Archief van
Maand: januari 2018

Review: “Hoogbegaafd. Als je kind (g)een Einstein is”

Review: “Hoogbegaafd. Als je kind (g)een Einstein is”

Handboek over hoogbegaafde kinderen

“Hoogbegaafdheid bij kinderen staat de laatste jaren steeds meer in de aandacht. Ik heb daar een beetje gemengde gevoelens over, omdat niet alle informatie hierover even betrouwbaar is. Gelukkig komen er zo nu en dan boeken op de markt waarmee het kaf een beetje van het koren wordt gescheiden. Dit boek van Tessa Kieboom is er zo één. Vooral bekend in België, maar haar kennis van jaren is zeker ook heel bruikbaar voor Nederland. Ik las het boek voor jullie om er mijn oordeel over te vellen.”

De basis voor ouders en leerkrachten

Het boek vormt een goede basis voor ouders en leerkrachten die te maken hebben met hoogbegaafde kinderen. Er wordt uitgelegd wat het is, en vooral wat deze kinderen nodig hebben aan begeleiding. Er wordt gelukkig ook afgerekend met het gedachtegoed dat hoogbegaafdheid een ‘luxe’ probleem zou zijn. Want dat hoogbegaafdheid net als laagbegaafdheid tot problemen kan leiden in het functioneren, wordt in dit boek goed duidelijk.

De feiten

  • Titel: Hoogbegaafd. Als je kind (g)een Einstein is.
  • Auters: Tessa Kieboom
  • Uitgever: Lannoo, Opvoeding
  • Publicatiedatum: 2015
  • Aantal pagina’s: 280
  • Prijs: €19,90

 

Algemeen

Het boek is een vrij dik boek, zonder veel plaatjes, met af en toe een casusbeschrijving tussendoor. Toch leest het vrij gemakkelijk weg, en is het goed te volgen. Het is geschreven vanuit het kenniscentrum dat in België is gevestigd en de Belgische schoolervaringen (zowel positief als negatief), waardoor niet alles even relevant voelt als lezer. Ik kreeg af en toe het gevoel dat ‘verlossing’ bij deze problemen enkel bij het Expertisecentrum van Tessa Kieboom is te halen. Toch weet ik uit ervaring dat er gelukkig veel meer mogelijk is, maar dat is voor lezers wel fijn om te weten.

 

De pluspunten

  • Het boek geeft een goede basis. Als je nog niks over hoogbegaafdheid weet, legt dit boek prima uit wat eronder wordt verstaan en hoe breed het gezien kan worden. Hoe je het kan herkennen, vaststellen en hoe het tot uiting kan komen.
  • Het boek richt zich gelukkig ook op de andere aspecten in de ontwikkeling naast de intelligentie. Hoogbegaafdheid is namelijk niet alleen een hoog IQ, maar speelt ook in alle andere gebieden van ontwikkeling. Die nuancering wordt goed duidelijk gemaakt.
  • Er worden veel praktijkvoorbeelden aangehaald om zaken inzichtelijk te maken. Er zijn casussen beschreven die je laten snappen wat er wordt uitgelegd.
  • Voor leerkrachten staan er ook heel veel waardevolle tips en adviezen in om rekening mee te houden in de begeleiding van begaafde leerlingen in de klas.

review recensie boek hoogbegaafd hoogbegaafdheid bij kinderen tessa kieboom

De minpunten

  • Wat ik mis, is nog meer uitleg over het hebben van een hoogbegaafd kind en wat dat vooral betekent in de thuissituatie (dus niet alleen op school). Het is voor veel ouders namelijk zoeken en puzzelen hoe zij tegemoet kunnen komen aan hun begaafde kind en hoe zij moeten omgaan met de problemen die dat soms met zich meebrengt.
  • Er wordt soms een wat zware, of negatieve toon aangeslagen. Ik kan me voorstellen dat mensen heel erg schrikken als ze lezen over de heftigheid van problemen die soms bestaan bij hoogbegaafdheid. Het is goed dat dit onderwerp bespreekbaar wordt gemaakt, maar het is ook fijn om tegelijkertijd hoop en perspectief te kunnen bieden in de vorm van oplossingen, handvatten of begeleiding.
  • De ervaringen die zijn opgedaan in het Expertisecentrum liggen in België. Ik mis soms de Nederlandse uitwerking van wat wordt besproken in dit boek. En suggesties voor hulpverlening binnen Nederland.
  • Er zit behoorlijk wat herhaling en overlap in het boek. Op zich kan dat geen kwaad om de boodschap goed over te brengen, maar hiermee worden andere facetten van hoogbegaafdheid niet aan bod gebracht. Het zou fijn zijn als alle informatie aan de orde kwam in één boek.

De eerste indruk

Het boek is van A5 formaat, met een dunne slappe kaft en ongebleekt papier. Omdat het ook vrij dik is, met flinke lappen tekst en vrijwel zonder afbeeldingen, komt het wat ‘droog’ over. Het nodigde mij niet direct uit om erin te duiken. Wel zit er voldoende witruimte om de tekst heen, waardoor het wat rustiger oogt. Het boek blijft niet uit zichzelf open liggen, maar heeft een sterke neiging weer dicht te vallen.

Opbouw van het boek

Het boek bestaat uit vier delen, waarvan ik het eerste deel het meest de moeite waard vond. Deel 1 geeft een beschrijving van hoogbegaafdheid en zoomt in op het zogenaamde ‘zijnsluik’ naast het stuk van de intelligentie. Ik raad dit stuk soms aan aan ouders die gedrag omschrijven dat doet denken aan hoogbegaafdheid, zonder dat zij zelf denken aan hoogbegaafdheid. Vaak geeft dit na het lezen bij ouders veel herkenning over hun kind, en vallen er puzzelstukjes op hun plek.

