Archief van
Tag: depressie

Zelfs een mars van duizend mijl, begint met een enkele stap

Zelfs een mars van duizend mijl, begint met een enkele stap

Lieve Jessie,

Deze is voor jou. In de hoop dat je jaren later dit bericht terugleest met een glimlach. Met de dankbaarheid in je hart dat je nog leeft. Want dat is op dit moment verre van vanzelfsprekend voor jou. Grote delen van de week ben je liever dood, liever weg. Enkel nog in de dood zie jij de oplossing van je problemen. Ik kan me gewoonweg niet voorstellen hoe verschrikkelijk jij je op die momenten moet voelen.

Missie

Voor jou ben ik dit werk begonnen. Het is om jou, en vele ‘Jessies’ met jou, dat ik dit pad insloeg. Ooit beloofde ik mijzelf: ‘als ik ook maar één kind kan redden van zo’n rotte jeugd, dan is mijn missie geslaagd’. Ik ben het niet vergeten, en voor jou maak ik me hard. Want misschien geloof je het zelf niet, maar neem van mij aan: ik geef om je. Net als velen om jou heen. Maar door alle beschadigingen in je leven, alle kwetsingen, al jouw grenzen die zijn over gegaan, komt het niet meer binnen.

Geborgenheid

Leeg zit je voor me. Je schouders hangen, je blik staat op oneindig. Keer op keer in je leven werd je afgewezen. Als ik vertel over mijn gezin, over de kleine gelukjes, zoals samen tekenen, onze schoen zetten of een liedje zingen, leef je op en leef je mee. Oprecht voel jij je betrokken. Hoe is het mogelijk, als je bedenkt dat al deze liefde, deze kleine gebaren, warme knuffels en geborgenheid jouw zijn onthouden. Wat gun ik jou deze wederzijdse gevoelens, en wat doet het pijn om te beseffen dat die zo schaars zijn in je leven.

Trauma’s

Lieve Jessie, je ziet niet een fractie van je eigen potentie, van je eigen mogelijkheden, je humor, je talenten. Ik verbaas me keer op keer, zowel over de onpeilbare diepte van je verdriet, de zwartheid van je gemoed, maar ook net zo goed om de scherpte van je humor, en de liefde die je nog altijd te geven hebt. Dat jij nog zo goed presteert op school, terwijl je hoofd zwaar is door alle trauma’s, is een klein wonder te noemen.

Onrecht

Ach, wat maakt het me verdrietig als ik steeds weer op de grenzen van je zelfcompassie stuit. Dit is geen bescheidenheid meer, maar een onterechte verwerping van je hele zijn. Hoe oneerlijk is het leven, dat je zo het slachtoffer bent geworden van de dingen die je hebt moeten meemaken, en van alle gebeurtenissen die jou zijn aangedaan? Onrecht, dat is één van de zaken die ik heel slecht kan handelen. Geloof me, ik geef pas op als ik alles heb gedaan wat in mijn macht ligt.

Zelfdoding

Zoals ik laatst ook tegen je zei: ‘zelfs een mars van duizend mijl, begint met een enkele stap’. Hoe diep je nu zit, betekent dat het leven er enkel nog maar beter op kan worden. Maar ja, neem dat maar eens aan als je aan de grond zit. Misschien spreek ik een klein beetje uit ervaring, mijn oom nam ook vroegtijdig het leven. Ik heb gezien hoe hardnekkig de overtuigingen zijn, en hoe diep de drang naar zelfdoding soms zit.

Leven

Maar toch, lieve Jessie, ik hoop dat ik niet uit egoïsme handel als ik je probeer te redden van de dood. Het is een lastig dilemma, wanneer ben je in de positie om te mogen beslissen over iemands leven? Wanneer ben je zogenaamd in de positie om daar überhaupt een mening over te vormen, over wat beter is voor iemand? Maar toch, toen je zei dat je deels blij en deels boos was toen de politie je daad verijdelde, was daar een klein sprankje hoop. Het kleine sprankje dat blij en opgelucht was, bevestigd voor mij je gezonde wens om te léven.

Vechten

Want kind, wat heb je nog een hoop om voor te leven. Kon je zelf maar zien en geloven dat er zoveel mensen om je heen zijn die om je geven, die vechten om je te behouden en die in je geloven. Het leven is soms zo oneerlijk, en je krijgt bij lange na niet altijd wat je verdient. Maar als ik in jouw geval het onrecht enigszins ongedaan kan maken, en je wat levenslust kan geven, al is het maar een beetje, dan is mijn missie geslaagd.

Toekomst

Lieve Jessie, ik heb vertrouwen in jou en de toekomst. Ik sta aan jou zijlijn en coach je tijdens je reis. Je bent sterker dan je denkt, wijzer dan je gelooft, en knapper dan je ooit aanneemt. Ooit, ooit, komt die dag, dat je dankbaar bent voor het leven. Dat je geniet van de zon op je gezicht, dat muziek je kippenvel bezorgd, en je schaterlacht van geluk. Laat het me weten als het zover is. Ik ben er voor je.

 

Lights will guide you home
And ignite your bones
And I will try to fix you

Review: “Eenzaamheid bij jeugdigen”

Review: “Eenzaamheid bij jeugdigen”

Een lang genegeerd probleem

Ik heb dit boek in één week uitgelezen. Sowieso sprak het thema me erg aan, en, zoals de auteur ook aangeeft: het is gek genoeg een onbelicht thema. Eenzaamheid is heel veel in de media, maar dan gaat het over ouderen, over de vergrijzing en verpleeghuizen. Dat kinderen en jongeren ook veel kampen met eenzaamheid wordt weinig benoemd. Dit boek doorbreekt deze tendens en schudt ons wakker. Want dat dat nodig is, blijkt wel uit de cijfers.

Het boek gaat diep in op het thema eenzaamheid bij jongeren, in al zijn facetten en met alle aspecten die ermee samenhangen. Dat het geen makkelijke taak is om eenzaamheid vast te stellen of te onderscheiden van bijvoorbeeld angst of depressie, wordt daarmee steeds meer duidelijk. Maar eenzaamheid is niet slechts iets dat erbij hoort, of iets dat vanzelf weer overgaat. Eenzaamheid is een knagend gevoel dat een kind beetje bij beetje afbreekt. Tijd dus dat we als professionals meer aandacht krijgen voor dit rotgevoel, waar zoveel jongeren mee te maken krijgen.

De feiten

  • Titel: Eenzaamheid bij kinderen
  • Auters: Jan van der Ploeg
  • Uitgever: Bohn Stafleu van Loghum
  • Publicatiedatum: 2017
  • Aantal pagina’s: 162
  • Prijs: €28,99

De auteur

De auteur Jan van der Ploeg is emeritus hoogleraar Orthopedagogiek van de Universiteit van Utrecht. Hij heeft al veel boeken geschreven en een reële kijk op de jeugd. Dit boek heeft hij geschreven voor professionals, maar door de laagdrempeligheid en de prettige schrijfwijze, kan een geïnteresseerde ouder ook prima in dit boek duiken. Zijn andere boeken, zoals stress bij kinderen en agressie bij kinderen ga ik daarom binnenkort ook eens lezen.

Eerste indruk

Ik heb dit boek als e-boek gelezen, en dus geen papieren versie waarover ik kan vertellen. Het is geen dik boek, met zijn 162 bladzijden. Doordat het 18 hoofdstukken heeft, zijn de hoofdstukjes makkelijk weg te lezen. Het boek bevat geen afbeeldingen, maar heeft wel een aantal bijlagen, waarin dieper wordt ingegaan over bijvoorbeeld definities of waarin vragenlijsten staan opgenomen om eenzaamheid te bepalen bij jongeren. Het boek oogt fris en van deze tijd. Het maakt bijvoorbeeld koppelingen naar social media gebruik, gamen en gezinskenmerken. Het voelt daarmee als compleet.

Pluspunten

  • Het brengt een thema onder de aandacht die nog teveel onderbelicht is, omdat de focus meer op eenzaamheid bij ouderen ligt. Dat eenzaamheid bij jongeren ook een groot probleem kan geven, is minder bekend, maar niet minder belangrijk! Het maakt professionals heel goed bewust van het belang dit goed in de gaten te houden en er iets mee te doen.
  • Het boek is zeer compleet, met een goede opbouw die prima is te volgen, en logische en relevante koppelingen naar o.a. bijkomende problemen, gevolgen, oorzaken en de aanpak van eenzaamheid. Doordat de hoofdstukjes kort en bondig zijn, is het makkelijk terugzoeken naar informatie.
  • De auteur is een bekende naam op het vakgebied en heeft al heel wat titels op zijn naam staan. Hij heeft veel kennis en schrijft bovendien erg prettig. Het is daarmee een boek dat je serieus kunt (moet) nemen.

Minpunten

  • Het had fijn geweest als er nog wat dieper in was gegaan op verschillende behandelinterventies, hoewel er al e.e.a. aan het licht wordt gebracht. Aan de andere kant is dat in dit boek misschien ook niet helemaal de plek. Wat verwijzingen naar verdiepende literatuur hierover had wellicht fijn geweest.
  • In de bijlagen zitten vragenlijsten opgenomen om eenzaamheid bij jongeren te meten. Er zijn hier echter geen normen bij gegeven. Ik weet ook niet of deze bestaan.
  • Het boek is in eerste instantie geschreven voor professionals. Ouders kunnen dit ook wel lezen, maar dan sluit de inhoud wellicht minder aan op de opvoedingssituatie.

Opbouw

Het boek bestaat uit 18 hoofdstukken, die zich elk op een ander aspect van eenzaamheid richten. De eerste hoofdstukken gaan vooral over de definities, hoe vaak het voorkomt, hoe het ontstaan en de ernst van de zaak. Daarna richt het zich op de samenhang met o.a. gezinskenmerken, aanleg, sociaal netwerk, sociale vaardigheden en afwijzing. Ook actuele thema´s als internetgebruik, gamen, social media, telefoongebruik en bijvoorbeeld pesten en suïcide komen aan bod. De laatste twee hoofdstukken gaan over hulp bij eenzaamheid door professionals en door ouders. In de bijlagen vindt je verdieping van de eerder besproken theorie.

Vertaalslag naar de praktijk

Dit is een boek, dat ik direct in de praktijk kan gebruiken. Het gaat vooral om een bewustwording en besef dat dit aanwezig is. De concrete gedragsbeschrijvingen en gedragskenmerken door de auteur maken het gemakkelijker om eenzaamheid te gaan herkennen. De brede kijk op het onderwerp, maken je bewust van de complexiteit en de zaken waarmee je rekening kunt houden in bijvoorbeeld het uitvragen of juist het behandelen van de klachten. Doordat het kort en bondig is geschreven, opgedeeld in heldere hoofdstukken, is het gemakkelijk terugzoeken als ik even snel wat wil nalezen.

Conclusie

Een fijn boekje, dat makkelijk weg leest en naar mijn idee erg relevant is voor professionals. De auteur zet mooi neer hoe complex de psychologie en pedagogiek is, en hoezeer de zaken met elkaar samenhangen. Maar hij legt het helder en begrijpelijk uit, wat het ook behapbaar maakt om ermee aan de slag te gaan.

Ga naar buiten!!

Ga naar buiten!!

Want daar ben je gelukkig

Het licht stroomt door onze glas in lood ramen naar binnen en maakt veelkleurige vormpjes op de vloer. De zon lonkt, en ik kan niet wachten tot we naar buiten gaan. Ik geef mijn kinderen een kwartier om de kilometers kapla en tonnen playmobil weer in de dozen te scheppen, zodat we naar buiten kunnen gaan. Het komt helaas vaak voor dat ik een kans mis, omdat ik gefrustreerd op en neer sta te springen om dingen gedaan te krijgen door de kinderen (lees: hun vuile onderbroeken in de was, dekbed óp het bed, of mandarijnenschillen van de vloer halen), terwijl zij stoïcijns doorgaan met… nouja, ondefinieerbare activiteiten die voor hen blijkbaar veel hogere prioriteit hebben op dat moment.

Speelgoed opruimen

Vandaag liet ik dat niet meer gebeuren. Het was de afgelopen tijd somber weer en als je zelf 6 weken verplicht weinig tot niets hebt mogen doen, kriebelt het aan alle kanten om weer aan de gang te gaan. Ik riep naar ze dat ze 15 minuten hadden, de timer werd gezet en ik wachtte af. Gelukkig beschik ik over een escape in de weekenden, want Steef is toch gewoon thuis aan het klussen. Na 15 minuten trok ik m’n schoenen aan, en werd er nog een laatste sprintje getrokken door de kinderen om toch maar de spullen opgeruimd te krijgen. Blijkbaar viel toen pas het kwartje dat ik écht zou gaan. Ik streek over mijn hart (nouja, eigenlijk was het vooral mijn eigen wens natuurlijk) en gaf ze nog een laatste kans om mee te gaan.

Kinderboerderij

Daar was ik blij om. We hebben heerlijk uren buiten vertoefd. Eerst op kraambezoek bij de pasgeboren biggetjes in de kinderboerderij (echt té schattige, broekzakformaat biggen), even lunchen thuis en daarna weer naar buiten de zon in. Met de zon in ons gezicht hebben we een park bezocht waar we vrijwel nooit eerder geweest waren. Ik genoot van het weer en de oude bomen om me heen. Het geschater van mijn kinderen en hoe zij eindeloos in bomen kunnen klimmen. Er is zo weinig nodig om gelukkig te zijn, en iedere keer als ik buiten met ze ben besef ik me dat weer.

buiten spelen park bos bomen klimmen kinderen ontspannen ouders gezin speeltuin

Preventie van depressie

Het is al langer bekend dat simpelweg buiten zijn al een enorme boost geeft aan ons humeur en preventief kan werken tegen depressie. Als je dat nog eens combineert met een wandelingetje of een andere lichamelijke activiteit, ben je helemaal goed bezig. Niet voor niets wordt nu bijvoorbeeld hardlopen ook ingezet als therapievorm voor o.a. depressie. Maar je hoeft geen geestelijke problemen te hebben om te voelen wat een wezenlijk verschil naar buiten gaan kan maken op je welzijn.

Snel tevreden

De kinderen rennen vooruit, verzamelen takken en zetten de route uit. De bruggetjes zijn spannend, ze komen klimbomen tegen en verstopplekjes in de bosjes. Fosse maakt een nieuw vriendje en Signe verwerft haar plekje tussen andere peuters in het speeltuintje. De kinderen zijn ontspannen en hebben niks nodig om zich te vermaken. Enkel elkaars gezelschap en de natuur om hen heen. Nouja, dat speeltuintje is natuurlijk wel heel fijn voor de jongste. En als ouder ben je ineens ‘vrij’.

buiten spelen actief wandelen hutten bouwen slootje springen kinderen ontdekken tevreden samen spelen peuters kleuters schoolkinderen ouders gezinnen

Even vrij van thuis

Vrij van mopperen dat ze op moeten schieten, lief moeten zijn voor elkaar, of het opdweilen van omgevallen bekers melk. Je bent verplicht vrij van de taken die altijd op de loer liggen om je aandacht thuis af te leiden van de meest essentiële zaken: genieten van al dat moois dat er al is, je kinderen, de rijkdom, hun gezondheid, of wat het ook maar is dat je gelukkig en tevreden maakt. Terwijl ik pakkertje speel met Signe in het klimrek, vraagt een collega-vader me om de tijd: ‘ik heb mijn telefoon bewust thuis gelaten, dus ik weet de tijd niet’. Wat knap. Zou ik een voorbeeld aan kunnen nemen. Het kan voor ons geen kwaad om wat meer in het hier en nu te genieten van wat er is, in plaats van steeds maar bezig zijn met wat hierna komt.

Na inspanning volgt ontspanning

Eenmaal thuis zitten ze met gloeiende handen en rode wangen aan tafel, gebroederlijk te kleuren. Het actieve buiten spelen zorgt ervoor dat ontspanning ook weer mogelijk wordt, en de concentratie verhoogd. Ik geniet van dit gezicht en prijs mezelf gelukkig dat onze kinderen het zo goed vinden met elkaar (over het algemeen dan). En natuurlijk neem ik me voor dat ik vaker naar buiten moet. Want ik ben ervan overtuigd dat iedereen er baat bij heeft.

Toename in psychische problemen

Toename in psychische problemen

Zorgen over de toekomst

Niet om melodramatisch te gaan doen, maar ik wil toch iets van mijn hart. Ik maak me zorgen over de ontwikkelingen binnen onze maatschappij en de effecten ervan op de psychische gezondheid van kinderen en jongeren. Er is sinds 2015 een nieuwe jeugdwet, waardoor de psychische zorg voor kinderen en jeugd niet meer via zorgverzekeraars loopt, maar wordt geregeld via de gemeente. Sindsdien worden eigenlijk overal noodklokken geluid. Dat is niet zo gek: er bestond een systeem dat door de jaren heen steeds verder is ontwikkeld, en redelijk liep. En ineens wordt dan binnen no-time alles op zijn kop gegooid, en wordt er zogezegd een nieuw wiel uitgevonden. Maar helaas eentje die niet goed rolt, zo blijkt.

Meer jongeren met problemen

Naast alle administratieve rompslomp, onzekerheden en onduidelijkheden die de nieuwe jeugdwet met zich meebrengt, is er bovendien nog een andere ontwikkeling gaande. Die tweede ontwikkeling loopt eigenlijk parallel aan de eerste, maar dan wereldwijd. Er is namelijk een toename in psychische problemen bij kinderen en jongeren. Zelfs zo erg, dat de Wereldgezondheidsorganisatie spreekt van een epidemie. Deze trend zet zich voort, wat betekent dat er steeds meer kinderen en jongeren psychische zorg nodig hebben, ook in Nederland. Daarom is het des te frustrerender voor ons als hulpverleners, dat er op deze hulp wordt bezuinigd. En niet zo’n beetje ook.

Gevolgen van de nieuwe jeugdwet

Zo wordt ons budget van 2017 maar liefst 11,5% minder dan die van 2016. En dat, terwijl er steeds meer mensen hulp nodig hebben. Bovendien gaat heel veel tijd op aan het eindelijk aanleveren van cijfers, je werkzaamheden verantwoorden en controleren of deze processen goed lopen (helaas gaat nog het te vaak mis), waardoor er minder tijd over blijft om cliënten te zien. Het voelt daarom ontzettend dubbel, dat je als praktijk groeit en populair bent, dat er steeds meer aanmeldingen blijven komen, maar dat je aan de andere kant weet: we kunnen niet iedereen helpen, want straks is het geld op, en dan?

Geen geld door bezuinigingen

Het gaat rechtstreeks tegen onze visie als hulpverleners in: je hebt dit vak geleerd om anderen te helpen. Ik ben van mening dat iedereen recht heeft op psychische hulp, dat hierin geen drempel mag zijn. Want uiteindelijk heeft de hele maatschappij baat bij psychisch gezonde mensen. Maar die drempel wordt wel opgegooid nu. We worden min of meer gedwongen een wachtlijst te maken, omdat er teveel werk is voor te weinig mensen. Er is werk zat, maar geen geld om het te vergoeden. Dat wringt.

