Archief van
Tag: ggz

Meer mogelijkheden voor vergoede jeugdhulp

Meer mogelijkheden voor vergoede jeugdhulp

Mogelijkheden binnen de beperkingen

Hiep hiep hoera! We hebben nieuwe mogelijkheden voor vergoede zorg in de praktijk! Ooit begon ik met het leveren van eerstelijns ggz zorg voor kind en jeugd. Sindsdien is er behoorlijk wat veranderd qua regelgeving voor vergoede zorg voor de jeugd. Sinds 2015 wordt vergoede zorg niet meer betaald vanuit de zorgverzekeraar, maar is de gemeente daar verantwoordelijk voor. En in die 3 jaar tijd is er óók weer veel veranderd. Aan de lopende band bijna, als je het mij vraagt.

Verandering is niet gelijk aan verbetering

Het moge duidelijk zijn dat verandering niet altijd verbetering betekent. Wie mij een beetje kent, kent ook zo mijn gedachtes over hoe de geestelijke gezondheidszorg is geregeld in Nederland. Toen ik voor mezelf begon, heeft menig vakgenoot me dan ook voor gek verklaard. Met bosjes vallen collega´s om mij heen neer, en ik snap het helemaal. Ik ben dan ook begonnen met de insteek: het kan er alleen maar op vooruit gaan.

Actie voeren

Ik sta dan ook vierkant tegen alle acties die worden gevoerd voor de publieke sector. De GGZ is al jaren het ondergeschoven kindje van de zorg geweest. Ik hoop van harte dat daar op korte termijn verbetering in komt. Tot die tijd is het zoeken naar mogelijkheden binnen de beperkingen. En eigenlijk is dat een mooie metafoor voor wat mijn werk inhoudt. Ik zoek constant naar mogelijkheden binnen de beperkingen in de opvoeding. Of dat nou komt door ADHD, een ongunstig gezinsklimaat of een beperkte intelligentie.

Jeugd en opvoedhulp (J&O)

Op die manier heb ik, helaas op harde en zeer ontnuchterende wijze, ook mogelijkheden gevonden om mijn werkveld wat op te rekken en uit te breiden. Sinds kort bieden wij namelijk ook vergoede zorg aan voor het geven van groepstrainingen voor kinderen, het geven van ouderbegeleiding (zowel in de praktijk als thuis) en het geven van therapeutische begeleiding van kinderen met een DSM classificatie zoals ADHD of Autisme. Samenvattend heet dit hulpaanbod Jeugd en Opvoedhulp (J&O). Even voor de duidelijkheid: dit kan dus náást de GGZ hulp voor een kind worden ingezet.

BGGZ én SGGZ via 1NP

Eén van de andere veranderingen in de jeugd GGZ is dat het onderscheid tussen eerste- en tweedelijnszorg niet meer bestaat. Daarvoor in de plaats gekomen is nu BGGZ (basis GGZ) en SGGZ (specialistische GGZ) gekomen. Sinds wij ook zijn aangesloten bij 1NP als landelijk netwerk, kunnen we naast de kortdurende BGGZ indien nodig ook de meer intensievere SGGZ inzetten. Bovendien kunnen cliënten vanuit heel Nederland bij ons terecht, ongeacht de gemeente van herkomst.

Hartje Dordrecht

Nog eventjes geduld en onze praktijk zit in hartje Dordrecht, waar wij bovenstaande en andere mogelijkheden aanbieden. Want we laten ons niet kisten door bureaucratie en regelgeving, maar blijven zoeken naar oplossingen en mogelijkheden. Bloed kruipt waar het niet gaan kan tenslotte. En dat is nu precies de kracht van wat we doen: samen zoeken naar oplossingen en mogelijkheden, binnen de beperkingen van de situatie.

Blijf op de hoogte

Wil je op de hoogte blijven van alle ontwikkelingen en laatste informatie over de praktijk, het behandelaanbod en mogelijkheden voor jou? Like ons dan op Facebook en houdt de website in de gaten!

De eerste week als ondernemer

De eerste week als ondernemer

De overname van Praktijk Inzicht is een feit!

