Archief van
Categorie: reviews

Review: “opvoeden doe je met je brein”

Review: “opvoeden doe je met je brein”

Een schat aan informatie over opvoeden

“Het is alweer veel te lang geleden dat ik een review schreef over een boek. Het was zelfs een goed voornemen van me om meer reviews te schrijven (en dus meer boeken te lezen), maar in een gezin met 3 kinderen is lezen een absolute luxe die als één van de eerste zaken van de lijst verdwijnt. Er is simpelweg teveel te doen.

Maar toch is het me gelukt het boek “opvoeden doe je met je brein” uit te lezen. En dat heeft me behoorlijk wat uurtjes gekost. Het is een flinke kluif om je hier doorheen te lezen, hoewel de voorkant dat absoluut niet doet vermoeden.”

Inzicht in ouderschap

Ondanks dat is het een absolute aanwinst voor mijn boekenkast en haal ik héél veel theorie uit dit boek die ik gebruik in mijn praktijk met cliënten. Ik raad hem niet zo snel aan, omdat het hele technische en moeilijke materie is, maar áls je hem hebt door weten te ploeteren, heb je een schat aan hele belangrijke informatie en begrijp je eigenlijk alles wat ik probeer uit te dragen als hulpverlener ineens een stuk beter.

 

De feiten

  • Titel: Opvoeden doe je met je brein. Wat de neurowetenschap je leert over een hechte band met je kind.
  • Auters: Daniel Hughes en Jonathan Baylin
  • Uitgever: Hogrefe
  • Publicatiedatum: 2014
  • Aantal pagina’s: 222
  • Prijs: €24,95

 

Algemeen

Het boek zegt geschreven te zijn voor alle ouders en in tweede instantie voor hulpverleners. Ik deel deze mening niet: het is voor ouders geen makkelijke materie en ik denk juist dat het literatuur is die veel meer hulpverleners die met kinderen werken zich eigen zou moeten maken, omdat het zal leiden tot veel meer inzicht en begrip van problemen in de opvoeding van kinderen.

boek review opvoeden doe je met je brein stress geblokkeerde zorg ouderschap ouder-kindrelatie interactie met je kind opvoedproblemen

De pluspunten

  • De inhoud van dit boek vind ik van héle grote waarde. Ik ben ontzettend blij dat ik dit boek heb en gebruik hem intensief, om de stof zoveel mogelijk eigen te maken. Het geeft heel veel inzicht in het werken aan een goede ouder-kindrelatie, het begrijpen van je kind, het bijdragen aan gezonde hersenontwikkeling van je kind en het beter begrijpen van jezelf als ouder.
  • Wanneer je dit boek hebt gelezen, heb je veel meer begrip voor en acceptatie van hoe opvoedingssituaties lopen en ook veel meer tools en mogelijkheden in handen om hier vervolgens op te reageren.
  • Het is naar mijn idee echt basisliteratuur voor elke therapeut (in opleiding) die met kinderen en/of ouders werkt. Dit vormt de basis van (het voorkomen en begrijpen van) heel veel andere problematiek en pakt de situatie bij de kern aan.
  • Alles wat wordt uitgelegd over de ouder-kindrelatie, wat hierin mis kan gaan en wat je er aan kunt doen, wordt onderbouwd met hersenonderzoek. Zo wordt inzichtelijk dat je echt verschil kunt maken in de ontwikkeling van de hersenen van je kind.

 

De minpunten

  • Met stip op nummer 1: het is erg moeilijk. Ik ben behoorlijk ingelezen in de stof, maar moest echt al mijn aandacht erbij houden om goed te begrijpen wat er wordt bedoeld. Het is echt geen huis, tuin en keukenboek dat je even wegleest.
  • Voor mijn gevoel wilden de auteurs teveel in te weinig tijd zeggen. En dat is best begrijpelijk: er zijn ontzettend mooie hersenonderzoeken waarin zo duidelijk wordt hoe essentieel het is om op een bepaalde manier om te gaan met kinderen, dat ze dat graag allemaal aan de orde laten komen. Maar de psychologie is zó breed, en er komen zóveel aspecten bij kijken, dat er nu af en toe doorheen wordt geracet. Ik kan me voorstellen dat dit soms meer vraagtekens oproept bij ouders.
  • Het is een droog boek. Het leest niet makkelijk weg, heeft veel vaktermen, lange teksten en weinig illustraties. Ook de opbouw draagt niet bij aan het beter weg lezen. Het is soms een beetje onduidelijk waar je je nu precies bevindt in het boek.

