Archief van
Tag: interesse

Een piano en een klasje

Een piano en een klasje

Piano in huis

Mijn opa is verhuisd uit Amsterdam. Hij is naar een kleiner flatje gegaan en had geen mogelijkheid om zijn geliefde piano mee te nemen. In het verleden was hij fervent pianospeler, maar door artrose kon hij uiteindelijk zijn vingers niet meer goed strekken om te kunnen spelen. De vraag rees dus wat er met de piano moest gebeuren, want voor mijn opa heeft deze een grote emotionele waarde. Wegdoen was geen optie.

Verhuizen van een piano…

Maarja, niet iedereen heeft zomaar plek voor een piano in zijn huis. En misschien nog wel essentiëler: hoe krijg je zo´n bakbeest überhaupt in je huis!? Misschien was het naïef, misschien een tikje impulsief, maar een piano in ons huis uit de 19e eeuw, dat klonk mij als muziek in de oren. Steef was iets minder blij met deze actie, aangezien hij deze verhuistruc uit zijn hoge hoed mocht gaan toveren. Maar hé, we hebben een (geleende) aanhanger, hoe moeilijk kan het zijn?

Gelukkig waren familieleden beschikbaar om een eindje te helpen met sjouwen en zonder al te veel omhaal lukte het om de piano in te laden. Met hulp van een toevallig passerende buurman is deze loodzware unit zelfs zonder noemenswaardige schade tot in de woonkamer gekomen. En daar stond hij vervolgens te glanzen en te stralen.

Aantrekkingskracht

De piano had, zoals ik een beetje hoopte, een magische aantrekkingskracht op de kinderen. Vrijwel dagelijks werd er even gepingeld en al gauw besloot ik te kijken naar iets van pianolessen. Want als er dan eenmaal een piano in de huis staat, dan moeten we toch de kans grijpen om eens te onderzoeken of dat iets is wat (een van) de kinderen leuk vinden. Van Meia wist ik dat ze jaren terug al vaak had gezegd dat ze piano wilde spelen. Of viool. Van Fosse wist ik het niet.

Pianoklasje

Na enig navraag bleken ze beiden wel zin te hebben om mee te doen met een pianoklasje. Met 4 kindjes een half uurtje per week spelenderwijs kennismaken met piano spelen. Dat klonk in ieder geval lekker laagdrempelig en vrijblijvend. Afgelopen week was het dan zover: de eerste keer pianoles. Enthousiast stapten ze naar binnen en nog enthousiaster weer naar buiten. Gewapend met een werkblad, volgeschreven met cijfertjes.

Gezellig geluid

Het is ongelooflijk wat een kind in 30 minuten kan leren, want thuis werd enthousiast voorgedaan wat ze geoefend hadden. Het ging deze keer, als ik het goed begreep, vooral om de positie van de vingers op de toetsen. Maar ook mochten ze meteen hun eigen liedje maken voor de volgende keer. Het is een gezellig geluid, het getingel op de piano door het huis, op willekeurige tijdsstippen.

Familie traditie

Inmiddels zijn we aan het einde van het jaar. Het leven kan soms hard en confronterend zijn, zoals ook in ons geval, waarbij mijn opa toch vrij plotseling recent is overleden. Het maakt zijn instrument des te meer tot een geliefd relikwie, waar met name Meia met veel plezier gebruik van maakt. Het stokje lijkt daarmee doorgegeven. Laatst gaven Meia en Fosse een kleine demonstratie tijdens het Pepernotenconcert, en Meia kijkt er naar uit om met pianolessen door te gaan. Vooral ter ere van mijn opa, en daarmee de muzikale familietraditie, ben ik blij en dankbaar dat Meia het piano spelen zo leuk vindt.