Op 1 januari 2018 was het zover: de datum waar ik al jaren daarvoor naartoe heb gewerkt. Ik ben ondernemer! En heb nu een heuse eigen praktijk voor kind&jeugd GGZ. Hoe cool is dat. Maar hoezeer het tromgeroffel ook aanzwol tot deze heuglijke dag, zo groot was ook de deceptie op diezelfde dag. Want ja, 1 januari is natuurlijk gewoon een vrije dag. En laat ik nou nog in mijn herstelperiode zitten en gewoon ook nog kerstvakantie hebben… Dus geen cliënten, roodgloeiende telefoon of avonden lang verslagen schrijven. Neejoh.

Regeldingen

In plaats daarvan was ik wel keihard bezig met het in orde maken van de laatste zaken. Ik had zo gehoopt dat alles echt rond was voor 2018, maar helaas kun je niet blind vertrouwen op stiptheid en vooral niet op snel werken als het om ambtenarenwerk gaat. Dus was ik die week nog bezig met het uitzoeken van verzekeringen, het eindeloos wachten op alle benodigdheden voor het (dacht ik) simpel openen van een zakelijke rekening en het definitief maken van de overnamecontracten. Oh en ik vergeet natuurlijk het doorvoeren van alle wijzigingen bij de gemeente. De grootste hobbel, waar ik nu 2 weken later, nog steeds geen zicht op heb. Frustrerend, zeker als er een keiharde 0 op je banksaldo staat en de kosten zich in de tussentijd geduldig steeds verder opstapelen.

Het leven van een starter

Ja, het leven van een starter gaat niet over rozen. Ik besloot me er bij neer te leggen. Ik kon hemel en aarde niet bewegen om andere mensen hun taken te laten uitvoeren. Dan ga ik maar leuke dingen doen en genieten van de laatste vrije dagen met de kinderen. Een leuk feestje met sportmaatjes het weekend voor ik écht begon voelde voor mij als een feestje om dit nieuwe tijdperk te vieren. En dat is goed gelukt. Blijkbaar stroomt er deze laatste weken nogal wat adrenaline door mijn aderen, want het nachtelijk wakker liggen (gelukkig zonder lekkages nu) is inmiddels eerder regel dan uitzondering. Ik keek er gewoon ook onwijs naar uit om eindelijk weer lekker te werken. Ja, echt!

Eindelijk, het begint nu echt!

En 8 januari was het dan zover. Het was een dag waarin ik gelukkig veel tijd had voor (nog meer) regelzaken. De voicemail had zich aardig gevuld met nieuwe aanmeldingen en andere vragen en ook de lopende cliënten werden wakker uit de sluimerstand van de vakantie. De dagen ervoor had ik me al zitten verheugen op de dag dat ik mijn collega’s weer zou zien, nu in de rol van werkgever. Nieuw en spannend. Ik kreeg van tevoren echter al zoveel steun en vertrouwen uitgesproken, dat ik ook wat leuks wilde terug doen. Dus shopte ik de afgelopen dagen allerlei cadeautjes bij elkaar tot een ‘hoe overleef ik mijn nieuwe werkgever’ pakket. Leuk om te doen, en nog leuker om te zien hoe enthousiast iedereen dit nieuwe avontuur met me wilde aangaan!

Frustraties

Helaas was ook in de tweede week van de vakantie lang niet alles rond. Ik wachtte nog altijd tot mijn bankzaken geregeld waren, en zat me te frustreren dat de gemeente maar niet opschoot met het wijzigen van de overname gegevens in hun systemen. Plus dat er nog zeer weinig duidelijk is over de betalingswijze van de gegeven zorg. In de praktijk leef ik nu op de pof en werk ik gratis. Een situatie die niet héél lang houdbaar is, dus inmiddels word ik lichtelijk nerveus.

De vrijheid van werktijden

Woensdags is nu mijn vrije dag. Ik heb mezelf de luxe gegeven om dan wél onze oppas aan huis te hebben ’s ochtends, zodat ik dan kan sporten (eindelijk!) en wat andere regelzaken kan doen. ’s Middags blijft vrij voor de kinderen. De donderdagmiddag had ik geen afspraken, en kon ik ineens de kinderen zelf uit school halen. Ik genoot met volle teugen van deze rijkdom van de vrijheid in het bepalen van je eigen werktijden. Al stond Steef een beetje te brommen dat ik niet moest vergeten te werken. Grappenmaker.