 

Eerste indruk

Het boek heeft een A5 formaat, een slappe kaft en oogt niet zo dik. Door de vrij simplistische, vrolijk gele voorkant, wordt de indruk gewekt dat het een makkelijk weg te lezen boekje is. De praktijk is echter anders. Het verbergt een schat aan informatie achter de voorkant. Door mijn veelvuldig en intensief gebruik, wordt het boek snel afgeleefd: ezelsoortjes, wat vouwen in de kaft, etc. Het papier is gebleekt papier, zonder opsmuk in de lay out. Er is veel witruimte om de tekst heen, wat ik prettig vindt, want dan kan ik zelf aantekeningen maken in de kantlijn. Er zitten weinig afbeeldingen in het boek en soms forse lappen tekst.

review opvoeden doe je met je brein hersenontwikkeling neuropsychologie brein kinderen ontwikkeling opvoeding ouderschap ouders kinderen problemen

Opbouw van het boek

Dit is één van de minpunten van dit boek: ik mis een duidelijk opbouw, waardoor het terugzoeken van bepaalde informatie lastiger wordt. Het boek begint met een theoretische uitleg over de ontwikkeling van de hersenen van jonge kinderen. Dit is als het ware de noodzakelijke opstap naar de rest van het boek. Het tweede hoofdstuk richt zich op de domeinen van het ouderschap die nodig zijn om je kind op te voeden. Het derde hoofdstuk legt uit wat er mis kan gaan in elk van deze vijf domeinen van ouderschap. De auteurs spreken dan van geblokkeerde zorg. De schrijvers promoten een bepaalde handelswijze in de opvoeding van kinderen. Kortweg SANE, wat een afkorting is van de begrippen Speelsheid, Acceptatie, Nieuwsgierigheid en Empathie. Deze wordt in de hoofdstukken hierna verder uitgelegd. Deze hoofdstukken zijn ook wat makkelijker om te lezen: ze bevatten af en toe uitgeschreven dialogen tussen een therapeut en een ouder.

 

Vertaalslag naar de praktijk

Dit boek nodigt uit tot een vervolg. Ik word er persoonlijk heel enthousiast van, omdat ik voel hoe belangrijk deze informatie is, en hoeveel verschil het kan maken voor ouders in de opvoeding, wanneer ze dit goed begrijpen. Ik voel dan ook de behoefte om deze vertaalslag te maken. Allereerst doe ik dat al in gesprekken met ouders, waarin ik aan de hand van door hen aangedragen voorbeelden, een koppeling maak naar de theorie uit dit boek. Later, wanneer ik mijn eigen praktijk draai op eigen locatie, wil ik lezingen gaan geven over deze onderwerpen. In de tussentijd wil ik vooral schrijven, uitleg geven en begrippen uit dit boek toelichten.  Om een vertaalslag te maken naar de praktijk, zodat de gemiddelde ouder ook snapt waar het over gaat en het behapbaar is. Zodat het praktisch en concreet wordt en je ermee aan de slag kan. Dus volg vooral mijn blog als je meer wilt lezen.

 

Conclusie

Werk je zelf met kinderen of houd je wel van een uitdagend boek wat je wereld zal verrijken? Neem dan de proef op de som en duik in dit boek. Ik raad je aan vooral aantekeningen voor jezelf te maken en de tijd te nemen om te snappen wat er wordt beschreven. Ik ben heel benieuwd hoe jullie ervaringen zijn na het lezen van dit boek en hoor het graag van je terug!

Review: “Mom’s one line a day”

Review: “Mom’s one line a day”

Dagboek over 5 jaar

“Een iets andere review dit keer. Niet over een inhoudelijk boek, maar over een leeg dagboek, dat inmiddels een heel belangrijke plek in mijn dagelijks ritueel heeft gekregen. Het zal jullie niet verbazen dat ik van schrijven houd, en ik vind het concept van deze simpele dagboeken een enorm succes. Inmiddels schrijf ik al een paar jaar in dit dagboekje, dus is het tijd om het met jullie te delen.”

 

De feiten:

  • Titel:  ‘Mom’s One Line A Day. A Five Year Memory Book.’
  • Uitgever: Chronicle Books
  • Publicatiedatum: 2010
  • Aantal pagina’s: 372
  • Prijs: €14,99

Algemeen

Dit dagboek is niet het old skool dagboek met lege pagina’s en een slotje, maar heeft een opbouw die je de laatste jaren steeds vaker ziet bij dagboeken: je houdt vijf jaar lang elke dag dit dagboek bij. Zo heb je na vijf jaar een compleet naslagwerk. Dit dagboekje is speciaal gericht op moeders. Ik gebruik hem dan ook om mijn ervaringen als moeder en de gebeurtenissen uit het leven van de kinderen in bij te houden.

review vijf jaren dagboek gezin moeder

Eerste indruk

Het is een fijn, klein en handzaam boekje. De afmetingen zijn ongeveer 16cm bij 10cm en 3cm dik. De bladzijden hebben een gouden rand aan de buitenzijde, wat een nostalgische en chique indruk geeft. De hardcover is stevig, met een zachte, dikke buitenkant. Dit maakt het prettig om vast te houden. Ook heeft het boek een mooi gouden leeslint. De lay-out is mooi in zijn eenvoud. Van binnen zijn alle pagina’s gelijk aan elkaar. Het boek blijft bovendien goed openliggen, wat wel zo prettig is om er in te schrijven (en te lezen).