Gevoelige periodes bij kinderen

Gevoelige periodes bij kinderen

Leren in de gevoelige periodes

Iedereen heeft er wel eens van gehoord: de kritische of gevoelige periode waarin een kind het beste iets leert. Eigenlijk is dat ook de grootste reden waarom kinderen al vanaf jonge leeftijd naar school gaan (moeten): omdat er in de kindertijd de meeste gevoelige periodes zijn om iets te leren. De ervaringen uit je kindertijd zijn bovendien heel vormend voor je persoonlijkheid en hebben grote invloed op alles wat je de jaren erna doet.

Gevolgen voor later

De eerste en meeste gevoelige periodes vinden al plaats in de babytijd. Als er in zo’n periode iets misgaat, kan dat soms blijvende gevolgen hebben omdat de juiste verbindingen in de hersenen dan niet worden aangelegd. De gevoelige periode voor de ontwikkeling van het zicht is bijvoorbeeld tussen de 3 en de 8 maanden: als er dan iets is waardoor de baby minder goed kan zien, kan het blijvend schade houden aan het zicht op latere leeftijd.

Hoe kinderen leren

Met verschillende onderzoeken en experimenten wordt gekeken of een gevoelige periode opnieuw kan worden uitgelokt, op een ander moment. Wanneer dat zou lukken, zou eventuele schade bijvoorbeeld kunnen worden ingehaald. Als er duidelijk wordt hoe kinderen precies leren en ontwikkelen, zou men het onderwijs daar naadloos op aan kunnen laten sluiten.

Gevoelige periodes op school

Dat laatste gebeurt natuurlijk al zoveel mogelijk, hoewel dat per school veel kan verschillen. Naar mijn idee onderstreept de theorie van de gevoelige periodes alleen maar meer het belang om daar op flexibele wijze rekening mee te houden op school. Globaal gezien zijn de gevoelige periodes ongeveer op hetzelfde moment, maar dit kan per persoon wel veel verschillen. Zeker omdat iedereen een andere geboortedatum heeft. Het aanbieden van lesstof zou daarom eigenlijk pas moeten, wanneer het kind in de gevoelige periode voor die stof zit.

Inspelen op interesses van je kind

De gevoelige periodes zijn er de reden van dat er in groep 3 wordt begonnen met lezen, want de meeste kinderen ‘zijn er aan toe’. Het is de reden waarom er in de kleuterklassen nog veel buiten wordt gespeeld (motorische ontwikkeling) en in de middenbouw wordt gestart met de zaakvakken. Omdat dán de interesse in de wereld om hen heen toeneemt. Maar deze ‘mal’ in wat er aan je kind wordt aangeboden, is een grove schatting, terwijl de gevoelige periodes juist zeer precies zijn. En dáárom is het zo belangrijk om in te spelen op de interesses van het kind. Want pas als een kind iets leuk vindt, leert het. Het heeft geen zin om domweg stof ‘erin te stampen’ als er geen interesse of motivatie is.

Aanvoelen waar het kind zit

En dat is in het onderwijs nog best lastig, merk ik vaak. Ik kom geregeld voor schoolobservaties en schoolgesprekken op scholen. En ik ken natuurlijk de montessori-onderwijsmethode van onze eigen kinderen. Tussen de scholen zit veel verschil. Zowel in de visie als in de dagelijkse praktijk van de leerkracht. Want uiteindelijk komt het er op neer of de leerkracht aanvoelt ‘waar een kind zit’ en hier op kan in spelen door de juiste stof aan te bieden. Dan hebben we het nog niet eens over onderlinge niveauverschillen tussen kinderen. Dat maakt de differentiatie extra moeilijk.

Eigen inbreng

In het traditionele onderwijs is er naar mijn idee vaak net iets minder mogelijk aan flexibele aanpassingen aan het leerproces van kinderen, omdat er nog steeds vaak klassikaal les wordt gegeven. Kinderen volgen de structuur van de lessen en hebben weinig eigen inbreng in wat ze wanneer doen. In het montessori-onderwijs is dat anders. Kinderen beslissen per dag bijvoorbeeld de volgorde van hun taakjes. Daarbij hebben ze een zekere vrijheid voor hoelang ze aan een taak willen werken: is een kind momenteel meer geïnteresseerd in rekenen, dan mag het, tot op zekere hoogte, langere tijd hier aan werken.

Motivatie

De leerkracht bewaakt dit proces door te benadrukken dat elke beslissing gevolgen heeft: nu meer rekenen betekent een andere keer meer taalwerk. Toch is dit voor mijn gevoel een methode die van nature beter aansluit bij het grillige ontwikkelingsproces van kinderen. Bovendien is de motivatie om aan de taken te werken per definitie hoger, omdat een kind zélf de keuze maakt voor een taak.

Leerbehoeften

Er zijn tegenwoordig (gelukkig) steeds meer vormen van onderwijs, die rekening houden met de verschillen in voorkeuren, ontwikkeling en leerbehoeften van kinderen. Goed onderwijs is namelijk een onderwijsvorm (en leerkracht) die goed aansluit bij de specifieke behoeftes van je kind. En dat verschilt per persoon.

Snoeien in synapsen

Het is echter niet zo dat een kind alleen maar leert in de de gevoelige fases. De hersenen hebben een zekere plasticiteit. Dat betekent dat mensen hun hele leven lang kunnen leren en zich aan kunnen passen aan veranderende omstandigheden. Maar in gevoelige periodes is er veel meer mogelijk. In de babytijd is dit het meest duidelijk: een baby wordt geboren met een oerwoud aan synapsen (mogelijke verbindingen voor informatieoverdracht), waar die eerste maanden behoorlijk in gesnoeid wordt: alles wat niet nodig is, gaat weg. Zo blijven alleen de belangrijkste verbindingen over. Dat gebeurt in de gevoelige periodes: zo wordt er orde in de chaos geschept en gaat het brein steeds beter functioneren.

Vorming van persoonlijkheid

Het is interessant om te bedenken waarom de gevoelige periodes alleen maar tijdens de kindertijd zijn. Ze zijn immers super nuttig voor de ontwikkeling en voor de overleving, zou je denken. Onderzoekers denken daarom dat er ook een keerzijde aan de kritische periodes zit: in die momenten draaien de hersenen namelijk op volle toeren, waardoor er ook eerder kans is op beschadiging aan de hersenen. En omdat de gevoelige fases ook vormend zijn voor de persoonlijkheid, kun je je afvragen of het wenselijk is wanneer deze gevoelige periodes ook in de volwassenheid optreden: wat zou het doen met je identiteit en je persoonlijkheid? Misschien is het daarom maar goed dat ze beperkt blijven tot de kindertijd.

 

Hulp dichtbij: de kapper als therapie?

Hulp dichtbij: de kapper als therapie?

Hoe kleine dingen tot grote resultaten kunnen leiden

Een tijdje terug zat ik bij de kapper. Het was rustig, want ik ging op een doordeweekse dag, zomaar overdag. Ik had namelijk een zeldzame vrije dag zonder kinderen. Toen ik bij de kapper binnen stapte, was er nog één klant aan het afrekenen. Althans, dat was geloof ik de planning van de kappers, maar de betreffende mevrouw dacht er anders over.

Je verhaal kwijt aan de kapper

Zodra ik de deur had opengeduwd, kwam er een stortvloed aan verhalen over me heen, waar ik – of ik nou wilde of niet- direct getuige van was. De vrouw vertelde honderduit over haar wel en wee uit haar relatie en klaagde steen en been over alles wat maar ter sprake kwam. Toen de kappers haar eindelijk zo ver hadden om te betalen en haar jas te laten aantrekken, zag ik aan hun grimas dat ze intussen behoorlijk klaar waren met deze onthullingen van hun openhartige klant.

