De wereld van het buiten spelen

De wereld van het buiten spelen

Over hang-ouders en in het wild spelen

Een paar jaar geleden was ik al eens begonnen met schrijven. Mijn toenmalige website bestaat inmiddels niet meer. Wel deel ik nog graag mijn herinneringen uit die tijd met jullie, zoals deze, over het letterlijk groter worden van de wereld van kinderen met het buiten spelen.

 

Met grote ogen en open mond drukt mijn dochter (toen ruim 3 jaar) haar neus tegen het raam terwijl ze naar buiten kijkt. Ze kijkt verlangend naar de spelende kinderen in de straat: ‘mama ik ga ook buiten spelen!’ zegt ze ineens resoluut. Ze draait zich om en rent naar de hal om schoenen en jas te pakken.

 

Een nieuwe wereld

Ik heb amper de tijd om aan het idee te wennen. Buiten spelen! Dat betekent dat ik ook mee moet. Ik sleep mijn (toen) jongste mee naar buiten en parkeer hem in de tuin. Ondertussen probeer ik snel te denken: wat moet ik nu precies doen? Kan dat wel, buiten spelen? En die auto’s in de straat dan? En tot hoe ver mag ze dan? Ondertussen trekt de oudste het tuinhekje al open, terwijl ze haar step onder haar arm klemt. Veel tijd om te denken heb ik dus niet, want mijn kleine meisje gaat de Grote Boze Wereld in. Nouja, zo voelt het althans een beetje.

 

Nieuwe levensfase

Ik ga voor haar zitten en spreek de grenzen af van haar nieuwe territorium: de straat en niet de poort door. Er kan nog net een knikje vanaf voor ze de tuin van de buren in stuift. Ik blijf samen met mijn zoontje een beetje meewarig zijn zus nakijken. Nou. En nu? Maar in de tuin blijven? Of kan ik gewoon naar binnen? En wat nou als ze zomaar bij andere mensen naar binnen gaat, dan weet ik niet waar ze is! Het wordt me direct duidelijk dat er een hele nieuwe fase is aangebroken in ons leven. Die van buiten spelen met andere kinderen wel te verstaan.

 

Onzekerheid

Gek genoeg heb ik daar nooit iets over gelezen in de boekjes. Terwijl ik me toch behoorlijk ongemakkelijk voelde in het begin. Ik werd me bewust wat er bij komt kijken: regels stellen, afspraken maken (‘je mag even buiten spelen maar straks wil ik nog even naar de winkels’), letterlijke grenzen aangeven, toezicht houden (‘waar hangt ze nu uit?’), sociale vaardigheden (‘wel even vragen of je naar binnen mag voordat je naar binnen gaat’, ‘zeg je nog even gedag?’)…

 

Hang-ouders

En ook voor mij als moeder ging er een wereld open. Die van ouders op straat. Een soort hang-ouders. Ze hangen in groepjes samen, klagend over het weer of ze verzuchten het gedrag van die kleine spruiten die om hun voeten krioelen. Een bijzonder fenomeen is dat de hangouders hun gesprek gewoon weer oppakken van waar ze vorige keer waren gebleven. Want de kans bestaat immers zomaar dat je drie blokjes rondrent omdat je peuter of kleuter ineens uit beeld is en heeft besloten dat tv kijken binnen toch leuker is. Dit leidt tot amusante conversaties. Zo laadde ik bijvoorbeeld de boodschappentassen uit terwijl een buurvrouw een eerder gesprek vervolgde: “maar dat betekent dus dat je dat beton er nooit meer uit krijgt!”.

 

Wie let er op de kleintjes?

Een ander fenomeen is de surveillancedienst. Ik werd hier direct van op de hoogte gesteld tijdens een van mijn eerste hangervaringen toen een wat enthousiaste moeder uitgelaten riep dat het zo prettig dat ‘we allemaal een beetje op elkaars kinderen letten!’. Dit is gevaarlijk. Want iedereen buiten is in de veronderstelling dat één van de andere hang-ouders surveillancedienst heeft, waardoor niemand echt in de gaten heeft dat het grindpad van de buurman inmiddels via de speelgoedvrachtauto in de put is beland. Of dat je dochter heeft besloten bloemen te plukken uit de voortuin van een andere hangouder.

 

Erbij willen horen

Maar ook mijn dochter deed die eerste weken wisselende ervaringen op. Het ‘in het wild’ spelen was toch even andere koek dan het speelkwartiertje in de speelzaal of in de tuin van de gastouder. Buiten spelen met nieuwe kinderen is toch een leerproces, zo blijkt. Het leggen van contacten, het vragen om mee te spelen en zoeken van speelmaatjes met wie het klikt, is een dappere onderneming van elk kind dat voor het eerst naar buiten gaat. Eentje die bij mijn dochter ook voor veel intense gevoelens zorgde. Zo ervoer ze de teleurstelling en verdriet als ze niet (direct) mocht meespelen of zelfs werd afgewezen. Maar ook als ze ontdekte dat haar speelkameraadje niet thuis was. Aan de andere kant was ze euforisch als ze nieuwe kinderen had gevonden en ze de drempel over durfde om mee te spelen en contact te maken. De behoefte om erbij te horen wordt in deze fase heel goed waarneembaar.


Misschien ook interessant:

  1. 10 tips voor een bedankje voor de juf
  2. kinderleed als je net vier bent geworden
  3. het leed, dat taart maken heet

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *