Archief van
Auteur: Michelle Houtman

Stressvrij de feestdagen doorgekomen?

Stressvrij de feestdagen doorgekomen?

Kerst zonder gedoe

Ik heb met er afgelopen december weer over verbaasd: hoe raar we als mensen soms eigenlijk doen. En dat we vrijwel allemaal ongeveer hetzelfde kunnen denken over een situatie, maar tóch als een stel makke schapen mee blijven doen aan manieren waarbij we onszelf helemaal niet prettig voelen. In december, zo vlak voor de vakantie, vroeg ik mijn cliënten vaak of ze een beetje zin hadden in de vakantie, en kerstmis. In de vakantie hadden de meesten wel zin: heerlijk, even geen school en huiswerk, maar kunnen uitslapen, gaan schaatsen met vrienden of juist chillen op de bank. Maar bij de vraag naar kerst kreeg ik vaak de reactie in de trant van: “mwah, het hoeft voor mij allemaal niet zo”, of: “onze familie gaat niet zo lekker met elkaar samen, dus het is eigenlijk altijd een gespannen toestand”, of: “eerlijk gezegd heb ik daar helemaal niet zoveel mee, dat verplichte opzitten enzo”.

Rare wezens

Het is toch eigenlijk heel sneu, want hoewel we er allemaal helemaal niet zo’n zin in hebben, blijven we het wel tegelijkertijd in stand houden met elkaar. Ik krijg elk jaar steevast stress als de vraag wordt gesteld “wat doen jullie met kerst/wat zullen we doen met kerst”. Begrijp me niet verkeerd, ik heb geen hekel aan mijn familie, en ik vind het heel fijn om ze te zien en ook vooral om leuke herinneringen met elkaar te maken. Maar de realiteit is dat ik twee kerstdagen heb en minimaal 5 plekken waar ik kerst (mee) zou kunnen vieren: met mijn moeders familie, met mijn vaders familie, met mijn schoonfamilie, met de familie van mijn stiefvader en met mijn vrienden waarvan hij geen ouders meer heeft. Oh, en mijn beste vriendin is jarig op kerstavond, en die zie ik ook graag.

Gefrustreerde geluiden

En laat ik nu verre van de enige zijn met gescheiden ouders, en dus de ervaring dat je altijd mensen teleur moet stellen (zo voelt het). Dat neemt het spontane, ongedwongen karakter wel een beetje weg, om het mild uit te drukken. Maar ook van vrienden zonder gescheiden ouders hoor ik behoorlijk gefrustreerde en gestreste geluiden rondom de ‘gezellige feestdagen’. Blijkbaar is het zorgeloos bijeenkomen op deze ‘mooiste dagen van het jaar’ nog bepaald geen sinecure. Ik las ook in de krant artikelen die pleiten voor het vrijhouden van minimaal één feestdag, en een pleidooi van iemand die het liefst in haar eentje oud en nieuw viert.

Competitie en prestatie

Het geeft voor mijn gevoel alleen maar weer hoe ver we zijn afgezakt van de oorspronkelijke intentie: vooral doen wat fijn voelt, en kunnen genieten van een samen zijn, in wat voor vorm dan ook. Doordat het bij ons dit jaar iets anders liep dan voorzien, hadden wij voor het eerst in ons leven, ineens eerste kerstdag zonder poespas (nouja vooruit, we hadden nog wel een kerstontbijt gedaan bij mijn moeder). We hebben die dag gewoon he-le-maal besteed zoals we dat zelf wilden! Dus reden we naar het strand, bakten we pannenkoeken, maakten een wandeling en keken we een foute kerstfilm met een bak chips op schoot. En ik vond het heerlijk.

Doe het vooral op jouw manier

Natuurlijk zijn er een miljoen varianten op deze invulling te bedenken, maar het gaat er denk ik voorál om dat het goed voelt, dat je tevreden en ontspannen terug kan kijken op hoe het was. Dat is iets anders dan de, in mijn ogen, bijna competitieve bezigheden waartoe we worden verleid om elkaar af te troeven met hoeveelheid eten, de complexiteit van de gerechten, of stapels cadeaus onder de kerstboom. Wat mij betreft kwam deze onverwachte ‘lege’ kerstdag ons prima uit, en eentje om te onthouden voor aankomende jaren.

Motivatie is ver te zoeken

Motivatie is ver te zoeken

Jezelf terugvinden

Als je in de put zit, dan wil je het liefst gewoon verdwijnen, of jezelf begraven in een stapel dekens en voorlopig niet thuis geven. Zo voelde ik me een tijdje terug. En elke dag was er één teveel. Mijn optimistische karakter won het gelukkig van mijn allesoverheersende tijdelijke pessimisme. Nadat ik mezelf een tijdje had omgewenteld in zelfmedelijden, besloot ik dat er verandering nodig was. Als ik ergens mee zat, dan moest ik kijken wat ik er aan kon doen.

Netflix en bier

Ik had op dat moment nogal moeite met het plezier in m’n werk vinden, de verbouwing duurde maar, wat me ook langzaam krankzinnig dreef, en ik troostte mezelf met Netflix, chips en bier, waardoor ik in no time ook nog eens een record brak qua gewicht. Ik had 1001 excuses om maar niet naar buiten te hoeven, maar kon ook werkelijk geen motivatie meer vinden om te gaan sporten in de kou, modder en regen. Terwijl ik heel goed wist dat het me uiteindelijk wel blij maakte.

Klaar met mezelf

Klaar met mezelf, met m’n somberheid en constante onrust in m’n lijf leek het me goed dat ik eens wat aandacht ging besteden aan zelfzorg. Gezonde manieren ontwikkelen om met stress om te gaan, weer motivatie ontwikkelen om te gaan sporten, beter eten en minder drinken. Meer aandacht hebben voor hoe het met me gaat, in plaats van alsmaar met anderen bezig zijn, en mezelf voorbij te rennen. Ik stelde mezelf de vragen wat ik nodig had om dit te kunnen gaan doorvoeren en kwam tot de conclusie dat het nu buiten sporten (donker, koud, regen, modder, gedoe) me gewoon even niet over die streep haalt, maar dat ik het sporten an sich wel zag zitten.