Epidemie van psychische problemen

En als je dan de cijfers van de World Health Organisation (WHO) leest, dan kan ik me daar nog bozer om maken. Waarom wordt door de maatschappij deze negatieve trend bevorderd? Ik snap dat er bezuinigd moet worden, maar waarom wordt er geen rekening gehouden met effecten op de lange termijn? Ongeveer 30% van de jongeren (15-30 jaar) wereldwijd heeft namelijk psychische problemen. Hiervan komen verslavingen het meeste voor (15 tot 20%), maar ook depressies (10 tot 15%) en allerlei angststoornissen (5 tot 15%). Ook heeft 2-5% een eetstoornis en 2-3% een borderline persoonlijkheidsstoornis.

Niet kunnen voldoen aan verwachtingen

Van de jongeren tussen de 14 en 25 jaar geeft zo’n 60% aan dat ze zich slecht voelen, omdat ze denken niet aan andermans verwachtingen te kunnen voldoen. En 1 op de 3 van de jongeren heeft het gevoel dat ze hun problemen niet aan kunnen. Daar schrik ik van! Dit geeft de noodzaak aan voor tijdige hulp, voordat de problemen steeds ernstiger en hardnekkiger worden. En duurder dus, bovendien.

Langer wachten met aanmelden

En dat ze steeds ernstiger worden, merk ik ook in de aanmeldingen. Sinds de crisis wachten mensen sowieso al langer met aanmelden van hun kinderen, uit angst dat het hen geld kost. Maar ook sinds de nieuwe jeugdwet was er wat huivering, omdat het vaak nog onduidelijk was. Als ouders hun kroost dan uiteindelijk hadden aangemeld, waren de problemen in veel gevallen al vergevorderd. Daardoor is naar mijn idee het werk ook zwaarder geworden. Dat wordt nu extra puzzelen, omdat je gebonden bent aan een beperkte tijd dat je mag behandelen.

Meer zelfmoord onder jongeren

Als je bijvoorbeeld kijkt naar zelfmoord, dan zie je ook in de suïcidecijfers een toenemende trend. In België is het zelfs de belangrijkste doodsoorzaak onder jongeren tussen de 15 en 24 jaar. Jongeren doen meer dan anderen pogingen om zich van het leven te beroven: 10% van de 18-jarigen zegt dit al vaker te hebben overwogen. Bij meisjes is dit zelfs 20%.

Rollen om te vervullen

Het heeft ook te maken met de maatschappij van nu, de omgevingsfactoren waar jongeren mee te dealen hebben, zogezegd. Ik merk het zelf ook: er worden veel verwachtingen aan je gesteld en het is soms koorddansen en tegelijk jongleren om alle ballen hoog te houden.  Je moet tegenwoordig, meer dan ooit, zoveel rollen vervullen: binnen de familie, vriendenkring, je werk, studie, spiritueel, cultureel… Voor een jongere die nog zo kwetsbaar is, en midden in zijn ontwikkeling zit, is dit moeilijker dan voor wie dan ook.

Hogere verwachtingen

Die rollen die we als mens moeten vervullen, komen door de verwachtingen van anderen. En die verwachtingen zijn steeds hoger geworden, bijvoorbeeld voor het succesvol zijn op school en in je opleiding. De verwachtingen doen bovendien nog iets schrijnenders: we streven met z’n allen steeds meer naar individualiteit, naar eigen succes, naar status, een hoger salaris en meer spullen. Hiermee wordt direct narcisme in de hand gewerkt, en aan de andere kant de intrinsieke motivatie afgekalfd. Hoe mooi zou het zijn, als je als jongere gewoon een opleiding kiest omdat je echt passie hebt voor het werk? Hoe fijn zou het zijn als de omgeving daarin kon aanmoedigen, zonder hierin te oordelen? Helaas blijkt dat dus steeds minder voor te komen.

Hersenontwikkeling in puberteit

In de puberteit, vanaf een jaar of 11, tot een jaar of 25-30, zijn de hersenen in volle vaart aan het ontwikkelen. Niet voor niks is dit voor jongeren en hun omgeving een pittige tijd. De snelle hersenontwikkeling wordt bovendien sterk beïnvloedt door de ervaringen die jongeren opdoen in hun omgeving, zoals met vrienden of hun ouders. En de verschillende hersenfuncties ontwikkelen zich grillig en niet tegelijkertijd. Dat tieners lekker uit de pan schieten is dan ook niet meer dan normaal.

Executieve functies

Zo is het emotionele gebied in de hersenen, het limbisch systeem, eerder ‘klaar’ dan de pre-frontale cortex (weet je nog? Die van de executieve functies). Voor je nu aan je hoofd krabbend en met lege blik afhaakt: de vaardigheden zoals op de lange termijn kijken, bedachtzaamheid, plannen, organiseren, timemanagement, reflecteren op jezelf en jezelf onder controle houden zijn voorbeelden van die executieve functies. Maar die beginnen zich dus pas rond je 15e te ontwikkelen, wat betekent dat jongeren emotioneel gezien als het ware ‘op scherp’ staan: er hoeft maar iets te gebeuren, of er is een kwetsbaarheid ontstaan…

Gezonde emotieregulatie

Niet gek dus, dat ik het gros van de tijd in behandelingen bezig ben met het bevorderen van een gezonde emotieregulatie bij deze leeftijd. Jongeren hebben nog de afhankelijkheid van hun omgeving, omdat zij zelf de vermogens missen om met hun ingewikkelde emoties om te gaan. En omdat het wel een essentiële vaardigheid is om tot een stabiel en evenwichtig persoon op te groeien, besteedt ik hier veel tijd aan.

Stress leidt tot schade

Jongeren willen voldoen aan al die eerder genoemde verwachtingen, net als volwassenen trouwens. Maar kinderen zijn nog een stuk loyaler hierin, en kunnen door te hoge verwachtingen veel stress ervaren. En laat stress nou precies hetgeen zijn wat je niet kunt gebruiken in deze tijd, als de hersenen zich zo drastisch ontwikkelen. Want teveel stress leidt simpelweg tot hersenschade. Ook de kans op gevoelens van faalangst en perfectionisme nemen dan toe, wat ervoor kan zorgen dat jongeren in een isolement raken of falen in hun werk. Niet voor niets zijn de werkloosheidscijfers onder jongeren zo hoog.