dagboek vijf jaren schrijven onthouden persoonlijk gezin kinderen moeder

Gebruik van het boek

Je kunt op elke willekeurige dag beginnen met het dagboek. Stel dat je vandaag zou beginnen (ik schrijf dit op 25 januari 2017), dan zoek je 25 januari op. Op deze bladzijde staan vijf tekstvakjes onder elkaar, bedoeld voor elk jaar dat je er in schrijft. Vandaag begin je dan in het bovenste vakje, waar je aan het einde van de dag een regeltje (of meer) schrijft over vandaag. Morgen ga je dan naar de volgende bladzijde, enz. Net zo lang tot je weer terugkomt bij 25 januari in het volgende jaar. Dan schrijf je in het vakje daaronder en begint een nieuwe cyclus. Als je het structureel bijhoudt, heb je een handzaam boekje vol dierbare herinneringen over 5 jaar. Achterin het boek zitten nog extra pagina’s waarop je de belangrijkste data kunt noteren, zodat je de gebeurtenissen van die dagen gemakkelijk terug kunt vinden.

dagboek vijf jaren schrijven onthouden persoonlijk gezin kinderen moeder

Mijn ervaring

Sinds 4 oktober 2014 schrijf ik in dit boekje, dus ik ben nu in het derde jaar bezig met schrijven. En ik heb spijt dat ik niet veel eerder ben begonnen. Altijd heb ik wel hapsnap geschreven in losse notitieboekjes of suffige babyboeken, maar dat dekt de lading bij lange na niet. Het spreekwoord ‘wie schrijft, die blijft’ is ook hier van toepassing. Het is ontzettend cliché maar je vergeet zoveel! Ik zou bijvoorbeeld ook veel meer foto’s en video’s van onze kinderen moeten maken, maar dat schiet er doorgaans bij in. Doordat schrijven in deze dagboekjes (ik houd er meerdere bij) onderdeel is van mijn routine vlak voor ik ga slapen, ben ik ervan verzekerd dat ik de grote en kleine gebeurtenissen uit ons gezinsleven onthoud. Ik vind het heerlijk om terug te lezen hoe het de voorgaande jaren ging, welke streken ze uithaalden of met welke thema’s we toen bezig waren. Niet zelden zit ik grinnikend terug te lezen, omdat ik komische voorvallen alweer was vergeten of nu kan lachen om situaties waar we een jaar eerder met ons handen in het haar zaten. Ook bijzonder is om terugkerende patronen te zien. Dat onze kinderen bijvoorbeeld rond dezelfde periode van het jaar ziek worden, dat we (toevallig?) dezelfde soort uitstapjes maken, bijvoorbeeld. Ik houd deze dagboeken in eerste instantie voor mijzelf bij, maar ik kan me goed voorstellen dat ik deze boekjes op termijn aan mijn eigen kinderen doorgeef, zodat zij terug kunnen lezen over hun eigen kindertijd. Het is een stukje familiegeschiedenis wat ik dan in feite doorgeef, dat vind ik een mooi idee.

review dagboek vijf jaren schrijven onthouden persoonlijk gezin kinderen moeder

Pluspunten

  • Mooi vormgegeven boekje
  • Handzaam formaat, ligt lekker in de hand
  • Gemakkelijk bij te houden en vol te houden doordat een zinnetje per dag al voldoende is
  • Nooit meer belangrijke en minder belangrijke gebeurtenissen uit de kinderjaren en het gezinsleven vergeten
  • Een zeer persoonlijk naslagwerk
  • Leuk om te doen en om in terug te lezen
  • Een stukje familiegeschiedenis om eventueel door te geven aan je kinderen

Minpunten

  • Als je het dagboekje een paar dagen vergeet in te vullen, is het soms lastiger terug te halen wat je die dagen ervoor hebt gedaan en wat je op kunt schrijven.
  • Als je het een paar dagen vergeet in te vullen, is het meer werk om te schrijven.

Conclusie

Ik wil niet meer zonder. Het is voor mij echt een ritueeltje geworden wat me bovendien ook helpt om op de dag te reflecteren. Soms zet ik de gebeurtenissen neer, soms mijn gevoelens, andere keren mijn gedachtes of intenties. Je kunt het zo breed maken als je wilt. Omdat het open is, biedt het veel mogelijkheden. Ik geniet van het bijhouden en ben zeker van plan na 5 jaar opnieuw dit boekje te kopen voor de jaren daarna.

 

Het Familieparadijs: een eerste indruk

Het Familieparadijs: een eerste indruk

Geen doorsnee binnenspeeltuin

Sinds een poosje is het Familieparadijs in Zwijndrecht geopend. Een vriendin tipte me hier over en nieuwsgierig als ik was, besloot ik eens een kijkje te nemen. Fosse is eens in de paar weken op maandag vrij, omdat hij teveel uren draait op school. Zo’n roostervrije maandag leek me een prima dag om eens de proef op de som te nemen met Fosse en Signe.