CrossFit

Jaren terug heb ik op Netflix docu’s gekeken over CrossFit en the CrossFit games, en was behoorlijk onder de indruk. De veelzijdigheid en de mogelijkheid om jezelf steeds uit te dagen spraken me toen al aan. Er zat toen niks in de buurt, en het was behoorlijk prijzig, dus liet ik het voor het was. Maar juist in mijn buiten-sport-motivatie-dip ben ik opnieuw gaan googelen, en kwam erachter dat er een box in de buurt zit. Omdat ik graag doorpak, heb ik direct een proefles geboekt.

Bijhouden van progressie

Een andere stok achter de deur die ik nodig heb, is het bijhouden van wat ik doe, als motivatie om te blijven doen wat ik doe, en te blijven reflecteren op hoe ik dat doe. Ik ben groot fan van de boeken van Daily Greatness, waar ik al jaren de Business Planner van gebruik, waarin ik dagelijks en wekelijks gestimuleerd wordt tot het plannen en evalueren van taken op gebied van mijn werk. Ik besloot in dat kader ook de Wellness Journal aan te schaffen (Amazon had gelukkig een leuke 2e hands prijs, want die krengen zijn duur!!), waarin ik zowel mijn voeding als mijn beweging maar ook andere zaken kan opschrijven. De planner laat je nadenken wat je precies wilt op gebied van welzijn, en waaróm dat nou belangrijk is. Vervolgens wordt je gevraagd hoe je dat dan gaat doen. Lekker concreet, daar hou ik van. Met dagelijkse vragen wordt je steeds herinnerd aan je doelen en gestimuleerd daarnaar te handelen.

Viel toch tegen…

Omdat het kopen van journals en dagboeken nogal een zwaktepunt is van mezelf, besloot ik er direct maar een WOD Log bij te kopen: voor als ik straks wat serieuzer met CrossFit bezig was, dan kon ik m’n prestaties daarin noteren (want ik had ergens gelezen dat dat wordt aangeraden, dus dan doe ik dat maar). Inmiddels had ik mijn proeflesje CrossFit gedaan. Natuurlijk een beginnersles, want je kunt daar niet zomaar mee starten. Er zit veel techniek bij, en die moet je eerst goed kunnen doen, voordat je verstandig met de ‘normale’ trainingen mee kan doen. Nou, ik heb het geweten. En de 2e, 3e en 4e keer trouwens ook. Ik dacht stiekem best fit en sterk te zijn, maar dit is zo’n andere manier van sporten, dat ik behoorlijk geconfronteerd werd met bepaalde onvermogens.

Motivatie terugkrijgen

Niet erg, het sterkte me alleen maar in mijn motivatie om er beter in te worden. De eerste keer dat ik die box inliep, dacht ik trouwens direct: ‘dit is niets voor mij ‘. Het voelt tenslotte ook bijna als vreemdgaan, omdat ik zo onwijs veel plezier heb ik NatuurlijkSportief, waar ik me ook totaal kan vinden in de visie. Nog steeds ligt mijn hart daar, maar eager als ik ben op sportief gebied, zoek ik nu meer uitdaging en probeer ik mezelf continu gemotiveerd te houden. CrossFit is in veel opzichten bijna het tegenovergestelde. Toch voelt het nu voor mij goed om het te combineren, zodat ik mezelf gemotiveerd houd, en straks met lekkerder weer dubbel zo hard kan knallen bij de NatuurlijkSportief trainingen buiten.

Skinny Fat

Wat daarnaast fijn is, is dat Steef ook graag CrossFit doet, en we dat dus (gedeeltelijk) samen kunnen doen. Er is maar weinig dat ik leuker vind dan iets samen doen en ergens een gedeelde passie in hebben, dus dat maakt het extra leuk. We hebben ook afgesproken dat we elkaar stimuleren en motiveren om gezond te leven en te eten, want beiden kunnen wel wat ‘mindfulness’ en leren doseren gebruiken. Beetje confronterend dat daarnaast bleek dat ik bij het meten van mijn vetpercentage uitkwam op een percentage dat valt binnen de categorie ‘overgewicht’ (voor de nieuwsgierigen: 33,9%). Ik ben normaal van postuur, maar dit vetpercentage zette me wel weer even met beide benen op de grond: dat zegt dus niks, een zogenaamde ‘skinny fat’. Natuurlijk wist ik stiekem wel dat ik me de laatste maanden een beetje had laten gaan, maar hier schrok ik toch van.

In beweging…

Het was het laatste zetje dat ik nodig had om (letterlijk) in beweging te komen. Mijn ongezonde gewoontes inruilen voor gezonde alternatieven en proberen om geraffineerde zooi te laten staan, net als de alcohol. Ik ben nu een paar weken verder, en op de goede weg, hoewel mijn vetpercentage nog niet is gedaald. Maar geduld is een schone zaak, en het openbaar zetten helpt om op de goede weg te blijven. Het moge duidelijk zijn: langzaam vind ik mijn motivatie weer terug. Nu nog een kapper en ik kan er weer even tegen. Ik houd jullie op de hoogte van de progressie.

 

De lessen uit 2019

De lessen uit 2019

Terugblik op 2019

Eind december, de periode om terug te blikken op het afgelopen jaar, en vooruit te kijken naar het nieuwe jaar. Ik heb hier min of meer noodgedwongen al een tijdje terug over na moeten denken. Toen ik ineens klachten kreeg, zó moe was en me totaal niet meer kon concentreren. Het water stond me aan de lippen, zo voelde het, en het overviel me zó erg, dat ik in eerste instantie niet goed begreep waar dit vandaan kwam. Hoe kon ik nou, die niet zo snel uit evenwicht te brengen is, die signalen van mijn lijf hebben gemist?

