Archief van
Auteur: Michelle Houtman

Kalverliefde: verliefd zijn op kleuterleeftijd

Kalverliefde: verliefd zijn op kleuterleeftijd

Verliefd zijn als jong meisje

Al een tijd lang speelt er iets bijzonders bij onze oudste dochter. Iets wat ik totaal niet herken uit mijn eigen jeugd, althans niet op deze leeftijd. Noem het kalverliefde, maar onze oudste dochter is al jarenlang verliefd op dezelfde persoon. En niets komt tussen hen in te staan. Geen andere persoon kan daar tegenop.

 

Ontwikkelen van vroege vriendschappen

Toen Meia net naar school ging, met 4 jaar, viel het me al snel op hoe vaak er wordt afgesproken. In de kleuterklassen, groep 1 en 2, is afspreken aan de orde van de dag. Vriendschappen werden daardoor voor mijn gevoel al vroeg gelegd. Zo ook de vriendschap tussen Meia en haar grote vriend. Wat uiteraard ook begon met afspreken, maar al snel werd duidelijk dat dit méér dan een gewone vriendschap was.

Een roos met Valentijn

Zoals de betreffende vriend eens noemde: ‘ik vond haar zo mooi toen ik haar voor het eerst zag’, leek het bijna om liefde op het eerste gezicht te gaan. Nu, in groep 4, is de liefde nog net zo actueel. Met haar verjaardag kreeg Meia eens een prinsessenjurk, want ‘ik vind haar zo’n mooi meisje, en ik denk dat ze er in een jurk heel mooi uitziet’. Met Valentijn had de grote vriend zich aangekleed met overhemd en stropdas, en stond hij met een roos en cadeautje in zijn handen voor de deur. Meia deed giechelend en blozend open en ineens voelde mijn aanwezigheid teveel in hun gezelschap. Ze waren toen nog geen zes jaar.

Kusjes op het schoolplein

Op school worden ze wel eens geplaagd. Meia zegt dat ze jaloers zijn. Er is wel eens een ander jongetje verliefd op haar en die lijkt haar aandacht te willen trekken door haar te plagen, maar Meia is vastberaden: ze is verliefd op háár grote vriend en daar komt niemand tussen. Ook haar grote vriend is resoluut. Toen er eens een ander meisje met hem mee op vakantie ging, legde hij van tevoren uit: ‘luister, ik ben verliefd op Meia’, om maar vast de boel duidelijk te hebben. Uiteindelijk druipen de andere aanbidders schouderophalend weer af, waarna Meia en haar liefde zich terugtrekken in een tunnelbuis op het schoolplein en heimelijk kusjes uitdelen aan elkaar.

Giechelen op de achterbank

Omdat we naar dezelfde zwemschool gingen, was het logistiek handiger om de kinderen gezamenlijk mee te nemen voor de zwemlessen. Inmiddels hebben ze beiden hun diploma’s, maar in die periode waren het soms bijna puberale taferelen die zich afspeelden op de achterbank tussen die twee. De liefde zat diep, dat is wel duidelijk. Toch hielden ze dat op school liever uit de aandacht, want ze merkten donders goed dat dit niet de gebruikelijke manier van omgaan was met elkaar.

“Ik mis hem, mama”

Zomervakanties van afgelopen jaren duurden té lang zonder elkaar. Sterker nog, soms konden ze nog geen weekend zonder elkaar. De boodschap ‘je ziet elkaar maandag weer’ was blijkbaar onverdraaglijk om het weekend te overbruggen. Dus zijn er nog met regelmaat speelafspraakjes (want gelukkig spelen ze hoofdzakelijk gewoon samen) in de weekenden. En in vakanties verzucht Meia regelmatig ‘ik mis hem zo… hoe lang duurt het nog voor we elkaar weer zien?’. Ik kan me dat verliefde gevoel nog wel herinneren, maar toen was ik 16, geen 6.

Verbondenheid

In beslagen ramen en spiegels zie ik regelmatig de sporen van hartjes en hun namen. Bij het uitzoeken van oude tekeningen en vol gekladderde notitieboekjes kom ik ontelbare liefdesverklaringen tegen. Ik vind het magisch. Met de ouders van het betreffende vriendje liggen we soms in een deuk om de uitspraken of het gedrag van deze koters, maar tegelijkertijd ben ik vol verwondering. Het is toch bijzonder dat er op zo’n jonge leeftijd al zo’n hechte, blijvende vriendschap ontwikkeld. Ongeacht of dit nu werkelijk verliefdheid is, deze twee voelen wel degelijk een verbondenheid met elkaar die hen heel hecht en onafscheidelijk maakt. Ik gun ze deze mooie vriendschap en volg de ontwikkeling op de voet. Want je kan als kind nooit teveel liefde ervaren, toch?

 

 

Top 10 meest gelezen in 2017

Top 10 meest gelezen in 2017

De 10 populairste artikelen van 2017

Mijn blog bestaat nog niet zo lang, zo’n 1,5 jaar nu. Toch is het opvallend wat een groei in bezoekers er is. In 2017 zijn er al 2 tot 2,5x zoveel bezoekers dan in 2016. Het is leuk om te zien hoe populair sommige van deze artikelen blijken te zijn. Grappig feitje: het zijn alle 10 andere artikelen dan de meest gelezen artikelen van 2016. Ik geef een overzicht van de 10 meest gelezen artikelen van afgelopen jaar.

 

Meest gelezen in 2017

  1. Toename in psychische problemen. Een blog waarin ik mijn zorgen uit over de nationale en internationale trends in de geestelijke gezondheidszorg. Helaas draagt de regelgeving vanuit de overheid hier naar mijn mening aan bij, en dat moet veranderen!
  2. Het belang van fantasie voor kinderen. Van anderen kreeg ik al te horen dat zij per toeval op dit artikel stuitten. Dat is fijn, want het is zo belangrijk dat we de fantasie van onze kinderen blijven prikkelen en ontwikkelen.
  3. Top 10 opvoedingsvaardigheden. Een overzichtje van vaardigheden of eigenschappen die bijdragen aan goed ouderschap.
  4. Gevoelige periodes bij kinderen. Legt uit hoe kinderen leren en hoe je gebruik kunt maken van de gevoelige periodes en de motivatie van je kind.
  5. EMDR bij peuters. Een ervaringsverhaal van EMDR bij een peutertje. Het is een methode die ik vaak gebruik, voor bijna alle leeftijden, en vaak met succes.
  6. Waarom ik niet stofzuig doordeweeks. Dit artikel deed véél stof opwaaien en maakte maar weer eens duidelijk hoe gevoelig het onderwerp ligt bij ons als ouders.
  7. Een operatie en de gevolgen. Een recente, persoonlijke blog, die door jullie ontzettend lief werd ontvangen, waarin ik uitleg wat de impact van een operatie is voor mij en ons gezin.
  8. Low-budget kinderfeestjes. Een overzichtje van low-budget opties voor kinderfeestjes in de buurt van Dordrecht. Moet ik zelf ook weer eens even voor aan de slag trouwens.
  9. Stapjes terug doen bij een zwak werkgeheugen. Een ervaringsverhaal van één van de ouders die bij mij kwam, over het bijstellen van verwachtingen, en hoe een stap terug kan leiden tot vooruitgang.
  10. Gaat dit over hetzelfde kind!? Over hoe mijn draakje buitenshuis een engeltje is en onze kinderen soms twee verschillende gezichten kunnen hebben. Over alle streken die ze uithaalt die pas achteraf grappig zijn.