Het tweede gedeelte is het meest uitgebreide gedeelte, en gaat over hoogbegaafdheid op school. Voor leraren is dit een heel waardevol stuk om van op de hoogte te zijn, en zeker aan te raden wanneer je wilt weten wat een begaafde leerling nodig heeft op school en hoe je dat kunt aanbieden.

Het derde deel heet ‘hoogbegaafd, gewoon een beetje anders’ en bevat wat herhaling uit voorgaande delen en richt zich op een stukje opvoeding. Ik vond dit echter nog te vrijblijvend en had hier graag nog meer tips over gelezen.

Het vierde en laatste deel heet ‘hoogbegaafdheid in de praktijk’ maar dit zette mij op het verkeerde been qua inhoud. Ik had hier gehoopt nog meer handvatten te lezen voor ouders, maar dit deel bevat enkel casusbeschrijvingen en ervaringen van scholen die zich hebben laten begeleiden door Tessa Kieboom. Een stukje promotie van haar eigen werk, zo voelt het. Leuk om te lezen, maar niet direct relevant voor mij.

review recensie boek hoogbegaafd als je kind geen einstein is hoogbegaafdheid kinderen begaafde slimme intelligentie zijnsluik cognitieve ontwikkeling

Vertaalslag naar de praktijk

Zoals ik hierboven al even noemde, raad ik soms het eerste hoofdstuk uit dit boek aan, aan ouders, omdat het een beschrijving geeft op basis van gedragskenmerken die voor ouders vaak als ‘lastig’ of veeleisend worden ervaren. Wanneer ouders over hun kinderen vertellen, kan ik soms zaken herkennen uit de beschrijvingen van Tessa Kieboom over hoogbegaafde kinderen. De meeste ouders denken dan trouwens helemaal niet in de richting van hoogbegaafdheid. Na het lezen van dit hoofdstuk herkennen zij meer hiervan in hun kinderen en kunnen zij beter snappen waar het gedrag mee te maken heeft. Dit zorgt voor meer begrip en geeft handvatten voor de verdere begeleiding. Voor leerkrachten kan het tweede deel van het boek heel bruikbaar zijn, en de adviezen hieruit neem ik dan ook vaak mee in schoolgesprekken of psychodiagnostische onderzoeksverslagen.

Conclusie

Vermoed je hoogbegaafdheid bij je kind, werk je met (hoog)begaafde kinderen of vind je het gewoon interessant om erover te lezen? Dit boek bevat goede en betrouwbare informatie vanaf de basis, waarna je direct aan de slag kunt met de begeleiding van deze kinderen op school.

De eerste turnwedstrijd

De eerste turnwedstrijd

Zenuwachtig aan de start

Wekenlang was ze al zenuwachtig. En dit weekend was het dan zover: haar allereerste echte turnwedstrijd. Ze heeft de afgelopen weken heel hard geoefend om alle onderdelen goed te onthouden en uit te voeren voor dat ene moment. Omdat de kinderen zonder aanwezigheid van ouders trainen, heb ik werkelijk geen idee wat je kan verwachten van zo’n moment. Het is daarom sowieso al heel erg leuk om te zien wat ze de afgelopen tijd allemaal heeft geleerd en hoe ze dat uitvoeren.

IJdeltuit

Van tevoren waren er al dagen kriebels. En op de dag zelf wilde ze natuurlijk goed voor de dag komen. We gingen op zoek naar glitterspray voor in haar haren, maar helaas was die na de feestdagen blijkbaar weer opgeruimd in alle winkels. Meia moest dus ‘maar’ genoegen nemen met wat make-up. Wat wordt ze dan ineens al groot. Als een echte dame gaat ze zitten, tuit haar lippen, en bewondert zichzelf vervolgens minutenlang in de spiegel. Ja, aan zelfvertrouwen over haar uiterlijk geen gebrek gelukkig. Een echte ijdeltuit.

Op de fiets

De tas werd ingepakt en ik propte nog wat brood en eierkoeken in Meia, voordat we op de fiets klommen richting gymzaal. Dat viel nog even tegen voor Meia. Met wind tegen en een tijdlang niet meer fietsen, was ze blijkbaar niet meer gewend aan deze inspanning. Hijgend en puffend ploeterde ze naar haar bestemming, waar ze met rode wangen aankwam. Haar spieren waren in ieder geval alvast warm.

Liever geen publiek

Dat kon geen kwaad ook trouwens, want in de gymzaal was het behoorlijk fris. Met enkel een turnpakje aan koel je dan al snel af. In haar enthousiasme trok Meia haar turnpakje eerst achterstevoren aan. Na een subtiele hint van mijn kant besloot ze dit toch maar aan te passen, voordat ze zich bij haar groepje voegde die al lag te rekken en strekken in de zaal. Op haar verzoek hadden we geen opa’s en oma’s meegenomen: ‘dat vind ik wel heel gezellig hoor, maar dan raak ik ook een beetje afgeleid’, was haar argument.