Signalen gemist

Ik schrok ervan, en nam het direct serieus. Want ik ken helaas de voorbodes van overspannenheid, en daarmee een burn-out maar al te goed. Ik ben daar voor mijn werknemers heel alert op, maar blijkbaar vergat ik mijzelf. Het zette me aan het denken: hoe is het zo ver gekomen? En eigenlijk was het bij nader inzien misschien helemaal niet zo vreemd. Jarenlang verbouwen in een huis dat nog steeds niet af is, het opzetten van een hele praktijk, het draaiende houden van een gezin met 3 kinderen en daarbij ook een leuke moeder en vrouw zijn, het zorgen voor mijn werknemers en natuurlijk mijn cliënten, het omgaan met alle tegenslagen en bureaucratie vanuit de gemeente, het volgen van opleidingen, het ook nog gezond willen zijn en dus voldoende sporten en gezond eten…

Rustpunt en grenzen

Ik mis een rustpunt. Ik woon letterlijk in mijn werk, en dat heeft veel voordelen, maar ook nadelen. Ik merk nu pas, dat ik hierin de grenzen veel te veel heb laten wegvagen, dat ik geen rustpunt had. Een moment en een plek waarin ik écht even iets anders dan werk kan doen, iets ontspannends, niet altijd maar iets ‘nuttigs’. Als de schoonmaakster komt, dan ga ik mee helpen, als ik mezelf toesta iets te lezen, dan moet het iets van m’n werk zijn. Ik sta mezelf niet toe om te lanterfanten en hiervan te kunnen genieten, maar voel me in plaats daarvan doorlopend schuldig, omdat ik dan mensen tekort doe. Om gék van te worden.

Minder werken

Door alle toestanden vanuit de gemeente, werd al snel duidelijk dat de omzet in 2020 sterk zal verminderen. In normale taal: we kunnen veel minder cliënten gaan helpen dan dit jaar, omdat we minder budget krijgen. Ik heb toen, met heel veel tegenstrijdige gevoelens, besloten dat ik maandags niet meer ga werken. En nu ik zo op mijn toppen loop, komt dat wel even prima uit. Ik besef me als geen ander dat dit heel teleurstellend is voor velen. Ik kan minder cliënten zien, minder mensen flexibilieit verschaffen qua werktijden, ik kan minder vaak bij overleggen aanwezig zijn en ook mijn stagiaire minder zien in de begeleiding.

Practice what you preach

Maar ik voel tegelijkertijd dat dit nu heel erg nodig is. Voor mijzelf, maar ook om me gezond en sterk te houden om alles aan te kunnen. Om eens echt tijd voor ontspanning te hebben als ik daarvoor kies, maar ook om me eindelijk eens meer met het ondernemen bezig te kunnen houden. Iets dat een verwaarloosd kindje is geworden door de drukte van de afgelopen jaren. Terwijl ik mijzelf beloofd heb te doen waar ik gelukkig van word. Dus wordt het tijd om ‘practice what you preach’ in de praktijk te brengen.

Goede voornemens voor 2020

Vertaald naar goede voornemens heb ik er een aantal:

  • meer supervisie geven
  • starten met opleiding van de schrijversvakschool (om nou eens écht te gaan schrijven!)
  • mezelf uitdagen op sportief gebied en ontspanning in het sporten zoeken
  • meer tijd om te lezen en te schrijven
  • helpen met klussen (in het kader van gedeelde smart…)

 

 

Turbulentie op de werkvloer deel 2

Turbulentie op de werkvloer deel 2

Zoals eerder geschreven hebben we flink wat tegenslagen buiten onze invloed om moeten incasseren. Dit heeft direct gevolgen gehad voor hoe ik mijn onderneming, mijn praktijk kan blijven draaien. Helaas is het gedwongen moeten stoppen met je eigen praktijk geen uitzondering in deze regio. Zo ook een directe collega van mij, die gedwongen is haar praktijk op te heffen en op hogere leeftijd in loondienst te gaan. Het breekt mijn hart: haar kostbare kennis en ervaring, met haar eigen, persoonlijke en effectieve werkwijze gaan nu verloren. In plaats daarvan moet zij, zoals ik het zie, in het keurslijf van een grote instelling. Want uiteindelijk moet er toch brood op de plank.

Verplicht minder werken

Gelukkig is het (nog) niet zo ver gekomen voor mij, maar ik ben wel gedwongen om minder te gaan werken. Ik kan straks waarschijnlijk zo’n 40% minder cliënten aannemen, en dat betekent dat we door het jaar heen de werkdruk moeten verdelen. Het voelt zó onnodig, want de wachtlijsten nemen nog steeds toe en we zouden, als we maar genoeg budget kregen, véél meer mensen kunnen helpen! Ik heb de kennis, de ruimte en de mogelijkheden. Maar die achterlijke beleidsvoering werkt dit op alle mogelijke manieren tegen.

Kapot

Sinds mijn laatste schrijven zijn er wéér allerlei tegenslagen bijgekomen, die bij mij zoveel stress en onrust hebben veroorzaakt, dat ik zelf uiteindelijk met mijn ziel onder mijn arm liep. Ik kreeg klachten, kon me niet meer concentreren en nog steeds kamp ik met zoveel frustratie vanwege het onrecht waar we keer op keer mee te stellen krijgen, dat ik zelf op de rem moest trappen. Een mede cursist verwoorde het zo: “gemeentes hebben totaal niet in de gaten dat ze letterlijk mensen kapot maken met hun wanbeleid”. Ik kan het helaas alleen maar beamen.

Alternatieven

Per 2020 ga ik dus minder werken, en gebruik ik de tijd om me te richten op alternatieven. We moeten wel. Met elkaar hebben we zoveel kennis, passie en ervaring, dat we die gaan stoppen in een nieuw, aanvullend aanbod. Het blijft wrang dat we verplicht worden het roer (weer) om te gooien, omdat je niet kan doen waarvoor je bent opgeleid. Maar het is niet anders. Het wordt een aanbod waarmee we (godzijdank!) geen bemoeienis van de gemeente zullen hebben, en daarmee eindelijk de vrijheid in het ondernemen écht kunnen gaan ervaren. We gaan doen waar we goed in zijn, maar belangrijker momenteel nog: waar we blij van worden en energie uit halen.

Supervisie

Eén van die dingen is voor mij het geven van supervisie. Momenteel volg ik de opleiding tot supervisor, en ben ik reeds gestart met een aantal supervisanten. Hier heb ik onwijs veel zin in! Zoek je toevallig nog een NVO/NIP/GZ/SKJ supervisor, neem dan gerust even contact met me op!

 

Turbulentie op de werkvloer

Turbulentie op de werkvloer

Het leven gebeurt, terwijl je andere plannen maakt. Dat de tijd vliegt is een cliché dat maar al te waar is. Tijd om weer even bij te praten dus. Want in de praktijk wordt ontzettend hard gewerkt door een topteam waar ik apetrots op ben. Sinds de update die ik plaatste in het voorjaar, zijn er opnieuw nieuwe ontwikkelingen.