 

Wat was voor jou het fijnste artikel van 2017? En waar moet ik absoluut meer over gaan schrijven in 2018? Ik hoor het graag van je.

 

Wat is er van de goede voornemens 2017 gekomen?

Wat is er van de goede voornemens 2017 gekomen?

Voornemens of doelen?

Eind december 2016 maakte ik, zoals elk jaar, goede voornemens voor 2017. Tijd voor een kritische evaluatie van deze voornemens, want wie A zegt, moet tenslotte ook B zeggen. Ik heb een jaar de tijd gehad om er wat mee te doen. Nu maar eens checken wat er van is gekomen…

Puin ruimen

Met stip op 1 stond puin ruimen. En driemaal hoera voor mij, want ik heb dit voornemen met vlag en wimpel kunnen afstrepen dit jaar. Moest ook wel, want met de verhuizing naar 70m2 kon er niet zoveel mee. Ik heb het boek van Marie Kondo (‘opgeruimd’) gelezen en een aantal van haar (soms drastische) maatregels doorgevoerd. Met als resultaat karrenvrachten vol afval en zooi richting kringloop en de vuilstort. Een groot gedeelte van onze inboedel staat nog opgeslagen bij een goede vriendin. Met de tweede verhuizing hebben we opnieuw een ‘herevaluatie’ kunnen doen, en is onze spullenzooi al aardig uitgedund.

Goed speelgoed

Een voornemen die daaruit voortvloeide, was: alleen maar ‘goed’ speelgoed in huis laten komen. Met andere woorden, geen zooi meer. Hm. Dat laatste blijft nog lastig in de praktijk, maar het is wel gedeeltelijk gelukt te ‘ontspullen’. Op de verjaardagen en de laatste pakjesavond was al een duidelijk verschil merkbaar: minder speelgoed, en betere kwaliteit. Maar wat is ‘goed’ speelgoed? Dat vraagt nog om verder onderzoek komend jaar.

Meer inbreng

Een ander voornemen was de kinderen meer inbreng te geven. Ja, dat is min of meer vanzelf gelukt: zo kiezen de kinderen (ja ook Signe) vrijwel altijd zelf hun kleren uit, waardoor zij altijd tevreden zijn met wat ze dragen. Ik neem ze ook graag mee met winkelen en vraag dan hun mening als ze bijvoorbeeld nieuwe schoenen nodig hebben. Als er boodschappen gedaan moeten worden, vraag ik de kinderen wat zij graag willen hebben aan groentes of gerechtjes (mits gezond), en dat halen we dan ook. Dit is een makkelijke, en leuke manier om ze meer deelgenoot van deze dingen te maken.

Meer samen doen

Een belangrijk voornemen was meer tijd samen, zonder kinderen. En ook dit is gelukt! Zij het min of meer door de samenloop van omstandigheden. Omdat we graag door wilden klussen, zijn de kinderen regelmatig opgevangen door vrienden en familie, waardoor Steef en ik samen meer tijd doorbrachten. Misschien minder romantisch dan een dagje naar de kerstmarkt, maar wel net zo gezellig (ja echt) en effectief. We hadden mazzel dat de kinderen uit logeren waren toen het Big Rivers was, waardoor we toen elke avond ook nog de stad in konden duiken. Toen het even spannend was of de uitslag van de onderzoeken goed of slecht zou zijn, hebben Steef en ik in het moment geleefd, en zijn we wekelijks naar een concert gegaan. Daarna had ik door mijn operatie en mijn hersteltijd daarna ook opvang voor de kinderen geregeld, en was Steef vaker thuis voor mij, om me te helpen. Ook minder romantisch, maar wel heel fijn dat dit mogelijk was. Voornemen voor 2018 blijft wel om eens samen een nachtje weg te gaan.

Sportief gebied

Wat betreft mijn voornemens op sportief gebied: daar kan een dikke streep doorheen. 2017 was helaas geen goed jaar voor mij op dit gebied, met de langdurige knieblessure, vervolgens de onmogelijkheid om te kunnen sporten omdat Steef dan weg was en ik bij de kinderen bleef, en daarna mijn gezondheidsproblemen en operatie. Het lijkt er wel op dat alles herstelt zoals het moet, en met een beetje mazzel kan ik in januari voorzichtig beginnen met de opbouw. Maar de 20km schuif ik voorlopig nog even op de lange baan!

Zakelijk gebied

Op zakelijk gebied wilde ik meer naar buiten treden en verantwoordelijkheden nemen. Dat is gebeurd. Ook hebben we eindelijk ons droompand gevonden om er een praktijk aan huis te beginnen. Weer een vinkje dus!

Blog

Wat mijn blog betreft ben ik minder succesvol gebleken qua voornemens. Ik heb begin van dit jaar een kalender gekocht, met de intentie hierop vooruit te plannen en rekening te houden met actualiteiten. Deze kalender heb ik sinds de aanschaf niet meer teruggezien, laat staan dat dit plan van de grond kwam. Ook het schrijven van reviews is nog te weinig gebeurd en wil ik graag doorschuiven naar 2018 als voornemen.

Al met al ben ik niet ontevreden. Een aantal voornemens schuif ik door naar 2018, waar ik later een blogje over schrijf.

Waarom ondernemen?

Waarom ondernemen?

Zelfstandig ondernemer worden

Waarom zou je gaan ondernemen? Heel soms stel ik die vraag nog wel eens aan mezelf. Ik heb de afgelopen jaren ontzettend veel moeten investeren. Qua tijd en geld vooral. Ik zat niet in de luxe positie dat er een opleidingstraject voor me werd betaald, zoals bij menig collega uit grotere instellingen. Sterker nog, ik zat er in mijn eigen tijd, wat dus betekende dat ik geen werkweken van 3 dagen, maar soms van 4 of 5 dagen maakte, waarvan vaak een zaterdag. En helaas kwamen daar nog de eeuwige studie- en reistijden bovenop.

 

Wat doe je jezelf aan?