Opperste concentratie

Dus zat ik met Signe te kijken hoe al die kleine lijfjes zich voorbereidden op de wedstrijd. Na een kwartier verhuisden we naar de andere zaal, waarna alle deelnemers opmarcheerden. Op die manier werd de wedstrijd geopend. Vervolgens werden de deelnemers over 2 gymzalen verdeeld, en halverwege de wedstrijd was er een wissel, zodat alle 4 de onderdelen aan bod kwamen. Meia’s groep begon met de vloeroefeningen. Het is leuk om te zien hoe ze zoveel onderdelen achter elkaar kunnen uitvoeren en ook onthouden. Ik ken Meia als een dromer en flierefluiter, maar bij dit soort momenten heeft ze een opperste concentratie en bijt ze zich er echt in vast. Ze was dan ook vooral heel trots dat het allemaal lukte zoals ze had geleerd. En daarmee ik natuurlijk ook.

Presteren

Het is een spannende setting, en ook best een lastige setting om in te presteren. Er zijn twee onderdelen naast elkaar bezig, en soms is er muziek voor het ene onderdeel, wat voor mijn gevoel al snel afleidend kan werken voor het andere onderdeel. Maar de meiden weten wat ze moeten doen en dat vind ik knap. Wat het ook spannend maakt is de jury, die driftig zit te schrijven tijdens en na de uitvoeringen. De kinderen wachten vol spanning af tot zo’n jurylid het hoofd optilt naar hen, en eindelijk haar hand opsteekt, ten teken dat een kind mag starten. Deze minuten, kan ik me voorstellen, voelen misschien wel als uren voor ze.

Je eigen sterke kanten

Meia zat in een groep van 10 deelnemers. Dat betekent 10x inturnen, 10x een echte wedstrijdoefening en tussendoor steeds wachten op het teken van de jury. Al met al kost dat heel veel tijd, waarin de meiden even niks doen of spanning aan het opbouwen zijn. We waren om 15.30u aanwezig, en gingen tegen 19.15u pas weer richting huis. Een lange zit voor die guppen! Het tweede onderdeel was sprong. Turnen heeft veel soorten elementen, wat ook fijn is, want zo heeft iedereen zijn sterke punten in het turnen. Meia had een tijdje terug haar enkel verzwikt met springen, en is sindsdien wat angstig geworden. Dat was terug te zien, want ze durfde niet goed te springen en daardoor lukte deze oefening haar niet. Ze heeft de tweede keer een koprol gedaan, die haar wel prima afging.

Spierballen

Over het derde onderdeel was Meia het meest zelfverzekerd: de brug. Het is echt haar sterke kant om haar armen te gebruiken (wat een spierballen!) en lekker te zwaaien en zwieren. Toch grappig, want ook ik klim en slinger nog steeds graag in bomen, dus dat is een gedeelde passie. Het laatste onderdeel was de balk: zo’n smal, hoog ding waar oefeningen op worden gedaan, zoals zweefstand, hupsjes en benen optillen (ik heb echt geen idee van de vaktermen merk je al). Een mooie oefening die ze prima deed.

De einduitslag

En als dan alle onderdelen zijn uitgevoerd, begint het grote wachten. De zalen moeten leeggemaakt worden, alle scores moeten worden opgeteld en uitgerekend en alle prijzen moeten bepaald en uitgereikt worden. Ik zal dat Meia toch wel zenuwachtig werd op het moment van de prijsuitreikingen (al wist ik vrijwel zeker dat zij niks had gewonnen), en enigszins teleurgesteld keek toen alle prijzen waren vergeven en zij daar niet tussen zat. Maar toen de presentator omriep dat alle deelnemers vervolgens een zakje chips en een pakje limonade mochten pakken, was dat minstens zo’n grote prijs als die gouden medaille. Met een verrukt gezicht en een ‘ooooh!’ als uitroep liep ze op me af. Toen ze toen ook nog eens van ons een fles met chocolaatjes kreeg (‘is die helemaal voor mij!?’) kon haar avond helemaal niet meer stuk. Ach ja, de kleine momenten moet je soms vieren. Haar eerste wedstrijd vond ik wel zo’n moment.

De eerste week als ondernemer

De eerste week als ondernemer

De overname van Praktijk Inzicht is een feit!

Op 1 januari 2018 was het zover: de datum waar ik al jaren daarvoor naartoe heb gewerkt. Ik ben ondernemer! En heb nu een heuse eigen praktijk voor kind&jeugd GGZ. Hoe cool is dat. Maar hoezeer het tromgeroffel ook aanzwol tot deze heuglijke dag, zo groot was ook de deceptie op diezelfde dag. Want ja, 1 januari is natuurlijk gewoon een vrije dag. En laat ik nou nog in mijn herstelperiode zitten en gewoon ook nog kerstvakantie hebben… Dus geen cliënten, roodgloeiende telefoon of avonden lang verslagen schrijven. Neejoh.

Regeldingen

In plaats daarvan was ik wel keihard bezig met het in orde maken van de laatste zaken. Ik had zo gehoopt dat alles echt rond was voor 2018, maar helaas kun je niet blind vertrouwen op stiptheid en vooral niet op snel werken als het om ambtenarenwerk gaat. Dus was ik die week nog bezig met het uitzoeken van verzekeringen, het eindeloos wachten op alle benodigdheden voor het (dacht ik) simpel openen van een zakelijke rekening en het definitief maken van de overnamecontracten. Oh en ik vergeet natuurlijk het doorvoeren van alle wijzigingen bij de gemeente. De grootste hobbel, waar ik nu 2 weken later, nog steeds geen zicht op heb. Frustrerend, zeker als er een keiharde 0 op je banksaldo staat en de kosten zich in de tussentijd geduldig steeds verder opstapelen.