Het contract tekenen

Donderdag was sowieso een bijzondere dag, want op deze dag hebben we de overeenkomst officieel getekend. Het had wat voeten in de aarde, maar het is eindelijk zover, mijn lot is bezegeld! Dat voelt heel vrij! Van mijn nu ex-werkgever kreeg ik een bijzonder cadeau. Een beeld met de titel ‘een goed gevoel’. Wat onze wederzijdse gevoelens mooi symboliseert. Dit mooie kunstwerkje krijgt straks een goed plekje in mijn eigen praktijk.

Uitwerken in joggingbroek

Vrijdag ging ik alweer vroeg aan de bak, met weer een volle dag voor de boeg. In de avonden plande ik wat uitwerkwerkzaamheden. Heerlijk, ongestoord achter elkaar door kunnen werken aan een verslag of stapel behandelplannen. Gewoon in joggingbroek met Spotify op de achtergrond. Tot ik geen zin meer heb, want ik hoef aan niemand verantwoording af te leggen over mijn uren. Heerlijk, kan ik wel aan wennen!

Goede voornemens

Er zijn deze week al flink wat nieuwe voornemens ingeslopen, die ik ten uitvoer heb gebracht. De belangrijkste en fijnste is toch wel een wandelingetje maken. Ja, geen wereldschokkend revolutionair idee, maar daarom niet minder effectief of gewaardeerd. Mijn werk blijft immers toch vooral zittend werk, waarbij wat beweging tussendoor sowieso een goed idee is. Maar het werkt ook om je hoofd helder te krijgen, dingen te overdenken of op nieuwe ideeën te komen. Of om gewoon eens je collega te kunnen spreken over het weekend en letterlijk pauze van je werk te nemen.

Niet inhoudelijk werk

In dezelfde week zijn er ook een heleboel andere zaken om de hoek komen kijken, die niet direct met de GGZ te maken hebben. Telefoontjes met de gemeente, met de accountant en uitzoeken welk boekhoudkundig programma gebruikt moet worden. Aanleveren van bergen papierwerk, om bijvoorbeeld de arbeidsovereenkomsten van mijn personeel te kunnen opstellen. De gemeenteambtenaar achter haar broek aan zitten zodat ik eindelijk eens geld krijg om dat fijne personeel ook te kunnen betalen straks. Een mobieltje van de zaak regelen. Een account regelen voor het declaratiesysteem voor de zorg. Privacywet uitzoeken. Agenda’s laten synchroniseren. Dat soort dingen.

Terugblik op de eerste week

Terugkijkend op mijn eerste week (nou vooruit, eerste twee weken), kan ik alleen maar heel trots, blij en enthousiast zijn. En wel een beetje moe. De spanningen tot aan het moment van tekenen lijken er nu ineens een beetje uit te komen. Maar het is ontzettend gaaf om dit te kunnen en mogen doen, om met zulke fijne collega’s samen te werken en om zo’n lieve teamgenoot naast je te hebben staan. Het voelt echt als samen doen. Ik kijk er naar uit om al mijn ideeën straks echt in de praktijk te kunnen brengen!

 

 

Noodkreet vanuit de jeugdzorg

Noodkreet vanuit de jeugdzorg

Wachten tot het misgaat

Er is iets heel ergs gaande in de jeugdzorg. Al sinds de invoering van de nieuwe jeugdwet in 2015 maak ik mij zorgen over de gevolgen voor de kinderen en gezinnen in de praktijk. Misschien denk je: ‘dat zegt me allemaal niks, het is een ver van mijn bedshow’. Think again. Want de werkelijkheid is dat we er in toenemende mate problemen in ervaren. En heel eerlijk: ik houd mijn hart vast hoe dit zich verder gaat ontwikkelen.

 

Tikkende tijdbom

Vorige week was er een nieuwsbericht op de NOS. Er ze komen de laatste maanden steeds meer: noodkreten van ouders, hulpverleners die aan de bel trekken, de media die hun afgrijzen over de huidige praktijken binnen jeugdhulpland laten klinken. In het bericht van gisteren sturen ouders van een suïcidale dochter een wanhoopskreet de wereld in via Facebook: ze kan, ondanks meerdere suïcidepogingen, nergens terecht. Het voelt als een tikkende tijdbom.