Niet zelden werd in die jaren door vrienden en familie gevraagd waarom ik er mee doorging. Waarom mezelf zoveel druk op leggen, als ik ook kon solliciteren bij de concurrent? Toegegeven, dat klonk soms verleidelijk. Een goed CAO, een beter salaris en betere voorwaarden rondom nascholing. Toch heb ik het nooit gedaan. Het kón ook niet, trouwens. Als ik stopte, was alles voor niets, want je moet binnen 5 jaar alle criteria behalen. Voor wie mij kennen, weten waarom ik doorging. Als ik iets in mijn kop heb, dan gebeurt het. En al sinds ik bij Praktijk Inzicht begon, wist ik: dit is wat ik wil. Een praktijk aan huis.

 

De voordelen van loondienst

Het was het daarom waard. In de wetenschap dat je ooit zult krijgen wat je verdiend. Iets met karma misschien. Dat ik, vroeg of laat, de vruchten zou plukken van mijn route, die soms behoorlijke omzwervingen maakte. Maar ik was niet helemaal direct overtuigd hoor. Ik begon naïef. Dacht: ‘superrelaxt, beetje vanuit huis werken, zelf je dag indelen’. Tot ik er zelf ging werken en besefte wat een werk het gaf, en hoeveel tijd mijn collega, de praktijkhouder, er daadwerkelijk mee kwijt was. ‘Nee dank je’, dacht ik toen een tijd. ‘Laat mij maar gewoon lekker in loondienst. Kan ik me voorlopig ook even richten op het moederschap en genieten van de zekerheden van een betaalde baan’.

 

Ondernemersbloed

Maar ondernemersbloed kruipt waar het niet gaan kan, en hoe langer ik er werkte, hoe meer ik besefte dat ik dit werk toch wilde doen. Maar vooral zoveel mogelijk op mijn eigen manier. Ik barstte van de ideeën en liep er meermaals tegenaan dat ik die niet (voldoende) tot uiting kon brengen in de praktijk binnen de bestaande situatie. Ik heb heel veel geleerd van praktijkvoering, maar zette ook mijn kanttekeningen bij sommige processen. Frustrerend genoeg wordt er vanuit de gemeente ook veel van je verwacht aan bureaucratische en administratieve handelingen, die helaas verplicht zijn gesteld.

 

Steeds meer ondernemers

Ik fantaseerde in de jaren dat ik er werkte over mijn ideale werkplek. Waar ik nu tegenaan liep, wilde ik anders doen, besloot ik. Ik praatte met collega’s, vrienden en verzamelde ideeën op lijstjes of bijvoorbeeld via pinterest. Ik praatte met collega ondernemers over hun werkwijze en wat dingen zijn om rekening mee te houden. Het is leuk om te merken hoeveel enthousiasme er is onder ondernemers. Blijkbaar is er veel herkenning wat een gevoel van saamhorigheid geeft.

 

Klaar voor de start

Het overnemen van de praktijk voelt voor mij als een unieke kans. Ik zag mijzelf altijd wel ‘ooit’ een eigen praktijk runnen, als ik een jaar of 40 was misschien. Maar hoe het zo is gelopen, voelt voor mij alsof het altijd al zo had moeten zijn. En als je dan eenmaal dat doel voor ogen hebt, leef je er ook naartoe. In 2016 voelde ik me dan ook helemaal ‘klaar voor de start’. Door het onverwachte tweede aanbod (wat uiteindelijk niet doorging), had ik me in sneltreinvaart voorbereid om in principe 2017 te starten. Uiteindelijk ging dat van de baan en werd 2018 het startjaar.

 

Veranderingen voor het gezin

In 2018 zal er voor mij en voor ons gezin een heleboel veranderen. Hoewel ik dat jaar nog  -voorlopig- op dezelfde locatie blijf werken, zal alles er omheen toch min of meer anders worden vormgegeven. Het wordt een transitiejaar, waarin ik kan wennen aan het ondernemerschap en tegelijkertijd kan werken aan een mooie overgang voor mijn cliënten en verwijzers, door ze op de hoogte te brengen van het feit dat ik uiteindelijk in Dordrecht zal vestigen. Ik zal dan ook extra moeten investeren in naamsbekendheid en het houden van goede lijntjes met de vaste en nieuwe verwijzers.

 

Ondernemen geeft vrijheid

Het ondernemen brengt ook veel vrijheid met zich mee. Ik kijk er erg naar uit om wat vaker ’s middags bij de kinderen te zijn, omdat ik zelf mijn werktijden indeel. Ik loop ‘straks’ gemakkelijker tussendoor naar boven, om aan te schuiven bij een hapje eten of mijn kinderen een knuffel te geven. Door vanuit huis te werken, win ik reistijd, waardoor ik mijn tijd efficiënter kan gebruiken. En een van de grootste eye-openers was voor mij dat ik mezelf niet hoef te beperken in wat ik nu doe. Als ondernemer kun je in principe álles doen wat je zou willen. Ik besefte ineens dat ik mijn behandelaanbod op die manier ook kan uitbreiden, dat ik méér kan bieden dan alleen consulten.

In een volgend artikel zal ik verder dromen en mijmeren over de toekomstige plannen…

Pakjesavond 2.0

Pakjesavond 2.0

Minder cadeaus, meer lol

Het lijkt wel een thema van me. Al eerder verwonderde ik me over de vermenigvuldigende eigenschappen van al dat felgekleurde plastic ruimte opslokkende materiaal en trachtte ik met de verhuizing naar een flatje korte metten te maken met deze verzameldrift. Ik merkte dat het krijgen van zakgeld een groot verschil maakte in de dankbaarheid die de kinderen voelden voor hun spullen en ook recent trok ik weer de conclusie: less is more.

We leven in overvloed

December, de maand van sinterklaas, pakjesavond, schoencadeautjes, en bergen cadeaus onder de kerstboom. En misschien als je een beetje pech hebt, is je kind ook nog eens jarig rond deze periode. Wat moet je in hemelsnaam geven!? Het is de huidige tijdsgeest, dat we in de luxe en welvaart leven wat een probleem met zich meebrengt waar we in onze eigen kindertijd zelfs maar geen voorstelling van konden maken: die van overvloed, die van tevéél. Onze kinderen worden gek gemaakt met al die spullen, en ik als ouder eerlijk gezegd ook. Maar recent, door de samenloop van omstandigheden, ontdekte ik iets moois wat ik met jullie wil delen. Iets om bij stil te staan.

Noodgedwongen aanpassingen

Zoals de meesten van jullie weten ben ik recent geopereerd. Ik wist ongeveer 3 weken van tevoren de datum, en had dus 3 weken om de reeds geplande en toekomstige afspraken en plannen om te gooien. Aangezien mijn operatie eind november was, betekende dat geen traditionele pakjesavond voor ons. In overleg hebben we toen besloten pakjesavond dit jaar anders aan te pakken en te vieren met de intocht van Sinterklaas. Er bleef namelijk weinig keus over in dat korte tijdsbestek en bovendien was er krap tijd om de nodige inkopen te doen. De jaarlijkse lootjes zijn dit keer dan ook niet getrokken.

