Archief van
Tag: behandeling

Meer mogelijkheden voor vergoede jeugdhulp

Meer mogelijkheden voor vergoede jeugdhulp

Mogelijkheden binnen de beperkingen

Hiep hiep hoera! We hebben nieuwe mogelijkheden voor vergoede zorg in de praktijk! Ooit begon ik met het leveren van eerstelijns ggz zorg voor kind en jeugd. Sindsdien is er behoorlijk wat veranderd qua regelgeving voor vergoede zorg voor de jeugd. Sinds 2015 wordt vergoede zorg niet meer betaald vanuit de zorgverzekeraar, maar is de gemeente daar verantwoordelijk voor. En in die 3 jaar tijd is er óók weer veel veranderd. Aan de lopende band bijna, als je het mij vraagt.

Verandering is niet gelijk aan verbetering

Het moge duidelijk zijn dat verandering niet altijd verbetering betekent. Wie mij een beetje kent, kent ook zo mijn gedachtes over hoe de geestelijke gezondheidszorg is geregeld in Nederland. Toen ik voor mezelf begon, heeft menig vakgenoot me dan ook voor gek verklaard. Met bosjes vallen collega´s om mij heen neer, en ik snap het helemaal. Ik ben dan ook begonnen met de insteek: het kan er alleen maar op vooruit gaan.

Actie voeren

Ik sta dan ook vierkant tegen alle acties die worden gevoerd voor de publieke sector. De GGZ is al jaren het ondergeschoven kindje van de zorg geweest. Ik hoop van harte dat daar op korte termijn verbetering in komt. Tot die tijd is het zoeken naar mogelijkheden binnen de beperkingen. En eigenlijk is dat een mooie metafoor voor wat mijn werk inhoudt. Ik zoek constant naar mogelijkheden binnen de beperkingen in de opvoeding. Of dat nou komt door ADHD, een ongunstig gezinsklimaat of een beperkte intelligentie.

Jeugd en opvoedhulp (J&O)

Op die manier heb ik, helaas op harde en zeer ontnuchterende wijze, ook mogelijkheden gevonden om mijn werkveld wat op te rekken en uit te breiden. Sinds kort bieden wij namelijk ook vergoede zorg aan voor het geven van groepstrainingen voor kinderen, het geven van ouderbegeleiding (zowel in de praktijk als thuis) en het geven van therapeutische begeleiding van kinderen met een DSM classificatie zoals ADHD of Autisme. Samenvattend heet dit hulpaanbod Jeugd en Opvoedhulp (J&O). Even voor de duidelijkheid: dit kan dus náást de GGZ hulp voor een kind worden ingezet.

BGGZ én SGGZ via 1NP

Eén van de andere veranderingen in de jeugd GGZ is dat het onderscheid tussen eerste- en tweedelijnszorg niet meer bestaat. Daarvoor in de plaats gekomen is nu BGGZ (basis GGZ) en SGGZ (specialistische GGZ) gekomen. Sinds wij ook zijn aangesloten bij 1NP als landelijk netwerk, kunnen we naast de kortdurende BGGZ indien nodig ook de meer intensievere SGGZ inzetten. Bovendien kunnen cliënten vanuit heel Nederland bij ons terecht, ongeacht de gemeente van herkomst.

Hartje Dordrecht

Nog eventjes geduld en onze praktijk zit in hartje Dordrecht, waar wij bovenstaande en andere mogelijkheden aanbieden. Want we laten ons niet kisten door bureaucratie en regelgeving, maar blijven zoeken naar oplossingen en mogelijkheden. Bloed kruipt waar het niet gaan kan tenslotte. En dat is nu precies de kracht van wat we doen: samen zoeken naar oplossingen en mogelijkheden, binnen de beperkingen van de situatie.

Blijf op de hoogte

Wil je op de hoogte blijven van alle ontwikkelingen en laatste informatie over de praktijk, het behandelaanbod en mogelijkheden voor jou? Like ons dan op Facebook en houdt de website in de gaten!

De verbouwing deel 20

De verbouwing deel 20

Praktijk in wording

Het is een tijdje stil geweest op de blog. Met 4 weken vakantie heeft de verbouwing ook een tijd stil gelegen, maar inmiddels zit de vaart er weer goed in. Dat moet ook wel, want op 1 januari moet mijn praktijk helemaal functioneel zijn aan huis. Dat betekent dat er in korte tijd nog een heleboel moet gebeuren. Om maar wat te noemen: de aanbouw met 2 praktijkkamers moet afgewerkt worden. Er moeten vloeren in komen, vloerverwarming, de muren moeten afgewerkt worden, lampen geïnstalleerd, contactdozen, etc.

Klussen to go…

De entree, met de hal, de gang, de wachtkamer en het toilet moeten ook gedaan worden: de vloer moet geëgaliseerd worden, er moeten nieuwe vloeren in met vloerverwarming, de wanden moeten afgewerkt worden, in de hal moet het raamwerk, de meterkasten en andere zooi in orde worden gemaakt. Het toilet moet vervangen worden, inclusief alle tegelwerk.

Keuken en slaapkamers

Om de wachtkamer af te kunnen maken, moet het keukenblok wat we nu nog gebruiken naar boven verhuizen. Maar dan moet boven eerst de vloer geëgaliseerd worden en gelegd worden, er moet een aanrecht komen en dan pas kan de keuken daar worden afgemaakt. Om de derde praktijkruimte te maken, moeten de kinderen uit die kamer wat nu hun slaapkamer is. Waar zij dan heen moeten? Liefst in hun eigen slaapkamers. Maar dát is een project waar we nog niet mee kunnen starten, dus zullen we daarmee moeten wachten.

Uitdaging

Kortom, een flinke uitdaging en waarschijnlijk komt het erop neer dat we nog volle bak aan de klus zullen zijn als ik al mijn praktijk aan huis zal hebben. Aan de andere kant hoop ik dat de ´essentials´ in ieder geval gedaan zullen zijn: toilet, vloeren, wachtkamer en 2 kamers klaar. Ohja, er moet ook nog ergens verhuisd worden. Al zin om te helpen? Méér dan welkom!

Fotoverslag!

Maar los van alle klussen die er nog liggen, is er ook veel om te laten zien van wat er al is gedaan. In verslag 18 eindigden we met de sloop van de oude aanbouw. Nu volgt een verslag van de nieuwe aanbouw. Dit is in juni, voor de zomervakantie gestart.

Het geraamte van de aanbouw stond er in no time.

Terwijl wij op vakantie waren, maakten de aannemers een deel van de aanbouw af.

Helaas was het niet zover af als we hoopten toen we thuis kwamen. Glas in de deuren ontbrak, net als beslag, het voegwerk, de buitenkraan…

En helaas was ook het dak ook nog niet dicht en lag er na een paar flinke plensbuien een zwembad binnen.

Er moest ook nog gemetseld worden.

Het raam en de deur in de linker kamer heeft al wel glas.

Vanuit de wachtkamer is er een deel van het raam opgeofferd om hoogte te winnen in de aanbouw.

Na een paar weken is dan eindelijk de lichtstraat geplaatst. Dit zorgt voor daglicht in de aanbouw, maar ook in de naastgelegen kamer.