Risicofactoren in de leefstijl

Ik ben nog niet klaar hoor, helaas. Want het zijn niet alleen kwetsbaarheden door de hersenontwikkeling en de verwachtingen vanuit de omgeving, het is ook de totale leefstijl die zo erg is veranderd de afgelopen jaren, dat de gevolgen daarvan nu pas steeds duidelijker worden. Even een paar voor de hand liggende, maar daarom niet minder belangrijk:

  • Er wordt steeds slechter gegeten, dus ook door jongeren. Het is sowieso bekend dat zij in de puberteit een natuurlijke behoefte hebben aan meer vet (voor de ontwikkeling van de hersenen). Helaas speelt de voedselindustrie niet in op wat gezond is voor mensen, maar op wat er geld oplevert. In plaats van de broodnodige omega 3 en omega 6 vetzuren, eten de meeste jongeren dus de schadelijke vetten in o.a. fastfood en de meeste etenswaren uit pakjes of zakjes.
  • Hetzelfde geldt voor suikers: in steeds meer voedselproducten zit suiker. Deze geven insulinepieken en dips in de bloedsuikerspiegel, waardoor jongeren opnieuw gaan eten. Uiteindelijk leidt dit tot o.a. obesitas, maar de suikerpieken geven ook ontstekingen in de hersenen, waardoor klachten ontstaan zoals slechte concentratie, geheugenproblemen, prikkelbaarheid, meer angst en impulsiviteit.
  • Niemand kijkt nog gek op als een ouder vertelt dat zijn 16-jarige zoon tot diep in de nacht aan het gamen is. Het is intussen bijna normaal geworden dat jongeren laat naar bed gaan. In zekere zin is dat ook zo: ze hebben pas later afgifte van het inslaaphormoon melatonine, en daardoor biologisch gezien een heel ander slaapritme. Helaas dwingt het schoolsysteem ze om op tijd op te staan, wat dus leidt tot een slaaptekort in zo’n 50-70% van de jongeren. Ook slaaptekort leidt tot klachten zoals meer angst, prikkelbaarheid, concentratieproblemen, slechtere cijfers en meer impulsief gedrag. Op de lange termijn raak je door het slaapgebrek gedemotiveerd en heb je een veel hogere kans op depressie.
  • Nog een inkoppertje: jongeren sporten steeds minder. Zo’n 40% (dus bijna de helft!) van de mensen sport niet of nauwelijks. Ernstig, want niet sporten vergroot de kans op depressie met maar liefst 25%!
  • Een probleem van deze tijd: cyberpesten, problemen via social media, waar veel jongeren worden geïntimideerd. Dit blijken belangrijke triggers voor ontwikkeling van psychische problemen.

Veerkracht als bescherming

Zo lezend lijkt het toch bijna een wonder dat er nog jongeren zijn die ‘goed gelukt’ zijn. Door mijn werk heb ik wellicht ook een wat vertekend beeld van de realiteit (dat hoop ik althans). Hoewel ik ook regelmatig jongeren tegenkom, die zo krachtig zijn en waarbij het een wonder is dat zij zich staande kunnen houden, ondanks alles wat zij meemaken. Dat is de veerkracht, die sommigen van ons hebben. En natuurlijk betekenen alle ontwikkelingen binnen de zorg en de bovengenoemde zaken niet dat een jongere automatisch psychische problemen krijgt. Het zijn risicofactoren. Hoe meer hiervan aanwezig zijn, hoe meer kans op problemen.

Triggers en risico’s

Zoals bij volwassenen ook vaak het geval is, is er vaak een trigger, waardoor er ineens problemen ontstaan. Denk aan een ingrijpende gebeurtenis, scheidende ouders, verraden worden door vrienden, een overlijden van een dierbaar iemand… Tot die tijd leek alles goed te gaan, maar na zo’n gebeurtenis komen ineens klachten naar voren. Maar nog steeds komen de meeste jongeren zonder al te veel kleerscheuren door deze periode. Maar, en dat is dus mijn zorg, dat worden er naar verhouding dus wel steeds minder.

Bezorgdheid

En hoe is het dan in vredesnaam mogelijk dat hier op wordt bezuinigd? Een gezond opgroeiende jongere is een investering in de toekomst, die, als het goed functioneert, de maatschappij juist veel oplevert. Het is vanuit die optiek voor mij onbegrijpelijk dat ik nu tegen mensen zou moeten zeggen: nog even geduld, ik heb geen plek, geen tijd voor u, geen geld om je probleem te behandelen. Om mensen naar huis te sturen, op het moment dat zij die belangrijke stap hebben genomen om te bellen. Vaak na zo lang overwegen, even aankijken, doormodderen, nog eens proberen. Tot het genoeg was, tot het niet langer ging, tot de nood te hoog werd. Ik ben bang dat wij mensen uit beeld verliezen, dat ze tussen de mazen van het net glippen, omdat er niet direct op de hulpvraag van mensen kan worden ingespeeld. En als ik dan de bezorgde berichten lees van de WHO wordt deze bezorgdheid alleen maar bevestigd.

Visie vasthouden

Hoe klein we ook zijn, als kleine vrijgevestigde, we houden onze visie hoog en blijven handelen naar ons geweten, proberen waar we kunnen de invloed uit te oefenen. Het is een spanningsveld, eentje waarin ik soms overwerkt raak en mezelf streng moet toespreken me niet gek te laten maken. Mijn supervisor van de opleiding symbooldrama zei al jaren tegen ons: laat je niet gek maken, blijf gewoon je werk doen. En mijn werk, dat is mensen helpen bij hun psychische problemen. Dus dat doe ik.

Oorzaken van ADHD-gedrag

Oorzaken van ADHD-gedrag

Het lijkt wel een plaag. Tegenwoordig kent iedereen de term ADHD en zitten er wel minstens 3 kinderen met ADD of ADHD in de klas. Er wordt op de middelbare school gehandeld in Ritalin en het hebben van concentratieproblemen lijkt soms eerder de norm dan de uitzondering.

Oké oké ik chargeer een beetje, maar toch heb ik het gevoel dat er tegenwoordig wel heel gemakkelijk over wordt gepraat: “mijn buurmeisje heeft ook ADHD en die moeder zei dat onze zoon toch zó op haar dochtertje lijkt”, “ik deed een test op internet en daar kwam uit dat ik ADD had”, ‘ik praatte er met een klasgenootje over, die heeft ook ADHD en ik heb precies hetzelfde als hij kwam ik toen achter”.