Dus stapten we op de fiets (hoera voor de mooie herfst!) en trapten onze weg naar de speelhal toe. Het is gelegen op een groot industrieterrein aan de rand van Zwijndrecht, met voldoende gratis parkeergelegenheid voor de deur. Voor fietsen zag ik echter (nog) niks staan, misschien komt er later nog een fietsenstalling.

Ander concept

De eerste indruk was dat het nog niet helemaal af was. Het oog als een soort kantoorgebouw als je binnenkomt, en ik vermoed dat er later nog energie wordt gestoken in de aankleding. De kassa is ook direct de keuken, waar je eten en drinken kunt bestellen. En natuurlijk entree moet betalen. Anders dan bij de regulieren binnenspeeltuinen, hanteert het Familieparadijs een concept waar je geld terug krijgt als je korter dan 2,5 uur blijft. Daar moet je zelf wel erg in hebben en daarom ook je bonnetje goed bewaren, want je wordt hier niet op gewezen door de medewerkers.

Kamers met speelgoed

Direct na de kassa loop je door een soort gang met kamers, waarin verschillend speelgoed is te vinden. En hier ging mijn hart wel sneller van kloppen, want dit is echt heel mooi materiaal: verschillende poppenhuizen, kastelen, piratenboten… Ik zag al meteen spullen die ik in mijn ‘droom spelkamer’ ook zo neer zou kunnen zetten. Het is materiaal dat uitnodigt tot fantasiespel, de rijkste en belangrijkste vorm van spelen in het opgroeien van kinderen. Dat het speelgoed in kamers is gezet maakt het wat knusser en overzichtelijker. Er staan tafels waar je aan kunt zitten, werken of eten. Maar hier heb ik wat dubbele gevoelens bij.

familieparadijs zwijndrecht

Kind speelt, ouder werkt…?

Enerzijds promoot het Familieparadijs hun mogelijkheden voor de volwassenen om te werken, hun laptop of smartphone aan het stopcontact te hangen en zo ongestoord hun gang te gaan terwijl de kinderen lekker spelen. Dat is een heerlijk idee en kan in sommige kamers best werken. Maar hier ligt ook direct een verbeterpunt voor deze speelplek, als je het mij vraagt.

Kwetsbaar speelgoed

Veel van het speelgoed is echt mooi, duur en kwetsbaar speelgoed. Bijvoorbeeld constructiemateriaal voor oudere kinderen (meccano) met schroefjes, moertjes en boutjes. Er ligt een prachtige doos op tafel, en hier liggen valkuilen op de loer. Want: het is onbeheerd, er is geen begeleiding vanuit de organisatie, geen voorbeelden (behalve het boekje), en het is vrees ik afwachten tot de spullen kapot gemaakt worden, kwijtraken of tot het gewoon één grote bende wordt waarbij alle materialen door elkaar zijn gegooid.

Leren spelen

Je kunt echt zien dat er nagedacht is over het soort speelgoed en de thema’s in de kamers, voor verschillende leeftijden. En daarin hebben ze een uniek concept, die volgens mij best succesvol kan worden. Maar, zoals ik ook helaas veel in de praktijk tegenkom: veel kinderen (en ook ouders) hebben nooit geleerd om te spélen. Het is niet vanzelfsprekend dat kinderen gaan spelen met het materiaal, daarbij respect hebben voor het materiaal, snappen wat ze er mee kunnen doen, en de materialen weer opruimen. En dan kan het gebeuren dat kinderen een beetje gaan grabbelen in het speelgoed, het was doelloos heen en weer schuiven, er eens een schop tegen geven, of gewoon alles omgooien, omdat ze niet weten wat ze kunnen doen.

familieparadijs zwijndrecht

Meespelen als ouders

Daar ligt een taak voor ouders, maar ook voor de organisatie. Het zou heel waardevol zijn als ouders en kinderen in deze setting echt samen gaan spelen. Spelen is essentieel voor de ontwikkeling van kinderen, en als kinderen goed kunnen spelen, is dit ontzettend preventief en helpend bij problemen. Maar als ouders het tegelijkertijd wordt aangeprezen om ‘lekker te werken, terwijl je kind speelt’, is het misschien voor sommige ouders niet vanzelfsprekend om met hun kinderen mee te doen. En dan heb je ook heel veel ouders die zelf nooit goed geleerd hebben om te spelen (met fantasie, en hun kind volgend in het spel), dus is het voor hen lastig om hun kind daarin te begeleiden.