Het leven van een starter

Ja, het leven van een starter gaat niet over rozen. Ik besloot me er bij neer te leggen. Ik kon hemel en aarde niet bewegen om andere mensen hun taken te laten uitvoeren. Dan ga ik maar leuke dingen doen en genieten van de laatste vrije dagen met de kinderen. Een leuk feestje met sportmaatjes het weekend voor ik écht begon voelde voor mij als een feestje om dit nieuwe tijdperk te vieren. En dat is goed gelukt. Blijkbaar stroomt er deze laatste weken nogal wat adrenaline door mijn aderen, want het nachtelijk wakker liggen (gelukkig zonder lekkages nu) is inmiddels eerder regel dan uitzondering. Ik keek er gewoon ook onwijs naar uit om eindelijk weer lekker te werken. Ja, echt!

Eindelijk, het begint nu echt!

En 8 januari was het dan zover. Het was een dag waarin ik gelukkig veel tijd had voor (nog meer) regelzaken. De voicemail had zich aardig gevuld met nieuwe aanmeldingen en andere vragen en ook de lopende cliënten werden wakker uit de sluimerstand van de vakantie. De dagen ervoor had ik me al zitten verheugen op de dag dat ik mijn collega’s weer zou zien, nu in de rol van werkgever. Nieuw en spannend. Ik kreeg van tevoren echter al zoveel steun en vertrouwen uitgesproken, dat ik ook wat leuks wilde terug doen. Dus shopte ik de afgelopen dagen allerlei cadeautjes bij elkaar tot een ‘hoe overleef ik mijn nieuwe werkgever’ pakket. Leuk om te doen, en nog leuker om te zien hoe enthousiast iedereen dit nieuwe avontuur met me wilde aangaan!

Frustraties

Helaas was ook in de tweede week van de vakantie lang niet alles rond. Ik wachtte nog altijd tot mijn bankzaken geregeld waren, en zat me te frustreren dat de gemeente maar niet opschoot met het wijzigen van de overname gegevens in hun systemen. Plus dat er nog zeer weinig duidelijk is over de betalingswijze van de gegeven zorg. In de praktijk leef ik nu op de pof en werk ik gratis. Een situatie die niet héél lang houdbaar is, dus inmiddels word ik lichtelijk nerveus.

De vrijheid van werktijden

Woensdags is nu mijn vrije dag. Ik heb mezelf de luxe gegeven om dan wél onze oppas aan huis te hebben ’s ochtends, zodat ik dan kan sporten (eindelijk!) en wat andere regelzaken kan doen. ’s Middags blijft vrij voor de kinderen. De donderdagmiddag had ik geen afspraken, en kon ik ineens de kinderen zelf uit school halen. Ik genoot met volle teugen van deze rijkdom van de vrijheid in het bepalen van je eigen werktijden. Al stond Steef een beetje te brommen dat ik niet moest vergeten te werken. Grappenmaker.

Het contract tekenen

Donderdag was sowieso een bijzondere dag, want op deze dag hebben we de overeenkomst officieel getekend. Het had wat voeten in de aarde, maar het is eindelijk zover, mijn lot is bezegeld! Dat voelt heel vrij! Van mijn nu ex-werkgever kreeg ik een bijzonder cadeau. Een beeld met de titel ‘een goed gevoel’. Wat onze wederzijdse gevoelens mooi symboliseert. Dit mooie kunstwerkje krijgt straks een goed plekje in mijn eigen praktijk.

Uitwerken in joggingbroek

Vrijdag ging ik alweer vroeg aan de bak, met weer een volle dag voor de boeg. In de avonden plande ik wat uitwerkwerkzaamheden. Heerlijk, ongestoord achter elkaar door kunnen werken aan een verslag of stapel behandelplannen. Gewoon in joggingbroek met Spotify op de achtergrond. Tot ik geen zin meer heb, want ik hoef aan niemand verantwoording af te leggen over mijn uren. Heerlijk, kan ik wel aan wennen!

Goede voornemens

Er zijn deze week al flink wat nieuwe voornemens ingeslopen, die ik ten uitvoer heb gebracht. De belangrijkste en fijnste is toch wel een wandelingetje maken. Ja, geen wereldschokkend revolutionair idee, maar daarom niet minder effectief of gewaardeerd. Mijn werk blijft immers toch vooral zittend werk, waarbij wat beweging tussendoor sowieso een goed idee is. Maar het werkt ook om je hoofd helder te krijgen, dingen te overdenken of op nieuwe ideeën te komen. Of om gewoon eens je collega te kunnen spreken over het weekend en letterlijk pauze van je werk te nemen.

Niet inhoudelijk werk

In dezelfde week zijn er ook een heleboel andere zaken om de hoek komen kijken, die niet direct met de GGZ te maken hebben. Telefoontjes met de gemeente, met de accountant en uitzoeken welk boekhoudkundig programma gebruikt moet worden. Aanleveren van bergen papierwerk, om bijvoorbeeld de arbeidsovereenkomsten van mijn personeel te kunnen opstellen. De gemeenteambtenaar achter haar broek aan zitten zodat ik eindelijk eens geld krijg om dat fijne personeel ook te kunnen betalen straks. Een mobieltje van de zaak regelen. Een account regelen voor het declaratiesysteem voor de zorg. Privacywet uitzoeken. Agenda’s laten synchroniseren. Dat soort dingen.

Terugblik op de eerste week

Terugkijkend op mijn eerste week (nou vooruit, eerste twee weken), kan ik alleen maar heel trots, blij en enthousiast zijn. En wel een beetje moe. De spanningen tot aan het moment van tekenen lijken er nu ineens een beetje uit te komen. Maar het is ontzettend gaaf om dit te kunnen en mogen doen, om met zulke fijne collega’s samen te werken en om zo’n lieve teamgenoot naast je te hebben staan. Het voelt echt als samen doen. Ik kijk er naar uit om al mijn ideeën straks echt in de praktijk te kunnen brengen!