Even doorkabbelen

Sommige mensen zeggen tegen me ‘wat ben je toch altijd druk joh!’, wat natuurlijk deels waar is. Maar ik zou liegen als ik zou zeggen dat ik het altijd leuk vind. Nee joh, die avondjes gezapig onderuit op de bank hangen, of misschien iets minder passief een boek lezen zijn me dierbaar. Maar niet altijd gegund, lijkt het soms. Want iedere keer dat ik denk: ‘zo, nu hebben we de boel op de rit, nu mag het wel even doorkabbelen!’, gebeurt er weer iets waardoor alles aan het wankelen wordt gebracht.

Slechte timing

En natúúrlijk komen nare berichten op het moment dat je ze het minst verwacht. De gemeente is kampioen in slechte timing, want ze weten de meest belangrijke zaken vooral in vakantietijd rond te sturen. Met een deadline voor input amper een week later, wanneer ze zeker weten dat 80% van de lezers sowieso op vakantie is. Ach, misschien is het tactiek, het is in ieder geval ronduit waardeloos.

De jeugdzorg weer op de schop

Zo ook deze vakantie, wat bijna een herhaling van vorige vakantie was, waarin de gemeente berichten rondstuurt aan de zorgaanbieders die op zijn minst verontrustend zijn. Het eerste nare bericht betrof meteen de grootste klapper: in 2022 gaat de hele jeugdzorg in onze regio weer op de schop. Je zou denken dat ze hebben geleerd van hun fouten, en dat ze er verstandig aan deden om erger te voorkomen. Dat ze zich misschien wel zouden verdiepen in hoe er succesvol wordt gewerkt op andere plekken, maar dat is misschien weer te optimistisch gedacht. Dat zou natuurlijk te voor de hand liggend zijn.

Voor niks?

Amper 1 week op vakantie moest ik dus de klap verwerken dat niet alleen de hele jeugdzorg weer op de schop gaat, maar dat ik daarmee ook vrijwel zeker uitgeschakeld wordt als hulpaanbieder. Zo. Dan weet je direct dat die 7 jaar keihard toewerken naar je droom, eigenlijk helemaal voor niks zijn geweest. Want in 2022 doe ik niet meer mee. Onbegrijpelijk, met de afschuwelijk lange wachtlijsten die er nu al zijn, en het feit dat wij wel de tijd, kennis, ervaring en ruimte hebben om de gevraagde hulp te kunnen bieden.

De stekker uit de jeugdzorg

Ik was er goed door van slag, maar heb het min of meer weten te parkeren in de vakantie. Tot klapper 2 kwam: de maatschap waarbij ik ben aangesloten trekt de stekker uit de jeugdzorg. Begrijpelijk, want zij geven ook aan te verzuipen in de bureaucratische rompslomp die wordt vereist vanuit alle gemeentes. Het is niet meer op te brengen: de kosten voor de administratieve afhandelingen stijgen ver boven de baten uit die de jeugdzorg oplevert. Wat dat voor mij betekent? Ik kan geen specialistische behandelingen meer geven en ben weer beperkt tot de minimale hulp die ik vergoed kan geven.

Grote gevolgen

Ik kan het 1np niet kwalijk nemen, hoewel ik natuurlijk wel kon janken. Dit heeft natuurlijk ook direct grote (financiële) gevolgen voor de praktijk. Ineens werd ik gedwongen om na te denken over alternatieven. Niet iets waar je op zit te wachten als je eindelijk, na jaren ploeteren, die gewenste praktijk hebt gerealiseerd. Bovendien ben ik wel zo eigenwijs om te denken dat we écht goede zorg leveren, ik wil me niet conformeren aan regeltjes en beleidstoestanden waar ik niet 100% achter sta.

Terug bij af?

Nog voor ik op vakantie ging, kreeg ik te horen dat onze net verworven administratief medewerkster een andere baan had aangenomen. Superbalen, want ik wende net aan het feit dat heel veel ‘klusjes’ even uit mijn hoofd konden. Dat is nu, na de vakantie, helaas weer als vanouds. Met hele vellen vol to do lijstjes zijn we dus het nieuwe schooljaar ingerold, waarin we direct veel nieuwe aanmeldingen kregen. Heel fijn, maar ook dubbel, omdat we nu goed moeten nadenken of en hoe we deze mensen goed kunnen (blijven) helpen. Het is een zoektocht die nog in volle gang is, en voor de nodige turbulentie op de werkvloer zorgt.

Karma

Gelukkig zijn mijn collega’s net zo betrokken, en bieden we vol energie ook dit obstakel het hoofd. Een beetje bijgelovig ben ik namelijk wel. Noem het karma, of: ‘wie goed doet, goed ontmoet’, in ieder geval heb ik wel mijn optimisme een beetje vast kunnen houden. Zoals mijn collega ook zei: waar er ergens een deur dichtgaat, gaat er ook ergens een raam open. Het is nog wel even zoeken naar dat raam, maar uiteindelijk zullen we die vinden.

Rouw: ga het gesprek aan

Rouw: ga het gesprek aan

Eerste hulp bij rouw

En zo geschiedde. Ik vroeg mijn collega’s waar ik over zou schrijven, en mijn stagiaire opperde: rouwverwerking. Wauw, dat is direct wel een pittig en breed onderwerp. “Maar wat wil je dan lezen?” was mijn eerste reactie. Ik kreeg een heleboel input: wat de verschillende soorten rouwverwerking zijn, hoe je het gesprek aangaat met kinderen en ouders die in de rouw zijn, wat praktische handvatten zijn in de begeleiding van deze kwetsbare mensen. Niet alleen als iemand al overleden is, maar ook als iemand ongeneeslijk ziek is, of bijvoorbeeld bij een echtscheiding, omdat dat in feite ook een vorm van rouw is.

Verlies en afscheid

Interessant. Maar ook complex. Ten eerste omdat rouw gewoon heftig is: iemand die rouwt, heeft een zwaar verlies te verwerken gekregen, of zit in de fase om afscheid te nemen van iets dierbaars. Het gaat gepaard met intense en vaak heftige emoties. Iedereen kent de klassieke beelden van hartverscheurend verdriet van mensen die te horen krijgen dat ze een dierbare verloren zijn. Al is het alleen maar uit films. Maar dat is allang niet meer de enige vorm van rouw.