 

Kinderen kunnen nergens terecht

Hoewel dit een extreem voorbeeld is van een zeer complexe casus, is er in de rest van Nederland dezelfde beweging aan de gang. Wij, in regio Zuid Holland Zuid, beslaan één van de grootste regio’s in Nederland en zijn verantwoordelijk voor jeugdhulp aan miljoenen mensen. Dit zegt helaas niks over goed geregelde hulp. In alle 17 gemeentes die binnen deze regio vallen, is er sprake van oplopende wachtlijsten, geen plek voor cliënten, budgetten die op zijn, cliëntenstops en overwerkte mensen.

 

Problemen sinds de nieuwe jeugdwet

Hoe kan dat? In 2015 is er een wetswijziging gekomen. Waar vroeger jeugdhulp werd vergoed door je eigen zorgverzekeraar, zijn nu gemeentes verantwoordelijk gemaakt voor het inkopen van de jeugdhulp. Het is een complexe zaak, en als leek lastig te begrijpen. Het is daarom ook onvoorstelbaar dat zoiets belangrijks en grootschaligs in 2 jaar tijd totaal op zijn kop is gezet om het bij de gemeentes te plaatsen. Voor veel mensen in het werkveld klonken alle plannen te mooi om waar te zijn. En helaas blijkt dat ook zo te zijn.

 

Politiek probleem

Doordat werkelijk álles is veranderd in het regelen en vergoeden van zorg voor de jeugd, werd aan alle kanten opnieuw het wiel uitgevonden. En zoals past bij iets nieuws proberen, gaat dit gepaard met veel probeersels en nog meer mislukkingen. Helaas lijkt de Nederlandse politiek zo ingericht, dat de plannen koste wat kost moeten worden doorgeduwd. Het is hun eer te na om halverwege te constateren dat het toch niet zo goed uitpakt als ze hadden voorzien, dus steken ze hun kop in het zand en roepen nog wat harder: ‘wij staan voor één gezin, één plan!’ en meer van die lege uitspraken.

 

Geen geld meer

Het is tenenkrommend en om gek van te worden. Toen ik na de kerstvakantie weer ging werken was het 9 januari. We hadden niet lang daarvoor te horen gekregen wat ons budget voor 2017 zou zijn. Wéér 11,5% eraf. In totaal is er in 3 jaar tijd maar liefst ruim 30% bezuinigd. Dat dat natuurlijk krankzinnig is, is nog een andere discussie. Maar toen ik mijn administratie deed en bekeek hoeveel cliënten er mee verhuisden van 2016 naar 2017, kwam ik tot de schokkende ontdekking dat we al aan het budgetplafond zaten. Als ik alle nieuwe aanmeldingen uit de kerstvakantie meetelde bij de lopende cliënten, zou ik ons volledige budget van 2017 al hebben verbruikt!

 

Noodsituatie

Ik trok aan de bel: dit is een noodsituatie! Dit kan niet! Hoe kan het in vredesnaam zo zijn dat ik in januari al tegen mensen moet zeggen dat ze niet meer bij ons terecht kunnen? Hoe moet dat als de behandelingen van de lopende cliënten straks afgerond zijn? Ga ik dan duimen zitten draaien? Terwijl we merken dat de aanmeldingen maar binnen blijven stromen, terwijl de hulpvragen steeds meer toenemen en de behoefte aan goede zorg alleen maar groter wordt?

 

Bureaucratie en administratieve last

Het is nu juni 2017. We hebben met héél veel passen en meten, eindeloos onderbouwen en in feite op onze blote knietjes smeken bij de gemeente (die het geld uitdeelt) of wij asjeblieft in aanmerking mochten komen voor ophoging van het budget. Nou dat mocht hoor, zo verkondigde de gemeente. Wanneer wij in aanmerking wilden komen voor een extra 10% (ha! 10%! Een schijntje dus. En dan te bedenken dat we die in eerste instantie moesten inleveren, dus niks extra, maar gewoon ons eigen geld), moesten we een dubbel A4’tje met voorwaarden aanleveren aan papierwerk en klinkklare bureaucratische onzin.

 

Wat gebeurt er straks?