De lichtstraat vanaf het dak. Hier hopen we uiteindelijk een sedumdak (groen dak) te kunnen maken.

En dan, met oog op privacy en comfort, wordt er maar liefst 14cm dikke isolatie in alle muren geplaatst. Geen kattepis dus. Knappe jongen die dan nog kan horen wat er wordt gezegd tijdens behandelingen!

Voordeel van nieuwbouw is dat alles lekker ´recht toe, recht aan´ is, wat vlug werkt.

En dan is ook de muur gemetseld en komen ze een paar weken later het voegwerk doen. Intussen is ook het glas geplaatst.

Voegwerk.

Na de isolatie zijn de platen aan de beurt.

Geheel rondom wordt alles bekleed.

Daarna folie aanbrengen en beginnen met de gipsplaten.

Dit wordt het kantoor/kleine spreekkamer.

Met gipsplaten oogt het direct weer een stuk lichter.

En dan is het tijd om de ruimte op te delen in 2, zodat er 2 kamers ontstaan en een overloopje.

En hier is dan ook de tussenmuur geplaatst.

Het overloopje vanuit de wachtkamer wordt gemaakt.

En dit is de grote behandelkamer (rechts).

 

 

Met openslaande deuren naar buiten

En ook de overloop is met gipsplaten bekleed.

En de posten zitten erin.

Minder grappig was dat de trap het begaf met Steef erop. Flink blauw en beurs, maar gelukkig niks gebroken.

Dan is het plafond aan de beurt, met de eerste gipsplaten.

En de laatste foto van dit verslag. Het plafond van de kleine kamer is helemaal beplaat.

 

Als trainer van NatuurlijkSportief aan de slag!

Als trainer van NatuurlijkSportief aan de slag!

Van je hobby je werk maken

Zo leuk! Ik mag me sinds kort ook NatuurlijkSportief trainer noemen. Van je hobby je werk maken, is iets waar veel mensen van dromen. Sommige mensen doen het, en daar heb ik veel bewondering voor. Sinds Signes geboorte sport ik bij Natuurlijk Sportief, waar ik mijn passie helemaal heb gevonden. Ik wist niet dat sporten zó leuk kon zijn! En nu, 3 jaar later, ben ik zelf ook trainer van deze mooie sport. Met een missie.

Bewegen en sporten met een missie

Niet alleen was het buiten zijn, het bewegen en gewoon het contact met anderen veel leuker dan alle andere sportervaringen die ik ooit had, ik merkte ook dat er van alles veranderde. Zoals veel vrouwen na de zwangerschap wilde ik graag weer een beetje mijn figuur terug en de kilo´s kwijt. Ik had al jaren niet meer gesport, dus na de eerste keer trainen kon ik 4 dagen m´n shirt amper over m´n hoofd heen trekken van de spierpijn (maar ik was dan ook niks gewend).

In een deuk tijdens de training

Maar waar ik eerste nog een hele training liep, rende ik de week erop al een paar meter. En de maand erna rende ik zelfs al een paar honderd meter. Ik genoot van het gevoel na de training dat mijn lijf hard had gewerkt. Ik voelde me helemaal ontspannen en loom, maar tegelijkertijd heel helder en alert. Al heel snel merkte ik veranderingen in hoe ik in mijn vel zat. Regelmatig lag ik in een deuk tijdens een training. Of het nou vanwege flauwe grapjes was of omdat we de meest absurde spelletjes deden, die ik voor het laatst deed op de basisschool. Als ik wegfietste van mijn werk, werd ik al enthousiast van het idee dat ik ´s avonds weer mocht sporten. Een totaal nieuwe ervaring.

Toen sporten nog een ´moetje´ was…

Het is zo fijn om te merken dat je prestaties verbeteren. Ik heb nooit echt gesport, ik heb van alles gedaan, van jazz ballet en zumba tot zwemmen en kickboksen, en jarenlang in muffe fitnesszalen mijn tijd uitzitten. Ik kon het nooit lang volhouden, want ik ben te snel uitgekeken en bovendien was de sfeer niet uitnodigend. Bedompte zalen, geschreeuw door een microfoon of in de rij staan voor je een apparaat kon gebruiken. Sporten deed ik omdat het moest, niet omdat het leuk was. Tot een paar jaar geleden dus…

NatuurlijkSportief

De beste uitvindingen zijn kinderlijk eenvoudig. Zo heeft Teun, de oprichter van NatuurlijkSportief, ook een belachelijk eenvoudig concept neergezet, dat zo goed aanslaat, dat het zelfs in het buitenland wordt overgenomen. Buiten zijn, sporten met wat je hebt, gebruik maken van je eigen kracht en die van anderen, en zo sterk en fit worden. Je gaat met de seizoenen mee: zwemmen in de zomer, bladerhopen maken in de herfst en elkaars bloemen afpakken in de lente. In de tijd waarin mindfulness zo hoog op de agenda staat, past dit concept er naadloos in.

Bewegen binnen je behandeling

En als je dan merkt, als onsportieve, slappe persoon zoals ik was toen ik begon, dat het lukt om te veranderen, echt te genieten van het sporten en je daar lichamelijk maar vooral mentaal zoveel beter door te gaan voelen, trek je al snel de conclusie: dit kan zoveel mensen helpen. Toen groeide het idee om het aan te bieden als aanvulling op onze behandelmogelijkheden. Want naar buiten gaan, in beweging komen, en gewoon onder de mensen zijn, of aandacht hebben voor wat je doet, is voor veel mensen helaas geen vanzelfsprekendheid.

Voordelen van buiten sporten en bewegen

Als NatuurlijkSportief trainer kunnen we dat nu samen aanpakken. Want dat bewegen goed voor je is, dat weet iedereen. Maar dat dit concept ook bijdraagt aan ontzettend veel andere vaardigheden, wist je misschien nog niet. Ik noem hieronder enkele thema´s waaraan gewerkt kan worden binnen behandeling met NatuurlijkSportief:

  • Zelfbeeld. De meeste kinderen en jongeren die bij mij komen hebben een slecht zelfbeeld. Ze twijfelen aan hun uiterlijk, vinden zichzelf dom of denken dat anderen hen raar vinden. Vaak kloppen deze beelden van zichzelf niet. Met het trainen werk je aan meer zelfvertrouwen door een positieve en motiverende begeleiding. Er wordt gekeken wat je wél kan, en wat wél lukt, en elke keer lukt er een beetje meer. Dat geeft succeservaringen en zelfvertrouwen waardoor je zelfbeeld uiteindelijk wordt bijgesteld naar een meer realistisch zelfbeeld.
  • Opkomen voor jezelf en assertiviteit. In onze maatschappij en Nederlandse cultuur is het inmiddels bijna essentieel dat je voor jezelf kunt opkomen en je zegje kunt doen als je het ergens niet mee eens bent. Er worden veel kinderen gepest, of buitengesloten en veel kinderen voelen zich onvoldoende weerbaar tegen ´kattenkoppen´. Met het trainen werk je (uiteindelijk) ook met oefeningen waarin je 1 op 1 spelletjes doet, en letterlijk voor jezelf leert opkomen. Je leert je houding verbeteren, je lichaam te gebruiken, en je voelt je daardoor sterker en zekerder van jezelf. Het helpt je om steviger in je schoenen te staan en voor jezelf op te komen.
  • Grenzen stellen en bewaken. Burn-out komt helaas steeds vaker voor, en wordt ook steeds regelmatiger bij jonge kinderen gezien. Het bewaken van je eigen grenzen, voelen wanneer het voor jou genoeg is, en hier op anticiperen, is een belangrijke vaardigheid. In het trainen leer je je eigen grenzen kennen. Je merkt wat er kan en lukt, en zal merken dat je, doordat je sterker en fitter wordt, ook je grenzen kunt verleggen. Maar zoals veel ambitieuze en perfectionistische jongeren, ga je soms (te snel) over je eigen grenzen heen. We willen te snel en te veel en nemen onvoldoende rust of luisteren onvoldoende naar de signalen van ons lichaam. Tijdens de training leer je weer aandacht hebben voor wat ons lichaam vertelt, en hier rekening mee te houden.
  • Beter leren en concentreren. Wist je dat je door beweging beter kunt leren? Soms doen scholen het al: tafels springen, of vingeroefeningen en even dansen tussen de lessen door. Stilzitten is het nieuwe roken. Door ´meerdere kanalen´ te gebruiken, wordt informatie beter opgeslagen. Door stilzitten, roesten belangrijke breinfuncties vast. Als we in beweging komen, worden onze executieve functies weer geactiveerd. De vaardigheden die we zo hard nodig hebben om bijvoorbeeld te plannen, organiseren, overzicht te houden en te blijven concentreren. Niet voor niets zeggen mensen dat ze ´even hun hoofd leeg maken´ met sporten. Het maakt je helder, alert, en je slaat informatie beter op.
  • Sociale angst. Meer dan je misschien denkt, zijn heel veel kinderen en jongeren angstig. En de meesten daarvan hebben last van sociale angst: zich in nieuwe situaties begeven, met nieuwe mensen, en vooral met leeftijdsgenoten samen zijn. Ze maken zich zorgen over wat anderen van hen denken of vinden, en durven zich niet goed te uiten. Gevolg is dat veel kinderen en jongeren deze situaties gaan vermijden. Sommigen van hen zitten zelfs thuis. Belangrijk dus om het vertrouwen terug te krijgen dat ze goed zijn zoals ze zijn, en merken dat het vooral erg leuk kan zijn met anderen. In een veilige omgeving met gelijkgestemden wordt gewerkt aan het overwinnen van je angst en vergroten van zelfvertrouwen. Er wordt gewerkt met oefeningen op basis van vertrouwen en bijvoorbeeld groepsspelletjes, waarin plezier delen voorop staat.
  • Gezondere levensstijl. Voor de hand liggend, maar niet minder belangrijk. We zijn met z´n allen op weg naar een obese samenleving. Steeds meer kinderen zijn te zwaar, en helaas gaat dat in rap tempo door: ongezonde voeding, te weinig beweging en ongezonde leefgewoontes zijn hier de oorzaak van. Met het trainen bij NatuurlijkSportief wordt bijgedragen aan een kantelpunt hierin. Je haalt voldoening uit bewegen, buiten zijn, andere gewoontes, plezier maken, en natuurlijk merken dat je fit wordt. Je hoort misschien wel eens dat sporten verslavend kan werken? Dat klopt. En in combinatie met goede voeding kan je een groot verschil maken, wat ik als gewichtsconsulente direct aanpak als dat je wens is.
  • Speelsheid, plezier en genieten van het leven. Niet zelden liggen we helemaal in een deuk door de grappige spelletjes die we doen, en de speelsheid en lichtheid die we ervaren tijdens de trainingen. Wanneer klim je nou in een boom, of doe je nog tikkertje? Waar je als kind je plezier uit putte, ervaar je nu opnieuw. Een zeer onderschatte behoefte van de moderne mens en heel belangrijk voor het genezen en voorkomen van depressieve gevoelens.

Buiten sporten als middel

Deze lijst is lang niet volledig. Samen met jou (en je ouders) bekijken we hoe het trainen kan bijdragen aan je hulpvragen en behandeldoelen. Niet het sporten staat voorop, maar jouw psychische welbevinden. Het bewegen  is een middel op weg naar jouw doelen.

Benieuwd op welke manier ik jou hierin kan helpen? Neem even contact op, zodat we een plan kunnen maken voor voeding, beweging en psychisch welbevinden.

 

Van doen wat ik deed, naar doen wat ik leuk vind!

Van doen wat ik deed, naar doen wat ik leuk vind!

Een uitbreiding van het hulpaanbod

De laatste tijd heb ik niet echt stilgezeten. “Zit jij überhaupt wel eens stil?” vragen sommige mensen om me heen. Ja hoor, om deze blogjes te schrijven of een beetje wezenloos te Netflixen. Maar nog veel leuker vind ik het om te bewegen. Eerder schreef ik al eens over over de voordelen van sporten en hoe ik dat zelf aan den lijven heb ondervonden. Van een luie donder, naar een stuk gezonder. Sterker nog, het is veruit mijn grootste passie in mijn leven! Wie had dat ooit gedacht.

Alleen nog doen wat me blij maakt

Ik heb sinds 2010 jarenlang alleen maar geïnvesteerd in leren en presteren. Diploma´s, cursussen en supervisie tot het werkelijk m´n strot uit kwam. Het laatste jaar van mijn registratietraject heb ik mezelf echt erdoorheen moeten trekken, want ik vond het allang niet leuk meer. Maar stoppen was geen optie, omdat ik dan alles voor niks had geïnvesteerd. Toen ik in 2017 de overname en mijn ondernemersschap voorbereidde, sprak ik om die reden iets heel essentieels met mezelf af: Ik ga alleen nog maar doen wat me blij en gelukkig maakt.

Alleen maar meer, meer, meer?

Zo gezegd, zo gedaan. Het klinkt heel simpel, en in feite is dat het ook wel. Bij elke beslissing stel ik mijzelf de vraag: word ik hier blij van? Meestal is dat zo, en kan ik gewoon op dezelfde voet verder. Maar om de een of andere reden voel ik toch nog altijd een soort opgelegde druk om meer te doen. Het is ook de bureaucratie die het afdwingt: heb je ik-weet-niet-hoeveel jaar aan extra opleidingen, mag je nog niet alles behandelen. Om gék van te worden. Als je dan die en die titel hebt, mag het wél. Het wordt een soort heilige graal. Zo dacht ik tot voor kort: psychotherapeut worden, dat wil ik uiteindelijk.

Waar word ik wél blij van?

Tot ik me van de week ineens de vraag stelde: word ik daar blij van? Ik verdiepte me in het opleidingsprogramma. Kortweg: bakken met geld, zeeën van tijd en vreselijk veel energie gaat me dat kosten. Nee. Daar kijk ik absoluut niet naar uit. Waar word ik dan wel blij van?

Psyche, voeding en sport

Toevallig had ik afgelopen weken de afronding van de opleiding gewichtsconsulente. Het was nou niet direct mijn ambitie om een carrière switch te overwegen. Begin 2017 zaten we met de praktijk met het probleem dat het budget voor vergoede zorg al op was voor we überhaupt begonnen waren. Ik zag het al gebeuren dat ik in juni werkloos kwam thuis te zitten, en dat wilde ik voorkomen. Ik wist dat er beroepsverenigingen zijn, binnen de alternatieve geneeswijzen bijvoorbeeld, die ook (een deel van) de behandeling vergoeden. Vreemd eigenlijk: voor deze vormen van hulpverlening is vaak een veel soepelere regeling dan voor (voor mijn gevoel) veel urgentere zorg zoals GGZ.