Geef een doe-cadeau

Dit bracht ons in een positie dat we in korte tijd overlegden hoe we het deden. Nog vóór ik wist dat ik dan geopereerd zou worden, had ik de wens om geen speelgoedcadeaus te geven (want wát moet je in vredesnaam geven), maar bijvoorbeeld gezamenlijk een dagje uit te geven. Gelukkig vond de rest van de familie dit ook een goed idee, en hebben we de cadeaus verder zeer bescheiden gehouden: praktische cadeaus, zoals kleding en een nieuwe schooltas en één speelgoedcadeau van opa en oma.

Tevreden met minder

Dit jaar dus geen stapels cadeaus, geen verzadiging halverwege de avond, geen achteloze gebaren met het wegwerpen van pakjes, geen ontevreden gezichten omdat ‘die meer heeft dan die’, geen tellen van de hoeveelheden waar ik spontaan eczeem van krijg. Nee. De kinderen waren blij met wat ze kregen. Sterker nog! De rest van die middag en avond hebben zij gespeeld met het speelgoedcadeau dat ze kregen. En de dag erna ook. En de week erna nog steeds. Ze waren blij met hun cadeau, en werden niet lamgeslagen door de hoeveelheid, maar het was overzichtelijk.

Dankbaarheid stimuleren

Ik was aangenaam verrast. Er werd niet gevraagd om meer, ze waren tevreden en het was goed zo. Het maakte maar weer eens duidelijk dat minder vaak meer is. Dat kinderen gewoon prima tevreden zijn met minder, wanneer er geen vergelijk is. Het deed me denken aan mijn eigen jeugd, toen ik naast de nieuwe sloffen, chocoladeletter en warme sokken, mijn cadeau kreeg, dubbel ingepakt omdat ik hem zo verlangde: mijn potlodendoos. Nog steeds heb ik deze potloden, waar ik al die jaren zuinig op ben geweest. Laten we met z’n allen proberen deze dankbaarheid weer een beetje terug te geven aan onze kinderen. Ik weet zeker dat zij er ons dankbaar voor zullen zijn.

Stappen richting overname

Stappen richting overname

Op weg naar zelfstandig ondernemen

Eind 2015 was het dan eindelijk zover: mijn registratie was binnen!  Ik was ein-de-lijk klaar met dat jarenlange opleidingstraject. Hallelujah! Eindelijk weer tijd voor mijn gezin, sociale leven en mezelf. Wat een rijkdom. Maar ook eindelijk tijd om de plannen voor het ondernemerschap verder vorm te geven. Al vóór de start van het registratietraject had ik gesprekken met mijn collega, de praktijkhouder. Zij was op leeftijd en wilde op termijn gaan stoppen. Ik was jong en ambitieus en wilde op termijn mijn eigen praktijk. Het was daarom al in een heel vroeg stadium duidelijk wat we wilden: we gingen er naartoe werken dat ik de praktijk zou overnemen. Kind en jeugd in ieder geval, want daar ligt mijn hart.

Filosoferen over de toekomst

Met mijn papiertje op zak werd het tijd om eens serieus na te denken over het hoe en wat. Er volgde een spannend en langdurig traject, waarin heel veel nadenkwerk kwam kijken. Als eerste moest ik voor mijzelf bepalen wat ik graag wilde. Met vrienden en familie filosofeerde en brainstormde ik er op los. Hoe wilde ik het liefste mijn toekomst vormgeven, binnen de mogelijkheden die er zijn? Het werd me al snel duidelijk: mijn droom is een praktijk aan huis.

Verhuizen

Maar een praktijk aan huis, dat betekende verhuizen. En eigenlijk wilden we dat niet. Zoals je misschien al eerder hebt gelezen, hebben we uiteindelijk toch de stap genomen. De gok gewaagd. Een plons in het diepe, verlaten wat je kent en wat zo veilig en vertrouwd is, om in te ruilen voor het onbekende. Voor we uiteindelijk deze beslissing namen, zijn er heel wat maanden wikken en wegen aan vooraf gegaan. Toen we ons huis uiteindelijk te koop zette, hadden we ook geen haast. We woonden er immers nog prima.

 

Veel denk- en regelwerk

Maar vóór we überhaupt de stap maakten om volle bak te gaan voor mijn ultieme droom van een praktijk aan huis, hebben we nog heel veel andere zaken onder de loep genomen. Wanneer wilde ik zelfstandig ondernemen? Wat ging ik dan doen? Hoe ging ik mijn werkdagen vullen? Hoe moesten we dit regelen met het personeel dat op dat moment in dienst was? Met stagiaires? Hoe zorgde ik ervoor dat ik de verwijzers kon vasthouden, mijn doelgroep kon blijven bereiken, als ik me uiteindelijk ergens anders vestigde? Hoe ging ik het financieel redden? Waar moest ik in vredesnaam allemaal rekening mee houden op juridisch, financieel en ander gebied?

 

Goed voorbereiden

Ik kan mijn werk best goed, maar ik ben niet opgeleid tot accountant, boekhouder, pr-man, of manager. En toch worden al deze facetten wel ineens van me verwacht als ik straks onderneem. Omdat ik een bestaand bedrijf dat al ruim 25 jaar loopt overneem, is er geen sprake van “rustig opstarten”. Nee, het bedrijf gaat in dezelfde versnelling door, en ik moet me daaraan aanpassen. Een goede voorbereiding was dus essentieel.

 

Advies en informatie inwinnen

Gelukkig is er veel informatie beschikbaar, bij de KVK en verschillende bedrijven en websites die zich richten op het ondernemerschap, de vrijgevestigden in de zorg of specifiek op overnames van bedrijven. Maar als je niet bent ingewijd in deze wereld, blijft veel toch hocuspocus en abracadabra. Toen we zeer onverwachts ineens een tweede aanbod voor een overname van een praktijk kregen, werd het toch een beetje teveel van het goed voor ons. We besloten om hulp in te schakelen van een extern adviesbureau, om met ons mee te denken en ervoor te zorgen dat we niks over het hoofd zagen.

 

Ondernemingsplan

Dat was een nieuwe stap. Ineens voelde alles wel heel officieel, en kreeg het voor mijn gevoel meer handen en voeten. Intussen was ik ook al gestart met het schrijven van een ondernemingsplan. Dit is voor een bank vaak nodig om een financiering rond te krijgen. Maar ik begon ermee, om mezelf een zo gedegen mogelijke voorbereiding op later te geven.

