Archief van
Auteur: Michelle Houtman

De verbouwing deel 16

De verbouwing deel 16

Een interne verhuizing

Het is begin juni als ik dit schrijf. Over ongeveer 2 weken wordt een groot deel van onze huidige leefruimte platgegooid. Dat betekent dat alles wat er nu in staat, weg moet. Dan slopen de aannemers de aanbouw om in te ruilen voor een degelijk exemplaar. In die uitbouw komen twee kamers voor de praktijk. En dan, hópelijk, kunnen we toewerken naar de praktijkruimte aan huis. Om dat voor elkaar te krijgen, moesten we opnieuw verhuizen. Intern dit keer.

Van doorloopruimte naar eigen kamer

Geen gruis van een uit elkaar vallend muurtje meer in mijn bed, en geen douche cabine die bijna van ellende uit elkaar valt. Ook geen losliggend aanrechtblad waar regelmatig wat achter rolt of een wasbak waar we als een giraf in moesten buigen om de afwas te doen. We gaan er op vooruit! We verhuisden ons bed naar zolder, naar de kinderkamer naast de badkamer. Geen vloer, geen stopcontacten en geen wandafwerking, maar hé, who cares! Want we hebben een eigen kamer! Toch een behoorlijke vooruitgang ten opzichte van de doorloopruimte waar we eerst sliepen.

Douchen…

En het meest fijne moment van afgelopen tijd was toch wel met stip op 1 het kunnen douchen in onze mega ruime royale douche met stortdouche! Geen muurtjes waar ik m´n ellebogen of knieën tegenaan stoot, of waar ik letterlijk naast de douche moet gaan staan om mijn benen te scheren. In plaats daarvan geniet ik van héél véél ruimte, een krachtige douche, het fijne gevoel van de tegels aan mijn voeten, handzeep op grijphoogte en een bankje waar ik mijn voet op zet om te kunnen scheren. Rijkdom. En dan kijken we nog maar even niet naar het balkje dat nog geverfd moet worden, het feit dat er nog geen stopcontacten of verlichting is, geen spiegel, of dat het water doodleuk langs de douchedeur en dorpel de badkamer in stroomt omdat de douche deur niet goed blijk aan te sluiten (shit zeg).

…En lekkage

Een grotere deceptie was het toen we op een avond na het douchen naar beneden liepen en bij het plafond en de muur onder de douche nattigheid zagen. Lekkage. Compleet met plasje op de grond. Die avond heb ik even struisvogel politiek gespeeld en gedaan of het er niet was. Want die doemscenario´s met al het tegelwerk dat er weer af wordt gesloopt, probeerden zich al in mijn brein te nestelen. Waarschijnlijk is het de handdouche, dus gebruiken we die voorlopig niet. Maarja, daarmee is het probleem natuurlijk niet weg…

Volle woonkamer

Terug naar de interne verhuizing. Alle kasten en kledingrekken die in de ruimtes van de aanbouw stonden, de wasmachine, droger en andere toestanden zijn ook naar boven verhuisd. Maar de keuken kan niet zomaar weg, want dan hebben we geen water meer. De eettafel staat ook in de tijdelijke woonkamer, waarmee deze ruimte nu behoorlijk vol staat. Het volgende project was de keuken in de wachtkamer van de praktijk realiseren. Want als die alvast staat, kunnen we die tijdelijk gebruiken en kan de rest van de leidingen worden afgesloten en weggehaald.

Muurtjes smeren en een keuken

Afgelopen weken was Steef daarom hard bezig met het dichtsmeren van de beschadigde muur, het plaatsen van metal studs, houten wanden en gipsplaten. Een verhoging op waterpas voor de keuken werd gemaakt, een keukentje uitgezocht en gehaald en uiteindelijk geplaatst. We kregen een dagje hulp van vrienden en mijn broertje, waarmee de eerste stappen werden gezet. En al is het niet mijn droomkeuken (die komt de verdieping erboven), ik ben al superblij met deze verbetering en kijk er naar uit om het in gebruik te gaan nemen!

Fotoverslag

Hierbij het fotoverslag van de afgelopen weken.

Onze voormalige ´was- en kleedruimte´, waar onze nooddouche stond, onze wasmachine, droogrek en kleding.

De ruimte is zo goed als leeg. Klaar voor de sloop.

Onze voormalige ´romantische´ slaapkamer, hier komt straks de wachtkamer met keukentje van de praktijk.

En nog een foto van dezelfde ruimte.

Onze voormalige ´keuken´, zoveel mogelijk leeggehaald. We koken hier tot de andere keuken (in de wachtkamer) gebruikt kan worden.

En een vooruitgang, want we hebben een slaapkamer 🙂 Eentje met muren en een deur.

Dit wordt één van de kinderkamers uiteindelijk.

Met ee

n beetje passen en meten lukt het net.

De woonkamer wordt nog voller, want de eettafel komt erbij.

Maar het past gelukkig prima.

De muur in de wachtkamer moet dicht gesmeerd worden, de leidingen moeten daar weg (maar nu nog niet, want anders kunnen we niet meer koken).

Fons helpt met dichtsmeren en de wasmachine naar zolder verhuizen.

In rap tempo zijn de metal studs, isolatie en gipsplaten geplaatst. Tijd voor het ´vlondertje´ waarop de keuken komt. Het eerste kastje wordt al geplaatst.

Vriend Bram helpt met laaiend enthousiasme mee met de keuken in elkaar zetten.

Dat gaat voorspoedig.

En ook de bovenkastjes worden geplaatst.

Tot zover het fotoverslag, bijgewerkt tot begin juni. Binnenkort een ´special´ met voor en na foto´s van de badkamer.

 

 

 

Stand van zaken anno juni 2018

Stand van zaken anno juni 2018

Wat is er allemaal gebeurd?

Oeps! Is het al zo lang geleden sinds mijn laatste blog? Dat is me nog niet eerder overkomen! Writers block? Nee hoor, maar gewoon heel veel aan de gang. Ik heb het idee dat ik met 20 dingen tegelijk bezig ben, waardoor het allemaal ook meteen 20x trager gaat dan ik zou willen. Maarja, ik ben nu eenmaal nooit een ster geweest in keuzes maken. Ik vind gewoon teveel leuk.

De laatste post ging over mijn trainerschap bij NatuurlijkSportief, en stamt alweer van een maand geleden. Wat is er in de tussentijd allemaal gebeurd? Voor degenen die nieuwsgierig zijn, ik licht jullie even bij.

Vertrek en komst van collega

Mijn lieve collega Vera heeft een andere baan gevonden, en heeft onze praktijk met weemoed verlaten. Ze kon haar ene dag bij ons niet combineren met haar nieuwe baan. Balen! Maar alsof het zo had moeten zijn, kwam Sanne bij ons in dienst. Na een goed stagejaar ging zij direct aan de slag. Met veel plezier werken we nu samen, en dat is soms net een snelkookpan. In veel opzichten lijken we op elkaar, we bruisen allebei van de ideeën en zijn altijd op zoek naar verbetering. In sneltreinvaart brengen we dan ook onze to-do lijstjes en actiepunten in de praktijk. Hoe gaaf is het, om al je eigen ideeën ook echt waar te kunnen maken!

Groepsbehandelingen

Zo zijn we bezig om groepsbehandelingen te starten, voor kinderen en jongeren met angstklachten, somberheid, piekerklachten en denkproblemen. Ook voor negatief zelfbeeld komt een groep. Naast deze groepen gaan we na de zomer ook starten met groepen gericht op bewegen, naar buiten gaan volgens het NatuurlijkSportief principe, en aanvullend komt er een groepsbehandeling voor kinderen en jongeren met overgewicht of obesitas. Deze groepen krijgen een vaste plek in de week.

Huisbezoeken

Ook kijken we of we huisbezoeken kunnen toevoegen aan ons aanbod. We hebben gemerkt dat hier veel behoefte aan is, en dat het nog weinig wordt aangeboden door andere aanbieders. Het is soms een meerwaarde om een kind en zijn/haar ouders in de thuissituatie te kunnen zien en direct daarbij te kunnen aansluiten in de behandeling.

Beweging en voeding

Achter de schermen ben ik daarnaast druk bezig met het op poten zetten van een particulier aanbod, meer gericht op het bewegen en de voeding, gericht op psychisch welzijn. Het uitdenken en invullen van de website kost tijd. Veel tijd. Maar ik wil het eerst goed hebben, voor ik ergens mee begin, dus geduld is een schone zaak.