Begeleidt spelen

Daar ligt dus een kans voor de organisatie. Op het moment dat ze iemand zien spelen, een voorbeeld zien maken, of zien hoe materiaal gebruikt kan worden, dan is het veel gemakkelijker om als kind erbij te komen zitten, aan tafel aan te sluiten en mee te doen. De medewerker kan aanmoedigen, suggesties geven, helpen als het niet lukt en tegelijkertijd letten op zorgvuldig gebruik van het materiaal. Want ik denk dat het geen kwaad kan als kinderen ook direct leren dat ze hun spullen netjes opruimen, of bijvoorbeeld de race-auto’s uitzetten om de batterijen te sparen als ze klaar zijn.

Thema’s en aankleding

Ik ben dus enthousiast over het concept, maar iets minder over de uitvoering. Maar ze zijn pas net begonnen, ik denk dat ze hierin nog veel kunnen aanpassen. De kamers zouden wat mij betreft ook nog verder aangekleed kunnen worden, wat gezelliger gemaakt worden. Bijvoorbeeld met zitzakken, vrolijke kleuren op de muren, en versieringen/accesoires die passen bij het thema.

familieparadijs zwijndrecht

Seksespecifiek speelgoed

Wat me trouwens opviel, was een strikte scheiding tussen ‘jongens’ en ‘meisjes’ speelgoed: de poppenhuizen waren allemaal roze en lila, en stonden in een andere kamer dan de piratenboten en ridderkastelen. Ook was er een ‘prinsesseskamer’, waarmee wordt gesuggereerd dat het materiaal op die kamer alleen voor meisjes bedoeld is. Voor mij mag deze scheiding achterwege blijven. Sekse-neutraal speelgoed, of gewoon het mengen van poppenhuizen met ridderkastelen lijkt me minder stigmatiserend voor de opgroeiende kinderen.

Speeltoestellen

In de grote ruimte waren de grote speeltoestellen, zoals trampolines, een luchtkussen, superleuke hobbeldieren, skelters en andere voertuigen, een voetbalkooi, een ballenkasteel met luchtpijpen en een compleet afsluitbare dreumes/peuterruimte. In de aparte kamers waren verder nog race-auto’s met een baan, houten garages, politie/brandweer, een keukentje en een kamer met constructiespeelgoed voor oudere kinderen.

Gericht op het hele gezin

Het Familieparadijs heeft daarnaast ook gezonde opties op de menukaart, wat ik een groot pluspunt vindt ten opzichte van de binnenspeeltuinen. Ze zijn echt aan het zoeken naar manieren om als gehele gezin gebruik te maken van hun mogelijkheden, en bieden daarom ook attracties/speelmateriaal aan voor oudere kinderen en volwassenen. En de mogelijkheid om bijvoorbeeld eigen eten mee te nemen of te laten bezorgen na 17.00u, daarmee scoor je wel punten bij veel gezinnen.

Verlengstuk van de huiskamer

Omdat het Familieparadijs ook een wisselend aanbod wil hebben in het speelgoed, zou je het kunnen zien als een soort verlengstuk van de huiskamer, of een speel-o-theek XL, waar je met mooi speelgoed aan de slag mag. Maar om dat materiaal écht tot zijn recht te laten komen, is meespelen en leren spelen onder begeleiding voor mijn gevoel wél een vereiste. Ik hoop van harte dat ze daarmee aan de slag gaan, dan kom ik zeker vaker terug!

Review: “Uit de greep van OCD” over dwangstoornis”

Review: “Uit de greep van OCD” over dwangstoornis”

Behandelen van dwang met CGT

“Eerlijk is eerlijk, ik moest best wel mijn best doen om door het boek heen te komen. Ik had soms moeite om mijn aandacht erbij te houden en dat had verschillende redenen. Toch ben ik niet negatief over het boek, maar ik heb wel een aantal plussen en minnen die ik graag met je deel.”

Wat is OCD?

OCD is weer zo’n afkorting die voor nodige fronsen kan zorgen. Het is de afkorting voor ‘obsessive compulsive disorder’ of ‘obsessief compulsieve stoornis’ in het Nederlands (OCS dus). Het is een dwangstoornis waarbij je last hebt van dwanghandelingen en/of dwanggedachtes die je maar niet kunt laten. Een voorbeeld van een dwanghandeling is bijvoorbeeld obsessief handen wassen, een dwanggedachte is dan bijvoorbeeld de gedachte dat er anders misschien iets ergs gebeurd.

OCS is in feite een angststoornis, maar dan wel een zeer specifieke en eentje die vaak net een andere aanpak vraagt dan een ‘normale’ angststoornis.