Denken in mogelijkheden

Ik ben iemand die denkt in mogelijkheden, dus ging ik op zoek naar een opleiding waarmee ik mij gemakkelijk bij zo´n beroepsgroep kon aansluiten. Zo kwam ik al snel bij gewichtsconsulente uit. Ik houd van eten, van koken en vooral van sporten, dus sprak me dit in die zin wel aan. Toen ik afgelopen weken het examen en de praktijkdag deed, kreeg ik ineens hele andere inzichten. Dit was een beroepsvereniging met een veel lagere standaard. In de zin van: het is gewoon prima zoals je het doet, voel je vrij en volg je eigen koers.

Ik hoef me niet te bewijzen

Geen overheid en allerlei instanties die in je nek hijgen, waar je verantwoording aan af moet leggen en jezelf keer op keer moet bewijzen dat je je werk mag doen. Ik dacht ineens: voor wie moet ik eigenlijk psychotherapeut worden? Andere mensen nemen ook met minder genoegen en hebben een prima baan die ze bovendien nog leuk vinden ook. Een groot nadeel van mijn vak, is dat het zittend werk is, en altijd binnen. Toen we op zoek waren naar een huis met praktijkruimte, hoopte ik altijd dat ik een praktijkruimte met bijvoorbeeld een serre of openslaande deuren zou vinden, zodat we met lekker weer (half) buiten konden zitten.

Psychologische hulp bij overgewicht

Toen ik begon met de opleiding gewichtsconsulente, wilde ik dit in eerste instantie als ´noodoplossing´ voor als het budget op was. Eenmaal bezig, bedacht ik dat ik het wellicht kon combineren. Niet zelden zie ik kinderen en jongeren met overgewicht of die gewoon ongezond eten en leven. Heel regelmatig geef ik als advies: ga naar buiten! Omdat ik weet hoeveel verschil dit kan uitmaken, en vitamine D tekort bijvoorbeeld tot depressieve gevoelens kan leiden. Maar zittend binnen komt dat advies toch minder sterk over dan het ervaren. Overtuigen werkt niet, het ervaren wel.

En naar buiten, bewegen!

Zo ontstond het idee voor een totaalpakket. Doen wat ik leuk vind is immers sporten, bewegen, buiten zijn en mensen helpen. Ik weet hoeveel de psyche samenhangt met het fysieke, en hoe mooi is het als ik die twee samen kan aanpakken! Door ook de leefstijl aan te pakken, en een andere dynamiek toe te voegen: niet alleen zittend praten, maar ook gewoon buiten bezig zijn in een ontspannen en ongedwongen sfeer. Handen omhoog voor degenen die al lopend de beste gesprekken hebben gevoerd.

Running Therapeut

Dus heb ik de daad bij het woord gevoegd. De opleiding tot gewichtsconsulente is bijna rond. Ik heb me ook reeds verdiept in de specialisatie voor kinderen en jongeren. Inmiddels ben ik opgeleid tot trainer bij Natuurlijk Sportief (waarover een andere keer meer) zodat ik lekker buiten aan de slag kan met mensen en binnenkort word ik ook opgeleid tot Running Therapeut. In de praktijk komen openslaande deuren en kunnen we lekker buiten zitten bij goed weer. Ik ga doen wat ik leuk vind: met jullie aan de slag naar totale gezondheid, zowel psychisch, fysiek als op het gebied van eten en levensstijl.

Een totaalpakket!

Heb je zin om aan de slag te gaan, of wil je graag meer weten over de mogelijkheden? Neem dan even contact met me op. Of reageer in een berichtje hieronder en ik vertel je er meer over!

Autismeweek 2018

Autismeweek 2018

Onbekend maakt onbemind

Het is de week van autisme. Inmiddels een bekende en ingeburgerde term in onze samenleving. Toch? En toch is er elk jaar een Autismeweek, waarin allerlei activiteiten worden georganiseerd rondom dit thema. Niet per sé omdat het onbekend is, maar nog meer omdat er blijvend aandacht nodig blijft voor iedereen die deze classificatie heeft gekregen.

Verschillen en nuances

Zoals wij verschillen van elkaar, zo verschilt ook iedereen met een autisme spectrum stoornis (ASS) diagnose. In de Autismeweek worden door het hele land activiteiten georganiseerd, speciaal voor deze doelgroep. Zo kan iedereen deze verschillende mensen leren kennen, en ontstaat er meer begrip en acceptatie. Onbekend maakt onbemind. Als mensen meer begrijpen van autisme, is de kans groot dat dit bijdraagt aan meer verbinding met deze mensen.

Vermoeden van autisme

In mijn praktijk zien we ook op regelmatige mensen met (een vermoeden van) autisme. Ze worden soms aangemeld zonder dat ouders of kind denken in de richting van autisme. Andere ouders zijn er bijna al van overtuigd dat er autisme speelt. Sommige kinderen komen er pas op hun 18e achter dat zij ASS hebben, andere ouders komen al met hun peuter langs omdat zij vermoedens in die richting hebben. In de intake is het daarom altijd belangrijk dat we veel uitvragen en duidelijk krijgen, zowel over de huidige ontwikkeling als de jaren daarvoor.

Vaststellen van ASS

Het woord autisme is inmiddels bij de meeste mensen wel bekend. Veel mensen weten dat deze kinderen (en volwassenen) ´anders´ zijn en dat er soms rekening mee moet worden gehouden. Toch blijkt steeds maar weer in de praktijk dat er ook heel veel misvattingen zijn, of wordt gegeneraliseerd. Als ik onderzoek doe, vind ik een classificatie eigenlijk niet belangrijk. Of er wel of geen autisme wordt vastgesteld is eigenlijk niet zo relevant.

Klachtgedrag

Waar ik naar op zoek ga, is het begrijpen van het klachtgedrag, en snappen waar de oorzaak ligt. De diagnose die ik stel, moet daarom altijd verklarend zijn. Het moet duidelijk zijn waar het ´mis´ gaat in de informatieverwerking. Er zijn grofweg drie gebieden waarop klachten kunnen voorkomen als we het hebben over ASS: de sociale omgang, de communicatie en de stereotiepe gedragingen. De belangrijkste reden waarom er klachten zijn op deze gebieden, is omdat de informatieverwerking bij deze kinderen anders verloopt. De stoornis ligt dus in de hersenen.

Verschillende visies

Er zijn veel dingen die van daaruit anders lopen, waar verschillende visies op zijn om dit goed te verklaren. Elke visie richt zich op nét een ander aspect van bijvoorbeeld het sociaal inzicht of de sociale communicatie. Daardoor kan het ene kind goed functioneren op het ene gebied, maar zwak scoren op het andere. Daardoor ontstaat een unieke blauwdruk voor elk kind, wat het tegelijkertijd moeilijk maakt voor de omgeving. Het vraagt van ons namelijk om te kijken naar de specifieke behoeftes van het kind. Een kind kan bijvoorbeeld veel sturing van de omgeving nodig hebben, terwijl anderen meer vrijgelaten kunnen worden. Precies zoals het bij kinderen zonder autisme ook is, eigenlijk.