Regelzaken

Brengt wel met zich mee dat er soms tijd tekort is voor die randzaken die nu eenmaal moeten. Werkpunten voor de nieuwe AVG wet in de praktijk brengen, cliënten tellen voor het CBS of het herschrijven van algemene voorwaarden, een toestemmingsverklaring of de tarieven. Saai, maar noodzakelijk. Ik zou liever blogjes schrijven, maar de woensdagochtenden worden vaker ingepikt door dit soort moetjes. De keerzijde van het ondernemerschap zullen we maar zeggen.

Naar Dordrecht

Intussen wordt door steeds meer cliënten de vraag gesteld of we nu ook in Dordrecht zitten of wanneer we naar Dordrecht komen. Van meer mensen begrijp ik dat de behoefte er is om die kant op te komen, omdat de wachtlijsten bij de huidige aanbieders steeds verder toenemen. Nou beste mensen, de deadline staat natuurlijk op 31-12-2018, maar ik hoop toch echt eerder over te gaan.

De nieuwe praktijk

Half juni (ja, dat is nu) komen de aannemers om de nieuwe aanbouw te maken aan het huis. Op dit moment is Steef bezig met het slopen van de huidige aanbouw. Daarover in een andere blog meer. Maar kortgezegd kijk ik naar een getroffen oorlogsgebied als ik uit het raam van de ´keuken´ (straks wachtkamer) kijk. Daar, in dat slagveld, moet over een paar maanden de praktijk herrijzen. Ik kan het me nog niet voorstellen, maar de wonderen zijn de wereld nog niet uit.

Halfjaar ondernemer

Ik ben nu een halfjaar ondernemer en het bevalt me goed! Ik werk veel uren, maar ik doe alles voor mezelf, en dat geeft een heerlijk gevoel. Soms ineens een uurtje eerder thuis zijn, een spontaan ochtendje vrij plannen om te hardlopen of de kinderen zelf naar school brengen. De vrijheid is een luxe. Steef denkt tussen het slopen en klussen door, na over zijn toekomstplannen, maar is voorlopig nog volle bak bezig met het huis.

Ik ga gauw aan een volgend blogje schrijven, over de verbouwing, want er is veel om jullie te laten zien!

 

 

 

Als trainer van NatuurlijkSportief aan de slag!

Als trainer van NatuurlijkSportief aan de slag!

Van je hobby je werk maken

Zo leuk! Ik mag me sinds kort ook NatuurlijkSportief trainer noemen. Van je hobby je werk maken, is iets waar veel mensen van dromen. Sommige mensen doen het, en daar heb ik veel bewondering voor. Sinds Signes geboorte sport ik bij Natuurlijk Sportief, waar ik mijn passie helemaal heb gevonden. Ik wist niet dat sporten zó leuk kon zijn! En nu, 3 jaar later, ben ik zelf ook trainer van deze mooie sport. Met een missie.

Bewegen en sporten met een missie

Niet alleen was het buiten zijn, het bewegen en gewoon het contact met anderen veel leuker dan alle andere sportervaringen die ik ooit had, ik merkte ook dat er van alles veranderde. Zoals veel vrouwen na de zwangerschap wilde ik graag weer een beetje mijn figuur terug en de kilo´s kwijt. Ik had al jaren niet meer gesport, dus na de eerste keer trainen kon ik 4 dagen m´n shirt amper over m´n hoofd heen trekken van de spierpijn (maar ik was dan ook niks gewend).

In een deuk tijdens de training

Maar waar ik eerste nog een hele training liep, rende ik de week erop al een paar meter. En de maand erna rende ik zelfs al een paar honderd meter. Ik genoot van het gevoel na de training dat mijn lijf hard had gewerkt. Ik voelde me helemaal ontspannen en loom, maar tegelijkertijd heel helder en alert. Al heel snel merkte ik veranderingen in hoe ik in mijn vel zat. Regelmatig lag ik in een deuk tijdens een training. Of het nou vanwege flauwe grapjes was of omdat we de meest absurde spelletjes deden, die ik voor het laatst deed op de basisschool. Als ik wegfietste van mijn werk, werd ik al enthousiast van het idee dat ik ´s avonds weer mocht sporten. Een totaal nieuwe ervaring.

Toen sporten nog een ´moetje´ was…

Het is zo fijn om te merken dat je prestaties verbeteren. Ik heb nooit echt gesport, ik heb van alles gedaan, van jazz ballet en zumba tot zwemmen en kickboksen, en jarenlang in muffe fitnesszalen mijn tijd uitzitten. Ik kon het nooit lang volhouden, want ik ben te snel uitgekeken en bovendien was de sfeer niet uitnodigend. Bedompte zalen, geschreeuw door een microfoon of in de rij staan voor je een apparaat kon gebruiken. Sporten deed ik omdat het moest, niet omdat het leuk was. Tot een paar jaar geleden dus…

NatuurlijkSportief

De beste uitvindingen zijn kinderlijk eenvoudig. Zo heeft Teun, de oprichter van NatuurlijkSportief, ook een belachelijk eenvoudig concept neergezet, dat zo goed aanslaat, dat het zelfs in het buitenland wordt overgenomen. Buiten zijn, sporten met wat je hebt, gebruik maken van je eigen kracht en die van anderen, en zo sterk en fit worden. Je gaat met de seizoenen mee: zwemmen in de zomer, bladerhopen maken in de herfst en elkaars bloemen afpakken in de lente. In de tijd waarin mindfulness zo hoog op de agenda staat, past dit concept er naadloos in.

Bewegen binnen je behandeling

En als je dan merkt, als onsportieve, slappe persoon zoals ik was toen ik begon, dat het lukt om te veranderen, echt te genieten van het sporten en je daar lichamelijk maar vooral mentaal zoveel beter door te gaan voelen, trek je al snel de conclusie: dit kan zoveel mensen helpen. Toen groeide het idee om het aan te bieden als aanvulling op onze behandelmogelijkheden. Want naar buiten gaan, in beweging komen, en gewoon onder de mensen zijn, of aandacht hebben voor wat je doet, is voor veel mensen helaas geen vanzelfsprekendheid.

Voordelen van buiten sporten en bewegen

Als NatuurlijkSportief trainer kunnen we dat nu samen aanpakken. Want dat bewegen goed voor je is, dat weet iedereen. Maar dat dit concept ook bijdraagt aan ontzettend veel andere vaardigheden, wist je misschien nog niet. Ik noem hieronder enkele thema´s waaraan gewerkt kan worden binnen behandeling met NatuurlijkSportief:

  • Zelfbeeld. De meeste kinderen en jongeren die bij mij komen hebben een slecht zelfbeeld. Ze twijfelen aan hun uiterlijk, vinden zichzelf dom of denken dat anderen hen raar vinden. Vaak kloppen deze beelden van zichzelf niet. Met het trainen werk je aan meer zelfvertrouwen door een positieve en motiverende begeleiding. Er wordt gekeken wat je wél kan, en wat wél lukt, en elke keer lukt er een beetje meer. Dat geeft succeservaringen en zelfvertrouwen waardoor je zelfbeeld uiteindelijk wordt bijgesteld naar een meer realistisch zelfbeeld.
  • Opkomen voor jezelf en assertiviteit. In onze maatschappij en Nederlandse cultuur is het inmiddels bijna essentieel dat je voor jezelf kunt opkomen en je zegje kunt doen als je het ergens niet mee eens bent. Er worden veel kinderen gepest, of buitengesloten en veel kinderen voelen zich onvoldoende weerbaar tegen ´kattenkoppen´. Met het trainen werk je (uiteindelijk) ook met oefeningen waarin je 1 op 1 spelletjes doet, en letterlijk voor jezelf leert opkomen. Je leert je houding verbeteren, je lichaam te gebruiken, en je voelt je daardoor sterker en zekerder van jezelf. Het helpt je om steviger in je schoenen te staan en voor jezelf op te komen.
  • Grenzen stellen en bewaken. Burn-out komt helaas steeds vaker voor, en wordt ook steeds regelmatiger bij jonge kinderen gezien. Het bewaken van je eigen grenzen, voelen wanneer het voor jou genoeg is, en hier op anticiperen, is een belangrijke vaardigheid. In het trainen leer je je eigen grenzen kennen. Je merkt wat er kan en lukt, en zal merken dat je, doordat je sterker en fitter wordt, ook je grenzen kunt verleggen. Maar zoals veel ambitieuze en perfectionistische jongeren, ga je soms (te snel) over je eigen grenzen heen. We willen te snel en te veel en nemen onvoldoende rust of luisteren onvoldoende naar de signalen van ons lichaam. Tijdens de training leer je weer aandacht hebben voor wat ons lichaam vertelt, en hier rekening mee te houden.
  • Beter leren en concentreren. Wist je dat je door beweging beter kunt leren? Soms doen scholen het al: tafels springen, of vingeroefeningen en even dansen tussen de lessen door. Stilzitten is het nieuwe roken. Door ´meerdere kanalen´ te gebruiken, wordt informatie beter opgeslagen. Door stilzitten, roesten belangrijke breinfuncties vast. Als we in beweging komen, worden onze executieve functies weer geactiveerd. De vaardigheden die we zo hard nodig hebben om bijvoorbeeld te plannen, organiseren, overzicht te houden en te blijven concentreren. Niet voor niets zeggen mensen dat ze ´even hun hoofd leeg maken´ met sporten. Het maakt je helder, alert, en je slaat informatie beter op.
  • Sociale angst. Meer dan je misschien denkt, zijn heel veel kinderen en jongeren angstig. En de meesten daarvan hebben last van sociale angst: zich in nieuwe situaties begeven, met nieuwe mensen, en vooral met leeftijdsgenoten samen zijn. Ze maken zich zorgen over wat anderen van hen denken of vinden, en durven zich niet goed te uiten. Gevolg is dat veel kinderen en jongeren deze situaties gaan vermijden. Sommigen van hen zitten zelfs thuis. Belangrijk dus om het vertrouwen terug te krijgen dat ze goed zijn zoals ze zijn, en merken dat het vooral erg leuk kan zijn met anderen. In een veilige omgeving met gelijkgestemden wordt gewerkt aan het overwinnen van je angst en vergroten van zelfvertrouwen. Er wordt gewerkt met oefeningen op basis van vertrouwen en bijvoorbeeld groepsspelletjes, waarin plezier delen voorop staat.
  • Gezondere levensstijl. Voor de hand liggend, maar niet minder belangrijk. We zijn met z´n allen op weg naar een obese samenleving. Steeds meer kinderen zijn te zwaar, en helaas gaat dat in rap tempo door: ongezonde voeding, te weinig beweging en ongezonde leefgewoontes zijn hier de oorzaak van. Met het trainen bij NatuurlijkSportief wordt bijgedragen aan een kantelpunt hierin. Je haalt voldoening uit bewegen, buiten zijn, andere gewoontes, plezier maken, en natuurlijk merken dat je fit wordt. Je hoort misschien wel eens dat sporten verslavend kan werken? Dat klopt. En in combinatie met goede voeding kan je een groot verschil maken, wat ik als gewichtsconsulente direct aanpak als dat je wens is.
  • Speelsheid, plezier en genieten van het leven. Niet zelden liggen we helemaal in een deuk door de grappige spelletjes die we doen, en de speelsheid en lichtheid die we ervaren tijdens de trainingen. Wanneer klim je nou in een boom, of doe je nog tikkertje? Waar je als kind je plezier uit putte, ervaar je nu opnieuw. Een zeer onderschatte behoefte van de moderne mens en heel belangrijk voor het genezen en voorkomen van depressieve gevoelens.

Buiten sporten als middel

Deze lijst is lang niet volledig. Samen met jou (en je ouders) bekijken we hoe het trainen kan bijdragen aan je hulpvragen en behandeldoelen. Niet het sporten staat voorop, maar jouw psychische welbevinden. Het bewegen  is een middel op weg naar jouw doelen.

Benieuwd op welke manier ik jou hierin kan helpen? Neem even contact op, zodat we een plan kunnen maken voor voeding, beweging en psychisch welbevinden.

 

Verbouwingsverslag 15

Verbouwingsverslag 15

Badkamer tegelen…

Iemand zei laatst: je hebt het helemaal verkeerd gepland! Het is nu zomer! En daar hebben ze een puntje. We hebben de knoop doorgehakt na wekenlang kou en ongemak, en nu de  beslissing is genomen, staat  Steef met bijna 30 graden boven te klussen. Achja, je kan ook niet alles hebben. We gaan ervoor dat het af is vóór de kou weer komt.

Het begin van afwerken

En wát een verschil, nu Steef van baan is veranderd: geen kantoorbaan, maar klusjesman. En wat voor één. Deze week was weer een week van grote stappen, en grote verschillen. Eindelijk, eindelijk, ein-de-lijk komen we aan bij de fase van afwerking van de badkamer. De vloeren zijn recht, de vloerverwarming ligt, er liggen ik-weet-niet-hoeveel lagen bovenop, en ja echt: de verfkwast is al ter handen genomen.

Schuren, verven, meten en beton

De plafonds zijn gewit in de kleur van de wandtegel (mat wit), en alle oude verf is van de balken afgeschuurd (pittig klusje). Het beton is gestort in de douche en alles is waterdicht gemaakt en vlak geschuurd. En toen begon het tegelwerk. Dag 1 was een deceptie: nadat ik een hele dag op pad was met de kinderen en hoopvol thuiskwam, zaten er welgeteld 2 tegels op de muur, die er ook weer af gingen, want Steef kreeg de lijm eronder maar niet vlak.

De eerste tegels…

De week erna ging het iets beter, maar nog steeds traag. Story of our life intussen. Want ja, ook hier is alles weer scheef: schuine daken die verzakt weglopen. Weliswaar een vloer die waterpas loopt, maar de rest allesbehalve. Dat betekent dus veel snijden en snijverlies van de tegels, door meer kans op breken. En heel veel meten. Máár… toen de muren eenmaal wit kleurden, was dat wel een héél fijn gezicht. Eindelijk resultaat van alle tijd en energie ónder deze afwerklaag.

Fotoverslag deel 15

In de douchecabine is het beton gestort, over de vloerverwarming. Met een afschot richting de wandafvoer links in het bankje.

De toplaag op de vloerverwarming in de gang in de badkamer.

En vanaf de andere kant.

Heel wat uurtjes heeft Steef gestoken in het schuren van de balken, waar nog een aantal lagen witte en grijze verf van jaren her op zaten. Maar het resultaat mag er zijn, wat vind ik deze balken gaaf!

En dan het eerste resultaat: witte plafonds en de originele balken zichtbaar. Zo gaaf! Ik kan helemaal blij worden van deze aanblik!

De balken zijn behandeld met een speciale beits tegen het vocht.

En dan dacht je misschien dat die laag beton het laatste was? Helaas. Daarover heen kwam nog een egalisatielaag en daarover weer een laag om het waterdicht te maken.

En dan mag de vlag uit, want de eerste tegels zitten op de muur. Gewoon simpele witte, omdat de badkamer vrij krap is en zonder ramen. We houden het daarom zo licht mogelijk.

Het wandje achter de wc. En dan het hoekje om onder het schuine dak, waar je direct ziet hoe schuin het dak loopt naar de voorkant van het huis. Gelukkig zie je dit straks niet meer want hier komen zelfgebouwde kasten voor wasmanden.

De muur onder het dak af.

De vloertegels alvast op de grond uitgetekend.

Steef rekent en meet zich suf. Hij had het graag allemaal wat sneller zien gaan.

Het muurtje waar de wasmachine en droger komen. Gelukkig loopt deze kant minder schuin weg.

Dan de muur waar het wastafel meubel komt. Met een lastig hoekje om de balk heen.

Gelukt! Gelukkig ging dit voorspoediger dan gedacht.

Tot zover het fotoverslag, bijgewerkt tot begin mei 2018.

 

Van doen wat ik deed, naar doen wat ik leuk vind!

Van doen wat ik deed, naar doen wat ik leuk vind!

Een uitbreiding van het hulpaanbod

De laatste tijd heb ik niet echt stilgezeten. “Zit jij überhaupt wel eens stil?” vragen sommige mensen om me heen. Ja hoor, om deze blogjes te schrijven of een beetje wezenloos te Netflixen. Maar nog veel leuker vind ik het om te bewegen. Eerder schreef ik al eens over over de voordelen van sporten en hoe ik dat zelf aan den lijven heb ondervonden. Van een luie donder, naar een stuk gezonder. Sterker nog, het is veruit mijn grootste passie in mijn leven! Wie had dat ooit gedacht.

Alleen nog doen wat me blij maakt

Ik heb sinds 2010 jarenlang alleen maar geïnvesteerd in leren en presteren. Diploma´s, cursussen en supervisie tot het werkelijk m´n strot uit kwam. Het laatste jaar van mijn registratietraject heb ik mezelf echt erdoorheen moeten trekken, want ik vond het allang niet leuk meer. Maar stoppen was geen optie, omdat ik dan alles voor niks had geïnvesteerd. Toen ik in 2017 de overname en mijn ondernemersschap voorbereidde, sprak ik om die reden iets heel essentieels met mezelf af: Ik ga alleen nog maar doen wat me blij en gelukkig maakt.