 

Alles onder de loep

In een ondernemingsplan schrijf je je doelen, op de korte en lange termijn. Je maakt een analyse van je sterktes en zwaktes, je ontwikkelingsmogelijkheden. Je schat in of wat je wilt ook rendabel genoeg is. Ik maakte een inschatting van de concurrentie en waarin je jezelf eventueel kunt onderscheiden. Het zet je aan het denken over hoe je je doelgroep bereikt en wat je nodig hebt om je werk uit te kunnen voeren. Het dwingt je min of meer van je roze wolk te stappen en kritisch naar de haalbaarheid van je plannen te kijken. Als je je ondernemingsplan gebruikt om een financiering van een bank los te krijgen, moet je daarnaast ook een goed uitgedacht financieel plan kunnen neerleggen.

 

Niks vergeten

Ik heb veel gehad aan het schrijven van het plan en de kritische bevraging vanuit het adviesbureau. Het zet de zaken in een ander perspectief en biedt mogelijkheden waaraan je zelf nog niet hebt gedacht, omdat je daar de kennis van zaken niet van hebt. Bovendien geeft het een veilig gevoel dat mensen met je meedenken die de juiste kennis in huis hebben en ervoor zorgen dat je niks over het hoofd ziet.

 

Bijna zover…

Inmiddels zijn er behoorlijk wat gesprekken gevoerd. Ook wel lastige gesprekken, omdat je met een dubbelrol zit: je praat als vrienden of collega’s, maar tegelijkertijd maak je zakelijke afspraken en wil je alles wel ‘waterdicht’ hebben zodat je straks niet voor vervelende verrassingen komt te staan als het zover is. Dat kost energie en vraagt flexibiliteit en dwingt je soms tot compromissen. Intussen zijn we zo ver, dat er een handtekening van beiden kanten staat onder een concept overeenkomst. De volgende afspraak wordt er eentje om te proosten, op de officiële overname!

De verbouwing deel 9

De verbouwing deel 9

Isolatie en gipsplaten

Er zijn alweer heel wat weken verstreken. Zo af en toe komen mensen voor een tweede, of derde keer kijken en gelúkkig reageren ze allemaal dat ze veel verschil zien, en dat er veel is gebeurd in de tussentijd. Dat is altijd fijn, want als je zo middenin de verbouwing zit, is het moeilijk om zelf de voortgang te blijven zien. Het is nu medio november, en we zijn nu 4 maanden aan het klussen. Het gaat voor mijn gevoel traag, hoewel soms ineens weer de vaart erin zit.

Er zijn daarnaast ook veel dingen gebeurd op privé gebied, waardoor de focus tijdelijk wat meer op mijn gezondheid kwam te liggen en daardoor de versnelling even uit de verbouwing ging. Ik had in die periode weinig puf om dan ’s avonds te klussen. En helaas zit het er door mijn operatie ook niet in dat dit snel weer gebeurd. We proberen daarom zoveel mogelijk te regelen aan hulp en oppas, om de gang in de verbouwing te houden. Want uiteindelijk moet ik er wel kunnen werken. En dat is nu nog een lange weg te gaan.

We nemen je mee naar de vorderingen van afgelopen weken. Ik heb iets minder foto’s dit keer, hopelijk kan ik volgende keer weer meer laten zien.

 

De Hornbach heeft meerdere keren hun magazijn moeten aanvullen nadat wij wat metal studs kwamen halen. Ik heb ze niet geteld, maar er zijn behoorlijk wat ladingen tegen alle muren en plafonds gemonteerd. Omdat we zoveel schuin dak hebben, hebben we er veel van nodig.

Het laatste muurtje aan deze kant van de zolder wordt gemonteerd. Op de lijn waar Steef z’n voeten staan. Dit is de grens van de overloop en de kinderkamer. En tevens het eerste muurtje waar al gipsplaten tegenaan zijn gemonteerd.

We boffen echt enorm met de hulp van Fons, mijn middelste broertje. Elke week komt hij trouw een hele dag helpen met klussen. Gelukkig met veel plezier en goeie input. Hij mag echt trots zijn op wat hij neerzet.

Voor de stevigheid wordt er achter elke gipsplaat een houten plaat gemonteerd. Zodat je er ook nog een plankje aan kan ophangen of de kinderen niet bij de kleinste ruzie dwars door de gipswand heen schoppen. Hier kijk je trouwens de badkamer in.

Elektra is getrokken met flexibele leidingen (zoals op de grond liggen) en daarna was het plaatsen van isolatie aan de beurt.

Ook van het isolatiemateriaal hebben we behoorlijk wat meters nodig. Met de winter voor de deur geen overbodige luxe. Beneden hebben we nog geen CV en de straalkacheltjes geven geen vergelijkbare warmte af. Nu maar hopen op een milde winter.

De kinderkamer vanaf de andere zijde.

Als al het isolatiemateriaal is aangebracht, moet er vervolgens klimaatfolie op, om ervoor te zorgen dat er geen vocht achterblijft waardoor het hout gaat rotten.

Het folie laat snel los na het plakken. Daarom wordt er nu steeds zo snel mogelijk een gipsplaat tegenaan gezet, zodat alles goed blijft zitten.

Hier zie je in de badkamer het eerste resultaat van gipsplaten tegen het klimaatfolie gemonteerd. Nog even en we kunnen de vloer eindelijk aanpakken (recht maken).

Boven het trapgat zijn de gipsplaten bevestigd en is alleen nog de afwerking nodig. Maar dat doen we maar nádat de volledige trap hier is vervangen.

De laatste foto van deze reeks: een stukje van de kinderkamer, deels met gips, deels met isolatie.

Een operatie en de gevolgen

Een operatie en de gevolgen

Impact van een operatie

Morgen is het zover: D-day voor mij. Ik word geopereerd. Een ingrijpende buikoperatie, waarbij ze een dermoidcyste gaan verwijderen met de afmeting van een kleine volleybal (woorden van de gyneacoloog). Bij nader inzien heeft het meer de vorm van een rugbybal, want het is ongeveer 15x11x10cm. Het is zo groot dat het klem is gegroeid in mijn hele bekken. Mijn blaas is in de verdrukking gekomen wat de afgelopen maanden veel problemen heeft gegeven. En heel eerlijk, ik heb het idee dat het nog steeds door groeit.

 

Lange hersteltijd

Morgen word ik hopelijk verlost van de bron van ellende, maar daarmee is de ellende zeker nog niet afgelopen. Helaas. Waarschijnlijk wordt het een verticale snee, mogelijk tot boven mijn navel, afhankelijk van hoeveel ruimte ze nodig hebben en of ze de cyste los kunnen krijgen. Ik weet pas met wakker worden wat het is geworden. Godzijdank is er wel recent vastgesteld dat er geen verhoogde tumorwaardes in mijn bloed zitten en dat de cyste hoogstwaarschijnlijk goedaardig is.