Rouw is normaal

Maar tegelijkertijd is rouw ook een natuurlijk proces. Een mechanisme dat als vanzelf op gang komt om met intense en heftige veranderingen in het leven om te gaan. Niet zelden zegt iemand: “als X zou overlijden, dan stort mijn wereld in”. Maar keer op keer wordt in de meest afgrijselijke situaties wederom bewezen dan mensen (en kinderen dus ook) waanzinnig veerkrachtig zijn. Dat zij zelfs in staat zijn om met de meest verschrikkelijke verliezen om te gaan en hun leven een zinvolle invulling te geven.

Echtscheidingen

Rouw hoort dus ook vooral bij het leven. Soms zou je bijna vergeten dat dit iets normaals is. Ja, het is verschrikkelijk zwaar om iemand te moeten missen, of om noodgedwongen je leven totaal aan te moeten passen, maar het is tegelijkertijd ook wat bij het leven hoort. Hoewel ik zou wensen dat bijvoorbeeld echtscheidingen en alle gevolgen daarvan toch minder frequent zouden voorkomen.

Kinderen in de rouw

In de praktijk zien we meer kinderen met gescheiden ouders dan zonder. En daarvan is het percentage met een zogenaamde vechtscheiding behoorlijk hoog. Het zijn kinderen in de rouw. Net als de kinderen en jongeren die bij me komen, die moeten opgroeien zonder moeder, die hun oom moeten missen na zelfmoord, die hun broertje moesten begraven en hun terminale oma zien aftakelen die altijd de zorg voor hen had.

Ga het gesprek aan

Hoe ga je het gesprek aan, vraagt mijn stagiaire. Ik zou in eerste instantie zeggen: gá het gesprek aan. Durf die vragen te stellen, durf het onderwerp aan te snijden, en het verdriet aan de orde te laten komen. Laat alsjeblieft het verlies tot een bespreekbaar onderwerp worden, zodat al die intense gevoelens die er omheen opgeslagen zitten eindelijk vrij kunnen komen. Zodat het rouwproces op gang kan komen.

Dierbaar

Ja, het is eng, en je hebt dikke kans dat de ander gaat huilen, dat je zelf een brok in je keel krijgt en naar woorden zoekt. Dat je schrikt van de heftigheid van het verdriet. Maar hé, dat is ook iets moois en waardevols: deze personen waren de ander heel dierbaar. Of misschien leven ze nog steeds, maar is het niet meer de persoon die ze kenden, en nemen ze afscheid van de persoon zoals die was.

Kanker

Zo had ik een cliënt van wie de moeder overleed aan kanker. Ze verloor haar haar en had allerlei lichamelijke klachten. Ze reageerde bijvoorbeeld sterk op het aanraken van metaal, en kon niet meer met blote handen de deurklink openen. Op de klinken zaten daarom sokken. Het zien van de sokken was één van de naarste en meest confronterende beelden van deze cliënt. Het was het onderstrepen van de definitieve verandering, er was geen ontkomen meer aan.

Mijlpalen

Een andere cliënt worstelde jaren na de dood van haar moeder vooral met het gemis van haar aanwezigheid op de belangrijke momenten: wat nou als ik afstudeer, als ik trouw, mijn eigen huis heb… het gemis van haar eigen moeder bij deze mijlpalen was hartverscheurend. Door het gesprek erover aan te gaan, kon de emotie in ieder geval bestaan, samen gedragen worden, en uiteindelijk minder heftig weer worden opgeslagen.

Taboe

Het níet stellen van die vraag, het doen alsof het onderwerp niet bestaat, is misschien wel net zo pijnlijk als het verlies zelf. Het geeft de ander het gevoel alsof het verdriet en gemis er niet mag zijn, alsof het onbelangrijk is, of schaamtevol. Alsof de ander zich er niet voor interesseert. Mijn eerste advies zou daarom zijn: wees dapper, vraag er naar. De ander zal je dankbaar zijn. Gedeelde smart, is immers halve smart.

Bloggen op verzoek

Bloggen op verzoek

Omdat kiezen niet lukt…

Ik ben heus geen luie schrijver hoor, als ik eenmaal op gang ben dan loopt t ook wel. Maarja, opstartproblemen zijn meer het probleem. Beetje ADHD herken ik ook wel in mezelf. Kan iedereen die langere tijd met me omgaat wel beamen vrees ik: subtiliteit en gratie is nou niet perse mijn kernkwaliteit als het erop aankomt. Nee, ik heb vaker last van besluiteloosheid of impulsiviteit.

Misschien ken je dat wel (of niet), dat je aan het online shoppen bent, 45 artikelen in je winkelmandje heb liggen, 3 uur kwijt bent, en dan uiteindelijk niks koopt. Ik sla dicht als ik teveel opties heb. Ik raak in paniek bij een restaurant die 48 kantjes aan hoofdmenu opties heeft, want hoe weet ik in hemelsnaam of ik het állerlekkerste kies!?

Omdat ik teveel leuk vind…

Hetzelfde geldt zo’n beetje voor de rest van mijn leven. Hoewel gelukkig ook het een en ander al vroeg duidelijk was voor me, zoals mijn dromen en ambities op werkgebied. Maar als ik dan een blog start, dan vind ik ineens álles relevant om over te schrijven. En wáár moet ik dan beginnen!? Wat een opluchting toen mijn collega recent opperde: “en misschien kun jij daar dan een blogje over schrijven”. Ja! Wat een topidee!

Teveel smaakjes in de ijssalon

Ik kan namelijk prima in opdracht schrijven. Niet omdat ik geen inspiratie heb, maar juist teveel. Het is een beetje the story of my life: ik vind teveel leuk om te doen, interessant, en wil teveel nog doen. Mijn interesses nemen alleen maar toe, en mijn vrijetijd juist af. Hoe kies ik dan waar ik in die zeldzame momenten een blog over schrijf!? Immer bang om de foute keus te maken. Want dat is net als bij een ijssalon toch net de verkeerde smaak te hebben gekozen, terwijl het gezelschap om je heen allemaal een lekkerder ijsje heeft. Ik trek dat gewoon heel slecht.