 

 

Dromen over de toekomstige praktijk

Dromen over de toekomstige praktijk

Hoe ziet de ideale praktijk eruit?

Inmiddels heb ik nu ruim 8 jaar bij mijn werkgever gewerkt. Best een tijd al. Als ik wel eens om mij heen hoor hoe vaak er soms van baan wordt gewisseld… Toch is het niet dat ik zo honkvast ben. Ik ben van nature wat onrustig van aard: altijd op zoek naar iets nieuws, nieuwe uitdagingen en prikkels om mijn grenzen te verleggen en meer te ontdekken of te leren. En toch ben ik nooit van baan veranderd en is dat eigenlijk nooit in mij opgekomen.

Een praktijk aan huis

In mijn werk is zóveel te leren. Je kunt je in zoveel richtingen specialiseren, dat het eigenlijk een constante uitdaging blijft. En mijn werksetting: een particuliere praktijk, voelt voor mij als het meest natuurlijke, de fijnste werkomgeving die je kunt verzinnen. Nouja, bijna dan. Want niet voor niets ben ik nu voor mijzelf begonnen en werk ik toe om een praktijk aan huis te starten. Want dát voelt als de ultieme droom. Dat is hoe ik het liefste wil, en het is heel bijzonder dat dit daadwerkelijk gaat gebeuren, als de verbouwing eindelijk rond is.

Wat wil de cliënt?

Sinds ik werk waar ik nu zit, merk ik dingen op die lekker lopen, maar natuurlijk ook die anders of beter kunnen. Ik spreek er regelmatig over met anderen, want natuurlijk ben ik nieuwsgierig hoe zij over zaken denken. Natuurlijk is er heel veel ‘opgelegd’ vanuit de overheid, waardoor sommige vrijheden sterk worden ingeperkt. Maar daaromheen is er nog genoeg om zelf in te vullen. En wie kan het beste aangeven wat zij zouden willen? Juist, de cliënten. De mensen die, vroeg of laat, gebruik willen maken van de ggz zorg. In feite kan iedereen van jullie dat zijn.

Sfeer, inrichting, ruimtes…

Daarom in deze blog een uitnodiging om hierover mee te denken. Want stel je voor, om wat voor reden dan ook heb jij of je kind straks hulp nodig, en dan wil je toch op een plek komen waar je je fijn voelt, gehoord en begrepen. En los van de hulpverlener: wat vind je fijn in zo’n praktijk? Wat voor ruimtes stel jij je voor? Wat vind je belangrijk? Hoe wil je ontvangen worden? Wat voor soort sfeer of inrichting is fijn? Wat voor service of faciliteiten verwacht je bij de praktijk? Genoeg om over na te denken. En voor mij de tijd om de meningen te peilen.

Praktische zaken

Allereerst maar eens de praktische zaken. Als je een afspraak maakt, doe je dat dan liever telefonisch of online? Wil je zelf een afspraak kunnen inplannen, bijvoorbeeld via een online agenda? Of wil je liever iemand aan de telefoon spreken? Vul je liever veel in van tevoren of juist zo min mogelijk? Verwacht je dat er een spelkamer is of andere faciliteiten voor je baby, kind of jezelf? In wat voor soort behandelkamer voel je je het best op je gemak? Aan een tafel, in een zitje, of desnoods op een sofa?

Diensten en hulpaanbod

Dan de vorm van de behandeling. Lijkt het je fijn om in contact te komen met andere (ouders van) cliënten met soortgelijke hulpvragen, of bijvoorbeeld cursussen of lezingen over bepaalde thema’s bij te wonen? Wat is, naast therapie, voor jou een meerwaarde als hulpaanbod? Bijvoorbeeld een training, een stukje onderzoek naar bijvoorbeeld persoonlijkheid of executieve functies tegen een meerprijs?

Psychische kant van voeding

Daarnaast heb ik me afgelopen jaren meer en meer verdiept in voeding, omdat ik de wens heb deze kennis (en passie) te kunnen combineren met mijn werk. Steeds meer worden eetproblemen, overgewicht en obesitas gezien vanuit de psychologische kant. En terecht, naar mijn mening. Het lijkt me mooi om een totaalpakket aan te kunnen bieden van een stukje psychische begeleiding en bijvoorbeeld voedingsadvies. Ik ben benieuwd wat hierin wensen of verwachtingen zijn.

Waar is meer aandacht voor nodig?

Dan nog een inhoudelijke vraag: voor welke problematiek of thematiek is er volgens jou op dit moment te weinig aandacht of aanbod? Wat mis je in de regio, aan kennis of aanbod? Of waar ben je misschien tegenaan gelopen in het verleden in de jeugdzorg of het zoeken naar hulp? Ik ben heel nieuwsgierig wat er op dit moment bij jullie speelt en leeft en wissel hierin graag van gedachten. Daarom een uitnodiging voor iedereen: geef je reactie hieronder over wat er bij jou opkomt!

 

 

Naar logopedie

Naar logopedie

Verstaanbaar leren praten

Fosse gaat sinds kort naar logopedie. Voor de zomervakantie spraken we met de juf, die aangaf dat Fosse soms wat onduidelijk spreekt. Ik begreep wat ze bedoelde, want ik merkte het soms ook. Toch konden we beiden niet goed aangeven wát we nu precies merkten en wat er mis ging. Het leek ons goed om alvast te starten met het traject en niet te wachten op de screening van groep 2.