Puntje bij paaltje kregen wij bij Gods gratie die 10%, dus konden we de executie oprekken. Tot nu. Want nu zijn wij bij het punt beland dat er geen beweging meer mogelijk is. Wat betekent dat, vraag je je af? Ik zal het je vertellen:

  • we kunnen geen cliënten meer aannemen
  • onze cliënten die voor ons kiezen, hebben geen keuzevrijheid meer, wat zo mooi wordt gepromoot door de gemeente (weer zo’n lege huls)
  • cliënten die hun behandeling bij ons willen afmaken, maar dat niet kunnen doen omdat het geld op is, zijn verplicht om de behandeling af te breken en ergens anders verder te gaan: weer opnieuw een relatie aangaan, vertrouwen winnen, alles vertellen… Een aanslag op de motivatie, het vertrouwen en de effectiviteit van de zorg
  • we kunnen geen cliënten meer verwijzen naar collega’s, want hun geld is ook op
  • de problemen van cliënten nemen toe
  • ik moet tegen cliënten zeggen dat zij pas weer in het nieuwe jaar terecht kunnen, wat ik al zeg sinds februari!
  • als cliënten zelf willen betalen kunnen zij wel terecht. Ik vind dit moreel onaanvaardbaar. Zorg moet voor iedereen beschikbaar zijn die het nodig heeft, geen luxeproduct voor de rijkeren!
  • de wachtlijsten worden langer bij de hulpverleners die nog wél budget hebben
  • problemen worden ernstiger, complexer en hardnekkiger
  • problemen die bij ons hadden kunnen worden behandeld, veranderen door lang wachten in problematiek waar veel duurdere en langdurige zorg nodig is
  • mensen kunnen nergens meer terecht met hun problemen. Jawel zegt de gemeente: want 25km verderop zit nog een praktijk die nog budget heeft. Of jawel, zegt de gemeente: bij deze hulpaanbieder kun je nog terecht. Hoe komt het dat die mensen nog budget hebben? Ze staan blijkbaar niet goed bekend?
  • de hulpaanbieders die nog wél budget hebben, maar waar mensen liever niet naartoe willen, omdat ze daar bijvoorbeeld geen goede verhalen over horen of omdat ze er een andere reden voor hebben om de kwaliteit in twijfel te trekken, krijgen alsnog de cliënten in hun schoot geworpen. Een soort beloning voor hun matige werk?De problemen nemen toe Ik kan er nog eindeloos over doorgaan, maar zal ander relaas voor een andere keer bewaren. Voor nu wil ik alleen maar de iedereen wakker schudden: jongens let op! Ik houd mijn hart vast voor mijn cliënten en alle hulpbehoevende kinderen en gezinnen in Nederland. Het mag toch niet zo zijn dat cliënten nergens terecht kunnen?

 

Wordt wakker!

Het is afwachten wanneer het misgaat. De nieuwsberichten die nu steeds meer verschijnen, bevestigen onze zorgen. Wat des te schrijnender is, is dat de gemeente aangeeft dat er sinds de invoering van de nieuwe jeugdwet alleen maar een toename is in de problemen. Zowel in de basis GGZ (de lichtere zorg) als de specialistische GGZ (de zwaardere zorg). Ohja, en uiteindelijk moesten gemeentes aan het eind van het jaar alsnog een paar miljoen ophoesten, want er bleek iedere keer toch meer geld nodig dan voorzien. Nouja, dan zíj hadden voorzien, want voor ons was het geen verrassing. Er gaat dus duidelijk wat mis, maar het is de vraag wanneer er wat aan gedaan wordt.

Hulp dichtbij: de kapper als therapie?

Hulp dichtbij: de kapper als therapie?

Hoe kleine dingen tot grote resultaten kunnen leiden

Een tijdje terug zat ik bij de kapper. Het was rustig, want ik ging op een doordeweekse dag, zomaar overdag. Ik had namelijk een zeldzame vrije dag zonder kinderen. Toen ik bij de kapper binnen stapte, was er nog één klant aan het afrekenen. Althans, dat was geloof ik de planning van de kappers, maar de betreffende mevrouw dacht er anders over.

Je verhaal kwijt aan de kapper

Zodra ik de deur had opengeduwd, kwam er een stortvloed aan verhalen over me heen, waar ik – of ik nou wilde of niet- direct getuige van was. De vrouw vertelde honderduit over haar wel en wee uit haar relatie en klaagde steen en been over alles wat maar ter sprake kwam. Toen de kappers haar eindelijk zo ver hadden om te betalen en haar jas te laten aantrekken, zag ik aan hun grimas dat ze intussen behoorlijk klaar waren met deze onthullingen van hun openhartige klant.