De feiten

Eerst maar even de feiten:

  • Titel:  ‘Uit de greep van OCD. Handboek voor jongeren en hun omgeving’
  • Auteur: Dr. Jo Derisley, Isobel Heyman, Sarah Robinson en Cynthia Turner
  • Uitgever: Pica
  • Publicatiedatum: 2009
  • Aantal pagina’s: 212
  • Prijs: nu €3,75 bij Pica, normaal €12,50

Algemeen

Het boek noemt zichzelf een ‘handboek’ wat doet vermoeden dat het allesomvattend is in de mogelijke behandelingsmogelijkheden voor dit soort klachten. Dat is echter niet zo: het werpt licht op één behandelstrategie, namelijk die van cognitieve gedragstherapie (CGT). Voor de gemiddelde ouder is dit boekje niet zo interessant, omdat het zeer specifiek ingaat op OCD, wat slechts (gelukkig) bij weinig kinderen en jongeren voorkomt. Het is geschreven voor de jongere zelf, maar ook ouders kunnen er mee uit de voeten. Wanneer je kind mildere angst- of dwangklachten heeft, adviseer ik in eerste instantie andere literatuur.

 

De pluspunten:

  • Wat ik heel sterk vind, is dat ouders op bijna vanzelfsprekende wijze intensief worden betrokken om OCD te lijf te gaan. OCD heeft een grote lijdensdruk: als je er last van hebt, is het heel erg belemmerend voor je functioneren en je kan er behoorlijk verdrietig van worden. Steun van ouders is daarom naar mijn mening zeer waardevol en eigenlijk noodzakelijk. Het boek gaat daar ook van uit.
  • Er zit een heldere opbouw in het boek met psycho-educatie en stapsgewijze aanpak van het probleem.
  • De illustraties zijn vaak verhelderend en illustratief, met soms diagrammen of lijstjes om de stof meer inzichtelijk te maken.
  • Er zijn gratis downloads beschikbaar bij het boek om de oefeningen in de praktijk te brengen.

ocd ocs dwang cgt

De minpunten:

  • Lay out en gebruiksgemak van het boek vallen een beetje tegen en doen wat oudbollig aan.
  • Taalgebruik is wat formeel, soms wat wollig en met redelijk veel herhaling.
  • De formuleringen bij de werkbladen zijn soms moeilijk verwoord.
  • Er wordt een poging gedaan om oplossingsgerichte elementen in het boek te verwerken maar deze worden helaas niet concreet genoeg gemaakt.
  • Sommige genoemde voorbeelden zijn niet zo handig gekozen waardoor de geloofwaardigheid van de tekst minder wordt.

 

Waar ik niet helemaal achter sta:

  • Er wordt gezworen bij cognitieve gedragstherapie (CGT) als hét middel in de therapie voor OCD. Het wordt zelfs zó stellig neergezet, dat alle andere therapievormen per definitie ineffectief zijn. Ik ben het hier niet mee eens. Ik heb meerdere malen cliënten met OCD behandeld, waarvan een aantal expliciet niet met CGT vanwege uiteenlopende argumenten. Ik blijf erbij dat per cliënt moet worden bekeken welke therapievorm aansluit, in plaats van een therapievorm op te leggen aan een cliënt.
  • Er wordt in mijn ogen voorbij gegaan aan de oorzaak van OCD. Er wordt stilgestaan bij de klachten en symptomen en de bestrijding hiervan, maar niet waarom het ooit is begonnen. Niet zelden is er een oorzaak te vinden die aan de bron van deze problematiek ligt, die na behandeling ook zorgt voor het verdwijnen van de OCD-klachten. Hieraan voorbijgaan is in mijn ogen symptoombestrijding: wanneer de ene dwanghandeling is aangepakt, zal er een andere opduiken.
  • Er wordt in het boek veel aandacht besteed aan de dwanghandelingen. Bovendien wordt er vanuit gegaan dat er aan elke handeling een gedachte gekoppeld zit. Dit is echter iets wat in de praktijk één van de lastigste zaken is om te behandelen, juist omdat er vaak sprake is van een handeling zonder duidelijke gedachtes daarbij. Cliënten spreken vaak van: ‘het moet gewoon’, ‘ik kan het niet laten’. Het is een gevoel van ongemak, oncomfortabel, maar niet per se te vertalen in een bijbehorende dwanggedachte. Dat maakt de bestrijding via CGT daarom vaak extra lastig.

 

Eerste indruk

Het boek heeft een frisse buitenkant met vrolijke opdruk. Helaas vind ik het minder prettig in gebruik (ik ben nogal een boeken nerd), omdat het papier niet zo prettig aanvoelt en het boek niet open blijft liggen maar steeds dichtvalt als je hem loslaat. De bladzijden zijn van wat dikker, ruw ongebleekt papier en de uitstraling is wat ouderwets. Dit verhoogt bij mij altijd de drempel om hem er later weer bij te pakken.

Het taalgebruik is wat formeel en soms met naar mijn smaak iets teveel vaktermen. Deze worden overigens wel goed uitgelegd maar kan vlotter, zeker bij de oefeningen. Ook valt op dat er redelijk uitgebreid wordt geschreven over verschillende zaken en veel herhaling in het boek zit.