Jong geleerd…

Voor jonge kinderen geldt in veel gevallen van behandeling: hoe jonger, hoe korter er nodig is. Kinderen zijn nog volop in ontwikkeling op allerlei gebied, en hun hersenen plastisch. Wat ze nu leren, wordt heel gemakkelijk verankerd in hun ‘hardware’. Naarmate mensen ouder worden, is dat lastiger, en is er meer tijd en oefening voor nodig om dezelfde resultaten te behalen.

Logistieke uitdaging

Zo vond ik het dan ook geen probleem dat Fosse naar logopedie moest. Maar het is wel een aanslag op de toch al drukke invulling van de dagen. Ik weet niet hoe dat bij jullie zit, maar ik heb soms het idee dat ik een logistiek bedrijf run, zoveel ben ik op pad voor de kinderen. Zo ook deze afspraak, die onder schooltijd valt. Bij het maken van de afspraak met de logopedist kwam ik tot de conclusie dat er gewoon geen handig moment is. Ik zit altijd met de jongste, waarvoor ik dan oppas moet regelen, of je zit na schooltijd met alle kinderen. Het is het lot van ouder zijn, denk ik.

Zenuwachtig

Fosse was erg zenuwachtig voor de eerste afspraak. Ik probeerde uit te leggen wat logopedie is. Een mevrouw die je helpt om mooier te praten, waarbij je oefeningen en spelletjes doet. Zodat anderen je ook beter kunnen verstaan. Nouja, zoiets was mijn uitleg. Maar Fosse vond het nog steeds spannend. Met zijn ruim 5 jaar kreeg ik het gevoel dat hij zich bovendien al bewust was van zijn uitzonderingspositie: ‘blijkbaar moet ik dit, terwijl anderen dit niet moeten… doe ik dan iets niet goed?’. Gelukkig zijn er in onze omgeving nog andere kindjes die ook logopedie hebben gevolgd, wat de spanning een beetje verzachte voor Fosse.

Observatie

En toen was het zover, de eerste afspraak. Fosse keek zoals verwacht de kat uit de boom, maar was vrij snel op zijn gemak. Hij heeft de neiging om bij verlegenheid juist zijn vingers in zijn mond te stoppen of met zijn tong te ‘spelen’, wat op dat moment de noodzaak van afspreken alleen maar bevestigde. Fosse mocht woordjes benoemen, terwijl de logopedist observeerde wat hij nu precies deed met zijn mond.

Verkeerde gewoontes

Het was al vrij snel duidelijk: Fosse heeft een verkeerde gewoonte, door zijn tong achter zijn ondertanden te houden in rust, terwijl deze achter zijn boventanden zou moeten rusten. Daardoor duwt hij ongemerkt zijn tanden naar voren en uit elkaar en maakt hij verkeerde klankbewegingen. De volgende keer begon hij met articulatie oefeningen met de letter ‘l’, waarna hij woordjes met de ‘l’ mocht zeggen met zijn tong op de goeie plek. Uiteindelijk worden alle klanken die lastig zijn aangepakt, van makkelijk naar moeilijk.

Gezellig

Naar logopedie gaan is een extra belasting voor het gezin, merk ik. Het is een heel geregel om er wekelijks naartoe te gaan. De jongste naar de oppas, vervolgens Fosse uit school halen, naar de logopedie, Fosse weer op school brengen en de jongste weer ophalen van de oppas. En daarvoor en daarna zijn, helaas, ook nog 1001 dingen te doen. Toch is het wel gezellig. Sinds Fosse heeft gemerkt dat het best leuk is bij logopedie, vindt hij het niet erg meer om te gaan. Samen op de fiets, als enige terwijl de rest op school zit. We genieten stiekem even van de tijd die we samen hebben.

Oefenen, oefenen, oefenen…

Maar het blijft niet bij wekelijkse afspraken. De meeste tijd gaat zitten in het oefenen. Omdat het een gewoonte betreft, is oefenen heel belangrijk om die gewoonte te doorbreken. Dagelijks, soms driemaal daags. Dat betekent zoeken naar een manier om deze oefeningen te verweven in het toch al drukke gezinsleven. Veel woordjes zeggen, wanneer doe je dat? Onderweg naar school en teruglopend naar huis. Tijdens het avondeten. Oefeningen om de lippen sterker te maken met een knoop, 3x per dag? Dat wordt al lastiger. Tot nu toe lukt het tijdens de maaltijden, omdat die ook 3x per dag zijn. ’s Middags schiet er vaak bij in, want dan is Fosse meestal op school. Elke dag een tijdlang met een bitje in zitten, waarmee je dus niet kunt praten? Lijkt me ideaal tijdens het tv kijken als ik kook.

Vroege screening

Het is fijn dat er al vroeg wordt gescreend op problemen, en dat er hulp bestaat die vaak laagdrempelig is en bovendien ook niet perse langdurig. Maar wanneer het dan eenmaal zover is, doet het wel een beroep op het gezin. Gelukkig ervaart Fosse het oefenen als leuk en gezellig, wat het goed te doen maakt. Ik ben benieuwd naar de ontwikkelingen en het uiteindelijke resultaat. Ik houd jullie op de hoogte.