 

Somber, verdrietig en gefrustreerd

Ik zie als een berg op tegen de operatie. Ik kan gewoon misselijk worden als ik er aan denk. De narcose vind ik doodeng, het idee dat er in me gesneden wordt en dat ik geen idee heb van de pijn en het herstel in de weken er na. Vandaag wordt er thuis een ziekenhuisbed afgeleverd. Af en aan loop ik met een verblijfskatheter. Momenteel ook weer sinds afgelopen maandag. Ik ben er helemaal klaar mee, met alle ellende en het gedonder. Het maakt me somber en verdrietig en gefrustreerd dat niet alleen ik hier de dupe van ben, maar ook mijn gezin en mijn volledige omgeving.

 

Dankbaar voor alle steun

Dit berichtje schrijf ik voor jullie, lieve vrienden, familie, collega’s en iedereen die zo meeleeft met me deze maanden. Jullie geven me de kracht en de moed, en het optimisme om niet bij de pakken neer te gaan zitten. Ik vind het ongelooflijk bijzonder en waardevol hoe jullie massaal hulp aanboden, om onze kinderen waar mogelijk op te vangen of op een andere manier praktische steun te geven. In korte tijd kon ik zowel voor doordeweeks als in de weekenden opvang regelen, zodat Steef deze weekenden door kan met verbouwen. Des te meer besef ik me weer, hoe belangrijk zo’n sociaal vangnet is, en hoeveel verschil de kleine dingen kunnen maken.

 

Voorbereiden op de operatie

Ik besef me heel goed dat dit niet alleen een grote impact heeft op mij, maar ook of misschien vooral op de kinderen. Ik heb geprobeerd Meia en Fosse zo goed mogelijk uit te leggen hoe de komende tijd eruit zal zien, wat er zal gebeuren en hoe ik er uit zal zien na de operatie. Het beeld van een familielid in het ziekenhuis is namelijk per definitie heftig voor een kind, met al die slangetjes apparatuur en waarschijnlijk het familielid dat voor lello op dat bed lig. Toen ik dat beeld probeerde te beschrijven barstte Fosse in huilen uit en sindsdien is hij ontzettend aanhankelijk.

 

Verlatingsangst?

Elk moment grijpt hij aan om me te knuffelen, op mijn schoot te kruipen en wel 1000x per dag krijg ik te horen hoe lief hij me vindt. Lief natuurlijk, maar het geeft me zorgen. Mijn gevoelige ventje, nu al zo van slag. Nu al de dagen aan het aftellen tot de operatie. Het lijkt alsof hij bang is me te verliezen, en dat vind ik een rotidee. Al zit ik zelf ik het vak, ik weet gewoon niet wat de juiste manier is om dit in goede banen te leiden. En de dingen die ik wel weet, zijn niet altijd haalbaar.

 

Stabiliteit

Je hebt tenslotte ook te maken met je eigen mogelijkheden. Stabiliteit is een belangrijke factor om eventuele problemen te voorkomen, maar met wisselende opvang door verschillende mensen komende weken is de stabiliteit ver te zoeken. En die wetenschap doet me verdriet. Soms heb je gewoon geen grip op de zaak en wil je het zo goed mogelijk doen, maar gaat dat niet. Dat is ontzettend frustrerend. Het is zoeken naar wat er wél binnen de mogelijkheden ligt. In ons geval kan Steef gelukkig wat zorgverlof opnemen, zodat hij wat vaker thuis is, wat meer bij de kinderen in de buurt.

 

Veel onrust

Het zal voor iedereen wennen zijn, want afgelopen maanden was ik juist min of meer de full-time ouder. Dat ik nu per direct ‘uitgeschakeld’ ben zal zowel voor de kinderen, als voor mij en Steef weer wennen zijn. Ik maak me nu al druk hoe de kinderen ermee omgaan. Ik vond het al zo vervelend dat ze zoveel onrust met de verhuizingen en verbouwing voor hun kiezen kregen, en had gehoopt dat we nu in een rustiger vaarwater zouden komen. Toen ik in september die ochtend wakker werd en ineens niet kon plassen, had ik nooit kunnen bedenken dat dit het uiteindelijke gevolg zou zijn.

 

Het is wat het is

Maar het is wat het is. Ik prijs me gelukkig met alle steun en lieve berichtjes, en kijk uit naar de gezelligheid van jullie bezoekjes. Ik ga er het beste van maken, en de tijd nuttig besteden om me zo goed mogelijk voor te bereiden op het ondernemerschap van 2018. Misschien een geluk bij een ongeluk. Al had ik me mijn laatste werkdag in loondienst van 2017 toch wel echt anders voorgesteld dan halsoverkop de tent verlatend, met katheter. Ik ga de dagen in het ziekenhuis ongegeneerd genieten van Netflix kijken, schrijven en slapen. Ik heb mijn portie wel gehad.

Supervisie traject binnen de OG opleiding

Supervisie traject binnen de OG opleiding

Zelf in therapie als therapeut

Al eerder beschreef ik hoe ik voorgaande jaren mijn registratietraject doorliep om Orthopedagoog-Generalist (OG) te worden. In deel 1 ging het over de algemene zaken, terwijl ik in deel 2 dieper op bepaalde opleidingen inging. In dit derde deel besteedt ik aandacht aan een belangrijk onderdeel van het traject: de supervisie. Om een goede therapeut te worden, moet je in feite zelf in therapie. Verplicht. 90 uur lang.

Groeien

In de jaren dat ik al die nascholing volgde, ben ik erg gegroeid. In letterlijke zin, want ik raakte maar liefst drie keer zwanger en met elke zwangerschap groeide ik met gemak zo’n 20 kilo (daarna ben ik gestopt met wegen). Maar vooral ook in figuurlijke zin. Vers van de universiteit weet je eigenlijk nog meer heel weinig. Het voelde voor mij daarom heel prettig om door te leren. Maar hoe meer ik leerde, hoe meer ik beseft hoe weinig ik nog wist. Ik krijg in mijn leven nooit alles bij elkaar geleerd wat ik zou willen weten.

Toepassen van kennis

Keuzes maken is daarom een noodzaak. Het mooie van een sprokkeltraject is dat je, zeker in het begin, vrij bent in de onderdelen die je kiest. Ik liet me leiden door mijn interesses en was daarom meestal zeer gemotiveerd voor de cursussen. Maar na een cursus komt de grootste uitdaging: het toepassen in de praktijk. Hoewel daar vaak al wel opdrachten binnen de cursus voor zijn, waarin je bijvoorbeeld opnames van jezelf moet maken of een casus moet uitschrijven, is er nooit voldoende ruimte om écht diep op je functioneren in te gaan.

