Een ijsbon. Tip van een vriendin uit het onderwijs: met de zomer voor de deur heb je kans op lekker weer mét ijsjes on the side 🙂 En dan komt een waardebon van de lokale ijssalon goed van pas!
  7. Tijdschriften. Heerlijk om in de tuin of op vakantie te lezen. Roept direct een vakantiegevoel op! Bij de boekhandel heb je vaak rond deze tijd aanbiedingen van meerdere tijdschriften of extra dikke vakantienummers.
  8. Een bekende bij velen: een potje drop met een labeltje eraan met ‘het zit d’rop!’. Deze tip komt van een andere vriendin uit de kinderopvang en is volgens haar een succes bij de leerkrachten. Simpel om te maken en leuk om te krijgen.
  9. Een vriendenboekje laten invullen door alle (ouders van de) leerlingen uit de klas. En deze persoonlijk maken met bijvoorbeeld foto’s van alle kinderen, een groepsfoto, anekdotes, leuke herinneringen, tekeningen of wensen voor de juf. Een super persoonlijk cadeau waar je gemakkelijk nog eens in terug bladert!
  10. Volgens mij is elke leerkracht er stiekem een beetje gek op. Trouwens, wie niet? De leuke schriften, schrijfblokjes, to-do-lijstjes, post-it plakkers en bijbehorende pennen van de Hema. Ik kan er zelf in ieder geval geen genoeg van krijgen!

Heb jij nog meer tips? Ben ik dingen vergeten? Vul ze dan vooral aan in de reacties!