Alleen maar meer, meer, meer?

Zo gezegd, zo gedaan. Het klinkt heel simpel, en in feite is dat het ook wel. Bij elke beslissing stel ik mijzelf de vraag: word ik hier blij van? Meestal is dat zo, en kan ik gewoon op dezelfde voet verder. Maar om de een of andere reden voel ik toch nog altijd een soort opgelegde druk om meer te doen. Het is ook de bureaucratie die het afdwingt: heb je ik-weet-niet-hoeveel jaar aan extra opleidingen, mag je nog niet alles behandelen. Om gék van te worden. Als je dan die en die titel hebt, mag het wél. Het wordt een soort heilige graal. Zo dacht ik tot voor kort: psychotherapeut worden, dat wil ik uiteindelijk.

Waar word ik wél blij van?

Tot ik me van de week ineens de vraag stelde: word ik daar blij van? Ik verdiepte me in het opleidingsprogramma. Kortweg: bakken met geld, zeeën van tijd en vreselijk veel energie gaat me dat kosten. Nee. Daar kijk ik absoluut niet naar uit. Waar word ik dan wel blij van?

Psyche, voeding en sport

Toevallig had ik afgelopen weken de afronding van de opleiding gewichtsconsulente. Het was nou niet direct mijn ambitie om een carrière switch te overwegen. Begin 2017 zaten we met de praktijk met het probleem dat het budget voor vergoede zorg al op was voor we überhaupt begonnen waren. Ik zag het al gebeuren dat ik in juni werkloos kwam thuis te zitten, en dat wilde ik voorkomen. Ik wist dat er beroepsverenigingen zijn, binnen de alternatieve geneeswijzen bijvoorbeeld, die ook (een deel van) de behandeling vergoeden. Vreemd eigenlijk: voor deze vormen van hulpverlening is vaak een veel soepelere regeling dan voor (voor mijn gevoel) veel urgentere zorg zoals GGZ.

Denken in mogelijkheden

Ik ben iemand die denkt in mogelijkheden, dus ging ik op zoek naar een opleiding waarmee ik mij gemakkelijk bij zo´n beroepsgroep kon aansluiten. Zo kwam ik al snel bij gewichtsconsulente uit. Ik houd van eten, van koken en vooral van sporten, dus sprak me dit in die zin wel aan. Toen ik afgelopen weken het examen en de praktijkdag deed, kreeg ik ineens hele andere inzichten. Dit was een beroepsvereniging met een veel lagere standaard. In de zin van: het is gewoon prima zoals je het doet, voel je vrij en volg je eigen koers.

Ik hoef me niet te bewijzen

Geen overheid en allerlei instanties die in je nek hijgen, waar je verantwoording aan af moet leggen en jezelf keer op keer moet bewijzen dat je je werk mag doen. Ik dacht ineens: voor wie moet ik eigenlijk psychotherapeut worden? Andere mensen nemen ook met minder genoegen en hebben een prima baan die ze bovendien nog leuk vinden ook. Een groot nadeel van mijn vak, is dat het zittend werk is, en altijd binnen. Toen we op zoek waren naar een huis met praktijkruimte, hoopte ik altijd dat ik een praktijkruimte met bijvoorbeeld een serre of openslaande deuren zou vinden, zodat we met lekker weer (half) buiten konden zitten.

Psychologische hulp bij overgewicht

Toen ik begon met de opleiding gewichtsconsulente, wilde ik dit in eerste instantie als ´noodoplossing´ voor als het budget op was. Eenmaal bezig, bedacht ik dat ik het wellicht kon combineren. Niet zelden zie ik kinderen en jongeren met overgewicht of die gewoon ongezond eten en leven. Heel regelmatig geef ik als advies: ga naar buiten! Omdat ik weet hoeveel verschil dit kan uitmaken, en vitamine D tekort bijvoorbeeld tot depressieve gevoelens kan leiden. Maar zittend binnen komt dat advies toch minder sterk over dan het ervaren. Overtuigen werkt niet, het ervaren wel.

En naar buiten, bewegen!

Zo ontstond het idee voor een totaalpakket. Doen wat ik leuk vind is immers sporten, bewegen, buiten zijn en mensen helpen. Ik weet hoeveel de psyche samenhangt met het fysieke, en hoe mooi is het als ik die twee samen kan aanpakken! Door ook de leefstijl aan te pakken, en een andere dynamiek toe te voegen: niet alleen zittend praten, maar ook gewoon buiten bezig zijn in een ontspannen en ongedwongen sfeer. Handen omhoog voor degenen die al lopend de beste gesprekken hebben gevoerd.

Running Therapeut

Dus heb ik de daad bij het woord gevoegd. De opleiding tot gewichtsconsulente is bijna rond. Ik heb me ook reeds verdiept in de specialisatie voor kinderen en jongeren. Inmiddels ben ik opgeleid tot trainer bij Natuurlijk Sportief (waarover een andere keer meer) zodat ik lekker buiten aan de slag kan met mensen en binnenkort word ik ook opgeleid tot Running Therapeut. In de praktijk komen openslaande deuren en kunnen we lekker buiten zitten bij goed weer. Ik ga doen wat ik leuk vind: met jullie aan de slag naar totale gezondheid, zowel psychisch, fysiek als op het gebied van eten en levensstijl.

Een totaalpakket!

Heb je zin om aan de slag te gaan, of wil je graag meer weten over de mogelijkheden? Neem dan even contact met me op. Of reageer in een berichtje hieronder en ik vertel je er meer over!

De verbouwing deel 14

De verbouwing deel 14

Vloerverwarming en noppenprofielen

Het is inmiddels 2 weken dat Steef nu thuis aan de slag is. Full time, zei en schreef ik eerst. Dat moet toch een beetje bijgesteld worden, want het gezinsleven slokt ongemerkt meer tijd op dan we dachten. Maar ondanks dat is het een aanzienlijk verschil: in plaats van 3 avondjes in de week, en de weekenddagen, is Steef nu zeker 3 volle dagen en 3 minder volle dagen per week aan de klus. In dit verslag de voortgang van de afgelopen 2 maanden.

Muurtjes vullen

Steef werd het een beetje zat om dag in dag uit met dezelfde kleine ruimte (badkamer) bezig te zijn, dus zodra hij ´vrij´ was, is hij op de eerste verdieping (woonkamer) bezig geweest, om daar de muren te herstellen en dicht te smeren. Verandering van spijs doet immers eten. Intussen is een poos geleden alweer weer een stuk van de keuken geleverd. In dit geval de fronten. Die staan nu gezellig bij ons in de woonkamer, en ik ben natuurlijk onwijs benieuwd hoe het zal staan, maar voor dat zover is, moeten we nog even geduld hebben.

Fotoverslag deel 14

De keukenfronten! Ze staan nu gezellig bij ons in de woonkamer.

Eikenhouten fronten, met een betonstuc blad straks, ik kan niet wachten…

In de douche heeft Steef een vakje gemaakt om de shampoo en douchegel kwijt te kunnen.

Eerst bepalen hoe groot en waar de inham komt, en dan het gat eruit zagen…

Vervolgens weer dichtmaken met deze speciale platen, die in elke vorm kunnen worden gezaagd.

Voor de radiator laat Steef de leidingen uit de muur komen, zodat ook hier niks vanuit de vloer komt, en zoveel mogelijk is weggewerkt. Hier zie je het ´kattengrit´ waarop de noppenprofielen komen. De noppenprofielen worden gebruikt om de vloerverwarming leidingen uiteindelijk in te klikken.

Letterlijk wekenlang heeft Steef met Fons zijn hoofd gebroken over een oplossing voor de afvoer in de douche. Door de scheefstand en doordat de afvoerleiding iets hoger lag, was een gewone oplossing niet mogelijk. Fons opperde om geen horizontale, maar een  verticale afvoer te plaatsen. Dat heeft Steef gecombineerd met mijn wens voor een bankje in de douche, wat tot dit resultaat heeft geleid. Je ziet hier de warm en koud water leidingen lopen en een soort bak, waarin ijzeren profielen geplaatst worden. Deze staan hier rechtop op de foto. Op de ijzeren profielen komen uiteindelijk de leidingen van de vloerverwarming, waarover een laag beton wordt gestort.