Aan de slag met jezelf

Het beroep van therapeut is een heel mooi maar zwaar vak. Je hebt te maken met andermans problemen, die je moet dragen, verwerken en vervolgens als het even kan ook oplossen. Het vraagt veel van je eigen veerkracht om al die moeilijkheden aan te horen en een plekje te geven. Niet voor niets dat er van je wordt verwacht dat je supervisie volgt. In dat (zware) traject, volg je maar liefst 90 uur supervisie, waarin je leert een goede therapeut te zijn. Hoe? Door aan de slag te gaan met jezelf.

Jezelf als therapeut ontwikkelen

In veel cursussen komt het al een beetje aan de orde: je oefent rollenspellen met anderen, je brengt een eigen probleempje in om EMDR op te proberen of je krijgt feedback over je gespreksvaardigheden na een oefening. Supervisie gaat verder dan dat. Eén op één ga je in sessies van 1,5 uur per keer diep in op jouw handelen als therapeut. Wat zijn je doelen, waar liggen je valkuilen, wat doe je goed, waar gaat het mis?

Klik met cliënten

Hoe jij als therapeut bent is heel persoonlijk, zoals je als mens persoonlijk bent. Terwijl ik vaak wordt omschreven als rustig en begripvol, kan een ander weer spontaan en grappig als eigenschappen toegedicht krijgen. Zo heeft iedere therapeut zijn eigen stijl en kwaliteiten. Dat betekent ook dat er sprake kan zijn van een match of mismatch tussen een therapeut en cliënt. Je kan jezelf bijvoorbeeld erg herkennen in iemands verhaal. Fijn, want je voelt diegene goed aan. Maar ook een valkuil, want misschien loop je ongemerkt een stapje te hard voor diegene.

Leren van jezelf

Andersom kan het ook zijn dat je een cliënt hebt waar je tegenop ziet. Dat is interessant. In supervisie heb ik geleerd dit altijd als een leermoment te ervaren. Hoe komt het dat ik er tegenop zie? Wat roept die cliënt of dat probleem bij mij op? In supervisie leer je dat al die gevoelens van jezelf als therapeut ergens op gebaseerd zijn. En ja, net zoals bij onze eigen cliënten, grijp je heel vaak terug naar ervaringen vanuit het verleden. Want we kunnen er vaak niet omheen: het verleden vormt je, en maakt dat je handelt zoals je handelt. Het is ontzettend waardevol om dat van jezelf te begrijpen en te herkennen, zodat je erop kan anticiperen in therapie als het nodig is.

Zwaar werk

Het is dus onzin dat je als therapeut alles maar naast je neer kunt leggen, of dat je geen gevoelens hebt of mag tonen. Casussen grijpen ons wel degelijk aan, en het vergt heel wat om dat allemaal te verwerken. Als ik net een heftig gesprek heb gevoerd met een onwillige, opstandige puber met woede-uitbarstingen en alle zeilen moest bijzetten om het niet te laten escaleren, heb ik soms slechts een minuutje schakeltijd om door te gaan naar het gesprek met een adolescent die zo bang is dat ze het leven niet meer ziet zitten en ik moet oppassen dat ik niet in de valkuil van ‘redder’ stap, om dit kind eruit te willen halen. En als ik dan de deur achter haar sluit, zit mijn volgende cliënt al spanningsvol te wachten. Zij gaat EMDR volgen omdat zij zich voelt falen als moeder, en ik moet nog een afspraak met de ander maken.

Emotionele belasting

Zoals Dick Bouman ook schrijft in zijn boek, de ondernemende psychotherapeut:

“Psychotherapie is ook zwaar werk (…). Het is werk dat de emotionele reserves aantast, het zuigt leeg. Een dag die gevuld is met afspraken met mensen die met zichzelf in de knoop zitten, die soms moeizaam contact leggen of die moeilijk en ‘lastig’ zijn in de omgang, vergt heel veel. (…) De therapeut krijgt met kracht een rol opgelegd: hij wordt hulpeloos, onmachtig of woedend gemaakt. Hij krijgt te voelen wat het is om misbruikt, onbegrepen, verleid of onmachtig te zijn, haat en razernij te voelen, altijd te moeten falen, angst te voelen om gek te worden. Dat leidt gemakkelijk tot emotionele uitputting die je mee naar huis kunt nemen.”

Grenzen aanvoelen en bewaken

Door middel van supervisie leer je deze grenzen aanvoelen en bewaken, leer je hoe je met deze complexe gevoelens kunt omgaan. Zowel bij je cliënt, als bij jezelf. Het heeft me iets heel moois geleerd: dat elk moment van onzekerheid, boosheid, frustratie of wat voor naar gevoel dan ook, een les voor je kan zijn. Op het moment dat je nagaat waar deze gevoelens van jezelf mee te maken hebben, kan je er achter komen hoe je er het beste op kunt reageren. Of desnoods wat je nodig hebt.

Verrijking

Het is iets rijks: je kan het niet fout doen, in die zin, dat elke tegenvaller een kans biedt voor iets nieuws. Ik heb de supervisie dan ook met beide handen aangegrepen. Sterker nog, het staat al op mijn verlanglijstje om uiteindelijk ook de supervisorenopleiding te gaan doen.

Het geheim van 5 december

Het geheim van 5 december

Het geloof in Sinterklaas

Dinsdag 14 november 2017 tijdens het Sinterklaasjournaal. De situatie: met opgetrokken knietjes half verscholen achter een dekentje op de bank, met grote hertenogen gericht op de tv. Met afgrijzen wordt met begeleidende uitroepen gevolgd hoe stapels sinterklaascadeautjes in zee storten tijdens een storm op zee. Sinterklaas staat fier aan het roer van zijn pakjesboot, maar zijn joviale begroetingen stellen mijn kinderen geenszins gerust. De oudste, nu ruim 7 jaar, moet bijkomen van de schrik.

Zorgen en spanning

“Ik voelde mijn hart helemaal hier kloppen mama, en ik kon even niet meer ademen. Ik schrok echt toen ik dat zag, al die cadeautjes in het water…” licht mijn dochter toe. Er volgt een wat ongemakkelijke stilte. Als ik haar gadesla zie ik nog steeds de spanning in haar lijfje. Ze zoekt naar woorden: “…maar… is het nou écht mama? Want als het echt waar is, dan vind ik het echt heel erg wat er gebeurt. Maar als het niet echt is, dan hoef ik me geen zorgen te maken…”. Mijn hart breekt. Opnieuw.