Specifieke behoeften

In de 9 jaar dat ik nu in de praktijk werk, heb ik talloze cliënten gehad waarbij ik wel of geen ASS heb vastgesteld, maar waarbij ik in ieder geval heb geprobeerd duidelijk te krijgen waar de specifieke ontwikkelingsbehoeftes van dit kind liggen. Wat dit kind nodig heeft van zijn ouders, de school en de omgeving om zo goed mogelijk binnen zijn eigen mogelijkheden te kunnen groeien en ontwikkelen. Het vaststellen van ASS is daarmee eigenlijk pas de eerste stap. Het komt voor dat het onderzoek en verslag al zoveel inzicht verschaft, dat ouders zelf verder kunnen, maar het mooiste is wanneer er een aanvullend traject volgt, met psycho-educatie.

Psycho-educatie

Psycho-educatie is een stukje voorlichting en uitleg, over autisme, de stoornis, de beperkingen die dat geeft en de mogelijkheden. Wat het betekent voor dit kind, dit gezin, deze situatie. Het leren dat het kind niet zijn stoornis is, maar dat een stoornis slechts een deel uitmaakt van het totaalbeeld. Dat een kind bovendien ook niet veranderd door het krijgen van een classificatie. Het kind blijft dezelfde, het gedrag krijgt alleen een naam.

Behandeling

Psycho-educatie is voor mijn gevoel een noodzakelijke stap om als ouder je eigen kind beter te snappen. Voor het kind geeft het rust, herkenning en acceptatie. Heel regelmatig is dit voldoende om de ergste klachten van de aanmelding te doen afnemen. En als dat niet zo is, dan is er gelukkig nog voldoende mogelijk aan behandeling voor deze kinderen.

Meer over autisme…

Er is nog altijd veel onderzoek naar autisme, en langzaam wordt er steeds meer duidelijk over deze complexe stoornis, die je voor het leven hebt. Dat is heel waardevol, omdat hiermee steeds vroeger gesignaleerd wordt en ook vroeger kan worden ingespeeld op de situatie, waardoor kinderen zich beter ontwikkelen. In de toekomst zal ik hier ook meer over delen. Bijvoorbeeld over autisme bij meisjes, de verschillende oorzaken, de rol van spiegelneuronen, de verschillen in het brein en de behandeling van autisme.

Dromen over de toekomstige praktijk

Dromen over de toekomstige praktijk

Hoe ziet de ideale praktijk eruit?

Inmiddels heb ik nu ruim 8 jaar bij mijn werkgever gewerkt. Best een tijd al. Als ik wel eens om mij heen hoor hoe vaak er soms van baan wordt gewisseld… Toch is het niet dat ik zo honkvast ben. Ik ben van nature wat onrustig van aard: altijd op zoek naar iets nieuws, nieuwe uitdagingen en prikkels om mijn grenzen te verleggen en meer te ontdekken of te leren. En toch ben ik nooit van baan veranderd en is dat eigenlijk nooit in mij opgekomen.

Een praktijk aan huis

In mijn werk is zóveel te leren. Je kunt je in zoveel richtingen specialiseren, dat het eigenlijk een constante uitdaging blijft. En mijn werksetting: een particuliere praktijk, voelt voor mij als het meest natuurlijke, de fijnste werkomgeving die je kunt verzinnen. Nouja, bijna dan. Want niet voor niets ben ik nu voor mijzelf begonnen en werk ik toe om een praktijk aan huis te starten. Want dát voelt als de ultieme droom. Dat is hoe ik het liefste wil, en het is heel bijzonder dat dit daadwerkelijk gaat gebeuren, als de verbouwing eindelijk rond is.

Wat wil de cliënt?

Sinds ik werk waar ik nu zit, merk ik dingen op die lekker lopen, maar natuurlijk ook die anders of beter kunnen. Ik spreek er regelmatig over met anderen, want natuurlijk ben ik nieuwsgierig hoe zij over zaken denken. Natuurlijk is er heel veel ‘opgelegd’ vanuit de overheid, waardoor sommige vrijheden sterk worden ingeperkt. Maar daaromheen is er nog genoeg om zelf in te vullen. En wie kan het beste aangeven wat zij zouden willen? Juist, de cliënten. De mensen die, vroeg of laat, gebruik willen maken van de ggz zorg. In feite kan iedereen van jullie dat zijn.

Sfeer, inrichting, ruimtes…

Daarom in deze blog een uitnodiging om hierover mee te denken. Want stel je voor, om wat voor reden dan ook heb jij of je kind straks hulp nodig, en dan wil je toch op een plek komen waar je je fijn voelt, gehoord en begrepen. En los van de hulpverlener: wat vind je fijn in zo’n praktijk? Wat voor ruimtes stel jij je voor? Wat vind je belangrijk? Hoe wil je ontvangen worden? Wat voor soort sfeer of inrichting is fijn? Wat voor service of faciliteiten verwacht je bij de praktijk? Genoeg om over na te denken. En voor mij de tijd om de meningen te peilen.

Praktische zaken

Allereerst maar eens de praktische zaken. Als je een afspraak maakt, doe je dat dan liever telefonisch of online? Wil je zelf een afspraak kunnen inplannen, bijvoorbeeld via een online agenda? Of wil je liever iemand aan de telefoon spreken? Vul je liever veel in van tevoren of juist zo min mogelijk? Verwacht je dat er een spelkamer is of andere faciliteiten voor je baby, kind of jezelf? In wat voor soort behandelkamer voel je je het best op je gemak? Aan een tafel, in een zitje, of desnoods op een sofa?

Diensten en hulpaanbod

Dan de vorm van de behandeling. Lijkt het je fijn om in contact te komen met andere (ouders van) cliënten met soortgelijke hulpvragen, of bijvoorbeeld cursussen of lezingen over bepaalde thema’s bij te wonen? Wat is, naast therapie, voor jou een meerwaarde als hulpaanbod? Bijvoorbeeld een training, een stukje onderzoek naar bijvoorbeeld persoonlijkheid of executieve functies tegen een meerprijs?

Psychische kant van voeding

Daarnaast heb ik me afgelopen jaren meer en meer verdiept in voeding, omdat ik de wens heb deze kennis (en passie) te kunnen combineren met mijn werk. Steeds meer worden eetproblemen, overgewicht en obesitas gezien vanuit de psychologische kant. En terecht, naar mijn mening. Het lijkt me mooi om een totaalpakket aan te kunnen bieden van een stukje psychische begeleiding en bijvoorbeeld voedingsadvies. Ik ben benieuwd wat hierin wensen of verwachtingen zijn.

Waar is meer aandacht voor nodig?

Dan nog een inhoudelijke vraag: voor welke problematiek of thematiek is er volgens jou op dit moment te weinig aandacht of aanbod? Wat mis je in de regio, aan kennis of aanbod? Of waar ben je misschien tegenaan gelopen in het verleden in de jeugdzorg of het zoeken naar hulp? Ik ben heel nieuwsgierig wat er op dit moment bij jullie speelt en leeft en wissel hierin graag van gedachten. Daarom een uitnodiging voor iedereen: geef je reactie hieronder over wat er bij jou opkomt!

 

 

Noodkreet vanuit de jeugdzorg

Noodkreet vanuit de jeugdzorg

Wachten tot het misgaat

Er is iets heel ergs gaande in de jeugdzorg. Al sinds de invoering van de nieuwe jeugdwet in 2015 maak ik mij zorgen over de gevolgen voor de kinderen en gezinnen in de praktijk. Misschien denk je: ‘dat zegt me allemaal niks, het is een ver van mijn bedshow’. Think again. Want de werkelijkheid is dat we er in toenemende mate problemen in ervaren. En heel eerlijk: ik houd mijn hart vast hoe dit zich verder gaat ontwikkelen.

 

Tikkende tijdbom

Vorige week was er een nieuwsbericht op de NOS. Er ze komen de laatste maanden steeds meer: noodkreten van ouders, hulpverleners die aan de bel trekken, de media die hun afgrijzen over de huidige praktijken binnen jeugdhulpland laten klinken. In het bericht van gisteren sturen ouders van een suïcidale dochter een wanhoopskreet de wereld in via Facebook: ze kan, ondanks meerdere suïcidepogingen, nergens terecht. Het voelt als een tikkende tijdbom.

 

Kinderen kunnen nergens terecht

Hoewel dit een extreem voorbeeld is van een zeer complexe casus, is er in de rest van Nederland dezelfde beweging aan de gang. Wij, in regio Zuid Holland Zuid, beslaan één van de grootste regio’s in Nederland en zijn verantwoordelijk voor jeugdhulp aan miljoenen mensen. Dit zegt helaas niks over goed geregelde hulp. In alle 17 gemeentes die binnen deze regio vallen, is er sprake van oplopende wachtlijsten, geen plek voor cliënten, budgetten die op zijn, cliëntenstops en overwerkte mensen.

 

Problemen sinds de nieuwe jeugdwet

Hoe kan dat? In 2015 is er een wetswijziging gekomen. Waar vroeger jeugdhulp werd vergoed door je eigen zorgverzekeraar, zijn nu gemeentes verantwoordelijk gemaakt voor het inkopen van de jeugdhulp. Het is een complexe zaak, en als leek lastig te begrijpen. Het is daarom ook onvoorstelbaar dat zoiets belangrijks en grootschaligs in 2 jaar tijd totaal op zijn kop is gezet om het bij de gemeentes te plaatsen. Voor veel mensen in het werkveld klonken alle plannen te mooi om waar te zijn. En helaas blijkt dat ook zo te zijn.

 

Politiek probleem

Doordat werkelijk álles is veranderd in het regelen en vergoeden van zorg voor de jeugd, werd aan alle kanten opnieuw het wiel uitgevonden. En zoals past bij iets nieuws proberen, gaat dit gepaard met veel probeersels en nog meer mislukkingen. Helaas lijkt de Nederlandse politiek zo ingericht, dat de plannen koste wat kost moeten worden doorgeduwd. Het is hun eer te na om halverwege te constateren dat het toch niet zo goed uitpakt als ze hadden voorzien, dus steken ze hun kop in het zand en roepen nog wat harder: ‘wij staan voor één gezin, één plan!’ en meer van die lege uitspraken.

 

Geen geld meer

Het is tenenkrommend en om gek van te worden. Toen ik na de kerstvakantie weer ging werken was het 9 januari. We hadden niet lang daarvoor te horen gekregen wat ons budget voor 2017 zou zijn. Wéér 11,5% eraf. In totaal is er in 3 jaar tijd maar liefst ruim 30% bezuinigd. Dat dat natuurlijk krankzinnig is, is nog een andere discussie. Maar toen ik mijn administratie deed en bekeek hoeveel cliënten er mee verhuisden van 2016 naar 2017, kwam ik tot de schokkende ontdekking dat we al aan het budgetplafond zaten. Als ik alle nieuwe aanmeldingen uit de kerstvakantie meetelde bij de lopende cliënten, zou ik ons volledige budget van 2017 al hebben verbruikt!

 

Noodsituatie

Ik trok aan de bel: dit is een noodsituatie! Dit kan niet! Hoe kan het in vredesnaam zo zijn dat ik in januari al tegen mensen moet zeggen dat ze niet meer bij ons terecht kunnen? Hoe moet dat als de behandelingen van de lopende cliënten straks afgerond zijn? Ga ik dan duimen zitten draaien? Terwijl we merken dat de aanmeldingen maar binnen blijven stromen, terwijl de hulpvragen steeds meer toenemen en de behoefte aan goede zorg alleen maar groter wordt?

 

Bureaucratie en administratieve last

Het is nu juni 2017. We hebben met héél veel passen en meten, eindeloos onderbouwen en in feite op onze blote knietjes smeken bij de gemeente (die het geld uitdeelt) of wij asjeblieft in aanmerking mochten komen voor ophoging van het budget. Nou dat mocht hoor, zo verkondigde de gemeente. Wanneer wij in aanmerking wilden komen voor een extra 10% (ha! 10%! Een schijntje dus. En dan te bedenken dat we die in eerste instantie moesten inleveren, dus niks extra, maar gewoon ons eigen geld), moesten we een dubbel A4’tje met voorwaarden aanleveren aan papierwerk en klinkklare bureaucratische onzin.

 

Wat gebeurt er straks?

Puntje bij paaltje kregen wij bij Gods gratie die 10%, dus konden we de executie oprekken. Tot nu. Want nu zijn wij bij het punt beland dat er geen beweging meer mogelijk is. Wat betekent dat, vraag je je af? Ik zal het je vertellen:

  • we kunnen geen cliënten meer aannemen
  • onze cliënten die voor ons kiezen, hebben geen keuzevrijheid meer, wat zo mooi wordt gepromoot door de gemeente (weer zo’n lege huls)
  • cliënten die hun behandeling bij ons willen afmaken, maar dat niet kunnen doen omdat het geld op is, zijn verplicht om de behandeling af te breken en ergens anders verder te gaan: weer opnieuw een relatie aangaan, vertrouwen winnen, alles vertellen… Een aanslag op de motivatie, het vertrouwen en de effectiviteit van de zorg
  • we kunnen geen cliënten meer verwijzen naar collega’s, want hun geld is ook op
  • de problemen van cliënten nemen toe
  • ik moet tegen cliënten zeggen dat zij pas weer in het nieuwe jaar terecht kunnen, wat ik al zeg sinds februari!
  • als cliënten zelf willen betalen kunnen zij wel terecht. Ik vind dit moreel onaanvaardbaar. Zorg moet voor iedereen beschikbaar zijn die het nodig heeft, geen luxeproduct voor de rijkeren!
  • de wachtlijsten worden langer bij de hulpverleners die nog wél budget hebben
  • problemen worden ernstiger, complexer en hardnekkiger
  • problemen die bij ons hadden kunnen worden behandeld, veranderen door lang wachten in problematiek waar veel duurdere en langdurige zorg nodig is
  • mensen kunnen nergens meer terecht met hun problemen. Jawel zegt de gemeente: want 25km verderop zit nog een praktijk die nog budget heeft. Of jawel, zegt de gemeente: bij deze hulpaanbieder kun je nog terecht. Hoe komt het dat die mensen nog budget hebben? Ze staan blijkbaar niet goed bekend?
  • de hulpaanbieders die nog wél budget hebben, maar waar mensen liever niet naartoe willen, omdat ze daar bijvoorbeeld geen goede verhalen over horen of omdat ze er een andere reden voor hebben om de kwaliteit in twijfel te trekken, krijgen alsnog de cliënten in hun schoot geworpen. Een soort beloning voor hun matige werk?De problemen nemen toe Ik kan er nog eindeloos over doorgaan, maar zal ander relaas voor een andere keer bewaren. Voor nu wil ik alleen maar de iedereen wakker schudden: jongens let op! Ik houd mijn hart vast voor mijn cliënten en alle hulpbehoevende kinderen en gezinnen in Nederland. Het mag toch niet zo zijn dat cliënten nergens terecht kunnen?