Niet-praten-stoel

Grinnikend ging ik op de stoel zitten en zwijgend wachtte ik tot de kapper zover was om zich op mij te richten: dat was hetzelfde moment als dat de andere klant eindelijk naar buiten liep. De kappers slaakten een diepe zucht en zochten direct steun bij elkaar: ‘jeetje, wat kan zij kletsen!’ en: ‘dat is bepaald geen type voor een “niet-praten-kappersstoel”‘. Een ‘niet-praten’ stoel? Vroeg ik hardop. Ja, die bestonden. Voor mensen die geen gezeur wilden van de kapper tijdens een knipbeurt. Die geen ongemakkelijke gesprekjes wilden voeren. Het leek erop dat de kappers in dit geval eerder zelf in deze stoel hadden willen zitten.

Geen sociaal leven

Toch hadden ze ook wel met deze klant te doen. Ze was zo alleen, haar knipbeurt eens in de zes weken was zo’n beetje het enige uitje buitenshuis. Op de vraag van de kapper “ga je nog wat leuks doen vanavond?” had ze gereageerd met: ‘oh gewoon in pyjama op de bank en tv kijken zoals altijd’. Blijkbaar had deze vrouw amper een sociaal leven en leefde ze volledig op onder de aandacht van de kappers.

Hulp dichtbij

En terwijl ik geknipt werd, bedacht ik me hoe belangrijk zulke dingen eigenlijk zijn. De gewone dingen van het leven. Vanuit de overheid en de gemeente wordt gepromoot de hulp dichtbij te zoeken. Het liefst door het netwerk, de buurt, de vereniging, de coach, de buurvrouw, of wie dan ook. En zo blijkt, in dit geval, de kapper daar ook een rol in te vervullen. Hoewel het deze meiden koppijn bezorgde en ze klaagden dat ze ‘vooral niet teveel van zulke klanten’ moesten hebben, beseffen ze misschien niet welke belangrijke rol ze misschien vervullen voor sommige kwetsbare mensen.

Het belang van aandacht

Wie weet is deze vrouw inderdaad één van de kwetsbare mensen in de samenleving, die door haar regelmatige kappersbezoekjes echter weer zo wordt opgeladen, dat de stap naar de hulpverlening uiteindelijk niet nodig blijkt. Misschien geven de kappers haar wel de aandacht, tonen ze interesse, geven zij de ontspanning door het gefrunnik aan de haren, het masseren tijdens het wassen, en geven zij haar eventjes het gevoel belangrijk te zijn. De moeite waard. Kan zij zichzelf eventjes weer waarderen, genieten van haar nieuwe kapsel, wordt haar zelfbeeld weer opgevijzeld en neemt haar zelfvertrouwen toe.

Voorkomen van problemen

Dat neemt natuurlijk absoluut niet de zin en het nut weg van de GGZ, maar geeft wel aan dat daarnaast ook de kleine dingen grote resultaten kunnen hebben. Dat er vooral ook veel voorkómen kan worden, soms zelfs ongemerkt, zoals in dit geval. En voor de één is dat het sporten, voor de ander de complimentjes van de leerkracht, en voor de derde de onverdeelde aandacht tijdens een bezoek aan de kapper.

De kapper als hulpverlener

Het gesprek kwam algauw op mijn werk terwijl ik in de stoel zat. En terwijl ik uitlegde wat mijn werkzaamheden inhielden, welke problematiek ik soms tegenkwam en mijn doelgroep een beetje beschreef, bemerkte ik herkenning bij de vrouw die ondertussen mijn haren knipte. Ze vertelde over kennissen met soortgelijke problemen, hoe zwaar ze het vond en hoe zwaar het haar leek om zulk werk te doen. Dat ze het niet zou kunnen, mentaal niet aan zou kunnen. En het enige dat ik dacht, was: meisje, je hebt het net gedaan. Je bent een steun geweest, een vertrouwenspersoon, iemand om op terug te vallen. Je hebt iemand geholpen, zonder dat je het zelf wist.