Belangrijkste kenmerken

Ja. Het is een feit dat dit “ADHD-achtige gedrag” inderdaad vaak voorkomt. En dat is ook niet gek. De meest voorkomende kenmerken zijn namelijk de volgende:

  • aandachtsproblemen
  • impulsiviteit
  • hyperactiviteit

Met name die eerste zorgt voor herkenbaarheid alom. Denk in de trant van je niet kunnen concentreren, dingen vergeten, spullen kwijtraken, snel afgeleid worden, etc. Maar ook de motorische onrust is bij veel mensen aanwezig: friemelen, wiebelen, niet goed stil kunnen zitten, etc.

Geen ADHD, maar…

Is er echt een toename van ADHD? Ik betwijfel het. Het ADHD-achtige typ ik met opzet: het gedrag doet denken aan ADHD, maar is het dat ook? In de praktijk hebben bijna alle kinderen die bij ons komen wel één of meer van bovenstaande ‘klachten’. En als duidelijker wordt wat er speelt, is dit ook vaak goed verklaarbaar. Het zoeken naar de oorzaak van de klachten is daarom een absolute must. Waar kun je zoal aan denken?

  • Trauma: door onverwerkte trauma’s na bijvoorbeeld ingrijpende gebeurtenissen of een moeilijke jeugd, zijn mensen som hyperalert en daardoor snel afgeleid.
  • Angst: als je angstig bent en je omgeving goed in de gaten houdt, kun je je niet goed concentreren op andere dingen. Deze kinderen moeten zich immers schrap zetten tegen ‘gevaar’.
  • Depressie: wanneer je echt somber bent en in de put zit, verlies je je interesse en kan je het niet opbrengen je ergens voor te concentreren. Je hebt je kop er niet bij en bent verstrooid, vergeet dingen, bent dromerig, etc.
  • Hechtingsproblemen: kinderen die een problematische hechtingsstijl hebben, kunnen zich nooit helemaal veilig en vertrouwd voelen en hebben constant een hoger stressniveau. En in stress is het logisch dat je onrustiger bent en je niet goed kunt concentreren.
  • Stress of burn-out: zoals hierboven al genoemd, kun je tijdens stress dezelfde klachten krijgen.
  • Onvoldoende uitdaging: sommige kinderen worden druk en raffelen hun werk af, zijn er niet bij omdat ze verveeld zijn of dingen te makkelijk vinden, wat overkomt als concentratieproblemen.
  • Overvraging: andersom kunnen sommige kinderen afhaken als er teveel van hen wordt verwacht dat ze niet kunnen waarmaken. Ze gaan dan andere dingen doen tijdens de les, gaan clownesk gedrag vertonen, etc.
  • Echtscheiding: ja, helaas kan echtscheiding ook leiden tot ‘adhd-achtig gedrag’, omdat een kind stress ondervindt van bijvoorbeeld spanningen tussen de ouders, op de breng-/haalmomenten of omdat het nog stoeit met loyaliteitsconflicten of de ingrijpende veranderingen als gevolg van de scheiding.
  • Slaapproblemen: een veelvoorkomend probleem en vaak vergeten. Slaap is een basale levensbehoefte. Gebrek aan (goede) slaap heeft effect op het totale functioneren. Kinderen met slaaptekort worden vaak druk en ‘hyper’.
  • Andere oorzaken binnen het gezin: de oorzaken zijn legio. Denk aan mishandeling, huislijk geweld, financiële zorgen, te kleine huisvesting, werkloosheid, problematiek van de ouders, misbruik, de geboorte van een broertje of zusje, verhuizing, etc.
  • Andere oorzaken binnen het kind zelf: ook hier zijn de invloeden eindeloos. Denk aan temperament, karaktereigenschappen, veerkracht, gevoeligheid, slaapbehoefte, etc.

En de lijst is nog lang niet compleet. Waarschijnlijk vergeet ik nog 100 belangrijke oorzaken, schroom niet me aan te vullen. Wat ik hoop is dat er wat nuance ontstaat: houdt de blik breed, wat kan er nog meer meespelen?

Een kijkje in mijn werkweek

Een kijkje in mijn werkweek

Hoe zien de dagen van de therapeut eruit?

Toen ik nog studeerde, was ik heel benieuwd naar de praktijk. Ik kon me er nog maar weinig bij voorstellen. En elke dag weer besef ik dat het voor ouders vaak nog veel abstracter is wat we nu precies doen. Hoe zien de behandelingen eruit? Wat doe ik dan tijdens een onderzoek? Wat werk ik precies uit tijdens mijn uitwerktijd? Geregeld vragen ouders mij of ik iets kan vertellen wat hun kind dat doet. Ik snap die nieuwsgierigheid. Daarom een kijkje in een weekje werken als orthopedagoog generalist.

Maandag

Als het weer het toelaat, kom ik maandag en dinsdags op de fiets. Ben ik meteen goed wakker bij binnenkomst. ’s Ochtends staat de eerste afspraak vaak om 8.45u gepland. Vóór die tijd beantwoord ik mailtjes, beluister ik het antwoordapparaat en bekijk de post. Of ik bereid bijvoorbeeld een afspraak voor. Dit keer viel toevallig mijn eerste afspraak die ochtend uit. De moeder moest onverwachts naar het ziekenhuis. Dit gaf me tijd om aan een onderzoeksverslag van een andere cliënt verder te werken. En reden om later na te vragen hoe het met de moeder gaat.

EMDR bij trauma vanuit de jeugd

Om 10.00u had ik mijn eerste cliënt, een adolescent met forse trauma’s uit haar jeugd. Met haar heb ik EMDR gedaan. De therapie valt haar zwaar, omdat het zo confronterend is. Daarom is stabiliseren belangrijk: zorgen dat de cliënt zich veilig genoeg voelt om de pijn onder ogen te zien. Het is heel heftig om te horen wat voor vreselijke dingen sommige (jonge) mensen meemaken. Voor de EMDR had ik bewust langere tijd ingeroosterd, zodat we het goed konden afronden. We hebben één gebeurtenis uitgekozen om mee te beginnen en aan het eind van de (intense) sessie was de spanning duidelijk afgenomen bij dit beeld.

Stoeien met een onderzoeksverslag

Na zo’n sessie heb ik zelf af en toe ook even tijd nodig om te schakelen. Gelukkig had ik niet direct hierna weer een cliënt, maar kon ik verder aan het afmaken van een onderzoeksverslag van een kind dat gedragsproblemen op school vertoont, maar ook last heeft van de echtscheiding van zijn ouders. Hij bleek benedengemiddeld te scoren op het intelligentieonderzoek, wat al veel verklaarde, maar het was een puzzel omdat er ook op sociaal-emotioneel gebied zorgen waren.