Niet-praten-stoel

Grinnikend ging ik op de stoel zitten en zwijgend wachtte ik tot de kapper zover was om zich op mij te richten: dat was hetzelfde moment als dat de andere klant eindelijk naar buiten liep. De kappers slaakten een diepe zucht en zochten direct steun bij elkaar: ‘jeetje, wat kan zij kletsen!’ en: ‘dat is bepaald geen type voor een “niet-praten-kappersstoel”‘. Een ‘niet-praten’ stoel? Vroeg ik hardop. Ja, die bestonden. Voor mensen die geen gezeur wilden van de kapper tijdens een knipbeurt. Die geen ongemakkelijke gesprekjes wilden voeren. Het leek erop dat de kappers in dit geval eerder zelf in deze stoel hadden willen zitten.

Geen sociaal leven

Toch hadden ze ook wel met deze klant te doen. Ze was zo alleen, haar knipbeurt eens in de zes weken was zo’n beetje het enige uitje buitenshuis. Op de vraag van de kapper “ga je nog wat leuks doen vanavond?” had ze gereageerd met: ‘oh gewoon in pyjama op de bank en tv kijken zoals altijd’. Blijkbaar had deze vrouw amper een sociaal leven en leefde ze volledig op onder de aandacht van de kappers.

Hulp dichtbij

En terwijl ik geknipt werd, bedacht ik me hoe belangrijk zulke dingen eigenlijk zijn. De gewone dingen van het leven. Vanuit de overheid en de gemeente wordt gepromoot de hulp dichtbij te zoeken. Het liefst door het netwerk, de buurt, de vereniging, de coach, de buurvrouw, of wie dan ook. En zo blijkt, in dit geval, de kapper daar ook een rol in te vervullen. Hoewel het deze meiden koppijn bezorgde en ze klaagden dat ze ‘vooral niet teveel van zulke klanten’ moesten hebben, beseffen ze misschien niet welke belangrijke rol ze misschien vervullen voor sommige kwetsbare mensen.

Het belang van aandacht

Wie weet is deze vrouw inderdaad één van de kwetsbare mensen in de samenleving, die door haar regelmatige kappersbezoekjes echter weer zo wordt opgeladen, dat de stap naar de hulpverlening uiteindelijk niet nodig blijkt. Misschien geven de kappers haar wel de aandacht, tonen ze interesse, geven zij de ontspanning door het gefrunnik aan de haren, het masseren tijdens het wassen, en geven zij haar eventjes het gevoel belangrijk te zijn. De moeite waard. Kan zij zichzelf eventjes weer waarderen, genieten van haar nieuwe kapsel, wordt haar zelfbeeld weer opgevijzeld en neemt haar zelfvertrouwen toe.

Voorkomen van problemen

Dat neemt natuurlijk absoluut niet de zin en het nut weg van de GGZ, maar geeft wel aan dat daarnaast ook de kleine dingen grote resultaten kunnen hebben. Dat er vooral ook veel voorkómen kan worden, soms zelfs ongemerkt, zoals in dit geval. En voor de één is dat het sporten, voor de ander de complimentjes van de leerkracht, en voor de derde de onverdeelde aandacht tijdens een bezoek aan de kapper.

De kapper als hulpverlener

Het gesprek kwam algauw op mijn werk terwijl ik in de stoel zat. En terwijl ik uitlegde wat mijn werkzaamheden inhielden, welke problematiek ik soms tegenkwam en mijn doelgroep een beetje beschreef, bemerkte ik herkenning bij de vrouw die ondertussen mijn haren knipte. Ze vertelde over kennissen met soortgelijke problemen, hoe zwaar ze het vond en hoe zwaar het haar leek om zulk werk te doen. Dat ze het niet zou kunnen, mentaal niet aan zou kunnen. En het enige dat ik dacht, was: meisje, je hebt het net gedaan. Je bent een steun geweest, een vertrouwenspersoon, iemand om op terug te vallen. Je hebt iemand geholpen, zonder dat je het zelf wist.