 

Wordt wakker!

Het is afwachten wanneer het misgaat. De nieuwsberichten die nu steeds meer verschijnen, bevestigen onze zorgen. Wat des te schrijnender is, is dat de gemeente aangeeft dat er sinds de invoering van de nieuwe jeugdwet alleen maar een toename is in de problemen. Zowel in de basis GGZ (de lichtere zorg) als de specialistische GGZ (de zwaardere zorg). Ohja, en uiteindelijk moesten gemeentes aan het eind van het jaar alsnog een paar miljoen ophoesten, want er bleek iedere keer toch meer geld nodig dan voorzien. Nouja, dan zíj hadden voorzien, want voor ons was het geen verrassing. Er gaat dus duidelijk wat mis, maar het is de vraag wanneer er wat aan gedaan wordt.

Wat is symbooldrama? Deel 3

Wat is symbooldrama? Deel 3

Van beelden naar woorden

Dit is deel 3 in de reeks over de werking van symbooldrama. In deel 1 ging ik in op de start van het dagdromen en het reguleren van emoties. Deel 2 legt meer uit over hoe het voorstellen van beelden betekenis kan hebben. In dit deel wordt dieper ingegaan over de woorden die je kunt geven aan de dagdromen. En welke effecten dagdromen kunnen hebben.

Nog meer regulatie

Bij alles geldt: je mag het doen op jouw manier. Er is geen oordeel, het gaat om jouw gevoel en jouw betekenis. Na het tekenen doe ik soms nog een extra verwerking. Dit kan op allerlei manieren. Ik maak veel gebruik van woordkaarten, gevoelskaarten en beeldkaarten. Ik vraag een kind kaartjes te zoeken die voor zijn gevoel belangrijk zijn bij de dagdroom. Ook hier vindt weer extra regulatie plaats, omdat een kind moet kiezen en zijn gedachtes en gevoelens moet kaderen. Samen bespreken we de keuzes die het kind maakt, zodat hij geholpen wordt om betekenis te geven aan zijn ervaringen.

Nieuwe verbanden

Vaak is het tijdens het tekenen en de verdere verwerking dat kinderen ineens beginnen te vertellen. Over wat ze voor heftigs meemaakten van de week. Of ervaringen van langer geleden. Soms lijkt dit een lukrake associatie, maar heel vaak zit er een verband tussen wat het kind doormaakte in de dagdroom en wat het kind nu vertelt. Zonder dat zij het zelf hoeven te snappen, is dit verband gelegd. Ik vind dat nog altijd iets fascinerends.

Titel voor de dagdroom

De laatste stap om het geheel af te ronden is om te proberen een titel te geven aan de dagdroom. Een titel kan opnieuw weer symbool staan voor wat een kind in de dagdroom heeft doorgemaakt. Een soort kernachtige samenvatting van het geheel. En vaak is dat daarom ook erg lastig: er gebeurt teveel of de indrukken moeten nog even ‘landen’. Het niet (direct) weten van een titel is dan ook niet erg. Soms komt het later, soms komt het niet, het is beiden goed.

Verandering

Het effect van de dagdroom stopt hier niet: het is pas het begin van de verandering. Als cliënten een paar keer hebben gedagdroomd, merken kinderen en ouders vaak uiteenlopende effecten. Niet zelden hebben kinderen bijvoorbeeld minder nachtmerries, kunnen ze hun emoties beter reguleren, gaat het beter in sociale contacten en zijn ze in het algemeen gelukkiger. Ze zijn, kort gezegd, emotioneel veel stabieler. Er is een gezonde basis gelegd van waaruit ze zich beter kunnen gaan ontwikkelen.

Symbooldrama is effectief

Symbooldrama. Het klinkt een beetje in de categorie van familieopstellingen of IPT. Niet dat ik per se iets tegen deze interventies heb: ze kunnen zeker effect hebben. Maar deze interventies bevinden zich in een grijs gebied. Het feit dat iedereen zich coach mag noemen en zonder gedegen opleiding of registratie aan de slag mag met niet goed onderzochte interventies brengt een gevaar met zich mee. Namelijk dat je als cliënt wordt blootgesteld aan een slecht uitgevoerde ‘behandeling’, waar je niets mee op schiet of zelfs een negatieve ervaring overhoudt.

Gedegen opleiding

Als Orthopedagoog Generalist en Symbooldramatherapeut wil ik daar een duidelijk onderscheid in maken. Symbooldrama is geen interventie die niet lichtzinnig mag worden ingezet: er gaat een opleiding van drie jaar aan vooraf, met constante supervisie. Ook na het afronden van de opleiding wordt verwacht dat je intervisie doet, om de kwaliteit van je behandelingen te waarborgen. Hoe je de interventie toepast, kijkt namelijk zeer nauw. De manier van behandelen heeft effect op o.a. veilig gehechtheidsgedrag, verwerking van trauma’s en het versterken van de identiteit van mensen.

Wat is symbooldrama? Deel 2

Wat is symbooldrama? Deel 2

De taal van beelden

Dit is deel 2 in de reeks over de werking van symbooldrama. Een door mij geliefde behandelmethode, die ik veelvuldig toepas. Het werkt goed, snel en is een vriendelijke manier voor zowel kinderen en volwassenen om aan verschillende problemen te werken. In deel 1 schreef ik over hoe ik met de dagdroom begin en hoe dit kan helpen je emoties te reguleren. Uiteindelijk werkt dit vaak als een herstel van eerdere, onopgeloste problemen.

Het begint met aandacht

Dat herstel gebeurt doordat je er samen met de therapeut aandacht voor hebt. In een veilige omgeving, waar je je dapper genoeg voelt, waar je gesteund en begrepen wordt en het dit keer in de therapie goed laat aflopen. De therapeut heeft daarom de taak om heel accepterend, begripvol en zonder oordeel mee te leven met wat je als cliënt doormaakt. En dat kan van alles zijn: hele fijne gevoelens, van alles waar je zo naar verlangt, of wat je mist, maar ook rotgevoelens, die nu goed verwerkt kunnen worden. En heel vaak is het een beetje van allebei: tegelijkertijd zijn er fijne en onprettige gevoelens.

Symbool voor het leven

De therapievorm heet symbooldrama, omdat alles wat in de dagdroom gebeurt, symbool staat voor het leven. Het heerlijke weer kan symbool staan voor je vrolijke bui, de enorm hoge berg kan symbool staan voor iets waar je als een berg tegenop ziet. Voor iedereen is dit verschillend. Het is niet de bedoeling dat ik ga zeggen wat ‘dingen betekenen’. Een kind (of een ouder) mag zélf de betekenis geven aan de dagdromen. Dat maakt de methode ook prettig, omdat er geen oordeel aan vast hangt.