Evaluatiegesprek met ouders

Om 13.00u had ik een evaluatiegesprek met de ouders van een meisje van 16. Zij wilden graag nog even horen welke ontwikkelingen ik als behandelaar had gemerkt tijdens de behandeling. Ze waren erg tevreden hoe het nu met hun dochter ging en het was een fijne uitwisseling van ervaringen en we konden de behandeling naar tevredenheid afronden. Met het meisje zelf had ik al eerder een afrondend gesprek gevoerd. Als ik een behandeling afsluit, schrijf ik altijd een evaluatieverslag voor de huisarts. Hierin staat het behandelplan en een samenvatting van de behandeling en de bereikte resultaten.

Afstemmingsgesprek met ouders

Direct daarna, om 14.00u had ik weer een gesprek met ouders. Dit keer van een jongen van 9 jaar, die meer kampt met emotionele problemen en moeite om zijn gevoelens of behoeften te verwoorden. Dit gesprek hebben we gebruikt om te bespreken hoe het nu gaat en om de behandeling verder aan te scherpen. Ik had tijdens de behandeling ook wat vragenlijsten afgenomen en besprak deze nu met de ouders. Samen brainstormden we over de volgende stappen en wat dit jongetje nodig heeft.

Boze buien

Om 15.00u had ik mijn volgende cliëntje, een jongen uit groep 7. Hij had in een eerdere groep vervelende ervaringen met een leerkracht, waardoor hij nu nog wel eens boze buien heeft. Met hem heb ik een EMDR sessie voor de volgende keer voorbereid. Dit doe ik o.a. door te zoeken naar nare plaatjes bij herinneringen en het laten tekenen van deze plaatjes. Ook heb ik een dagdroom (symbooldrama) gedaan, om de verwerking van gebeurtenissen en emotieregulatie te stimuleren.

Eigen grenzen bewaken

De laatste cliënt van deze dag, om 16.00u, was een jongen van 9 jaar. Met hem ben ik aan de slag gegaan met het belang van het bewaken van je eigen grenzen. Dit deden we aan de hand van het bespreken en analyseren van voorvallen waarin deze jongen zijn grenzen niet goed bewaakte. Ik werk met hem ook aan het versterken van een positief zelfbeeld, bijvoorbeeld met werkbladen en therapeutische materialen. Als laatste deden we het Gardner-spel. Dit is een therapeutisch spel, waarin ik vragen en opdrachtenkaartjes uitzoek die passen bij de behandeldoelen van dit kind. Ondertussen noteer ik bijvoorbeeld belangrijke uitspraken van hem en daag ik ongezonde gedachtes uit. Ook laat ik deze jongen steeds stil staan bij zijn gevoel, bijvoorbeeld door te vragen: ‘wat doet dat met jou?’.

Om 17.00u heb ik geen cliënten meer. Ik bel dan, indien nodig, nog wat mensen terug, plan nieuwe afspraken in, verwerk nieuwe aanmeldingen en schrijf mijn ‘to-do’ lijstje in de agenda voor de volgende dag. Dit doe ik ook voor mijn stagiaire, zodat zij direct zelfstandig hiermee aan de gang kan als ik in gesprek ben.

Dinsdag

Psycho-educatie over ODD

Vandaag begon ik de dag met om 8.45u een gesprek met ouders voor psycho-educatie voor hun zoon. We hadden in de weken ervoor onderzoek gedaan bij dit jongetje, die ODD bleek te hebben. Dit is een opstandige gedragsstoornis, dat een grote belasting voor ouders vormt. Sowieso zijn ouders heel belangrijk om een kind zo gelukkig en gezond te laten opgroeien. Maar in dit soort situaties is er als het ware een extra gebruiksaanwijzing nodig. Met psycho-educatie geven we informatie over de stoornis zelf. Dit gedeelte had mijn stagiaire voorbereid. Daarnaast gaf ik de ruimte om specifieke situaties te bespreken, waar ouders thuis tegenaan lopen. Samen analyseren we dan wat er precies gebeurd, wat mogelijkheden zijn en wat het bijvoorbeeld doet met de ouders. Als huiswerk vroeg ik de ouders om een tijdje verschillende situaties te noteren die ze als lastig ervaren.

slaapproblemen kinderen baby dreumes peuter

Intake over slaapproblemen bij dreumes

Daarna had ik om 10.00u een intakegesprek met een moeder van een jongen van net één jaar. Zij maakte zich tot voor kort zorgen over de nachten, omdat haar zoontje niet goed doorsliep en veel behoefte aan nabijheid had van moeder. Na de aanmelding heeft deze moeder al zoveel zelf gedaan, zoals een duidelijk slaapritme ingesteld, overdag meer structuur aangebracht, wat voor meer rust en voorspelbaarheid heeft gezorgd. Hierdoor waren de slaapproblemen al grotendeels opgelost. Het bevestigen van deze moeder in wat ze deed, was in dit geval voorlopig voldoende om weer verder te kunnen.

Kennismaking

Om 11.00u had ik een half uurtje ingepland voor een kennismaking met een kind van 9 jaar. Ik had zijn ouders al op intakegesprek gehad en een onderzoek afgesproken, maar ingeschat dat het voor dit kind prettiger zou zijn om eerst kennis te maken. Dan zag hij alvast waar hij terecht zou komen en bij wie, zodat de spanning niet zo groot zou zijn. Het kennismaken doe ik door met het kind in gesprek te gaan over zichzelf: wat vind je leuk om te doen, waar ben je goed in, wat doe je graag thuis, doe je aan sport, wat hoort echt bij jou, wat maakt jou een goede vriend, etc.

Aanmeldingen verwerken

Hierna had ik tijd om wat telefoontjes te plegen. Er wordt vrijwel dagelijks gebeld voor nieuwe aanmeldingen. Deze mensen willen graag even hun verhaal kwijt en ik leg in het kort de procedure uit. We ontvangen de aanmeldformulieren zowel digitaal als op papier. Deze moeten in een dossier worden gedaan, de formulieren worden geprint en de gegevens worden bijgehouden in onze eigen bestanden om overzicht te houden over de lopende cliënten. Ook moeten de nieuwe cliënten worden aangemeld in het software systeem zodat vergoedingen kunnen worden gedeclareerd, indien hier recht op is. Al met al vraagt dit veel administratieve handelingen die veel tijd vragen.