 

 

De verbouwing deel 12

De verbouwing deel 12

Dakkapel, dakraam en sterrenhemel

Een uitgebreid fotoverslag dit keer, nadat de tweede aannemersklus is voltooid. En wat een verschil! Er zit een dakkapel van 3,5m en een raam van ruim 1m op de zolder, waardoor het ineens een stuk lichter, hoger en ruimer is geworden. Wel confronterend om (opnieuw) te zien hoe scheef het huis staat. Ach, het is ook de charme van zo’n oud pand, toch?

Niet kunnen slapen

De aannemers kwamen de week voor kerst. Op de laatste dag van het jaar lag ik wakker en rusteloos in bed, naar het plafond boven me te staren, dat bestaat uit kriskras slordig gemonteerde gipsplaten, afgewisseld met allerhande gaten en kieren. Niet echt romantisch, maar ik begin er bijna aan te wennen. Ik lag inmiddels al een paar uur naar de aanhoudende regen te luisteren toen de regen ineens gezelschap kreeg van een ander, harder geluid. Ik kon het niet plaatsen.

Gehorig

De muur tussen ons huis en de buren is door de sloopwerkzaamheden veranderd in een soort klankkast met versterker, dus ging ik er vanuit dat het de buurman was of een tikkende leiding. Het tikken nam steeds maar toe, tot het ineens vertraagde en stopte. Het leek ergens van schuin boven mijn hoofd te komen dacht ik. Ik luisterde nog even of ik iets hoorde, maar het ondefinieerbare geluid was gestopt, en ik draaide me maar weer om voor de zoveelste poging om in slaap te komen….

De bron

Maar net toen ik mijn ogen weer sloot, hoorde ik een zacht scheur geluid, direct gevolgd door het onmiskenbare geluid van een plons water dat op mijn dekbed stroomt. Het duurde even voor ik Steef bij zijn positieven kreeg en we de bron van de stroom water hadden ontdekt, bijna 3,5 meter boven ons hoofd. Intussen was mijn dekbed behoorlijk nat toen de emmer eindelijk pontificaal op mijn bed stond. Nou, slapen zat er nu dus al helemaal niet meer in.

Lekkage

Gewapend met zaklampen gingen we op zoek naar de bron van ellende: het bleek de dakkapel op zolder te zijn, waar de lekkage dus op het gemak door de vloerplaten, de nieuwe isolatie en de vloer op de eerste verdieping was gesijpeld, waar het water zich vervolgens doodleuk had verzameld op de zooi gipsplaten, voordat deze verzadigd raakten en uiteindelijk overstroomden. In mijn bed dus. Balen van deze tegenslag op de laatste dag van het jaar. Het was een wonder hoe goed mijn oliebollen uiteindelijk zijn gelukt op die twee uur slaap.

Veel foto’s

Genoeg gekletst! Ik neem jullie mee in een – uitgebreid – fotoverslag van afgelopen weken. Want hoeveel ik soms ook mopper omdat het allemaal zo traag gaat, van dit soort verslagen word ik dan zelf weer erg blij, omdat er zichtbaar resultaat wordt geboekt. Veel plezier!

Deze foto is van het plafond (die dus ontbreekt) bij de ‘keuken’. En laat dit nu toevallig de plek zijn waar daarna de lekkage was: door deze isolatie heen. ‘Gelukkig’ was dit stuk dus nog open.

Deze foto is ook op de eerste verdieping, waar links tegen de muur de keukenwand komt. Je ziet hier letterlijk de gaten in de muur zitten, waar het licht doorheen stroomt. We hopen binnenkort een aannemer te laten komen om deze gaten te dichten.

De plek waar de dakkapel komt, vóórdat het was opgeruimd. Klussen is ook héél vaak spullen in je handen hebben en verplaatsen. Kost veel tijd en veel sjouw werk.

Nog een foto vanuit het stuk van de zolder naar de overloop toe, voordat het werd opgeruimd.

En dan is het zover. De ochtend van de plaatsing van de dakkapel. Best een flink eind als je het raam zo in de hal ziet staan! Gelukkig paste het door het trapgat, anders hadden we voor een andere uitdaging gestaan.

Met 4 man sterk werd de dakkapel geplaatst. Binnen no time zit er een enorm gat in je dak, bizar!

In ‘het stadse’ is het vrij gebruikelijk dat je met je ramen en dakkapellen vrij dicht op je buren zit. We hebben hier geluk dat de buren een dichte dakkapel hebben, zodat er geen directe inkijk is.

Het frame voor het kozijn wordt geplaatst. Let even op hoe scheef het wegloopt. De dakkapel is uiteraard waterpas gemonteerd.

De bovenkant van de dakkapel zit er al op. Gaaf he, die originele draagbalk die nu mooi in het zicht komt!

En dan het glas plaatsen. Het raam links is al geplaatst.

En klaar! Een grote licht- en ruimteopbrengst. Erg blij mee! De afwerking doet Steef zelf. De lekkage was rechts in de punt onder het kozijn.

De muur tegenover de muur met de dakkapel, waar de volgende dag het dakraam wordt geplaatst.

Het dakraam dat geplaatst wordt.

En binnen 3 uurtjes zit ook het dakraam! De extra lichtopbrengst is meteen merkbaar.

En dan weer terug naar de prioriteit: de badkamer! Inmiddels houdt onze nooddouche (die ene, waar we al een glasplaats uit gekegeld hebben) er langzaam maar zeker ook steeds meer mee op. Het was al krap (buitenmaat 80×80, binnenmaat eerder 75×75 gok ik), maar nu weigert 1 van de 2 schuifdeurtjes stelselmatig om open of dicht te gaan. In de praktijk betekent dat jezelf in een doorgang van pakweg 30cm frommelen. Confronterend.