Je eigen betekenis

Veel jongeren doen dit zonder uitleg al uit zichzelf. Zo was er eens een meisje van 16, met wie ik een dagdroom deed. Ze stelde zich een boom voor: “nou gewoon, een boom, met een dikke stam. In de herfst, met alle gekleurde blaadjes op de grond”. Het is normaal dat kinderen en ook volwassenen, wat argwanend reageren op hun eerste kennismaking met symbooldrama. Toch probeer ik het vaak met ze uit, wat tot mooie processen leidt. Zo tekende dit meisje uiteindelijk haar boom. Toen ik er samen met haar naar keek, zei ze ineens: “ja, eigenlijk is dit ook wel een beetje hoe ik ben. Al die gekleurde blaadjes op de grond. Ze zien er mooi uit. Ik speel ook vaak mooi weer, maar je ziet niet de wortels die eronder zitten. Die wortels… misschien is dat wel hoe kwetsbaar ik me soms voel. Ik bedek ze liever”. En dat vind ik een feest, als cliënten zélf inzicht krijgen in deze processen.

“Al die gekleurde blaadjes op de grond. Ze zien er mooi uit. Ik speel ook vaak mooi weer, maar je ziet niet de wortels die eronder zitten”

Uitwerken

Na de dagdroom geef ik een uitwerkopdracht. Meestal laat ik dit tekenen. Ik heb ook een ezel in mijn behandelkamer. En als ik straks mijn eigen praktijk heb, wil ik de mogelijkheden voor de verwerking verder uitbreiden. Nu kunnen mijn cliënten tekenen, krijten, verven en kleien. Waarom ik dat doe? Of deze manier wordt er een vertaalslag gemaakt van de binnenwereld naar het concrete, het tastbare. Vaak is de dagdroom heel puur en grillig. Er gebeurt van alles. Bij het tekenen wordt als het ware weer verder gereguleerd: je bepaalt zelf wat je tekent en op welke manier.

In de volgende blog zal ik verder ingaan op deze complexe maar fascinerende behandelmethode. Dit betreft deel 2 in een reeks over hetzelfde onderwerp.

Registratietraject orthopedagoog generalist deel 1

Registratietraject orthopedagoog generalist deel 1

De start van de nascholingen

Vers van de universiteit, met een halve pabo, HBO pedagogiek, pre-master en master Orthopedagogiek achter de rug. Ik dacht dat ik wel even klaar was met studeren. Wat een mazzel had ik, dat ik kon werken op mijn stageplek, en ik was in mijn nopjes met het part-time werken nu ik net moeder was geworden. Maar ik kwam er al snel achter dat die rust niet voor lang was. Als ik nu op die periode terugkijk, denk ik wel eens: waar begon ik aan? Ik had niet kunnen voorzien hoe pittig dat traject was.

Verplicht verder studeren

Als je studeert, krijg je vakken als diagnostiek en behandeling. Je wordt voor je gevoel opgeleid om straks mensen te behandelen. Niets is minder waar, en dat was een behoorlijke tegenvaller toen ik dat ontdekte. Wil je zelfstandig mensen behandelen, dan moet je namelijk geregistreerd zijn als hoofdbehandelaar. Daarvoor heb je een BIG-registratie nodig (GZ-psycholoog), of een OG (Orthopedagoog Generalist) registratie. En dat bleek een heel ingewikkelde klus om die te krijgen.

De sprokkelroute

Eerlijk is eerlijk, ik had geen idee waar ik aan begon toen ik begon. Maar er was weinig keus: wilde ik werken, dan moest ik een registratie hebben, anders kon ik de behandelingen niet vergoeden. En al helemaal niet nooit de praktijk overnemen. Al snel kwam ik er achter dat de GZ-opleiding in mijn geval uitgesloten was. Dat was op de werkplek waar ik zat niet mogelijk. De OG-route wel: zij hebben een zogenaamde ‘sprokkelroute’, waar je zelf punten voor nascholing bij elkaar mag verzamelen. Klinkt simpel, maar dat viel behoorlijk tegen.

Plannen

In de praktijk kwam het er op neer dat ik avonden lang bezig was met plannen, plannen en nog eens plannen. Eerst bedenken welke cursussen ik wilde volgen, dan bekijken op welke dagen dat was, zoveel mogelijk buiten werkdagen plannen, oppas regelen voor die dagen, inschrijven en hopen dat het niet al vol zat (wat helaas vaak voorkwam). Vervolgens moest ik rekening houden met de puntenverdeling: er moesten punten voor diagnostiek, behandeling, overig en literatuur gehaald worden. Als ik meerdere cursussen tegelijk volgde, moesten die elkaar ook niet overlappen. Het was ontzettend frustrerend en tijdrovend.

De plussen en minnen

De cursussen zelf waren vaak héél leerzaam en interessant. Ik ben in die jaren enorm gegroeid in mijn professionaliteit en expertise. Zonder die nascholing zou ik me nooit zo zeker in mijn werk hebben gevoeld. Maar na ongeveer 4 jaar begon de hoeveelheid me op te breken. Ik moest tegen die tijd cursussen gaan uitzoeken op de punten: had ik nog 12 punten voor diagnostiek nodig, dan koos ik maar een cursus met veel van die punten. En dat stond me tegen: ik wilde gewoon kiezen wat ik nodig had voor mijn werk, en dat ging op een gegeven moment niet meer.

Kop vol kennis

Bovendien had ik aan het einde van het traject het gevoel dat er niet meer kennis bij kon: alles wat ik aan nieuwe kennis opdeed, ging voor mijn gevoel ten koste van kennis die ik eerder had opgedaan. Het was alsof er iets op een overvolle tafel werd geschoven, waardoor er aan de andere kant spullen van af vielen. Gelukkig kreeg ik bij elke cursus mappen vol met naslagwerk, maar puntje bij paaltje maak ik daar in de praktijk te weinig gebruik van.

Eindeloos reizen

Helaas was er toen ik begon nog geen nascholing in de buurt. Dat betekende dat ik voor bijna alle cursussen naar Amsterdam, Amersfoort of Utrecht moest afreizen. Ik heb heel wat uurtjes in de trein gemaakt, en nog nooit zoveel afschrijvingen in korte tijd gezien voor het automatisch opladen van mijn OV-chipkaart.

Druk op het gezin

Het klinkt, als ik het zo opschrijf als een grote misère, maar dat was het natuurlijk niet. Ik ben ontzettend blij en trots dat ik dit traject heb doorlopen en voltooid, en het heeft me gebracht waar ik nu sta. Maar tijdens het traject heb ik alle drie mijn kinderen gekregen, hebben we thuis de gehele bovenverdieping uitgebouwd én moest ik dus elk vrij moment besteden aan het lezen van literatuur, maken van opdrachten of naar cursus gaan. Ik vond het vooral frustrerend dat ik het gevoel had dat ik geen keus had en niet meer terug kon: je moet het binnen een bepaalde termijn afronden, anders vervallen je punten. Dat legde enorme druk op me.