Bellen met scholen

Tussen 12.00u en 13.00u gebruik ik de tijd om naar leerkrachten en intern begeleiders te bellen. Zij zijn de rest van de dag vaak niet bereikbaar omdat ze voor de klas staan, dus bel ik deze altijd in ons ‘pauze’ uur. Ik belde nu met een leerkracht om de zorgen met betrekking tot een leerling te bespreken: zij wilden graag dat er ook zorg gegarandeerd kon worden als deze leerling de overstap naar het voortgezet onderwijs zou maken. Deze informatie moet ik vervolgens weer terugkoppelen naar de ouders, om transparant te blijven. Ouders vraag ik vooraf altijd toestemming om contact met bijvoorbeeld de leerkracht op te nemen.

Evaluatieverslagen schrijven

Tussen 13.00u en 15.00 had ik tijd ingepland voor het schrijven van evaluatieverslagen. Dit was hard nodig: ik ben vaak geneigd om mijn tijd zoveel mogelijk vol te plannen met afspraken, dat er weinig tijd over blijft voor de verslaglegging. Nu kon ik even de brieven aan de huisartsen schrijven, de dossiers opruimen en de cliënten afmelden in het software systeem. Ook hier zitten steeds meer administratieve handelingen.

COMET programma

Om 15.00 had ik een sessie met een pubermeisje, die erg perfectionistisch is, een negatief zelfbeeld heeft en daardoor ook ongezonde denkpatronen heeft. Met haar werk ik met COMET, een programma gericht op het verbeteren van het zelfbeeld. Maar omdat ik de balans tussen cognitie en emotie heel belangrijk vindt, wissel ik dit af met symbooldrama, die werkt aan de emotieregulatie. Dit meisje krijgt via de mail steeds huiswerkopdrachten mee, die ze thuis maakt en samen bespreken in de sessies. Zo werkt ze vrijwel dagelijks aan de stof die we behandelen, bijvoorbeeld door complimenten bij te houden.

Heftige gesprekken

De laatste afspraak was een intake met een meisje van de middelbare school, die slachtoffer is geworden van een zedendelict. Dit soort gesprekken zijn vaak heftig, zowel voor de cliënt die het verhaal moet doen, als voor ons: ik merk dat je sommige verhalen nooit helemaal naast je neer kunt leggen. Dat geeft ook niet, want het motiveert ook om er wat mee te doen, maar het vraagt ook wel wat van je.

Donderdag

Vervolg EMDR van maandag

Vandaag begon ik met een vervolg op de EMDR sessie van afgelopen maandag. Omdat ik maandag al merkte dat dit een vervolg nodig had, heb ik snel een nieuwe afspraak ingepland. Ik laat cliënten liever niet te lang wachten als de stress en spanning te hoog oploopt.

Motiveren voor behandeling

Om 10.00u zou ik een adolescent/student hebben die momenteel door omstandigheden niet meer naar college gaat. Hij vindt het echter moeilijk om te erkennen dat hij hulp nodig heeft en wil daarom niet komen. Mijn stagiaire probeert telefonisch te bespreken wat hem kan helpen om die stap tóch te maken. Dit blijkt echter te lastig voor hem. In overleg met de moeder wordt daarom afgesproken dat zij contact hebben met het jeugdteam. In zulke gevallen hebben wij een nauwe samenwerking met de jeugdteams, zodat cliënten wel direct worden opgevangen als er andere hulp nodig is.

Scoren en verwerken van testmateriaal

Vervolgens heb ik een uur om zaken uit te werken. Ik heb een aantal lopende onderzoeken, waarvan ik de vragenlijsten en testen scoor. Dit kost veel handmatig werk. Vervolgens moet ik de uitkomsten in een verslag typen en deze interpreteren. Ik stel vooraf onderzoeksvragen op en geef hier nu zo goed mogelijk antwoord op.

Overleg en telefoontjes

Tussen 12.00 en 14.00u houden we normaal gesproken overleg, maar vandaag zijn mijn collega’s er niet. Ik besluit daarom de tijd te besteden aan het terug bellen van mensen die hebben ingesproken en het overleggen met leerkrachten en ib-ers.

creatieve verwerkingsvormen schilderen verven tekenen symbooldrama dagdroomtherapie kinderen pubers jongeren

Depressieve klachten

Om 14.00u heb ik een pubermeisje met depressieve klachten en een zeer laag zelfbeeld. Zij heeft een creatieve kant, waar ik graag bij aansluit, omdat zij het creatief verwerken erg prettig vindt: praten is voor haar lastiger, en door bijvoorbeeld schilderen of tekenen kan zij zich op een andere manier uitdrukken. Ook werk ik met haar met onderdelen uit COMET, het programma voor het verbeteren van je zelfbeeld. In gespreksvorm gebruik ik vrijwel altijd een oplossingsgerichte techniek, zodat er weer hoop en mogelijkheden worden gecreëerd.

Relativerende gesprekken

Daarna heb ik om 15.00u een eerste behandelcontact met een puberjongen, van wie ik de ouders al eerder op intakegesprek heb gehad. Over deze sessie schreef ik al eerder een blog. Het lachen en op een luchtige manier kennis maken, gaven mij ook nieuwe energie en is een welkome afwisseling na soms pittige behandelcontacten.

Geen contact meer met vader

Als laatste zag ik deze dag een meisje uit groep 8, die momenteel haar vader niet meer ziet, maar wel toewerkt naar herstel van dit contact. Met haar sta ik stil bij haar kwetsingen en de verdrietige gevoelens die verschillende gebeurtenissen haar gaven. Deze erkenning en het spiegelen en benoemen van gevoelens is onderdeel van het mentaliseren bevorderende therapie (MBT). Mentaliseren is een ingewikkelde vaardigheid die bijvoorbeeld nodig is om goed te begrijpen wat er in je omgaat en heb je nodig voor het verwerken van gebeurtenissen. Daarnaast werk ik met haar aan concrete stappen naar dit herstel. Ik vraag haar toestemming om haar toegezegde afspraken te delen met haar vader, als stok achter de rug om zich er aan te houden. Tegelijkertijd blijven ouders zo op de hoogte van de vorderingen.

Terugblik

Deze week vielen er wat afspraken uit, waardoor ik wat meer tijd voor het uitwerken van o.a. onderzoeken had. Meestal heb ik ongeveer één keer per week wel een onderzoek, maar toevallig deze week niet. Het was een relaxte werkweek, waarin ik ook toe kwam aan ‘losse eindjes’, wat me weer overzicht gaf.

Ik kan me voorstellen dat je veel termen leest die je niks zeggen. Ik geef daar graag meer duidelijkheid in! Zijn er bepaalde onderwerpen waar je graag meer over zou willen lezen? Dan besteed ik daar graag een artikel aan. Laat het me maar weten in de reacties 🙂