Zeg jij het maar

Dus heb ik een nieuwe strategie. Ik mag dan wel werkgever zijn, in dit geval vind ik het heerlijk om aangestuurd te worden. Dus vraag ik nu elke week aan mijn collega’s waar ik over zal schrijven. Maar aangezien mijn collega’s niet genoeg zijn, doe ik ook een beroep op mijn lezers en mijn cliënten: zet me aan het werk! Vertel me waar ik over moet schrijven, en ik kom op gang. Zo lees je wellicht binnenkort precies waar jij benieuwd naar was! En zo niet? Dan doe ik gewoon nog een poging.

Review: “De Hardloop Revolutie”

Review: “De Hardloop Revolutie”

De hardlooprevolutie: meer vet verbranden door training op hartslag en goed ademen

Je denkt misschien: wat heeft dit nou met je werk te maken? Nou, meer dan je denkt. En ik zal uitleggen waarom. Ik zal niet liegen als ik zeg dat ik dit boek puur vanuit mijn eigen interesse ben gaan lezen. Maar de raakvlakken met mijn werk zijn er niet minder om. Neem alleen al het feit dat de schrijver van dit boek (Koen de Jong) ook één van de docenten van de opleiding voor Runningtherapie is. En dat is niet voor niks. Runningtherapie is ook ons aanbod, wat steeds verder vorm krijgt, maar nog meer aandacht verdient. Het lezen van dit boek, én het schrijven van de review, dient dan ook meerdere doelen.

Hoewel de titel misschien anders doet vermoeden, is dit boek niet enkel voor (wannabe) sporters bedoeld. Het maakt vooral duidelijk dat simpele leefstijlveranderingen voor soms grote veranderingen in je welzijn kunnen zorgen. Het gaat om een investering in je toekomst. Wel de moeite waard dus, en ook vooral waar ik meer naartoe wil: de preventie van problemen. Want soms hoeven goeie oplossingen niet ingewikkeld te zijn.

De feiten

  • Titel: De Hardloop Revolutie. Meer vet verbranden door training op hartslag en goed ademen.
  • Auteurs: Stans van der Poel en Koen de Jong
  • Uitgever: Lucht
  • Publicatiedatum: vierde druk, november 2018
  • Aantal pagina’s: 299
  • Prijs: €22,50 (softcover)

Algemeen

Het betreft een softcover boek die feitelijk bestaat uit twee boeken die later zijn samengevoegd, te weten: ‘De marathonrevolutie’ en ‘Ik, hardloper’. Stans van der Poel is inspanningsfysioloog, longfunctieanalist en sportdocent. Ze is gespecialiseerd in de relatie tussen ademhaling, hartslag en inspanning, vooral om psychische klachten te verminderen. Koen de Jong heeft samengewerkt met Stans van der Poel, en is bekend van de methode Sportrusten, en heeft samen met Stans van der Poel het 14k schema bedacht voor het trainen voor de marathon.

Hun gedeelde visie bestaat er uit dat ademhaling en daarbij dus ook ademhalingsoefeningen, bijdragen aan een beter welzijn. Door simpele ademhalingsoefeningen dagelijks uit te voeren, kun je klachten van o.a. vermoeidheid, stress, slaapproblemen, depressie en angst verminderen. Als je dit combineert met matig sporten (in hun geval hardlopen), dan kun je je lichaam zowel fysiek als mentaal gezond houden (of maken).

Het boek is makkelijk weg te lezen. Ik deed er ongeveer een week over, wat behoorlijk snel is in een drukke werkweek met 3 kinderen om me heen. Koen schrijft op een fijne, toegankelijke manier, waardoor het boek goed te volgen is. De schrijvers zijn helder in hun uitleg, en gebruiken grafieken of tabellen om van alles te verduidelijken. Ook heeft het boek verschillende schema’s, bijvoorbeeld om te beginnen met hardlopen met overgewicht, of een PR trainen op de 10 kilometer. Hierdoor is het boek ook vlug gevuld, maar ook gemakkelijker erbij te pakken wanneer je daadwerkelijk een schema wil gaan gebruiken.

De pluspunten

  • Het boek is gemakkelijk leesbaar, vlot geschreven en met een heldere boodschap. Het is goed te volgen en je kunt gemakkelijk kleine stukjes per keer lezen.
  • Ik vind het persoonlijk heel belangrijk dat er meer aandacht is voor preventie van psychische problemen door ‘simpele’ huis-tuin-en-keuken oplossingen. Het doen van ademhalingsoefeningen, het inbouwen van voldoende rust, gezond eten en voldoende beweging is waarschijnlijk te simpel of voor de hand liggend dat het niet wordt uitgedragen of gepropageerd door de (huis)artsen en psychologen, maar eigenlijk is dat een gemiste kans. Hiermee kun je al zowel winst boeken, en ook zoveel problemen voorkomen, dat het zeker de moeite waard is om hierin te investeren.
  • Het boek is super praktisch: kant en klare schema’s, allerlei tabellen en manieren waarop je bijvoorbeeld kunt leren trainen op je eigen hartslag. Fijn om er later bij te kunnen pakken.
  • Het boek nodigt uit voor verdieping, via andere boeken en websites. Je kunt het nog praktischer maken door bepaalde programma’s te volgen.
  • Het boek is optimistisch. Je krijgt zin om aan de slag te gaan, en ook een hoge leeftijd of medische beperkingen zijn geen beperking om aan de gang te gaan.

De minpunten

  • De ondertitel ‘meer vet verbranden’ vind ik wat misleidend. Er wordt niet uitgebreid ingegaan op dit stuk. De achterliggende gedachte is dat door een rustige ademhaling, je meer leunt op je vetverbranding dan op je suikerverbranding. Dit mag van mij echter wel wat meer verdieping krijgen. Of een andere ondertitel.
  • Het meten van je omslagpunt is wat lastig om zelf te doen. Dit is echter wel nodig om met de schema’s uit het boek uit de voeten te kunnen. Het zou fijn zijn als er wat meer mogelijkheden werden genoemd om dit te bepalen.
  • Er wordt in het boek gesproken over ‘kilometers per uur’ als tempobepaling bij het hardlopen. Bij de meeste sporthorloges wordt echter de pace aangegeven: ‘minuten per kilometer’. Het zou fijn zijn als deze ook werden genoemd, zodat je niet alles om hoeft te rekenen.