 

Opbouw van het boek

‘Uit de greep van OCD’ is opgebouwd uit drie delen. Het eerste deel beslaat vijf hoofdstukken en is een stuk psycho-educatie over de stoornis. Het gaat over wat de stoornis inhoudt en op welke manieren er aan gewerkt wordt om er vanaf te komen. Het tweede deel is het praktische gedeelte waarin je actief aan de slag gaat met het bestrijden van je dwangstoornis. Dit deel beslaat 10 hoofdstukken. Het derde deel beslaat twee hoofdstukken en gaat over de samenwerking met anderen uit de omgeving: het gezin, school, etc.

Elk hoofdstuk is vervolgens opgedeeld uit twee delen, waarvan het eerste stuk is geschreven voor de jongere en het tweede stuk voor de ouders. Op deze manier blijven ouders betrokken in de bestrijding van de dwangstoornis.

In elk hoofdstuk wordt met afbeeldingen van een muis in de marges aangegeven wanneer er materialen van de website zijn te downloaden. Soms zijn er grijze info-blokjes met extra uitleg of een casus en elk hoofdstuk eindigt met een samenvatting van het voorgaande. De opbouw binnen een hoofdstuk vind ik echter niet altijd voor de hand liggend en soms wat dubbelop.

ocd ocs dwang cgt

Vertaalslag naar de praktijk

De reden waarom ik dit boekje in de praktijk zou gebruiken, zijn de handige werkbladen en de volgorde in het aanpakken van de problematiek. De werkbladen zijn gratis te downloaden en kunnen voor mij handig zijn om erbij te pakken in de therapie. Ik vind dat de theorie over de stoornis zelf echter te eenzijdig is, en daarom zou ik het niet als literatuur adviseren aan mijn cliënten. Er zitten wat onnauwkeurigheden in het boek waar ik op afknap. Zo zijn de cijfers bij de angstladder voor mijn gevoel verkeerdom (een 10 voor de minst spanningsvolle handeling en een 1 voor de meeste spanning bijvoorbeeld) en negatief verwoorden van doelen (‘geen boeken durven aanraken’ waar het doel ‘boeken aanraken’ zou moeten zijn). Er wordt een voorbeeld gegeven om duidelijk te maken dat spanning zakt naarmate je dingen vaker doet. Het voorbeeld gaat echter over bungeejumpen: dit is niet zo’n handig voorbeeld omdat bungeejumpen een tegennatuurlijke prestatie is die per definitie een zekere mate van angst met zich meebrengt. Om er dan vanuit te gaan dat na 40x bungeejumpen geen angst meer zal zijn, doet daarom afbreuk aan de geloofwaardigheid voor deze uitleg en onderbouwing.

 

Conclusie

Al met al ben ik minder positief over het boek merk ik. Hoewel het zeker voordelen geeft in het praktisch behandelen en bestrijden van dwangklachten, zal ik daarnaast altijd andere middelen gebruiken. Ik werk, als ik kies voor cognitieve gedragstherapie, vaak voor bedwing je dwang, die vergelijkbare oefeningen kent. Het boekje is daar wel een mooie aanvulling op en werkt soms wat verdiepend. Ik merk echter dat de tunnelvisie van ‘CGT voor alles’ mij tegen de borst stuit en ik extra wil bepleiten om niet alleen de klachten te behandelen, maar ook na te denken over de oorzaak. En misschien is dan een andere insteek voor behandeling wel meer voor de hand liggend.

 

 

 

Review: “zeg nee!” over executieve functies

Review: “zeg nee!” over executieve functies

Het versterken van executieve functies van baby tot volwassene

Zo, dat is een mond vol. Het gaat over vaardigheden zoals:

  • aandacht en concentratie
  • werkgeheugen
  • plannen en organiseren
  • ordenen
  • zelfbeheersing en gedragsregulatie
  • emotieregulatie
  • flexibiliteit
  • timemanagement
  • evalueren en reflecteren

De feiten

Nu eerst maar de feiten op een rijtje over dit boek:

  • Titel:  ‘Zeg nee! Gedrag in goede banen leiden door het versterken van executieve functies’
  • Auteur: Ellen Luteijn
  • Uitgever: Pica
  • Publicatiedatum: 2013
  • Aantal pagina’s: 160
  • Prijs: nu €5,99 bij Pica, voorheen €19,95

De pluspunten:

  • leest gemakkelijk weg
  • overzichtelijk en helder geschreven, per leeftijdsfase
  • voor elke leeftijd specifieke tips
  • theorie is begrijpelijk gemaakt
  • handig overzicht achterin met de executieve functies en tips verzameld
  • er zitten nieuwe en originele invalshoeken in de tips, zoals het benoemen en verwoorden bij peuters (hier ben ik groot voorstander van!) en het bij je dragen van je baby in de draagdoek of draagzak (ook hier zitten veel voordelen voor de ontwikkeling van je kindje aan!)