Snel een goeie douche hebben is mede om die reden dus geen overbodige luxe. Daar moet wel goeie ventilatie komen, want we hebben geen ramen in de badkamer. Dus nog een gat in het dak maken.

Uitmeten waar het gat moet komen, dakpannen weghalen en de held uithangen op het dak. Steef is van alle markten thuis.

En vervolgens heeft zijn vriendin natuurlijk een achterlijk idee wat hij natuurlijk mag gaan uitvoeren. Het is namelijk een beetje een kinderdroom van mij: een sterrenhemel. Ik plakte vroeger al mijn kamer vol met glow in the dark sterretjes en droomde van dakramen waardoor ik de sterren kon zien. Dus wat is er nou gaver dan een echte sterrenhemel boven de doucheruimte!? Dat steef er 600 gaatjes (ja, 600!) voor mocht boren, deze mocht verdelen over verschillende platen, en alle dikke en dunne glasvezeldraadjes hier doorheen mocht friemelen en vervolgens mocht monteren, ach, dat is bijzaak. Of pure liefde.

“Leuk idee, zo’n sterrenhemel” kreeg ik nog een paar avonden te horen.

Best een ingewikkelde klus. Je zou bijna de draad kwijtraken. Ik kan er in ieder geval geen touw aan vastknopen. Ok, nu stop ik met de slechte woordgrappen.

Hèhè, alle 600 glasvezel draadjes zijn door de platen heen en alle platen zijn bevestigd.

Steef houdt even een bouwlamp tegen de bundel draadjes aan, wat al een beetje effect geeft. Uiteraard worden de draadjes nog afgekort, maar dat doen we pas na het verven van het plafond. Die loopt tot in de nok tot 3,7m. Dus het is een hoooooge sterrenhemel.

 

En als afsluiter dan een heerlijk kitch filmpje van de sterrenhemel, hier met alle kleuren, maar ging mij vooral om de witte twinkelfunctie (die dan weer niet op het filmpje staat).

Goede voornemens 2018

Goede voornemens 2018

Wat maakt je gelukkig?

“Wat voor cijfer geef jij voor 2017?” Sinds mijn voormalige collegaatje dit aan mij vroeg, vorig jaar, houd ik deze vraag erin. En ik stel hem ook graag aan jou. Wat voor cijfer geef je voor afgelopen jaar en waarom? Wat voor cijfer hoop je in 2018 te krijgen, en wat is daarvoor nodig? Prestatiegericht? Misschien. Maar het schijnt dat we aan de andere kant juist gelukkiger worden als we onszelf goed kennen, inclusief onze wensen, dromen en passies. Het kan dus geen kwaad om deze vraag eens aan jezelf te stellen.

Groot avontuur

Wat mijzelf betreft, 2017 krijgt van mij een 8. Het was een jaar waarin wij onze grote droom mochten gaan realiseren, en ik heb ontzettend veel positieve gevoelens gehaald uit ons nieuwe huis en het concreet maken van alle plannen. Geen 10, want helaas waren er ook keerzijdes van dit avontuur, een hoop onrust en uiteindelijk die vervelende operatie bij mij. Maar een 10 hoeft het ook niet te zijn. Je waardeert pas wat je hebt, als je de andere kant kent. Plus, er moet altijd wat te dromen overblijven, zoals Steef het zegt.

2018 wordt spannend

Daarom nu de voornemens voor 2018. Spannend, want ik heb nog geen idee hoe dit jaar voor mij zal gaan lopen en wat het uiteindelijke resultaat of effect zal zijn, op mij en ons gezin. Het blijft een beetje in het duister tasten. De voornemens zijn dan ook voorzichtig gesteld:

Op zakelijk/werk gebied

  • De verbouwing afronden in 2018. Dat betekent de praktijkruimte helemaal aangebouwd hebben, ingericht hebben en al bruikbaar om cliënten te laten komen.
  • Op 2 locaties kunnen werken: Papendrecht en Dordrecht, zodra daar een werkruimte af is.
  • Werk flexibeler indelen: meer onder schooltijd, uitwerken in de avonduren, en tijd bewust vrijhouden voor andere zaken (o.a. gezin, sport).
  • Aanschaffen van nieuwe materialen voor diagnostiek, om weer up to date te raken.

Op verbouw/klus gebied

  • Een ‘book nook’ maken, een soort bedstee met boekenkasten om lekker in te ‘chillen’ en boeken te lezen.
  • Een sterrenhemel in de badkamer maken.
  • 10 verschillende, vintage, eetkamerstoelen vinden voor mijn droom eettafel van ruim 3m.
  • Bedden in de vlieringen van de kinderen, met leuke toevoegingen zoals een brandweerpaal, een takel, een klimmuur of schommel.
  • Aangezien onze tuin toch nog lang niet wordt aangepakt, wil ik al wel vast een makkelijke moestuin beginnen.

Op privé gebied

  • Een dagje individueel weg met de kinderen, voor gerichte 1 op 1 aandacht. Dit staat al veel te lang op de planning.
  • Een nachtje of weekendje samen weg met Steef, ook dat is de afgelopen 7,5 jaar niet gebeurd, dus dat wordt inmiddels wel een beetje tijd.
  • De zomervakantie gaan we de zon opzoeken, en lekker genieten van een welverdiende vakantie, eindelijk!
  • Weer beginnen met sporten, na de operatie, en blessurevrij fit worden dit jaar.

 

Alvast een heel fijn nieuw jaar voor iedereen toegewenst, waarin al je voornemens en andere dromen mogen uitkomen. Tot in 2018!