Over vloerverwarming gesproken. Na maanden was het dan zover: de reusachtige rollen werden bezorgd. Het was nog een uitdaging om die in z´n eentje naar boven te sjouwen. Daarachter liggen de vloerplaten van gips. En pakken betonmortel voor de muren.

Drie onwijze rollen leidingen. Ik heb geprobeerd er eentje op te tillen, maar kreeg hem niet van de grond. Ik snap er niks van dat Steef ze in z´n eentje boven heeft gekregen.

Dan eindelijk eens een meevaller. De verdelers van de vloerverwarming (het startpunt waar de leidingen samenkomen, niet op de foto), konden precies mooi boven elkaar geplaatst worden. Op zolder komt dit uiteindelijk ook in de kast bij de CV.

Goeie actiefoto van Steef. Hier loopt de leiding naar de verdeler op de eerste verdieping.

En dan kan het feest beginnen: de vloerverwarming leggen! Dit is in de kinderkamer.

En even later…

En vanuit de andere hoek…

En natuurlijk in de badkamer, want die moet als eerste af! Hier zie je meteen de ijzeren profielen in de douche liggen.

En als de vloerverwarming erin ligt, kunnen de gipsvloerplaten erin. Waterpas!! Wat een verademing!

De hele badkamer is nu dicht. Als de lijm tussen de platen is weggehaald, kunnen daar in principe de tegels worden gelegd.

En ook in de overloop wordt alles uitgevlakt, met veel vulling, bolletjes en daarna de noppenprofielen. Ook hier maakt Steef een soort bak, omdat er opstapjes komen tussen de verschillende ruimtes.

Vanaf de trap genomen…

En nog een keer…

De doucheruimte mét vloerverwarming. Signe doet een laatste inspectie.

En ook test Signe even de uitlijning en stevigheid van de overloop bij de dagelijkse controle.

“Is dan de hele zolder nu klaar?” Wordt regelmatig gevraagd. Ehhhh…. nee. Zoals je ziet, is er aan de andere kant nog wat werk aan de winkel.

 

En ook vooral een heeeeeleboel rommel…

De muur in de keuken lekker dichtsmeren…

En daar gaat behoorlijk wat spul in. Maar alles voor een goede isolatie 🙂

Ook de muur in de overloop op de eerste verdieping is dicht gesmeerd en zo glad mogelijk gemaakt.

Hier is de muur van de andere kant, vanuit de woonkamer te zien.

Dit was het fotoverslag voor nu! Bijgewerkt tot half april. Hopelijk kunnen we nu op meer regelmatige basis verslagen delen.

Een week vol aandacht voor jonge kinderen

Een week vol aandacht voor jonge kinderen

Spiegels van onszelf

Wat leuk, een week vol extra aandacht voor jonge kinderen! De week van het jonge kind wordt dit jaar gehouden van 16 tot 20 april. Ik heb al sinds ik ben begonnen met mijn opleiding een zwak voor jonge kinderen. Niet alleen vind ik ze om op te vreten, ik vind ze ook bere interessant. In de eerste jaren wordt er een blauwdruk gelegd voor de toekomst, en er is zo ontzettend veel te leren van en te ontdekken in deze jaren. Ze zeggen wel eens: ´kinderen zijn spiegels van onszelf´. Dat gaat eigenlijk voor over de jongste kinderen, omdat zij nog zo ontzettend puur en ongeremd zijn.

Puur en nieuwsgierig

Nog niet zo beïnvloed door alle prikkels van buitenaf, maar nog compleet nieuw, naïef en nieuwsgierig naar het leven. Nog zo vervlochten met hun omgeving, hun verzorgers, wat een prachtige dynamiek geeft. Jonge kinderen, of het nu baby´s, dreumessen, peuters of kleuters zijn, ze hebben allemaal hun eigen charmes binnen hun eigen ontwikkelingsfases. Als kinderen in de basisschoolleeftijd komen, is hun gedrag al veel meer gestabiliseerd, hun persoonlijkheid meer gevormd en hun zelfstandigheid veel groter.

Niet los zien van de ouders

In behandeling kunnen en mogen we jonge kinderen daarom ook niet los zien van hun ouders. Als je kinderen onder de 4 jaar behandelt, behandel je niet het kind, maar het kind in relatie tot de ander. Dat vraagt speciale behandeltechnieken en veel kennis van deze specifieke doelgroep. Je behandelt immers meerdere mensen tegelijk. Het is goed dat er zulke themaweken gehouden worden, omdat hierin maar weer wordt onderstreept hoe belangrijk die eerste jaren zijn.

Babyfase

Als je zwanger bent, dan ben je eigenlijk al moeder. Als de baby er dan eindelijk is, valt je met je neus in de boter. Want de babytijd is wel één van de meest intensieve periodes, waarin het vooral keihard werken is voor ouders. Een baby zet letterlijk je hele leven op z´n kop. Alles wat eerst zo vanzelfsprekend was, is voorbij. Een gigantisch verantwoordelijkheidsgevoel wordt geboren, tegelijk met je kind.

Dreumes

De babyfase gaat vloeiend over in die van de fase van een dreumes. In het eerste jaar komt het contact wel op gang, maar je baby is nog niet in staat uitgebreide interacties en uitwisselingen met je aan te gaan. Zodra je kindje 1 jaar is geworden, wordt mijlpaal na mijlpaal geslagen. De eerste stapjes, de eerste woordjes… er gaat een wereld voor hem open. Voor jullie beiden. Je leert nu je kind veel beter kennen als een eigen persoontje en veel ouders genieten van deze wederkerigheid in het contact. Tegelijk breekt ook de tijd van opvoeden aan. Want zodra de wereld van je kind groter wordt, heeft het grenzen nodig.

Peuters

Over de peuterfase is relatief veel geschreven. Niet voor niets, want met de peuterpuberteit, driftbuien, koppigheidsfase en vele andere perikelen in deze jaren, is er genoeg om je druk over te maken. In deze periode leert je kind dat het invloed kan uitoefenen en het gevoel van macht is dan een fantastische ontdekking voor ze. Iets minder voor ons als ouder, waardoor veel ouders deze periode als ´zwaar´ betitelen. Tussen het 3e en 4e jaar hoor ik menig ouder de dagen aftellen tot hun kind naar school mag, want: ´ze zijn er zo aan toe!´.

Kleuters

Eenmaal daar, breekt de kleuterfase aan. Een bijzondere fase, waar gek genoeg maar weinig onderzoek naar gedaan is en veel minder over bekend is. Het wordt wel de ´vergeten fase´ genoemd. Dat is balen, want het is zeker geen periode om te vergeten voor je kind! Het is de fase waarin dochters met hun vader willen trouwen, vriendjes hun broek laten zakken om elkaars geslacht te inspecteren en er in rap tempo sociale vaardigheden worden ontwikkeld, zoals het inlevingsvermogen en empathie.

Zo verschillend en zo gelijk…

Elke maand leert je kind nieuwe dingen. Ik blijf me continu verbazen en verwonderen over de enorme ontwikkeldrift van elk kind. Hoe enerzijds elk kind toch weer op een zelfde manier ontwikkelt, en anderszijds zoveel eigenheid en karakter doorkomt in de manier waarop een kind zich ontwikkelt. Als moeder van 3 kinderen zie ik tegelijk veel overeenkomsten als veel verschillen. Als behandelaar in mijn praktijk heb ik tientallen kinderen gezien van 4 jaar, waarin ook weer zoveel overeenkomsten als verschillen te herkennen zijn. Ik vind dit zoiets moois, en dat boeit me ook zo ontzettend aan deze doelgroep.

Blauwdruk van de toekomst

Ik heb me tijdens mijn registratietraject verdiept in de jonge kinderen. Wat ik daar heb geleerd, is dat de eerste jaren, pakweg tot 7 jaar, een blauwdruk vormen van ons bestaan. Hoe wij ons ontwikkelen, legt de basis voor wie wij zijn als volwassene. Veel klachten die we nu hebben, of onze slechte eigenschappen, zwakke plekken, trauma´s… bijna alles is terug te herleiden naar onze jeugd, onze eerste en vroege ervaringen. Bizar toch? Het geeft maar weer eens aan hoe belangrijk het is om in deze periode te investeren, en dat het echt geen tijdsverspilling is om samen met je kind te spelen, op pad te gaan, boekjes te lezen of cake te bakken.

Extra aandacht voor het jonge kind

In de toekomst hoop ik me verder te specialiseren als Infant Mental Health Specialist. Niet alleen omdat ik zelf nog kinderen in deze leeftijd heb (hoewel dat wel extra leuk is), maar vooral omdat ik vind dat deze jongste doelgroep veel aandacht verdient. Meer dan het nu krijgt. En omdat ik hoop dat hiermee een wezenlijk verschil kan worden gemaakt voor de ontwikkeling van onze toekomst.

Time-in is het nieuwe time-out

Time-in is het nieuwe time-out

De ongewenste effecten van time-out

Time-out is een veelgebruikt opvoedingsmiddel door veel ouders en andere opvoeders. Door nanny Jo Frost en andere ´opvoedgoeroes´ is dit middel wijd en zijd gepredikt en waren jarenlang de ´naughty chairs´ en strafmatjes niet aan te slepen. Als je het maar consequent genoeg toepaste, dan hield al dat ongewenste gedrag vanzelf wel op. Zo was het idee. En heel vaak werkte het ook zo: het kind gaf op en driftbuien bedaarden, waarna de draad weer kon worden opgepakt. Toch ben ik geen fan van dit middel, en leg ik hieronder uit waarom niet.

Stoppen van ongewenst gedrag

Het idee van een time-out is dat je kind leert het ongewenste gedrag te stoppen. Daar is niks mis mee, dat is natuurlijk wat elke ouder wil. Op het moment dat je een kind uit de situatie haalt, kan daarmee het gedrag al worden doorbroken. Het is dan ook een prima oplossing om toe te passen, bijvoorbeeld wanneer je kind ruzie maakt met zijn zusje en het niet lukt om hiermee te stoppen. Of blijft gillen omdat het iets wilt. Je neemt je kind dan op een rustige manier mee naar een andere, neutrale ruimte. De gang, de trap, of waar dan ook. Ook hier is niks mis mee, maar er zijn wel wat aandachtspunten.

Uit de situatie halen

Je haalt je je kind weg uit een situatie als het volle bak stress ervaart. Omdat het ruzie heeft, ontzettend boos is of zich gekwetst of afgewezen voelt, bijvoorbeeld. Vervolgens zet je je kind, met al zijn stress en onlustgevoelens, in een aparte ruimte, in zijn eentje. Op zulke momenten is het emotiesysteem van je kind ontregelt. Niet voor niets grijp je in: je kind doet raar, doet zichzelf of anderen pijn, scheldt of is brutaal. Dat is een uiting van de stress, je kind weet zich op dat moment geen raad met de heftigheid van de emoties die hij ervaart, en gaat daardoor ongewenst gedrag vertonen.

Wat het nodig heeft, is jou!

Eigenlijk is dat het moment dat je kind jou het hardste nodig heeft: je kind is nog volop in ontwikkeling om zichzelf en zijn emoties te leren reguleren. Om te leren hoe het zichzelf kan kalmeren en weer tot rust brengen in situaties die spanning geven. Om te weten wat het dan kan doen, zoals weglopen, er iets van zeggen, of hulp zoeken. Dat kan je kind nog niet, dat leert het van jou. In interactie met jou. Als een kind stress heeft en daardoor in de ´actiestand´ staat, is dat juist het moment om je kind te helpen weer tot rust te komen.

Reptielenbrein

Zoals ik al eerder schreef, kan je met stress niet meer helder nadenken en reageren we allemaal heel primair. Met vechten, vluchten of bevriezen. Kinderen hebben daar nog veel in te leren, en we kunnen er niet vanuit gaan dat ze dit uit zichzelf doen. Wat er gebeurt op het moment dat je je kind in een time-out plaatst, is dat je de boodschap afgeeft ´je moet het zelf doen´, ´als jij stress hebt, sta je er alleen voor´. Klinkt hard he? Is het ook. Het is dan ook zeer onwenselijk voor een kind als dit keer op keer zo wordt ervaren, want dan bestaat de kans dat het dit ook werkelijk zo gaat geloven.

Een negatieve boodschap

Gevolg? Je kind wordt uiterlijk rustig, want het leert: ´hoe boos ik ook word, er komt toch niemand om me te helpen weer te kalmeren, ik moet het alleen doen´. Van binnen blijft de stress echter, want het kán immers niet optimaal reguleren zonder hulp. De stress wordt daardoor intern opgeslagen in het lijf. Het zou zomaar kunnen dat het omslaat in lichamelijke klachten. Natuurlijk is het niet zo rechtlijnig, het gebruik van time-out leidt natuurlijk niet meteen naar problemen, maar het is wel iets om over na te denken.

Niet isoleren, maar dichtbij blijven

Beter is daarom niet je kind te isoleren, maar juist dichtbij te blijven. Geen time-out maar een time-in dus. Je geeft de boodschap dat je je kind niet alleen laat als hij het zo moeilijk heeft. Door je nabijheid en je empathie (´wat ben jij boos zeg!´) voelt het zich begrepen en lukt het sneller om te kalmeren. Hoe sneller het brein rustig is, hoe sneller je ook je grenzen kunt stellen en kunt bespreken wat je eigenlijk wilde doen: ´je was zo boos, dat je met spullen ging gooien. We gooien niet met spullen, want dat is gevaarlijk en het gaat kapot. Als je je zo boos bent, kun je zeggen waar je last van hebt tegen Madelief, of kom je naar mij toe als het niet lukt´.

Omdenken

Het is een omschakeling in het denken. We gaan er nu vanuit dat ons kind eerst moet kalmeren. Maar kalmeren lukt alleen met hulp van ons. Even omdenken dus. Het is geen kwestie van je kind ´z´n zin geven´, want het doet niets af aan de grenzen die jij stelt. Je wacht alleen tot de ergste stress voorbij is, zodat je kind weer helder kan denken, en jij alsnog je punt kunt maken. Dit is een hele effectieve strategie zelfs, want op ´t moment dat je kind in de stress blijft, komt je boodschap niet aan. De kans op herhaling van zelfde soort incidenten is daarmee heel groot.

Je punt maken

Beter is het dus om eieren voor je geld te kiezen en je kind te helpen met het reguleren van zijn emoties. Een kind in een time-out zetten die daar eerst heel de boel bij elkaar schreeuwt en uiteindelijk stil wordt, heeft niet geleerd om zelf rustig te worden. Het heeft geleerd dat het er in tijden van stress alleen voor staat, en dat hij niet op de steun kan rekenen wanneer hij die het hardst nodig heeft. Hij is niet rustig, maar heeft het opgegeven. Op het moment dat je dan je punt maakt als ouder, zal je boodschap niet landen: je kind is niet gekalmeerd, maar slechts verslagen en heeft nog geen kalm brein.

Wees nabij, zoek verbinding

Gelukkig is er een kentering in de wetenschap die dit fenomeen onderkent en terugkomt van het isoleren van je kind. Net zoals we terug zijn gekomen van het laten huilen van onze baby´s en het koste wat kost in eigen bed laten slapen van baby´s. Feit is nu eenmaal dat kinderen onze nabijheid door de jaren heen nodig blijven houden om te leren het uiteindelijk alleen te kunnen. Probeer daarom volgende keer eens om bij je kind te blijven, en je zal zien dat het sneller kalmeert en escalaties waarschijnlijk voorkomen kunnen worden.

Kinderen halen het beste naar boven…

Kinderen halen het beste naar boven…

…En het slechtste

Kinderen halen het beste in je naar boven. En het slechtste. Je kan het ontkennen, maar elke ouder weet dat het waar is. Als je zwanger bent, of misschien al eerder, heb je de beste voornemens: ´ik zal nóóit tegen mijn kind schreeuwen´, ´dat sommige ouders zo boos worden, dat gaat mij dus niet gebeuren´, ´het is gewoon een kwestie van goed opvoeden, dan heb je ook geen conflicten´. Tot zover de voornemens. Want toen werd je een ouder.

´Heb je zelf kinderen?´

Toen ik nog geen kinderen had, maar wel werkte als behandelaar, kreeg ik wel eens de vraag: ´ben je zelf moeder?´. Ik voelde dan altijd een mengeling van gevoelens. Ik vond het irrelevant: waarom zou je een betere behandelaar zijn als je een moeder bent (dat is trouwens ook niet zo hoor)? Ik voelde ergens belediging: bedoelt ze nou dat ik het niet zou weten omdat ik geen moeder ben? En ergens ook een ontzag en respect: als moeder voel je tenslotte het beste wat je als ouder voelt, als buitenstaander kun je alleen een poging doen je daarin te verplaatsen.

Wat er veranderd als ouder

Uiteindelijk wérd ik moeder. En zat ik sindsdien ook regelmatig aan de andere kant van de tafel. Mijn onzekerheid uitend bij de huisarts, enigszins met schroom mijn vragen stellend bij een consultatiebureau of met hoop en vrees bezoekjes brengend aan een osteopaat in de hoop op een betere nachtrust. Ik snapte direct wat ze bedoelde. Sommige sensaties of gevoelens komen pas als je zelf moeder (of vader) bent.

Nieuwe kanten van jezelf

Het lijkt alsof er een heel nieuw arsenaal aan gewaarwordingen wordt toegevoegd aan je leven. Het geeft diepte en verrijking, maar tegelijkertijd wordt er soms een beerput aan rottigheid opengetrokken waarvan je het bestaan niet afwist. Je leert hele nieuwe kanten van jezelf kennen. Het is een cliché, maar echt: als je ouder bent geworden en een kindje hebt gekregen begrijp je het. Je kunt het proberen uit te leggen, maar voelen en ervaren is iets totaal anders.

Compensatie

Soms voelt het of mijn hart overstroomt van trots en liefde. Als ik mijn kinderen dan zo lief samen zie, dan knal ik soms bijna letterlijk uit elkaar en kan ik tranen in mijn ogen krijgen omdat ik zo ontzettend veel van ze hou. Dat gevoel is zoiets ´oers´, dat het ook de boel staande houdt, heb ik het idee. Die ontzettend sterke, fijne gevoelens zijn een bron van bescherming en compensatie voor de dagelijkse strijden die gestreden worden. Want dat het lang niet altijd rozengeur en maneschijn is met kinderen, dat mag inmiddels wel duidelijk zijn.

Schrikken van jezelf

Het kan als een schok komen, dat eerste moment dat je merkt dat je kind gevoelens in je los maakt, die zó intens negatief zijn, dat je er erg van schrikt. Als je baby maar aan één stuk door blijft huilen en je niet meer weet hoe je aan dat gekrijs moet ontkomen. Getergd door gebroken nachten en opgestapeld slaaptekort, aangevuld met de sociale isolatie die de eerste maanden soms met zich meebrengt. Je zal niet de eerste zijn die naar zijn baby schreeuwt, zelf keihard meebrult in misère of de baby in de handen van de partner achterlaat en de situatie even ontvlucht.

Uitgelachen worden

Of wanneer je peuter streken uithaalt en je uit je slof schiet, omdat je het nu eens zat bent dat je wéér alles moet opruimen. Waarna je peuter begint te lachen, wat jou het gevoel geeft uitgelachen te worden en werkelijk het bloed onder je nagels vandaan haalt. Of je kleuter, die expres zijn voet uitsteekt en zijn kleine zusje laat vallen, waardoor zij een tand door de lip heeft. Of je tiener die ongeïnteresseerd en onbewogen reageert op jouw argumenten met opmerkingen als: ´dan denk je dat toch lekker. Ik luister toch niet naar je´. Je zal niet de eerste zijn die aangeeft dat zulke momenten je bloed laat koken en een rode waas voor je ogen brengt.

´Wat zullen anderen denken´

Je zal ook zeker niet de eerste zijn die daardoor, ondanks alle voornemens en goede bedoelingen, de grenzen van zijn kind en die van zichzelf is overgegaan en zijn kind hardhandig heeft vastgepakt, op bed gesmeten of heeft geschreeuwd en gevloekt in wanhoop naar zijn kind. En weet je, je zal ook zeker niet de laatste zijn. Je kind brengt het beste in je naar boven, maar ook het slechtste. We weten allemaal dat het niet mag, dat het anders kan, dat we rustig hadden moeten blijven. We vrezen allemaal ´de Ander´, die ons met opgetrokken wenkbrauwen aanhoort, die veroordelende blikken werpt en vol ongeloof en afschuw de situatie beoordeelt. Maar ´de Ander´, dat zijn wij net zo goed.

Wat raakt ons zo?

Het is interessant om te bedenken wat die situaties met ons doen. Het heeft natuurlijk vooral met onszelf te maken. Kinderen zijn nu eenmaal gewoon zichzelf, en volgen hun ontwikkeling volgens de regels van de biologie, in de door ons geschepte voorwaarden en mogelijkheden. Dat wij zo geraakt worden, is dus iets van onszelf. Vaak iets dat we allang weer vergeten waren, iets van vroeger, waar we niet bij stilstaan of wat we liever willen verdringen. Je kind is een stuk van jezelf. Het is je vlees en bloed, het zijn jouw genen, het is het stukje voortbestaan van jou in de volgende generatie.

´Dit ga ik later anders doen´

Je wilt voor je kind het allerbeste. Je wilt meegeven wat je zelf als fijn en waardevol hebt ervaren, en je wilt vooral anders doen wat je zelf als onprettig hebt ervaren. Dat hoeven geen grote dingen te zijn. Misschien at je vroeger wel elke vrijdag bloemkool, en wil je dat veranderen: geen vaste maaltijden, maar gewoon eten waar je zin in hebt. Het gaat daarnaast echter wel om veel essentiële zaken. Misschien was je vader vroeger nooit thuis, en altijd maar aan het werk. Misschien neem je jezelf nu voor het als vader anders te doen. Er te zijn, meer betrokken te zijn. Maar dan komt de lastigheid in de uitvoering.

Wat je niet kent, kun je niet geven

Want wat je zelf niet hebt gekregen, kun je ook niet geven. Hoe kun je lesgeven in Portugees, als je zelf de taal niet beheerst? Hoe kun je een betrokken vader zijn, als je zelf nooit hebt ervaren wat een betrokken vader is? Je hebt immers hele andere waardes meegekregen. Die van hard werken, het belang van meedraaien in de maatschappij, iets bijdragen, niet lanterfanten. Geld in het laatje brengen en zorgen voor financiële zekerheid. Waarschijnlijk gaat dat je goed af. En merk je in de praktijk dat het toch veel lastiger is dan je dacht, die betrokken vader zijn. Je merkt dat je meer werkt dan je zou willen en dat oude patronen zich opnieuw herhalen. Je vóelt het en het doet pijn, want je wilde het zo graag anders. Je schrikt, want je herkent je vader in jezelf, precies het stuk dat je anders wilde, en nu lukt het je toch niet.

Wat je kind bij je oproept

Hetzelfde geldt voor alle andere elementen in de opvoeding en ouderschap. Je kind roept bepaalde herinneringen bij je op, van toen je zelf kind was, die heel confronterend en pijnlijk kunnen zijn. Bijvoorbeeld uitgelachen worden. Wat roept dat bij je op? Het kunnen gedachtes zijn als ´ik word niet serieus genomen, ik heb geen grip op de situatie, mijn kind neemt een loopje met me, ik voel me machteloos en niks waard´. Dit raakt vaak aan oude gevoelens en ervaringen, van toen jij je zo voelde. Dat is zo naar geweest, dat je dit waarschijnlijk ergens ver weg hebt opgeruimd in je brein. Maar nu je zelf ouder bent, worden deze kastjes ongevraagd en in rap tempo opengetrokken, en worden alle oude gevoelens ineens weer actueel.

Begrijpen van de oorsprong

Dat je zó intens boos, gefrustreerd, radeloos en wanhopig wordt, is daarmee dus heel goed te begrijpen, als je er even de tijd voor neemt. Het heeft altijd een oorzaak, en het gevoel waarop jij handelt, moet ook serieus genomen worden. Wanneer je deze beter begrijpt en kan accepteren als iets van jezelf, in plaats van van je kind, krijg je meer grip op de situatie. Dat is niet zo simpel als het klinkt. Er wordt immers maar verwacht dat elke ouder alles even goed kan in de opvoeding, terwijl elke ouder een andere ´opleiding´ heeft meegekregen. Het ´rustig blijven en weglopen´ is dan ook simpelweg niet direct haalbaar voor elke ouder. Gelukkig is het wél haalbaar met hulp. Net zo goed als je bijles zou volgen voor wiskunde op de middelbare school als je daar een voldoende in wil halen op je examen. Maak er dan ook gebruik van.

Schaamte en schuld

Voorkomen van escalaties in de opvoeding kun je niet. Dat is een utopie. Laat je niet misleiden door de zoete Amerikaanse Hollywood settings, waarin er geen vuiltje aan de lucht lijkt en alles op rolletjes lijkt te lopen. In elk gezin zijn wel eens botsingen. Dat brengt schaamte en schuldgevoelens mee, gevoelens waar moeilijk mee om is te gaan. Het knaagt en schaadt de relatie. De reden waarom we ons zo voelen, heeft natuurlijk wel een functie: het maakt ons bewust van het feit dat deze manier van omgaan met elkaar niet wenselijk is, en dat verandering noodzakelijk is.

Herstel van de relatie

Een goede relatie is niet een relatie zonder conflicten. Het is een relatie waarin er sprake is van een aaneenschakeling van match en mismatch. Wanneer het misloopt met je kind, is er een mismatch. Blijkbaar sluiten jij en je kind op dat moment niet goed aan. Kan gebeuren. Je koelt af, loopt weg, probeert op je tong te bijten en geeft het stokje tijdelijk door aan een ander. Als de rust voldoende terug is, is het tijd voor herstel. En dit is het sleutelwoord: herstel. Je komt terug bij je kind, en als je een beetje ballen hebt als ouder, maak je je excuses. Je benoemt jouw gedrag, wat jou zo boos maakte en dat het onnodig was. Dat het niet aan je kind als persoon lag. Maar dat het gedrag van je kind een bepaalde reactie bij je opriep. Dit is een essentieel verschil.

Op zoek naar verbinding

Vervolgens geef je aan: laten we opnieuw beginnen. Kunnen we samen een oplossing bedenken, wil je er nog iets over kwijt, of zullen we kijken hoe we het anders kunnen doen volgende keer? Afhankelijk van de leeftijd van je kind maak je het langer of korter. De essentie zit hem in het duidelijk afsluiten van een voorval en het opnieuw beginnen. Dat is de match. Het punt waarop het weer klikt met je kind en elkaar een knuffel kan geven en de positieve gevoelens langzaam beginnen terug te stromen. Natuurlijk is het fijn als dit zo snel mogelijk na het voorval kan, maar het is nog veel belangrijker dát het gebeurt. Nogmaals: herstel is het sleutelwoord. Daarmee leg je verbinding en kun je verder bouwen op de relatie.

Hand in eigen boezem

Natuurlijk is voorkomen beter dan genezen. Het is altijd fijn als je strategieën kent waarmee je zoveel mogelijk mijnen uit de weg ruimt. Maar het is ook wel eens fijn om te horen dat het niet altijd een ramp of een falen is, als het tóch misloopt. We zijn tegenwoordig zo streng voor elkaar. Er ligt zo´n hoge verwachting en anderen bekritiseren is zo makkelijk. Maar laten we ook eens eerlijk zijn, hand in eigen boezem steken, en toegeven dat het niet altijd goed loopt, dat je fout zat, en dat je ook maar mens bent. Dat je durft toe te geven, en toont dat je het belangrijk vindt om te werken aan verandering, dat is voor een kind 1000x waardevoller dan de schijn ophouden voor de buitenwereld. Daar leert het niks van.

 

 

Autismeweek 2018

Autismeweek 2018

Onbekend maakt onbemind

Het is de week van autisme. Inmiddels een bekende en ingeburgerde term in onze samenleving. Toch? En toch is er elk jaar een Autismeweek, waarin allerlei activiteiten worden georganiseerd rondom dit thema. Niet per sé omdat het onbekend is, maar nog meer omdat er blijvend aandacht nodig blijft voor iedereen die deze classificatie heeft gekregen.

Verschillen en nuances

Zoals wij verschillen van elkaar, zo verschilt ook iedereen met een autisme spectrum stoornis (ASS) diagnose. In de Autismeweek worden door het hele land activiteiten georganiseerd, speciaal voor deze doelgroep. Zo kan iedereen deze verschillende mensen leren kennen, en ontstaat er meer begrip en acceptatie. Onbekend maakt onbemind. Als mensen meer begrijpen van autisme, is de kans groot dat dit bijdraagt aan meer verbinding met deze mensen.

Vermoeden van autisme

In mijn praktijk zien we ook op regelmatige mensen met (een vermoeden van) autisme. Ze worden soms aangemeld zonder dat ouders of kind denken in de richting van autisme. Andere ouders zijn er bijna al van overtuigd dat er autisme speelt. Sommige kinderen komen er pas op hun 18e achter dat zij ASS hebben, andere ouders komen al met hun peuter langs omdat zij vermoedens in die richting hebben. In de intake is het daarom altijd belangrijk dat we veel uitvragen en duidelijk krijgen, zowel over de huidige ontwikkeling als de jaren daarvoor.

Vaststellen van ASS

Het woord autisme is inmiddels bij de meeste mensen wel bekend. Veel mensen weten dat deze kinderen (en volwassenen) ´anders´ zijn en dat er soms rekening mee moet worden gehouden. Toch blijkt steeds maar weer in de praktijk dat er ook heel veel misvattingen zijn, of wordt gegeneraliseerd. Als ik onderzoek doe, vind ik een classificatie eigenlijk niet belangrijk. Of er wel of geen autisme wordt vastgesteld is eigenlijk niet zo relevant.

Klachtgedrag

Waar ik naar op zoek ga, is het begrijpen van het klachtgedrag, en snappen waar de oorzaak ligt. De diagnose die ik stel, moet daarom altijd verklarend zijn. Het moet duidelijk zijn waar het ´mis´ gaat in de informatieverwerking. Er zijn grofweg drie gebieden waarop klachten kunnen voorkomen als we het hebben over ASS: de sociale omgang, de communicatie en de stereotiepe gedragingen. De belangrijkste reden waarom er klachten zijn op deze gebieden, is omdat de informatieverwerking bij deze kinderen anders verloopt. De stoornis ligt dus in de hersenen.

Verschillende visies

Er zijn veel dingen die van daaruit anders lopen, waar verschillende visies op zijn om dit goed te verklaren. Elke visie richt zich op nét een ander aspect van bijvoorbeeld het sociaal inzicht of de sociale communicatie. Daardoor kan het ene kind goed functioneren op het ene gebied, maar zwak scoren op het andere. Daardoor ontstaat een unieke blauwdruk voor elk kind, wat het tegelijkertijd moeilijk maakt voor de omgeving. Het vraagt van ons namelijk om te kijken naar de specifieke behoeftes van het kind. Een kind kan bijvoorbeeld veel sturing van de omgeving nodig hebben, terwijl anderen meer vrijgelaten kunnen worden. Precies zoals het bij kinderen zonder autisme ook is, eigenlijk.

Specifieke behoeften

In de 9 jaar dat ik nu in de praktijk werk, heb ik talloze cliënten gehad waarbij ik wel of geen ASS heb vastgesteld, maar waarbij ik in ieder geval heb geprobeerd duidelijk te krijgen waar de specifieke ontwikkelingsbehoeftes van dit kind liggen. Wat dit kind nodig heeft van zijn ouders, de school en de omgeving om zo goed mogelijk binnen zijn eigen mogelijkheden te kunnen groeien en ontwikkelen. Het vaststellen van ASS is daarmee eigenlijk pas de eerste stap. Het komt voor dat het onderzoek en verslag al zoveel inzicht verschaft, dat ouders zelf verder kunnen, maar het mooiste is wanneer er een aanvullend traject volgt, met psycho-educatie.

Psycho-educatie

Psycho-educatie is een stukje voorlichting en uitleg, over autisme, de stoornis, de beperkingen die dat geeft en de mogelijkheden. Wat het betekent voor dit kind, dit gezin, deze situatie. Het leren dat het kind niet zijn stoornis is, maar dat een stoornis slechts een deel uitmaakt van het totaalbeeld. Dat een kind bovendien ook niet veranderd door het krijgen van een classificatie. Het kind blijft dezelfde, het gedrag krijgt alleen een naam.

Behandeling

Psycho-educatie is voor mijn gevoel een noodzakelijke stap om als ouder je eigen kind beter te snappen. Voor het kind geeft het rust, herkenning en acceptatie. Heel regelmatig is dit voldoende om de ergste klachten van de aanmelding te doen afnemen. En als dat niet zo is, dan is er gelukkig nog voldoende mogelijk aan behandeling voor deze kinderen.

Meer over autisme…

Er is nog altijd veel onderzoek naar autisme, en langzaam wordt er steeds meer duidelijk over deze complexe stoornis, die je voor het leven hebt. Dat is heel waardevol, omdat hiermee steeds vroeger gesignaleerd wordt en ook vroeger kan worden ingespeeld op de situatie, waardoor kinderen zich beter ontwikkelen. In de toekomst zal ik hier ook meer over delen. Bijvoorbeeld over autisme bij meisjes, de verschillende oorzaken, de rol van spiegelneuronen, de verschillen in het brein en de behandeling van autisme.