De eerste indruk

Het betreft een klein boekje, dat gemakkelijk in de hand ligt, maar niet open blijft liggen. Ik hou van deze opmaak: veel wit en een prettig, speels lettertype, met afwisseling tussen vetgedrukt en normaal gedrukte tekst, regelmatige opsommingen in moderne jasjes. Ook zijn er regelmatig tabellen, schema’s, grafieken of afbeeldingen waardoor het snel en gemakkelijk weg leest, maar ook gestructureerd overkomt.

Opbouw van het boek

Het boek bestaat zoals eerder genoemd, uit twee samengevoegde boeken. Daar is tijdens het lezen echter weinig van te merken: het geheel is een logisch opgebouwd geheel. Er zijn drie delen in het boek. Deel 1 richt zich op informatie die voor iedere hardloper goed is om te weten. Het duikt in het nut van een rustige ademhaling, het voorkomen van blessures door matig te trainen en wat sporten kan betekenen voor je welzijn. Ook wordt uitgelegd waarom trainen op je eigen hartslagzones zo belangrijk is. Deel 2 en 3 richten zich veel meer op de schema’s voor het trainen voor o.a. 10 kilometer of een (halve) marathon.

Vooral deel 1 heeft veel raakvlakken met de praktijk. Het toepassen van ademhalingsoefeningen is iets dat nog meer aan de orde mag komen bij ons, en wat prima past binnen mindfulness en meditatie. Het is één van de richtlijnen voor o.a. angst en depressie, maar ook geschikt als je last hebt van chronische stress.

Het trainen op je eigen hartslagzones klinkt misschien wat abstract, maar wat ik hier vooral uit haal, is dat het heel belangrijk is dat je je lichaamseigen signalen leert herkennen, en dat je op tijd je grenzen bewaakt. Door gericht op je hartslag te trainen, voorkom je dat je over je eigen grens gaat, en leer je je eigen grens letterlijk kennen. Dit is voor veel jongeren een belangrijk behandeldoel.

Vertaalslag naar de praktijk

Na het lezen van dit boek, ben ik nog meer gemotiveerd om actief aan de slag te gaan met het toepassen van ademhalingstechnieken, het aanleren van deze technieken, en meer aandacht voor preventie in het algemeen. We bieden nu runningtherapie, maar dit mag nog meer een prominente plek innemen in ons behandelaanbod, met een bredere doelgroep, dus gaan we aan de slag om te bekijken hoe we dit nog meer op de kaart kunnen zetten.

De andere kant van de vertaalslag betreft mijzelf. Ik ben nog meer gemotiveerd om met deze methodiek te werken. Dus aan de slag met ademhalingsoefeningen, gericht trainen op hartslag en mijn omslagpunt gaan bepalen. Binnenkort ga ik dit doen, dus een vervolg hierop zal dan ook zeker te lezen zijn.

Conclusie

Ook enthousiast geworden om aan je psychische klachten te gaan werken door middel van runningtherapie? Of wil je vanuit andere redenen meer verdiepen in het gedoseerd trainen op je eigen hartslag i.c.m. rustige ademhaling? Dan raad ik je zeker aan om dit boek te lezen en/of contact met ons op te nemen om mee te doen aan een nieuwe reeks runningtherapie.

 

 

Update in vogelvlucht

Update in vogelvlucht

Eerste helft 2019

Het is juni 2019, inmiddels zijn we al bijna 2 jaar aan het verbouwen en ben ik al 1,5 jaar ondernemer en praktijkhouder, waarvan sinds het laatste halfjaar aan huis! Er is veel gebeurd, en ik schrok toen ik even keek wanneer ik mijn laatste berichtje heb gepost: december 2018! Het wordt intussen bijna een dooddoener, maar er is zoveel gebeurd in de tussentijd, dat het me simpelweg niet lukte om te blijven schrijven.

Eindelijk: praktijk aan huis

Kerstvakantie 2018 was voor ons werkvakantie. Scheelt tenslotte maar een paar letters. We hebben non-stop gebuffeld, met dankbare hulp van vrienden en familie, die onze grauwe gezichtjes van vermoeidheid weer deden opklaren. En wat zijn we onwijs trots voor het resultaat dat er nu al is. Natuurlijk is het nog lang niet af, en dat gaat voorlopig ook niet snel afkomen. Die illusie heb ik intussen wel van me afgeschud. Maar het geeft niet, we kunnen er werken, en met plezier. En in de loop van de tijd wordt het gewoon steeds een beetje mooier en beter.

Impact op het gezin

Op privé gebied heeft het veel impact gehad: als gezin moesten we ook een nieuw ritme vinden en duidelijke regels opstellen over bijvoorbeeld het gebruiken van de praktijkruimtes, hoe we binnenkomen (stil), hoe we reageren op cliënten, etc. Inmiddels hebben we -thank god!!- eindelijk 2 kinderkamers min of meer af, en konden de kinderen dus naar boven verhuizen. Daar voelen ze nu veel meer vrijheid en privacy in het spelen en meebrengen van vriendjes en vriendinnetjes, en andersom is het minder storend voor de praktijk.

Interne verhuizingen

We zijn in de afgelopen maanden ook weer talloze keren intern aan het versjouwen geweest: wat eerst onze ‘kledingkast’ was, is nu ineens een kast in de praktijk, en wat daar een boekenkast was, voldoet nu ineens als opbergkast in de kinderkamer. Onze voormalig eettafel is gepromoveerd tot praktijktafel, en andere meubels moesten het bekopen met een enkeltje kringloop. Achja, aan alles komt een eind tenslotte.

Steef weer aan het werk

Omdat Steef de boel thuis intussen ook wel een beetje gezien had, heeft hij sinds april ook weer een baan aangenomen, wat betekent dat we na precies een jaar ‘hoera, mijn man is klusser!’ weer opnieuw in het circus van tijdgebrek en keuzestress terecht komen qua gezin, werk en verbouwing. We hebben toen wel met onszelf afgesproken dat we dan toch echt een aannemer in de hand moeten nemen. Niet omdat Steef het niet kan (integendeel), maar omdat na 2 jaar verbouwen nu toch eindelijk ook weleens een beetje schot in de zaak mag komen.

Nog meer cliënten

Nadat het ergste stof was neergedaald van onze woeste klusavonturen in de kerstvakantie, vonden we langzaamaan onze draai in onze nieuwe, toffe praktijk. De leuke reacties en nieuwsgierige blikken van de cliënten waren zeer welkom, na alle inspanningen. We hadden er een beetje rekening mee gehouden dat het misschien wat rustiger zou worden, omdat we onze cliënten uit de regio Papendrecht misschien zouden verliezen. Het tegendeel blijkt waar: het wordt steeds drukker, de wachtlijst groeit en mensen zijn positief over de gemakkelijke bereikbaarheid met de trein en waterbus.

Nieuwe collega

Hartstikke leuk, en het maakte me ook trots, maar we merkten al snel dat de taken zich opstapelden. Helaas nam ook de stress toe en zag ik mijn toch al spaarzame vrije tijd als sneeuw voor de zon verdwijnen. Ik besloot daarom mijn stoute schoenen aan te doen en een vacature te plaatsen voor een administratief medewerkster. Nooit had ik verwacht dat er zoveel animo voor was, en nog minder had ik verwacht hoe dit zou leiden tot de fijne werksituatie die we nu hebben!

Weer (schrijf)tijd?

Ik schrijf dit stuk trouwens op mijn allereerste vrije ochtend sinds ik kinderen kreeg, want Signe is 4 jaar geworden en gaat sinds kort dus naar school! Hoera voor haar en voor de vrije uurtjes die ik nu terugkrijg, en waar ik heel dankbaar gebruik van ga maken. En dan kom ik misschien ook wel wat meer toe aan schrijven.

De verbouwing: deel 23

De verbouwing: deel 23

Onderstaand bericht dateert van december 2018. Het is intussen bijna juli 2019, dus ruim een halfjaar later maak ik deze blog pas af. Je snapt dat er (gelukkig) intussen wel e.e.a. is verandert. Maar ik neem je nu even mee terug naar de kerstvakantie 2018, waarin we keihard buffelden om alles in kannen en kruiken te hebben voor de opening van de praktijk aan huis:


Keihard werken we, met alle hulp die we aangeboden krijgen, in de vorm van handjes of oppas. Helaas schrijf ik dit berichtje niet omdat ik tijd over heb, maar omdat uiteindelijk de griep me heeft ingehaald en ik vandaag noodgedwongen moest afhaken. Mijn hele lijf doet zeer van de spierpijn van afgelopen dagen, en de koorts is helaas niet meer te ontkennen. Komt nooit gelegen om ziek te zijn, maar nu is het een ronduit waardeloos tijdstip.

We maken dagen van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat, waar we soms pas rond 23u de kwasten uit gaan spoelen. Met kerst zaten we niet aan de kalkoen, maar snoven we liters terpentine dampen op van alle schilderpraktijken. Ik zie zowel wit van alle verf, als van het slaaptekort en gebrek aan daglicht. Het blijkt maar weer eens dat je op adrenaline echt prima heel lang door kunt gaan. 

We moeten ook wel, want 7 januari, de maandag na de vakantie, staat de hele dag alweer volgepland met afspraken. En dan moeten we toch fatsoenlijk ergens kunnen werken. Ik ben zo dankbaar voor alle hulp deze weken, wat hebben we veel mensen over de vloer gehad, die even een paar uurtjes in ons project stopten. Fantastisch!

De behandelkamer in de ‘oudbouw’. Met de mooie sierlijsten en ornamentenplafond. Hier hebben we het plafond gewit.

Hier hebben we de grauwe kleur vervangen door een gewaagd kleurtje: koraalroze. Bleek dat toevallig ook nog eens de kleur van 2019 te zijn. Heb ik er toch oog voor haha.

Als je nu in de kamer komt, dan zie je dit niet meer. Dit waren namelijk de tuindeuren, die nu verstopt zitten achter een muur. Aan de andere kant zit de behandelkamer in de nieuwbouw. Deze deuren hebben we dus weggewerkt, je kijkt hier tegen het isolatiemateriaal aan van de nieuwbouw (achter de ramen). 

Hier plaatsen we de platen en het isolatiemateriaal, om de deuren weg te werken en de muren zo geluidsdicht mogelijk te krijgen.

Beetje onscherpe foto (zal de vermoeidheid wel zijn geweest), maar hier zijn de platen geplaatst, is alles afgewerkt en zit de eerste laag grondverf er tegenaan. 

Ohja, tussendoor hingen we ook alvast onze kekke lamp op. En tegen de muur zie je de stapels tegels liggen: dat wordt de definitieve vloer (visgraat tegels in houtmotief), maar dat gaat door tijdgebrek niet meer lukken om nu te plaatsen. Alle pakken zware tegels moesten we dus weer naar de kelder sjouwen. 

Menig mens verklaarde ons voor gek met de knalkleur op de muur. Ik vind het geniaal. Het is vrolijk en gezellig, en straks met de lijstjesmuur wordt de kleur ook wat meer gebroken. Het wit van de lijst erboven breekt ook mooi. Alle posten en deuren worden ook stralend wit. 

Al een heel eind, de posten zijn al wit, de deuren nog niet. 

De posten worden één voor één onder handen genomen. Balen van de lange droogtijd steeds ertussen.

De post tussen de wachtkamer en de hal. Wat een ander gezicht met het wit. 

Doorkijk van de hal de wachtkamer in.

Meters maken, ook op de plafonds, waar de tape van ellende weer naar beneden komt, en je weer regelmatig opnieuw kunt beginnen. Spierballen kweken met boven je macht verven. En nóg een keer, want het dekt nooit in één keer.

Denk je wat voorbereidingen te treffen door alvast de balken van het plafond af te tapen: dat heeft dus geen zin. Dit is de behandelkamer in de nieuwbouw. Met op de schraag een sinterklaassurprise, want die moesten tussendoor ook nog gemaakt worden (dit was nog vóór 5 december).

M’n lieve schoonzus helpt met het verven van de muur in de nieuwbouw.

M’n zwager en ik storten ons op het verven van de deuren en posten. Links is het resultaat, rechts moet nog.

Ik kan echt genieten van de oude materialen zoals deze paneeldeuren, zoveel karakter!

En ook in de derde behandelkamer/kantoor zit alle verf er inmiddels tegenaan.

Ik ga gauw op zoek naar de volgende foto’s om een volgend verslag te schrijven. Er is gelukkig genoeg voortgang om te delen.