Toch willen geloven

Dit is al de derde sinterklaasperiode waarin kritische vragen worden gesteld. Steeds opnieuw slaat de twijfel toe, maar vervolgens lijkt Meia eieren voor haar geld te kiezen en het toch prettiger te vinden om te geloven. Ik snap het wel: ik geloof zelf ook weer elke jaar eventjes. Sinterklaas is voor mij by far het allerleukste kinderfeest wat er is. En wát vond ik het verschrikkelijk om te horen te krijgen dat deze beste man niet bestond. Maar dat Meia zich zo bezorgd maakt om alles wat er omheen wordt gefantaseerd, dat zat me toch wel dwars.

Twijfels of Sinterklaas bestaat

“Hoe kom je bij de vraag of Sinterklaas wel of niet echt is?” vraag ik haar oprecht benieuwd. Ik vind het toch fascinerend hoe dat in die kinderkoppies gaat en wil haar goed begrijpen. “Sommige kinderen op school zeggen dat hij niet bestaat” is haar reactie. “En wat geloof jij het liefste?” vraag ik een tijdje later, als ik haar naar bed breng. “Dat hij wel bestaat”, zegt ze vastberaden. Ik ben opgelucht. Mijn kleine meisje gelooft nog steeds. Maar het duurt niet lang voordat bij mij vervolgens de twijfel toeslaat.

Kritische vragen stellen

Het is namelijk niet de eerste opmerking die er valt. “Mam, we hebben helemaal geen schoorsteen, hoe komt Zwarte Piet dan naar binnen?”, “Ligt Dokkum dan vlakbij Dordrecht, nee toch? Hoe kan hij dan zo snel hier zijn”. Of, vorig jaar: “hè mam, dat is raar, we zagen Sinterklaas toch net in de stad, hoe kan hij dan hier zijn?”. of, 2 jaar terug, toen de ring van Sinterklaas kwijt was in het Sinterklaasjournaal: “Mam, hoe kan dat nou, Sinterklaas had zijn ring gewoon om, hij was toch kwijt?”, “hè, dat inpakpapier hadden wij ook!” (oeps).

Opmerkingen van anderen

Tot nu toe haalde Meia steeds haar schouders op, nam het dubieuze en onuitlegbare als een gegeven en genoot vervolgens verder van het sprookje. Dit jaar is het anders. Al vanaf het allereerste begin is er spanning en ook teleurstelling merkbaar in de opmerkingen. In een gemengde klas met groep 5 erbij is het niet gek dat er opmerkingen worden gemaakt die je aan het denken zetten. Meia had er last van en raakte in verwarring.

Sinterklaasviering

Daar kwam nog bij dat dit jaar de decembermaand voor ons anders dan anders verloopt. Omdat ik binnenkort een ingrijpende operatie onderga, ben ik de weken daarna uitgeschakeld. Hierdoor is Sinterklaas vieren rond 5 december niet haalbaar. Noodgedwongen hebben we de Sinterklaasviering naar voren gehaald, naar het moment van de intocht, zodat ik er nog bij kan zijn. Dan is het natuurlijk wel handig als er enig begrip is voor de reden. Want ja, waarom zou Sinterklaas anders al zo vroeg pakjesavond vieren?

Teleurstelling voorkomen

Niet lang geleden heeft mijn schoonzusje haar oudste dochter vertelt over het mysterie. Zij is ruim 8 jaar en ook al langere tijd aan het twijfelen. Mijn schoonzusje wilde haar ook teleurstellingen vanuit de omgeving besparen en heeft haar op heel slimme wijze deelgenoot gemaakt van de waarheid. De magische woorden “nu weet jij ook van het grote geheim” waren gelukkig de sleutel om deze boodschap te verzachten.

Een gesprekje

Donderdagavond, koopavond. Ik ben van plan wat inkopen te doen voor de genoemde dag en ineens neem ik een besluit: ik neem Meia mee. Na overleg met de andere partij ga ik met Meia op pad. Een rustige avond, één op één aandacht. We zoeken een bankje op en ik neem even diep adem. Ga ik dit echt doen? Ik vind het spannender dan zij. Ik vraag haar naar Sinterklaas, hoe zij denkt dat hij zowel in Dokkum als Dordrecht aankomt. “Dat weet ik ook niet. Misschien vaart hij eerst naar Dokkum en dan heel snel terug naar Dordrecht?”.

Het grote geheim

“Meia, ik moet je iets belangrijks vertellen. Er is namelijk een heel Groot Geheim.” Meia spitst haar oren en kijkt langs mij heen om zich heen. Ze speurt de straat af of iemand ons kan horen, want ik sta op het punt een geheim te vertellen. “Een geheim die alle grote mensen en ook de grote kinderen weten. Misschien weet je al een beetje wat ik je ga vertellen…?”. Stiekem hoop ik dat ze het al kan zeggen, maar ze heeft geen idee. Shit. Ben ik dan toch te vroeg geweest? Er is geen weg terug, wie A zegt, moet ook B zeggen. “Sommige kinderen hebben al gezegd dat Sinterklaas niet bestaat, toch? Dat klopt, Sinterklaas bestaat niet.”

Uitleg geven

Zo. Het hoge woord is eruit. Na elke openbaring check ik de uitdrukking van Meia. Mijn hart breekt. Ik zie schrik, verdriet en heel veel verwarring. We zitten rustig op een bankje en ik leg haar uit hoe het zit. Dat Sinterklaas wel heeft bestaan, dat het een fijne herinnering is aan de goede dingen die hij deed voor kinderen. Maar dat hij al lang geleden is overleden. Dat het een kinderfeest is, en dat het fijn is om erin te geloven, dat we met zijn allen in het complot zitten, en zij nu bij de Groten hoort. Gelukkig was een geruststelling voor haar. Het was ook heel spannend en stoer om nu bij deze ingewijden te horen, blijkbaar.

Erkenning voor gevoelens

Ik vertelde verder. Dat ik me goed kon voorstellen dat ze misschien schrok, boos of verdrietig was. Dat ik zelf ontzettend boos was toen ik het vroeger hoorde. “Ik schrok wel toen je het vertelde, maar ik ben nu niet verdrietig meer. Ik voel me wel een beetje gek. Het is gek dat jij de cadeautjes koopt. Ik ben niet boos, het is toch niemands schuld? Aan ieders leven zit een eind. Niemand kan er toch iets aan doen dat Sinterklaas gewoon overleden is”. Wat is het toch een heerlijk kind, wat een prachtige logica en relativeringsvermogen heeft ze toch.

Cadeautjes kopen

Glimlachend en opgelucht pakte ik haar bij de hand. “Je hebt helemaal gelijk. En wat denk je dat we nu gaan doen?”. “Cadeautjes kopen…?” was de aarzelende reactie. “Precies”. En zo liepen we verder, met een vers ingewijde in de club van grote mensen. Deelgenoot van het grote geheim. Na het afleggen van de eed om het geheim te bewaren voor alle andere kinderen. Mijn grote dochter.