De minpunten:

  • veel tips missen nog een voorbeeld om het verder te verduidelijken en blijven daardoor wat vaag of algemeen
  • sommige theorie is zo sterk vereenvoudigd neergezet, dat het soms een wat vertekend beeld geeft van de werkelijkheid
  • de voorbeeld schema’s of lijstjes missen vaak ook hier meer concrete stappen om ze goed te kunnen gebruiken in de praktijk

Waar ik niet helemaal achter sta:

  • het boek adviseert gebruik te maken van time-outs, om je kind zelf rustig te laten worden. Uit onderzoek en uit eigen ervaringen blijkt echter steeds meer dat dit geen wenselijke interventie is (hierover later meer!)
  • het boek gaat er van uit dat training helpt. Ik geloof dat training inderdaad kan helpen bepaalde vaardigheden te versterken, zoláng er wordt getraind: wanneer een kind hiermee stopt, valt deze weer terug naar het oude niveau. Ik geloof dan ook niet dat een kind die zwak scoort op één of meer executieve functies door training, goed zal gaan scoren.

Eerste indruk

‘Zeg nee!’ leest gemakkelijk weg. Het is een dun en overzichtelijk boekje. Als je het openslaat zie je de accentkleur groen, waarin bijvoorbeeld de tabellen, overzichtjes en illustraties zijn getekend, wat fris oogt. De schrijfstijl is gemakkelijk te volgen, zonder onnodige vaktermen. Via de inhoud vind je snel de informatie die je nodig hebt.

Opbouw van het boek

Het boek is opgebouwd in twee delen: het eerste (korte) deel geeft een hele bondige en eenvoudige uitleg over executieve functies. Hierin wordt duidelijk gemaakt wat dat precies zijn. Eenvoudig gezegd zijn dit vaardigheden die iedereen in meer of mindere mate heeft en gebruikt bij het aansturen van zijn gedrag. Dit geldt zowel voor schoolse taken of je werk, als voor goed functioneren in sociaal opzicht.

De uitleg en theorie in het boekje is denk ik expres heel simpel gehouden. Uiteindelijk gaat het namelijk over complexe hersenfuncties, die niet zo 1 2 3 uit te leggen zijn. Het boek doet een goede poging het toch begrijpelijk te maken, onder andere aan de hand van fictieve casussen. Dit roept soms echter ook meer vragen op naar verdere uitleg.

versterken van executief functioneren bij kinderen

Het tweede deel van het boek betreft het praktische gedeelte: hierin wordt per hoofdstuk een leeftijdsfase behandeld waarin wordt genoemd hoe je als ouder je kind kunt helpen de executieve functies te verbeteren. De fases die aan bod komen zijn: baby, peuter, schoolkind, puber en jongvolwassene. Het hoofdstuk van de jongvolwassene is aan de jongvolwassene zelf geschreven, de rest van de hoofdstukken aan de ouders. De tips van de jongvolwassene bleven voor mijn gevoel erg algemeen, waar die in de basisschoolleeftijd meer aandacht kregen.

Zelftests en checklists

Elk hoofdstuk eindigt met een kleine zelftest, die vooral checkt in hoeverre je al op de goede weg bent in het stimuleren van de executieve functies bij je kind. Dit is een leuke afwisseling van de teksten en geeft ook suggesties om mee aan de slag te gaan.

Wat ik niet helemaal kan plaatsen, is de titel van het boek. De auteur legt uit dat het nee zeggen belangrijk is om als kind niet onbegrensd op te groeien en daardoor een gebrek aan zelfsturend gedrag te ontwikkelen. Maar de tips die zij vervolgens aandraagt, zijn breder dan het leren ‘nee zeggen tegen jezelf’. Ik vind de titel daarom enigszins misleidend en beperkend voor de inhoud van het boek.

Vertaalslag naar de praktijk

Toen ik het boek las, dacht ik regelmatig: dat is iets om zelf ook eens op te letten. Het is afgestemd op de wereld van nu, dus besteedt ook aandacht aan bijvoorbeeld telefoon- en tabletgebruik van ons als ouders. De tips die aan het eind van elk hoofdstuk worden opgesomd, kan ik met mijn kennis wel vertalen naar de praktijk. Maar ik denk dat het voor veel ouders nog zoeken is hóé ze dan precies kunnen worden toegepast. In het boek ‘Slim maar…‘ wordt dit naar mijn idee met meer concrete uitleg gedaan. Als ik het boek in onze praktijk zou gebruiken, zou ik de tips dus toelichten met voorbeelden.

Conclusie

Kortom, een handig en overzichtelijk boekje, waar je snel per leeftijdscategorie beknopte informatie vindt over de verschillende executieve vaardigheden van je kind en hoe je deze kunt stimuleren. Het vraagt wel om een vertaalslag om de tips ook echt toe te kunnen passen in de praktijk. Wanneer je al verder bent ingelezen in de theorie van executieve functies, lukt dit misschien beter. Voor de huidige prijs is het echter een prettig boekje om erbij te hebben. Op de website kun je bovendien handige planners en lijstjes downloaden voor eigen gebruik.